Boy George werd op 14 juni 1961 geboren als George Alan O’Dowd in Eltham, een wijk in het zuidoosten van Londen.
Hij groeide op in een groot, levendig, maar ook turbulent arbeidersgezin van Ierse afkomst.
Zijn ouders, Jeremiah (Jerry) en Christina (Dinah) O’Dowd, hadden in totaal zes kinderen: George, zijn vier broers en een zus.
Zijn vader Jerry werkte in de bouw en stond bekend als een charismatische man die soms een moeilijk humeur had.
George heeft later in interviews en zijn autobiografie beschreven dat de sfeer thuis soms gespannen was door de driftbuien van zijn vader.
Zijn moeder Dinah werd door George omschreven als de rots in de branding die het gezin ondanks alles bij elkaar hield.
De band met zijn moeder was erg sterk, en hij bewonderde haar veerkracht enorm.
In 2026 verscheen er nog een documentaire waarin George dieper inging op deze familiegeschiedenis en de invloed van zijn Ierse wortels.
Tijdens zijn jeugd voelde George zich vaak een buitenbeentje, of zoals hij het zelf noemde, het roze schaap van de familie.
Terwijl zijn broers zich meer richtten op sport of in de voetsporen van hun vader traden in de bouw, was George gefascineerd door kunst, mode en muziek.
Hij werd sterk beïnvloed door artiesten als David Bowie en Marc Bolan van T. Rex.
Zijn vader nam hem op jonge leeftijd zelfs mee naar een concert van Bowie, wat een grote indruk op hem maakte.
Zijn opvallende verschijning leidde op school tot veel conflicten.
George begon al vroeg te experimenteren met make-up en extravagante kleding, wat er uiteindelijk toe leidde dat hij van school werd gestuurd.
Na zijn schooltijd nam hij verschillende baantjes aan om zijn passie voor mode te financieren, waaronder werk als fruitplukker en als make-upartist bij de Royal Shakespeare Company.
In de nachtelijke uren was hij een bekend gezicht in de Londense clubscene, waar hij uiteindelijk werd ontdekt en zijn weg naar de roem vond met de band Culture Club.

Gisteren nog vandaag
Boy George werd op 14 juni 1961 geboren als George Alan O’Dowd in Eltham, een wijk in het zuidoosten van Londen.
Hij groeide op in een groot, levendig, maar ook turbulent arbeidersgezin van Ierse afkomst.
Zijn ouders, Jeremiah (Jerry) en Christina (Dinah) O’Dowd, hadden in totaal zes kinderen: George, zijn vier broers en een zus.
Zijn vader Jerry werkte in de bouw en stond bekend als een charismatische man die soms een moeilijk humeur had.
George heeft later in interviews en zijn autobiografie beschreven dat de sfeer thuis soms gespannen was door de driftbuien van zijn vader.
Zijn moeder Dinah werd door George omschreven als de rots in de branding die het gezin ondanks alles bij elkaar hield.
De band met zijn moeder was erg sterk, en hij bewonderde haar veerkracht enorm.
In 2026 verscheen er nog een documentaire waarin George dieper inging op deze familiegeschiedenis en de invloed van zijn Ierse wortels.
Tijdens zijn jeugd voelde George zich vaak een buitenbeentje, of zoals hij het zelf noemde, het roze schaap van de familie.
Terwijl zijn broers zich meer richtten op sport of in de voetsporen van hun vader traden in de bouw, was George gefascineerd door kunst, mode en muziek.
Hij werd sterk beïnvloed door artiesten als David Bowie en Marc Bolan van T. Rex.
Zijn vader nam hem op jonge leeftijd zelfs mee naar een concert van Bowie, wat een grote indruk op hem maakte.
Zijn opvallende verschijning leidde op school tot veel conflicten.
George begon al vroeg te experimenteren met make-up en extravagante kleding, wat er uiteindelijk toe leidde dat hij van school werd gestuurd.
Na zijn schooltijd nam hij verschillende baantjes aan om zijn passie voor mode te financieren, waaronder werk als fruitplukker en als make-upartist bij de Royal Shakespeare Company.
In de nachtelijke uren was hij een bekend gezicht in de Londense clubscene, waar hij uiteindelijk werd ontdekt en zijn weg naar de roem vond met de band Culture Club.

Gisteren nog vandaag
