Vandaag acht jaar geleden namen we afscheid van Aretha Franklin: het meeslepende levensverhaal van de ‘Queen of Soul’

Aretha Franklin zag op 25 maart 1942 het levenslicht in Memphis als dochter van een baptistenpredikant.

Ze groeide op in Detroit, waar haar muzikale talent al op zeer jonge leeftijd tot bloei kwam in het kerkkoor van haar vaders New Bethel Baptist Church.

Haar jeugd werd echter gekenmerkt door een snelle opeenvolging van ingrijpende gebeurtenissen.

Op veertienjarige leeftijd werd ze al voor het eerst moeder van een zoon, Clarence, vernoemd naar zijn vader.

Slechts een jaar later schonk ze het leven aan haar tweede zoon, Edward, van een andere vader.

Omdat Franklin haar zangcarrière verder moest uitbouwen, nam haar grootmoeder de dagelijkse zorg voor de twee jongens op zich.

Met de volle steun van haar vader verhuisde ze in 1960 naar New York.

Een demoband belandde op het bureau van John Hammond, de vermaarde ontdekker van Billie Holiday, die haar meteen een platencontract bezorgde bij Columbia Records.

Nog datzelfde jaar verscheen haar debuutsingle ‘Today I Sing the Blues’, een jaar later gevolgd door het album ‘Aretha’.

In de vroege jaren zestig boekte ze bescheiden successen met nummers zoals ‘Rock-a-bye Your Baby with a Dixie Melody’ en ‘Operation Heartbreak’.

Hoewel de grote hitstream toen nog uitbleef, doopte een radiodj in Chicago haar in die periode al om tot ‘The New Queen of Soul’.

Op persoonlijk vlak koos ze in 1961 voor een huwelijk met Ted White, wat tegen de wil van haar vader in ging.

White nam de rol van manager over van haar vader, en in 1964 verwelkomden ze hun zoon Ted Junior.

Achter de schermen ging het er stormachtig aan toe; volgens intimi werd Franklin door haar echtgenoot fysiek mishandeld.

In 1966 dwong White haar om Columbia Records te verlaten en te tekenen bij Atlantic Records.

Deze overstap luidde haar definitieve doorbraak in.

In april 1967 bracht ze bij haar nieuwe label de single ‘Respect’ uit, een bewerking van een nummer van Otis Redding.

Het album groeide niet alleen uit tot een gigantische hit, maar ook tot het officieuze volkslied van de Civil Rights Movement.

Franklin werd de stem van zwart Amerika genoemd.

Hoewel ze zelden meeliep in protestmarsen, gebruikte ze haar bekendheid om grote menigten te trekken, geholpen door de hechte vriendschap tussen haar vader en Martin Luther King.

In 1968 verzilverde ze twee Grammy Awards voor ‘Respect’ en veroverde ze de hitlijsten met de feministische klassieker ‘Think’.

Ze schreef geschiedenis door als tweede zwarte beroemdheid ooit, na Martin Luther King, de cover van Time Magazine te sieren.

Privé bleef het echter roerig.

Haar huwelijk met Ted White liep definitief op de klippen, wat eind 1968 leidde tot een scheiding.

Daarna kreeg ze een knipperlichtrelatie met haar roadmanager Ken Cunningham.

Uit deze relatie werd hun zoon Kecalf geboren, een naam gevormd door de initialen van beide ouders.

Vanaf 1976 raakte haar carrière tijdelijk in een slop.

Voor het eerst in acht jaar greep ze naast de Grammy’s, haar verkoopcijfers bij Atlantic Records zakten in en het album ‘Sweet Passion’ werd een commerciële en artistieke tegenvaller.

Na twaalf jaar beëindigde ze haar samenwerking met Atlantic en stapte ze over naar Arista Records.

Haar grote terugkeer kwam er in 1980 dankzij een geslaagde cover van ‘What a Fool Believes’ van The Doobie Brothers, kort daarna gevolgd door een iconische rol in de filmklassieker ‘The Blues Brothers’.

Toch werd ze opnieuw geconfronteerd met tegenslagen.

Het overlijden van haar vader en een traumatisch vliegtuigongeval, dat resulteerde in een hardnekkige vliegangst en agorafobie, (mensen met agorafobie ervaren intense angst of paniek in situaties buiten hun vertrouwde thuisomgeving), dwongen haar om zich tijdelijk uit het openbare leven terug te trekken.

