Vandaag, 65 jaar geleden, heropening van de ‘den Ancien Belgiek’ in de veldstraat in Gent.

In de patriottische sfeer tussen de twee wereldoorlogen ontstond een nieuwe trend in de theaterwereld.

In plaats van chique Franse namen kregen etablissementen de naam ‘Oud België’ of ‘l’Ancienne Belgique’.

Nadat de Luikse broers Mathonnet al met succes zulke theaters hadden opgericht in Brussel en Antwerpen, vonden ze het een logische stap om ook in Gent een vestiging te openen.

In 1939 lanceerde Georges Mathonnet het theater in de Veldstraat.

De Gentenaars doopten de naam al snel om in hun eigen dialect tot ‘den Ancien Belgiek’, of kortweg ‘den Ancien’.

Het theater overleefde de Tweede Wereldoorlog en ontpopte zich tot een geliefde Gentse instelling.

Het was een typisch variététheater in de stijl van een café-theaters, waar een deel van het publiek aan tafeltjes zat en tijdens de voorstelling volop kon consumeren.

In de jaren vijftig kende het komische duo Leo Martin en François (Wiedemans) er een enorm succes met hun optredens in het Gents dialect.

Aan hun samenwerking kwam echter een abrupt einde door het overlijden van François.

Leo Martin, die ook speelde in de bigband van de Wetterse orkestleider Willy Rockin’, kreeg in 1958 een nieuwe kans.

Toen Rockin’ ermee stopte, nam Martin het orkest over en vormde het om tot het vaste huisorkest van ‘den Ancien’.

Eind lente 1960 sloot de zaak de deuren voor een grondige verbouwing.

Op vrijdag 30 september 1960 heropende het theater met een modernere zaal voor een alsmaar groeiend publiek.

Een krantenartikel uit die tijd, gebaseerd op een persconferentie van de sympathieke directeur Roger Piers, beloofde een “briljant winterseizoen”.

Dankzij dit artikel krijgen we een goed beeld van wat een avond in ‘den Ancien’ inhield. De term ‘variététheater’ dekte volledig de lading.

Het avondvullende programma bestond uit het orkest van Leo Martin en de toen beroemde Gentse zangeres Chris Sent, aangevuld met een indrukwekkende reeks internationale acts.

Zo stonden de Russische fakir Yogi Rayo, de Belgische Houdini Jo Carly, en ‘de sterkste man ter wereld’ Arthur Robin op het podium.

Dit werd verder aangevuld met de Amerikaanse illusionist Harris, de helderziende Jim Murray, en zelfs circusacts met wilde dieren, zoals vijf bruine beren, gedresseerde honden en een ‘geleerde geit’.

De clowns Pépé en Popo, de acrobaten van Aeropolis en de ballerina’s van Lily De Munter maakten het spektakel compleet.

Daarnaast waren er regelmatig gastoptredens van bekende namen uit die tijd, zoals Henk De Bruin, Bob Benny, Rina Pia en zelfs de Nederlandse zanger Johnny Jordaan.

De voorstellingen vonden meerdere keren per week plaats, met op zondag zelfs drie shows.

Tijdens de optredens kon het publiek smullen van de befaamde wafels van het huis, boerenvlaaien en ijs, of genieten van een aperitief, een pils of een warme drank.

Op maandag- en woensdagnamiddag zorgde Paul Rutger van de Belgische radio voor sfeervolle deuntjes op zijn Amerikaans orgel, en er werden zelfs modedéfilés georganiseerd.

Helaas kon dit succes niet blijven duren. De opkomst en groeiende populariteit van de televisie zorgden voor een daling in het aantal bezoekers.

In de krant Vooruit van 30 juli 1967 werd aangekondigd dat ‘Oud België’ na 26 jaar zijn deuren zou sluiten.

Op zondag 31 juli vonden de laatste twee voorstellingen plaats: ‘Het weeuwke van de Muide’ van Pol Speeckaert.

Vandaag de dag is er van de theaterglorie niets meer te zien.

In het gebouw dat een kwarteeuw lang een bruisend theater herbergde, is nu onder andere een winkel van Kruidvat gevestigd, helemaal passend in het commerciële decor van de huidige Veldstraat (Bronnen Persblog, Gendtsche Tydinghen, Luc Devriese en Sonja Gyselinck).

Vanaf vandaag 35 jaar geleden, De Krimson-crisis van Suske en Wiske dagelijks te lezen in De Standaard en Het Nieuwsblad tot en met 12 maart 1988.

De eerste albumuitgave was in september 1988.

Dit verhaal speelt zich af op de volgende locaties: café ‘n Bolleke, theater ’t Peertje, café het Verdriet van Vlaanderen, kasteel Hertoginnedal, een fort en het stadspark.

“Het Verdriet van Vlaanderen” is een allusie op Hugo Claus’ boek Het Verdriet van België (1983).

“Vlaanderen leeft” was in 1987-1988 een culturele campagne in Vlaanderen om het Vlaamse zelfbewustzijn aan te wakkeren.

Anna Plan is een allusie op het Sint-Annaplan van de regering-Martens VI.

Er wordt verwezen naar veel Bekende Vlamingen of Vlaamse historische figuren zoals Lutgart Simoens, Freddy Sunder, Armand Pien, Toots Thielemans, Raymond van het Groenewoud, Peter Benoit, Jacob van Artevelde,….

Volgende mensen komen echt in beeld: Gaston en Leo, Will Tura, Johan Verminnen, Urbanus, Eddy Wally en De Strangers.

