De Nederlandse groep Roberto en zijn Scooters willen voorbij (Muziek Expres oktober 1983).

Roberto en zijn Scooters was een Nederlandse popgroep die vooral bekend was van de hit I Save The Day uit 1984.

De groep bestond uit vijf middelbare scholieren: Erik van der Hoff (Roberto Jacketti), Jeroen Booy, Bart Corver, Rob Blanchemanche en Barend Middelhoff.

Ze werden ontdekt door Angela Groothuizen (die we ook kennen als lid van de Dolly Dots), die ook het nummer produceerde samen met Ruud Mulder.

De leden van de groep schreven het nummer.

Het nummer was een vrolijk ska-liedje dat bijna vier maanden in de Top 40 stond en de derde plaats bereikte.

Het was ook een succes in België, waar het de vierde plaats haalde in de Ultratop 50 en de zesde plaats in de Brt Top 30.

De groep bracht nog drie albums uit, maar wist het succes van I Save The Day niet te evenaren.

Eind 1989 ging de band uit elkaar.

In 2023 kwam de groep weer bij elkaar voor een reünietournee, Symphonica in Rosso, waar ze hun oude hits speelden in de Ziggo Dome in Amsterdam.

Deze week 45 jaar geleden, komt Ramses Shaffy met zijn cover Laat Me binnen in de Nederlandse Top 40.

Het nummer laat me, was een cover van Ma dernière volonté van Serge Reggiani en geschreven door Alice Dona.

Bij ons was de single helaas niet meer dan een radiohit, want het nummer kwam niet verder dan de Tipparade.

In Nederland was de single goed voor een negende plaats in de Top 40.

De single is afkomstig van de lp Dag en Nacht uit 1978.

In 2005 kwam er een cover van Alderliefste waar ook Ramses Shaffy en Liesbeth List te horen was.

Op deze video was Ramses 72 jaar.

40 jaar geleden, Jo met de Banjo weggepest bij de Brt.

Jo De Clercq, ook bekend als Jo met de Banjo, begon zijn loopbaan als radiomaker in de late jaren zestig.

Zijn artiestennaam was een verwijzing naar de toen populaire hit ‘De Wandelclub’ van de Nederlandse zangeres Jasperina De Jong.

Jo met de Banjo ging aan de slag bij de West-Vlaamse tak van Radio 2 en presenteerde het radioprogramma ‘Westpoint’ vanuit Kortrijk.

Later nam Jo met de Banjo de presentatie van de ‘Vlaamse Top Tien’ over. Dit programma stimuleerde zijn liefde voor taal en hij begon zich meer te verdiepen in het schrijven van teksten.

Zo schrijft hij onder het pseudoniem “Dennis Peirs” vele Vlaamse hits voor verschillende artiesten, waaronder Jo Vally, Wendy Van Wanten, M-Kids, Laura Lynn, Stella, Sam Gooris en Willy Sommers.

Hij is verantwoordelijk voor enkele van de populairste liedjes in de Vlaamse muziekgeschiedenis, zoals Marijke van Sam Gooris, Hoop doet leven van Will Tura en Als een leeuw in een kooi van Willy Sommers.

Naast radiomaker en songschrijver was Jo ook een populaire deejay.

De overstap naar de televisie lonkte en Jo werd de presentator van ‘Singe Sange Jo’, een programma dat vijf jaar liep op de toenmalige BRT.

Steeds meer ging Jo zich bezighouden met televisiewerk achter de schermen, namelijk de begeleiding van het publiek in de studio tijdens de opnames van een televisieprogramma.

Voor een hele reeks van programma’s, zowel op de commerciële zenders als op de openbare omroep, treedt Jo aan als publieksopwarmer.

Enkele voorbeelden zijn Tien Om Te Zien, Videodinges, Het Swingpaleis, Blind Date, De Notenclub, De Rechtvaardige Rechters en Blokken.

Naast publieksopwarmer van talrijke programma’s, ging hij in 1998 aan de slag als presentator van het televerkoopprogramma ‘De Shoplijn’ op VTM.