In 1985 maakte ze een sterke comeback met de plaat ‘Who’s Zoomin’ Who?.

Op dat succesvolle album blonk ook haar krachtige samenwerking met Eurythmics uit.

Het feministische duet ‘Sisters Doin’ It for Themselves’, opgenomen met Annie Lennox, groeide uit tot een wereldwijde pop- en R&B-hit die de kracht van beide zangeressen perfect bundelde.

Ook op persoonlijk vlak kreeg ze terug zware klappen te verwerken: haar tweede huwelijk met acteur Glynn Turman strandde officieel in 1984, na een scheiding van tafel en bed in 1982.

Daarnaast verloor ze haar naaste familieleden aan de gevolgen van kanker; haar jongere zus Carolyn overleed in 1988 op 43-jarige leeftijd aan borstkanker, haar broer Cecil, die tevens haar manager was, overleed in 1989 op 49-jarige leeftijd, en haar oudere zus Erma overleed in 2002 op 64-jarige leeftijd aan keelkanker.

Een van de meest opvallende hoogtepunten uit deze periode was haar samenwerking met George Michael.

In januari 1987 brachten ze het ijzersterke duet ‘I Knew You Were Waiting (For Me)’ uit.

Voor George Michael, die net de groep Wham! had verlaten, was het een droom die uitkwam om met zijn idool te zingen.

Het nummer werd een wereldwijd succes en veroverde de eerste plaats in zowel de Amerikaanse Billboard Hot 100 als de Britse hitlijsten.

Het leverde Franklin haar allereerste Britse nummer 1-hit op en de twee mochten er in 1988 zelfs een Grammy Award voor Best R&B Performance by a Duo or Group mee in ontvangst nemen.

Ondanks alle persoonlijke beproevingen bleef de erkenning voor haar muzikale oeuvre gigantisch.

Naast een indrukwekkende reeks Grammy Awards voor beste r&b-zangeres, werd ze geëerd met een Grammy Legend Award (1991) en een Lifetime Achievement Award (1994).

In 1997 schreef ze geschiedenis als de eerste vrouw die werd opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame.

Twee jaar later ontving ze de National Medal of Arts, de hoogste artistieke onderscheiding in de Verenigde Staten.

Een absoluut hoogtepunt in haar latere carrière was haar optreden tijdens de inauguratie van president Barack Obama in 2009.

Eind 2010 werd bekend dat er alvleesklierkanker bij haar was vastgesteld.

Na langdurige speculaties in de media liet de zangeres weten dat ze de ziekte had overwonnen en zich weer volledig op haar muziek wilde richten.

Dat onderstreepte ze met het album ‘A Woman Falling Out of Love’ in 2011.

In 2014 volgde ‘Aretha Franklin Sings the Great Diva Classics’, waarop haar krachtige versie van Adeles ‘Rolling in the Deep’ hoge ogen gooide.

In 2017 kondigde ze haar pensioen aan, niet lang na het uitbrengen van het album ‘A Brand New Me’ met The Royal Philharmonic Orchestra.

Een geplande reeks afscheidsconcerten moest ze helaas grotendeels afzeggen vanwege haar broze gezondheid.

Want de kanker stak opnieuw de kop op.

Na een periode waarin ze thuis door haar naasten werd verzorgd, overleed Aretha Franklin op 16 augustus 2018 op 76-jarige leeftijd in haar woning in Detroit, omringd door haar familie en vrienden.

Met haar overlijden kwam er een einde aan het leven van een van de allergrootste en meest invloedrijke stemmen uit de muziekgeschiedenis.

Naast haar indrukwekkende levensloop zijn er heel wat bijzondere weetjes die de unieke persoonlijkheid van de Queen of Soul illustreren.

Zo stond Franklin bekend als een buitengewoon begenadigd pianiste, een talent dat ze zichzelf grotendeels op het gehoor aanleerde zonder formeel noten te leren lezen.

Haar iconische status werd na haar overlijden nogmaals bevestigd toen het prestigieuze tijdschrift Rolling Stone haar uitriep tot de allerbeste zangeres aller tijden.

Ook haar extreme vliegangst zorgde voor opmerkelijke situaties; vanaf de jaren tachtig weigerde ze absoluut om nog in een vliegtuig te stappen, waardoor ze al haar tournees aflegde in een speciaal aangepaste, luxueuze touringcar en optredens buiten Noord-Amerika zo goed als uitgesloten waren.

