Vandaag 20 jaar geleden, overlijdt de Duitse prins Ruzzo Reuss von Plauen, graaf van Plauen aan de gevolgen van kanker.

Von Plauen is de derde echtgenoot van Frida Lyngstad, de voormalige zangeres van ABBA.

Frida mag dan wereldberoemd en schatrijk zijn, haar leven ging bepaald niet over rozen.

Op 3 april 1963 trouwde ze, zeventien jaar oud, met jeugdliefde muzikant Ragnar Fredriksson.

Ze kregen zoon Hans en dochter Ann Lise-Lotte, maar na zes jaar huwelijk gingen ze uit elkaar.

In 1971 ging Frida samenwonen met ABBA-collega Benny Andersson.

Zeven jaar later trouwden ze, maar ook dat huwelijk hield geen stand. Eind 1981 scheidden ze.

Toen een jaar later ABBA uit elkaar viel, vertrok Frida uit Zweden en woonde ze afwisselend in Londen en Parijs.

Maar toen de Duitse prins Heinrich Ruzzo Reuss in haar leven kwam, nam ze haar intrek in zijn Zwitserse kasteel in Fribourg.

In augustus 1992 trouwden ze en kreeg Frida de titel van prinses Reuss van Plauen.

Frida was dolgelukkig. Maar het noodlot lag op de loer…

Vijf jaar na haar bruiloft kwam Frida’s dochter Ann Lise-Lotte, nog geen dertig en moeder van een tienjarig zoontje, om bij een auto-ongeluk.

Frida was kapot van verdriet en had de dood van haar dochter nauwelijks een plekje kunnen geven toen haar man lymfklierkanker kreeg.

Ruim een jaar nadat Frida haar dochter had verloren, moest ze ook afscheid nemen van haar grote liefde.

Prins Ruzzo Reuss von Plauen is 49 jaar geworden.

Het verdriet leek te groot voor de zangeres, en haar omgeving maakte zich ernstig zorgen.

Zou ze dit óóit te boven komen?

Maar Frida wist zich uit het diepe dal omhoog te vechten.

Ze vertelde in die tijd dat het naast haar familie en vrienden Vooral koningin Silvia was geweest die haar had gesteund en geholpen haar leven weer op te pakken.

Ze woont tegenwoordig in Zwitserland en op Mallorca met Henry Smith, erfgenaam van de Britse winkelketen WH Smith en een edelman die de titel vijfde viscount Hambleden draagt.(Diverse bronnen, Story, Wikipedie en Foto 2 en 3 met koningin Silvia en Foto 5 op de begrafenis)

Vandaag 70 jaar geleden, de Franse bokser Marcel Cerdan is één van de 48 inzittenden die om het leven komen tijdens een vliegtuigongeluk.

Marcel Cerdan geboren in Algerije, begon al op de leeftijd van acht jaar te boksen.

Op de leeftijd van 18 jaar vocht hij te Meknes zijn eerste wedstrijd als beroepsbokser.

Marcel Cerdan diende in het vreemdelingenlegioen met stamnummer 60.140 – 1948.

Op 27 januari 1943 trouwde hij met Marinette Lopez en samen kregen ze drie zonen: Marcel Cerdan Jr (4 december 1943), René (1 april 1945) en Paul (1 oktober 1949).

Hij verhuisde naar Parijs en werd er vijfmaal kampioen van Frankrijk en vier keer Europees kampioen.

Op 21 september 1948 werd hij wereldkampioen door Tony Zale te verslaan in de twaalfde ronde.

Rond die tijd werd hij de minnaar van de zangeres Édith Piaf.

Op 16 juni 1949 versloeg Jake LaMotta hem te Detroit.

Een revanche was gepland op 2 december 1949 in Madison Square Garden te New York.

Op 27 oktober 1949 ging Cerdan aan boord van een Lockheed Constellation om van Parijs naar New York te vliegen.

Het vliegtuig stortte in de nacht van 27 op 28 neer op de Pico de Vara, een berg op het eiland São Miguel van de Azoren.

Alle 48 inzittenden kwamen om bij deze vliegtuigramp. (Diverse bronnen en Wikipedia)

60 jaar geleden, Peter Townsend ( ex van Prinses Margaret van Groot-Brittannië ) verloofd met de Antwerpse Marie-Luce Jamagne.

Peter Townsend was een Brits piloot (officier van de Royal Air Force) en auteur.

Van 1944 tot 1952 was hij stalmeester van koning George VI, en nadien ook van diens dochter koningin Elizabeth II.

Van 1941 tot 1952 was hij getrouwd met (Cecil) Rosemary Pawle (1921–2004). Zijn vrouw, Cecil Rosemary Pawle, gaf hem twee kinderen: Giles en Hugo.

In 1944 kwam hij in dienst aan het Brits koninklijk hof als ere-stalmeester van koning George VI.

In die periode leerde hij ook de prinsessen Elizabeth en Margaret kennen.

Prinses Margaret werd verliefd op hem en wilde met Peter trouwen.

Ze vroeg hiervoor de goedkeuring aan haar zus, die ondertussen haar vader had opgevolgd als koningin en hoofd van de Engelse Kerk.

Omdat Peter Townsend op dat moment (1953) een gescheiden man was, oordeelde de Britse regering dat de prinses niet met hem kon trouwen.

Omdat koningin Elizabeth II haar zus het geluk wou gunnen, werd een toevlucht genomen tot een clausule in de wet waardoor een huwelijk wel mogelijk zou zijn vanaf de 25e verjaardag van de prinses.

Om de RAF-officier nog twee jaar uit de schijnwerpers van de media te houden, werd hij verbannen naar een diplomatieke post als ambassadeattaché in Brussel, van 1953 tot 1956.