Op pagina 55, strook 216 vechten alle bekende Vlamingen tegen Krimsons troepen. Tijdens de vechtpartij worden er verschillende uitspraken gedaan:

– Urbanus: “Wreed accident!” (“ernstig ongeluk”), een verwijzing naar een bekende sketch waarin hij een zogenaamde kettingbotsing heeft veroorzaakt.

– “Amaai m’n voeten ze kloppen op menne kop!”

– “’t Is v’r mee te doen aan het speil” verwijst naar het radio-typetje Vercruusse, bekend uit Radio Deprimo.

– “Hoger! Nee lager!” is een verwijzing naar het destijds populaire televisieprogramma Hoger, lager.

– “Allez, Tootske, blazen jong”, verwijst naar Toots Thielemans

– “Zo’n rettepetet die mé lullen heure tijd verschet” is een verwijzing naar het nummer “’n Rettepetet” (1987) door De Strangers.

– “Je veux de l’amour” verwijst naar het gelijknamige lied van Raymond van het Groenewoud

– “Ik voel me goed” verwijst naar het gelijknamige lied van Johan Verminnen

– “Oep m’n mansarde” verwijst naar Wannes Van de Veldes lied Mijn mansarde

– “Gordelen moet je doen” verwijst naar de slogan van De Gordel.

– “Heila Van ’t Groenewoud, in ’t Vlaams, hé zotteke!”

Aan het einde van het album wordt verwezen naar Marc Sleen en zijn reeks Nero, waar de hoofdpersonages van Suske en Wiske aan de wafelenbak bij Nero deelnemen.

Verschillende historische figuren in het album speelden ook al in vroegere Suske en Wiske-albums een belangrijke rol.

Zo dook Pieter Breughel de Oude al op in Het Spaanse spook en zijn gelijknamige schilderij in De dulle griet.

Naar Ambiorix werd al verwezen in het album Lambiorix.Peter Paul Rubens dook al eerder op in het album De raap van Rubens en Emmanuel Jozef Van Gansen in De gladde glipper.

Vandersteen maakte ooit twee stripalbums rond Tijl Uilenspiegel en De Geuzen is een andere stripreeks van hem.

In het verhaal is Schanulleke ineens verdwenen.

In andere albums gebeurt dat ook weleens, maar wordt ze altijd teruggevonden.

In dit verhaal echter niet.

Dit album is het enige Suske en Wiske-verhaal dat niet naar het Frans vertaald is.

Dit wegens de thematiek van het verhaal (Vlaams-nationalisme) dat ongeschikt bevonden werd voor een Waals publiek, alsook de vele referenties naar Vlaamse figuren en zaken die onbekend zijn in Wallonië.

In de plaats daarvan verscheen album 215 met twee gebundelde kortverhalen: De dappere duinduikers en Het monster van Loch Ness (Frans: “Les plongeurs des dunes” – “Le monstre du Loch Ness”) (Diverse bronnen en Wikipedia)

Mijn overgrootvader Joseph Stepman (vader van mijn marraine) was lid van het Gentse orkest van Gus Saget.

Gentenaar Gus(taaf) zijn zeven jaar jonge broer is Freddy Saget.


De twee broers werden geboren in een muzikale familie in Ledeberg en hun buur was Leo Martin.


Het was ook Gus(taaf) die het pseudoniem Saget bedacht heeft, want eigenlijk heet de familie Saegeman, maar dat is nu juist een totaal ongeschikte benaming voor zo’n muzikale familie.

Het is ook Gus die zijn jongere broer inspireerde om in zijn muzikale voetsporen te treden.
Zowel Freddy als zijn zoon Xavier Saget hebben deze naam dan ook overgenomen.

Met optredens in alle grote Europese bigbands van na de oorlog (vernoemen we enkel nog maar Kurt Edelhagen en Fud Candrix) was deze klarinettist en altsaxofonist voor zijn jongere broertje Freddy Saget een echte held.


Freddy Saget was klarinettist bij de muziekkapel van de Zeemacht, maar daarnaast maakte hij deel uit van het vaste orkest van de Gentse opera.


Ook had hij net als zijn oudere broer een eigen dansorkest.


Met zijn orkest speelde hij jarenlang iedere week in de Chalet du Sud, een voormalige danszaal op het Zuid, en was hij vaak op tournee in heel Europa.


Zijn zoon Xavier vertelde verleden jaar in de Gentenaar het volgende over zijn vader: “Omdat hij zo ervaren was, kon hij muziek spelen ‘op zicht’, zonder een stuk lang te moeten inoefenen”en dat maakte van hem een veelgevraagde gastmuzikant.


Hij deelde het podium met Gilbert Bécaud, Dalida, Salvatore Adamo, Johnny Logan en vele anderen.


Freddy Saget was jarenlang tijdens de Gentse Feesten te horen op het podium van Het Waterhuis aan de Bierkant.


Tot zijn 87ste stond hij op het podium, met optredens die tot vier uur konden duren.

Freddy Saget kwam verleden jaar te overlijden in mei 2021.(foto uit eigen verzameling, De Gentenaar en info met dank aan Ronny De Schepper)

Mijn overgrootvader Joseph Stepman (vader van mijn marraine) was lid van het orkest van Gus Saget

45 jaar geleden, Gaston en Leo, eigenlijk zijn wij tobbers (De Post juni 1977)

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

45 jaar geleden, Gaston en Leo, eigenlijk zijn wij tobbers (De Post juni 1977)

45 jaar geleden, Gaston en Leo, eigenlijk zijn wij tobbers (De Post juni 1977)

45 jaar geleden, Gaston en Leo, eigenlijk zijn wij tobbers (De Post juni 1977)