Haar legendarische optreden op de begrafenis van Martin Luther King in 1968 onderstreepte haar diepe verbondenheid met de burgerrechtenbeweging, terwijl haar muzikale veelzijdigheid op briljante wijze bleek toen ze tijdens de Grammy Awards van 1998 op het allerlaatste moment inviel voor de zieke Luciano Pavarotti en moeiteloos het klassieke operastuk ‘Nessun Dorma’ ten gehore bracht.

Tot slot bezat ze een heel eigenzinnige gewoonte tijdens concerten: vanwege slechte ervaringen in haar beginjaren eiste ze steevast dat ze voor elk optreden contant werd uitbetaald, waarna ze haar goedgevulde handtas gedurende het hele concert op of naast de vleugel liet staan

Madonna mag vandaag 68 kaarsjes uitblazen.

Het idee voor deze foto is afkomstig van een bekende foto van Jayne Mansfield.

Buiten zangeres, actrice en zakenvrouw schreef Madonna 20 jaar geleden geschiedenis door haar eerste kinderboek ‘De Engelse rozen’ uit te brengen.

Twee jaar later, in 2005, bracht ze al haar vijfde boek ‘Lotsa De Casha (Heel Veel Geld)’ uit.

De Portugese kunstenaar Rui Paes illustreerde het boek.

In Lotsa De Casha vertelt Madonna het verhaal van de rijkste man ter wereld.

Die raakt alles kwijt, maar hij krijgt er een echte vriend voor terug.

Lotsa De Casha is bedoeld voor kinderen van 6 jaar en ouder.

Het boek benadrukt de eeuwenoude moraal dat geld niet gelukkig maakt.

Ilene Cooper, de recensente van The American Library Association, vindt dat Madonna dezelfde fout maakt als andere sterren die aan het schrijven zijn geslagen.

‘Zij denken dat zij kunnen schrijven, maar wat zij doen is vreselijk, echt vreselijk‘.

Ondanks deze kritiek gaan Madonna’s boeken als warme broodjes over de toonbank.

Haar uitgever laat weten dat meer dan twee miljoen exemplaren van de reeks zijn verkocht.

De boeken zijn in veertig talen vertaald en in meer dan honderd landen te koop.

Het fenomeen Amanda Lear scoorde eind jaren zeventig een gigantische hit met Follow Me.

De geruchten dat ze een travestiet zou zijn, probeerde ze in diezelfde periode te ontkrachten door te poseren voor Playboy, maar de speculaties stopten hiermee niet.

Zelfs vijftien jaar geleden, in 2011, laaide de controverse weer op toen een Italiaanse krant een geboorteakte publiceerde van een zekere Alain Tap, geboren in 1939.

Dit was veel vroeger dan de late jaren veertig die altijd als Lears geboorteperiode werden aangenomen, al hing er rond haar ware leeftijd sowieso altijd al een zweem van geheimzinnigheid.

De krant toonde bovendien een foto van een jonge Tap die sprekend op haar leek.

Lear zelf bleef er nuchter onder en vertelde tijdens een bezoek aan Brugge in 2009 dat ze net als iedereen in de showbizz altijd moet acteren.

Al die mysteries deden haar muzikale succes destijds in elk geval geen kwaad.

Samen met producer Anthony Monn groeide ze uit tot de blanke queen of disco.

Ze brak in 1978 wereldwijd door met het nummer ‘Follow me’, waarna de successen elkaar snel opvolgden.

Haar single ‘Queen of China-Town’ was oorspronkelijk al in 1977 uitgebracht, maar werd door haar immense populariteit in 1978 opnieuw uitgebracht.

Ook andere nummers zoals ‘Enigma (Give a bit of mmmh to me)’, ‘Gold’, ‘The Sphinx ‘en ‘Fashion Pack’ groeiden uit tot grote hits.

Gisteren nog vandaag

Vijfenveertig jaar Bananarama: de meidengroep die de hitlijsten bleef veroveren

De meidengroep Bananarama werd in 1980 opgericht door Keren Woodward, Sara Dallin en Siobhan Fahey.

Hun eerste single was de cover Aie-a-mwana, die ze in 1981 uitbrachten.

Dit nummer verscheen oorspronkelijk in 1971 op het album Le Monde Fabuleux Des Yamasuki van het Belgische project Yamasuki’s.