Margaret en Peter schrijven elkaar elke dag en bellen elkaar urenlang.

In 1956 ging hij weg bij de RAF. Op 31 oktober 1955 uitte prinses Margaret haar voornemen om toch af te zien van een huwelijk met Peter.

Margaret verdrinkt zich in gin en sociale uitjes. Ze verliest de controle, terwijl Peter in zijn gedwongen ballingschap geniet van het leven.

De rede van zijn genot, is natuurlijk Marie-Luce Jamagne die hij leerde kennen in Brussel, toen ze pas 13 jaar was.

Marie-Luce Jamagne dochter van een miljonair en sigarettenfabrikant uit Brasshaat.

Na hun wereldreis (zie foto’s ) kwam de wereldpers naar Antwerpen om aanwezig te zijn bij de aankondiging van hun verloving.

In 1959 trouwde hij met Marie-Luce Jamagne, in het gemeentehuis van Watermaal-Bosvoorde.

Het echtpaar krijgt drie kinderen: Marie-Françoise, Pierre en Marie-Isabelle, die een supermodel zal worden voor Ralph Lauren. Het huwelijk bleef stand houden tot de dood van Peter.

De familie verhuisde vervolgens naar de regio Parijs, “La Bullière”, een eigendom waar ze de nodige rust vinden en vooral privacy.

Peter Townsend begon toen een leven als auteur, voornamelijk van non-fictie boeken.

Tot zijn oeuvre behoren titels als “Earth My Friend” (rond het thema van solo-wereldreizen midden de jaren ’50), “Duel of Eagles” (over de slag om Groot-Brittannië), “The Odds Against Us” (Duel in the Dark, over zijn oorlogstijd als gevechtspiloot), “The Last Emperor” (een biografie van koning George VI), “The Girl in the White Ship” (over de Vietnamese bootvluchtelingen eind jaren 70) en “The Postman of Nagasaki” (over de kernbom op Nagasaki).

In 1978 schreef hij zijn autobiografie “Time and Chance” , die een groot succes zou worden.

Hij stierf op 19 juni 1995 op 80-jarige leeftijd op zijn eigendom in Saint-Léger-en-Yvelines en dit aan de gevolgen van darmkanker.(diverse bronnen en Wikipedia en Foto’s januari 1959, Foto’s 1 tot en met 4 persconferentie verloving en de andere foto’s zijn van hun wereldreis)

60 jaar geleden, te gast bij de Belgische humorist en cabaretier Raymond Devos.

Mijn Marraine was daar een enorme fan van.

Devos werd in 1922 geboren in Moeskroen, maar een echte Belg kun je hem niet noemen.

Zijn ouders, geïmmigreerd uit Frankrijk, vergaten hem in te schrijven bij het Franse consulaat, waardoor hij op papier altijd de Belgische nationaliteit zou dragen.

Op zijn tweede verhuisden zijn ouders naar Tourcoing in Frankrijk, op vijf kilometer van zijn geboorteplek, om zich later definitief in Parijs te vestigen.

Toen hij dertien was, verliet hij de school om te gaan werken.

In de oorlog werd hij naar een Duits werkkamp gedeporteerd, maar al snel leerde hij mime spelen en begon hij muzikale optredens te geven voor zijn lotgenoten.

Zodra hij vrijkwam trok Devos naar het theater, in een poging zijn droom waar te maken om een groot artiest te worden.

Hij nam toneellessen en maakte in cabaret Sexy zijn debuut tussen twee stripteasenummers.

Hij leerde het vak bij het burleske Fabbrigezelschap, maar al snel begon Devos zijn eigen teksten te schrijven.

In 1956 vraagt Devos aan een kelner in een restaurant waar de zee is. “La mer est démontée”, luidde het antwoord.

Waarop Devos repliceerde: “Et vous la remontez quand?”

Het is een onvertaalbare woordgrap, iets in de trant van ‘De zee is woest’ – ‘O, is ze tegen je uitgevaren?’

Het nummer ‘La mer est démontée’, gebaseerd op dat voorval, zou zijn eerste grote succes op de scène worden.

Ondanks zijn zeer gebrekkige opleiding ontpopte hij zich als een meester van absurde humor die jongleerde met de Franse taal.

De Académie Française heeft zelfs een prijs naar hem genoemd. Devos was een echte theaterman die volle zalen trok met zijn sketches waarin hij optrad als komiek, muzikant, jongleur en mimespeler.

Vijftig jaar maakte hij een kunst van woordspelingen, nonsens en gezochte versprekingen, die hem verschillende prijzen opleverden en tot in de prestigieuze Olympia brachten.

Maar Devos was meer dan een woordkunstenaar. Mimespeler, komiek, jongleur, evenwichtsartiest op de motor, muzikant en zelfs filmacteur in Jean-Luc Godards klassieker Pierrot le fou: Devos was een artiest in iedere zin van het woord.

En hij nam zijn stiel ernstig. “De komiek”, zo zei hij, “is een mijnheer die de zorgen van anderen op zich neemt, zodat die ervan af zijn”.

De lach was dan weer “eigen aan de mens omdat hij het tegenwicht is van de intelligentie”. Van politiek en vulgaire humor bleef hij ver weg.

De laatste tien jaar van zijn leven verdween Devos op de achtergrond door zware hartproblemen en beperkte hij zich tot het schrijven van romans.

Hij werd in 2003 benoemd tot Commandeur in het Legioen van Eer.

Raymond Devos overleed op 15 juni 2006 op 83-jarige leeftijd.

In Rochefort staat er een standbeeld met als opschrift: Raymond Devos, jongleur de mots. Que le spectacle continue. (Diverse bronnen, Wikipedia en foto’s november 1959)