Na een paar jaar was het genoeg geweest voor Jo met de Banjo als presentator van ‘De Shoplijn’ en in 2002 verdween hij dan ook van het scherm.

Hij is ook politiek geëngageerd en is lid van de partij Vooruit, waar hij zich inzet voor een sociaal en progressief Vlaanderen.

Hij was tot 2017 actief als schepen van Cultuur voor sp.a in de gemeente Herent en als provincieraadslid in Vlaams-Brabant. In 2012 voerde hij de sp.a-lijst aan in Herent en had hij de ambitie om burgemeester te worden. Hij kreeg 962 voorkeurstemmen, maar moest de duimen leggen voor Marleen Schouteden van N-VA, die 1.048 voorkeurstemmen haalde.(Joepie 23 oktober 1983)

45 jaar geleden, hoe Nico Haak (geboren als Nicolaas Olivier Haak) zich fit houdt.

Nico Haak was niet altijd een bekende zanger.

Voordat hij doorbrak bij het grote publiek, had hij samen met zijn broer Dik een autospuiterij in Delfgauw, vlakbij Delft.

In december 1970 veranderde zijn leven toen hij werd opgemerkt door Martin Stoelinga, een manager van twee andere bandjes uit Delft.

Stoelinga raadde Haak aan om zelf liedjes te gaan schrijven. Haak nam dit advies ter harte en samen met zijn onderbuurman Polle Eduard, die toen speelde bij Tee Set en After Tea, bedacht hij een aantal nummers.

Door de contacten van Stoelinga kwam Haak in contact met Cor Aaftink en maakte hij een plaatje met de titel Ik zou zo graag in mijn leven (wel ’s wat willen beleven).

Op de B-kant van deze single staat het nummer De Vlieger dat geschreven werd door Haak en Han Grevelt en later bekend is door de vertolking van André Hazes.

Het plaatje werd gedraaid op enkele nationale radiozenders.

Haak begon met enkele optredens en er werd een bandje geformeerd met de naam De Paniekzaaiers, een project van Haak, Peter Koelewijn en Eduard.

De Paniekzaaiers bestond uit Jan en Aad Eland, Karel Schouten en Hennie Asman.

Het eerste televisieoptreden van Nico Haak en de Paniekzaaiers vond plaats in een show van Ted de Braak met het nummer Daar zie ik glazen staan.

De feestmuziek bleek aan te slaan en uiteindelijk brak Haak in 1973 definitief door met het lied Joekelille.

In 1974 werd het succes gecontinueerd met Honkie-Tonkie Pianissie en Sokkies Stoppen.

Nadat de samenwerking met Eduard was beëindigd, scoorde Haak in 1975 zijn grootste hit: Foxie Foxtrot.

Met dat lied werd onder de titel Schmidtchen Schleicher ook de Duitse markt veroverd.

Hij ontving op 24 maart 1977 een toonaangevende onderscheiding met de naam Goldene Labeltrofee voor de verkoop van meer dan 500.000 exemplaren in Duitsland.

Een doorbraak bij de oosterburen bleef verder uit, omdat Haak als grapje in de billen kneep van de presentatrice van het keurige muziekprogramma.

In 1978 werkte Haak weer samen met Eduard en scoorde hij zijn laatste grote hit: Is je moeder niet thuis.

Haak bleef gedurende de jaren tachtig een graag geziene gast in het schnabbelcircuit, maar wist zijn successen van de jaren zeventig niet meer te evenaren.

Hij had met zijn vrouw Jeanne drie kinderen, Nico jr, Kees en Eric (overleed als kind al).

Nico Haak is 51 jaar geworden en ligt begraven bij zijn zoon Eric in een familiegraf op de Algemene begraafplaats Jaffa in Delft.

Zijn zoon Kees treedt in de jaren 2010 op in hetzelfde genre en met dezelfde liedjes als zijn vader en ook met hetzelfde motto: Haak gevraagd, feest geslaagd (Diverse bronnen, Wikipedia en Joepie 16 oktober 1978).

Gisteren nog vandaag