In 1975 werd het in Vlaanderen een hitje voor de groep Black Blood.

Het werd geschreven door Daniel Vangarde, de vader van Thomas Bangalter van Daft Punk, en zijn landgenoot Jean Kluger.

In de studio kregen de dames hulp van Steve Jones en Paul Cook van The Sex Pistols, waarna het nummer een kleine hit werd in Engeland.

De grote doorbraak kwam al vroeg in de jaren tachtig na een succesvolle samenwerking met Terry Hall en zijn groep Fun Boy Three.

Samen namen ze ‘It Ain’t What You Do It’s the Way That You Do It’ op, een swingend jazznummer uit 1939 dat oorspronkelijk werd gezongen door Jimmie Lunceford and His Orchestra.

Het nummer werd een grote hit in Europa en gaf Bananarama de kans om aan hun eerste album te werken.

Dat debuutalbum, getiteld Deep Sea Skiving, bevatte onder meer ‘Really Saying Something’, een cover van een Motown-nummer uit 1964 van The Velvelettes dat ze eveneens samen met de Fun Boy Three zongen.

De derde single van de plaat was ‘Shy Boy’, een nummer dat geschreven en geproduceerd werd door Steve Jolley en Tony Swain, die ook bekend waren van hun werk met Imagination en Alison Moyet.

Bananarama schreef daarnaast zelf nummers voor het album, zoals ‘Young at Heart’, dat ze samen met Robert Hodgens maakten.

Hodgens zou later met zijn band The Bluebells een eigen versie van het nummer uitbrengen en daar eveneens een grote hit mee scoren.

Niet veel later veroverden ze ook internationaal de hitlijsten met aanstekelijke popnummers zoals ‘Cruel Summer’ en ‘Robert De Niro’s Waiting’.

In het midden van de jaren tachtig ging Bananarama een samenwerking aan met het beroemde producerstrio Stock Aitken Waterman, een stap die hun muzikale carrière naar een absolute piek bracht.

Met een vernieuwde, energiekere dancepopsound scoorden ze wereldhit na wereldhit, waaronder hun beroemde cover van Venus, evenals ‘Love in the First Degree’ en ‘I Heard a Rumour’.

Na het grote succes van het album Wow! besloot Siobhan Fahey in 1988 de groep te verlaten om te trouwen met David Stewart van de Eurythmics en een solocarrière te beginnen.

Fahey richtte later het succesvolle Shakespeare’s Sister op.

Ze werd kortstondig vervangen door Jacquie O’Sullivan, geboren als Jacqueline Michelle O’Sullivan, die tot 1991 bij de band bleef.

Vanaf dat moment besloten Sara Dallin en Keren Woodward als duo door te gaan.

In 1996 kregen ze een eervolle vermelding in het Guinness Book of Records als de meest succesvolle vrouwelijke groep ooit en als de meidengroep met de meeste hitnoteringen in de Britse hitparade.

Hoewel de oorspronkelijke driemansformatie in 2017 en 2018 een eenmalige en zeer succesvolle reünietournee deed, is de vaste bezetting een duo gebleven.

Sara Dallin, geboren op 17 december 1961 en inmiddels 64 jaar, en Keren Woodward, geboren op 2 april 1961 en 65 jaar, zijn nog altijd ontzettend actief op de bühne.

Ze treden regelmatig op tijdens festivals, retro-events zoals Rewind Festival en geven eigen optredens in Groot-Brittannië en daarbuiten.

Ook nieuw werk blijft een vast onderdeel van hun plannen.

Na hun succesvolle studioalbums In Stereo uit 2019 en Masquerade uit 2022 brachten ze in het voorjaar van 2024 de verzamelaar Glorious: The Ultimate Collection uit, waarop ook een paar gloednieuwe nummers stonden.

Ze schrijven en nemen in hun eigen tempo nog steeds nieuwe muziek op via hun eigen label, dus nieuw materiaal valt in de toekomst zeker te verwachten.

Dat het duo hun rijke discografie actief blijft vieren, bleek opnieuw toen hun album Now Or Never op 15 mei 2026 in een geremasterde en uitgebreide versie opnieuw werd uitgebracht op de digitale platforms.

Dit album verscheen oorspronkelijk in september 2012 ter gelegenheid van hun dertigjarig bestaan en een Amerikaanse tournee.

De vernieuwde digitale uitgave telt zes nummers, waaronder de titeltrack ‘Now Or Never’, ‘La La Love’, hun cover van Maroon 5 en Christina Aguilera, namelijk ‘Moves Like Jagger’, en een heropgenomen versie van de jarennegentigtrack ‘Movin’ On’, aangevuld met nieuwe mixes van Ian Masterson.

Op 30 juni 2026 brachten Sara Dallin en Keren Woodward opnieuw een speciale release uit, ditmaal rond hun iconische hit Venus.

Deze release bevat de geremasterde originele versie, zeldzame 12-inchmixen, instrumentale tracks en niet eerder digitaal beschikbare dancemixes die destijds in 1986 op de maxi-single verschenen.

Hiermee zetten ze de legendarische track, die ze oorspronkelijk overnamen van Shocking Blue en waarmee ze de eerste plek in de Amerikaanse Billboard Hot 100 veroverden, opnieuw in de schijnwerpers.

Met een carrière die inmiddels meer dan vier decennia overspant, blijven Sara en Keren wereldwijd optreden en nieuwe muziek maken, waarmee hun status als iconen van de popmuziek definitief vaststaat.

Toni Braxton: het veelzijdige leven en de indrukwekkende carrière van een r&b-icoon.

Toni Braxton is de oudste van zes kinderen en groeide op in een streng religieus gezin, aangezien haar vader geestelijke was.

Haar allereerste optreden was dan ook het meezingen in het kerkkoor.

Na de basisschool op de Richard Henry Lee Elementary School doorliep ze de Corkran Middle School en Glen Burnie High School.

Hoewel ze vervolgens een studie volgde aan de Bowie State University om lerares te worden, ontdekte ze al snel dat haar ware passie in de muziek lag.

Haar muzikale carrière kende vele successen. Ze begon in de soulgroep The Braxtons samen met haar vier zussen, waarna ze doorbrak met een uiterst succesvolle solocarrière.

Wereldwijd verkocht ze zo’n 48 miljoen platen en won ze maar liefst zeven Grammy Awards.

Haar grootste en bekendste hit is Unbreak My Heart, maar ze scoorde eveneens hoog met singles als Breathe Again, You’re Makin’ Me High, I Don’t Want To en He Wasn’t Man Enough.

In 2006 behaalde ze voor de laatste maal een Europese hit met The Time Of Our Lives, een samenwerking met Il Divo.

Als eerbetoon aan haar oeuvre werd ze in 2011 opgenomen in de Georgia Music Hall of Fame.

Toch kende haar loopbaan ook de nodige hobbels.

Een zakelijk geschil met haar platenfirma dwong haar om op 23 juni 1998 in Los Angeles haar faillissement aan te vragen.

Daarnaast was haar vierde album More Than A Woman een commerciële flop en wisselde ze door wisselend succes meerdere keren van platenmaatschappij.

Naast haar zangcarrière richtte Toni zich al snel op acteren en produceren.

In 1998 speelde ze de rol van Belle in de Broadway Disney-musical Beauty and the Beast, waarna ze in 2003 de titelrol in de musical Aida vertolkte.

Ook deed ze mee aan het zevende seizoen van het Amerikaanse programma Dancing With The Stars.

Tegenwoordig werkt ze intensief samen met het netwerk Lifetime, waar ze zowel de hoofdrol vertolkt als optreedt als uitvoerend producent van televisiefilms als He Wasn’t Man Enough en Breathe Again, die gebaseerd zijn op haar grootste hits.

Op persoonlijk vlak trouwde ze op 21 april 2001 met Keri Lewis, met wie ze twee kinderen heeft.

Haar gezondheid heeft haar door de jaren heen flink op de proef gesteld.

Nadat geruchten over borstkanker in augustus 2007 door haarzelf ontkend werden, werd er in 2008 wel een goedaardig gezwel uit haar borst verwijderd.

In 2010 maakte ze bekend aan de auto-immuunziekte lupus te lijden.

Wegens complicaties werd ze in 2012 opgenomen in het ziekenhuis, en in oktober 2016 volgde een ziekenhuisopname in Atlanta vanwege vernauwde bloedvaten in haar hart.

Toni Braxton is tot op de dag van vandaag zeer actief.

Hoewel haar meest recente volwaardige album uit 2020 stamt, brengt ze nog steeds regelmatig nieuwe muziek en samenwerkingen uit.

Momenteel toert ze door de Verenigde Staten samen met r&b-legendes als New Edition en Boyz II Men.

Van ‘Children’ tot ‘Fable’: het muzikale levensverhaal van Robert Miles

Robert Miles werd als Roberto Concina geboren in Zwitserland, groeide op in Italië en woonde de jongste jaren van zijn leven op het Spaanse eiland Ibiza.

Tijdens zijn carrière was hij actief als componist, producent, dj én als radiomaker.

Hij was een invloedrijke Italiaanse producer en dj die een pioniersrol speelde in de dancemuziek van de jaren negentig.

Hij werd wereldwijd bekend als de grondlegger van de dreamtrance, een melodieus subgenre binnen de elektronische muziek dat gekenmerkt werd door rustgevende pianoklanken en sfeervolle synthesizers.

Zijn internationale doorbraak kwam er in 1996 met het nummer Children.

In Vlaanderen was de single goed voor een tweede plaats in de BRT Top 30 en in Nederland was het nummer goed voor een derde plaats in de Top 40.

De track is nog steeds een van de bestverkochte danceplaten aller tijden.

In 1997 werd Miles bovendien vereerd met een Brit Award voor beste internationale nieuwkomer.

Het succes kreeg al snel een waardig vervolg met het nummer Fable.

Deze single verscheen eveneens in 1996 en was afkomstig van zijn veelgeprezen debuutalbum Dreamland.

Fable wist de kenmerkende sound van Miles perfect te vangen.

Het nummer combineerde een dromerige, melancholische pianomelodie met een stuwende dancebeat.

Er werden destijds twee versies van uitgebracht: een instrumentale versie die de nadruk legde op de muzikale sfeer, en een vocale versie met de stem van de zangeres Fiorella Quinn.

Fable werd een enorme internationale hit en bereikte hoge posities in de hitlijsten in heel Europa, waaronder in het Verenigd Koninkrijk en Italië.

Het nummer bereikte in Vlaanderen de derde plaats in de BRT Top 30.

In Nederland was de single maar goed voor een vierentwintigste plaats in de Top 40.

Met dit nummer bewees Miles dat hij geen eendagsvlieg was en verstevigde hij zijn status als vernieuwer in de elektronische muziek.

De track droeg bij aan de populariteit van het dreamhouse-genre, dat destijds een rustiger en melodieuzer alternatief bood voor de hardere beats in de clubs.

Aan het einde van 2003 verhuisde Miles van Londen naar Los Angeles.

Al snel koos hij in zijn carrière voor een meer experimentele en alternatieve muzikale richting.

Zo bracht hij in 2004 een album uit samen met Trilok Gurtu, getiteld Miles_Gurtu.

Zijn vijfde studioalbum Th1rt3en kwam uit in februari 2011.

Onder meer Robert Fripp, Dave Okumu, Jon Thorne en Davide Giovannini werkten mee aan dit album, dat bestaat uit alternatieve en progressieve rock gemengd met elektronische geluiden.

Naast zijn eigen muziek bleef hij nauw betrokken bij de cultuurwereld; dankzij de oprichting van zijn Open Lab steunde hij jong talent binnen de elektronische muziek én de beeldende kunsten.

Hoewel hij deze nieuwe wegen verkende, blijven nummers als Fable, Children en One & One symbool staan voor een gouden tijdperk in de dancemuziek.

Miles overleed in mei 2017 op 47-jarige leeftijd op Ibiza aan de gevolgen van een uitgezaaide vorm van kanker, na een strijd van negen maanden tegen de ziekte.

Vandaag is het ook al drie jaar geleden dat Sinéad O’Connor is overleden.

In 1992 zorgde de Ierse zangeres Sinéad O’Connor voor veel beroering toen ze live op de Amerikaanse televisie een foto van de paus verscheurde.

Haar complexe relatie met religie nam in 1999 een nieuwe wending toen ze in Lourdes tot priester werd gewijd door bisschop Michael Cox, de leider van de afgescheurde Latijnse Tridentijnse kerk.

Vanaf dat moment ging ze door het leven als Moeder Bernadette Mary en werd ze de eerste vrouw in deze functie.

De ceremonie veroorzaakte echter stevige ruzie en de weigering van de Rooms-Katholieke Kerk om de wijding te erkennen.

Omdat O’Connor destijds 200.000 dollar aan Cox had geschonken, ontstond al snel de perceptie dat ze haar priesterschap simpelweg had gekocht.

Door de jaren heen bleef de zangeres worstelen met haar identiteit, wat zich onder meer uitte in verschillende naamsveranderingen.

In 2017 veranderde ze haar wettelijke naam naar Magda Davitt.

Slechts een jaar later kondigde ze aan dat Sinéad Marie Bernadette O’Connor niet langer bestond; ze had zich bekeerd tot de islam en wilde voortaan Shuhada’ Davitt genoemd worden, een Arabische naam die staat voor martelaar of getuige.

Naast deze spirituele zoektocht werd haar leven zwaar getekend door persoonlijke en mentale worstelingen.

O’Connor kampte met de naweeën van trauma’s en misbruik uit haar jeugd. Ze gaf zelf aan dat ze door haar directe start in de muziekindustrie nooit had geleerd om een normaal leven te leiden en geen tijd had genomen om te genezen.

Na decennialang cannabisgebruik en een kortstondige verslaving aan andere middelen in 2020 door het verlies van een geliefde en de zorgen om haar tienerzoon Shane, besloot ze in 2021 in te grijpen.

Ze annuleerde al haar optredens voor dat jaar om een jaar lang te focussen op therapie en ontwenning, met als doel haar zwarte gedachten te overwinnen.

Via Twitter vroeg ze haar fans om begrip voor de zes loodzware jaren die ze had doorgemaakt, met de boodschap dat haar herstel nu echt kon beginnen.

Dit herstel werd echter ruw verstoord door een onvoorstelbaar drama toen haar 17-jarige zoon Shane in januari 2022 uit het leven stapte.

O’Connor was gebroken en noemde hem op Twitter het licht van haar leven dat besloten had zijn aardse strijd te beëindigen.

Ze sprak de wens uit dat hij in vrede mocht rusten en drukte haar volgers op het hart om zijn voorbeeld niet te volgen.

Hoe dan ook kwam er op 26 juli 2023 een verdrietig einde aan het roerige bestaan van deze veelbesproken zangeres, die op 56-jarige leeftijd overleed.

Uit het Ierse lijkschouwingsrapport bleek dat ze specifiek overleed aan een verergering van de longziekte COPD, astma en een lichte infectie in de onderste luchtwegen.

Het succes en de schaduwzijde van een countryklassieker.

Het nummer Success Has Made a Failure of Our Home van Sinead O’Connor is gebaseerd op het nummer Success van countryzangeres Loretta Lynn.

Dat origineel werd in 1961 geschreven door Johnny Mullins.

In de tekst zingt de artiest over de keerzijde van roem: het najagen van een succesvolle carrière en rijkdom heeft er in dit verhaal ironisch genoeg voor gezorgd dat het gezinsleven en het huwelijk volledig zijn stukgelopen.

Hoewel de kern en de betekenis in beide versies precies hetzelfde zijn, bracht Sinead O’Connor wel een paar subtiele tekstuele aanpassingen aan.

Zo veranderde ze onder andere de openingsregel over het achterlaten van een eenvoudige boerderij om het lied moderner te maken en beter te laten aansluiten bij haar eigen achtergrond.

Toen Loretta Lynn de single in april 1962 uitbracht, werd het een groot succes en betekende het haar allereerste top 10-hit in de Amerikaanse Hot Country Songs.

Jaren later wist Sinead O’Connor met haar eigen versie ook in de Lage Landen te scoren, waar de cover goed was voor een eenentwintigste plaats in zowel de Vlaamse BRT Top 30 als een vijftiende plaats in de Top 40.

Inmiddels is ook Loretta Lynn overleden. De legendarische countryzangeres stierf op 4 oktober 2022 op negentigjarige leeftijd in haar slaap.

Kim Carnes was al beroemd voordat ze beroemd werd.

In 1981 werd de stem van Kim Carnes in Amerika omschreven als een geluid dat tegelijkertijd zoet en schor was, vergelijkbaar met gekarameliseerde suiker.

Ze kon destijds inderdaad zeemzoet overkomen, om dan plots rauw uit te pakken.

Dat was destijds goed te horen op Bette Davis Eyes, haar eerste hit in onze hitlijsten.

Kim Carnes weigerde eerst om het nummer op te nemen, maar gelukkig voor haar en voor ons veranderde ze van mening na het horen van de nieuwe arrangementen die geschreven waren door Bill Cuomo.

Het nummer was destijds geschreven door Jackie DeShannon en Donna Weiss en was oorspronkelijk terug te vinden op het album New Arrangements van Jackie DeShannon uit 1975.

De single kwam op 28 maart 1981 de Billboard Hot 100 binnen en stond vanaf 16 mei 1981 negen weken op de eerste plaats.

In Vlaanderen bereikte de single de vijfde plaats in de hitlijst, terwijl de single in Nederland niet verder kwam dan de zeventiende plaats in de Top 40.

Hiermee bereikte de kleine blonde dame destijds eindelijk wat haar jaren daarvoor al was voorspeld.

Collega-muzikanten en journalisten waren het er toen immers al roerend over eens dat ze in de wieg was gelegd voor de status van superster, en met die felbegeerde eerste plaats in de Amerikaanse hitlijsten had ze dat doel op dat moment ook helemaal waargemaakt.

De eerste grote stap werd ruim een jaar daarvoor gezet met de hit ‘Don’t fall in love with a dreamer’, een duet van Kim met Kenny Rogers.

Dat liedje had ze destijds samen met haar echtgenoot Dave Ellingson geschreven.

Kim kende Kenny Rogers trouwens al lang, aangezien ze ooit samen lid waren van de groep The New Christy Minstrels.

Kenny Rogers was daar toen niet de zanger, maar speelde er gedurende een kleine twee jaar contrabas.

Deze groep had een sterk wisselende bezetting.

Andere bekende oud-leden zijn Barry McGuire, die na zijn vertrek in 1965 een wereldwijde hit scoorde met Eve of Destruction, Jerry Yester, die later bij The Lovin’ Spoonful speelde, Gene Clark, die later deel uitmaakte van The Byrds, en Larry Ramos, die later zanger en lid werd van The Association.

Haar eerste solo-hit in Amerika was geen eigen compositie, maar ‘More Love’ van Smokey Robinson.

Uit dezelfde eerdere elpee Romance Dance kwam destijds ook een eigen versie van ‘Cry like a baby’ van de Box Tops.

Grote namen zoals Barbra Streisand, Anne Murray en Rita Coolidge hadden haar nummers toen al vertolkt.

Barbra Streisand heeft zelfs drie verschillende nummers gezongen die door Kim Carnes zijn geschreven: ‘Love Comes from Unexpected Places’, dat Streisand opnam voor haar succesvolle album ‘Superman’ uit 1977,

‘Stay Away’, dat door Streisand werd gecoverd op haar album ‘Songbird’ uit 1978, en later het nummer ‘Make No Mistake, He’s Mine’, wat een bijzonder geval is, omdat dit nummer in 1984 werd uitgebracht als een duet tussen Barbra Streisand en Kim Carnes en terug te vinden is op Streisands album ‘Emotion’.

Anne Murray coverde ‘You’re a Part of Me’, een nummer dat oorspronkelijk door Kim Carnes werd geschreven en uitgebracht op haar titelloze album uit 1975.

Ook Rita Coolidge coverde datzelfde nummer ‘You’re a Part of Me’.

Daarnaast coverden ook grotere namen zoals Don Williams, Engelbert Humperdinck, Kenny Rogers en Tim McGraw nummers van haar hand.

Zelfs Frank Sinatra had al met haar werk te maken gehad; zij en haar echtgenoot herbewerkten en schreven destijds de tekst voor zijn nummer ‘You Turned My World Around’, een compositie van Bert Kaempfert en Herbert Rehbein die Sinatra in 1974 uitbracht als single en die ook te horen is op zijn album Some Nice Things I’ve Missed.

Kim Carnes heeft in haar carrière naar schatting tussen de 10 en 15 miljoen platen verkocht, waarbij albums en singles zijn meegeteld.

Ze heeft 2 Grammy Awards gewonnen uit haar in totaal 8 persoonlijke nominaties.

Tegenwoordig leidt ze samen met haar man een rustig leven in Nashville. Achter de schermen is ze nog altijd actief als songwriter, en ze brengt af en toe nog nieuw werk of een remix uit.

Zo verscheen haar laatste single “If I Was an Angel” in 2023, en bracht ze dit jaar een nieuwe versie van haar klassieker Bette Davis Eyes uit op Spotify.

Over drie dagen, op 20 juli, viert ze haar verjaardag en mag ze 81 kaarsjes uitblazen

30 jaar geleden: de Fugees, de impact van The Score en het ware verhaal achter Killing Me Softly

De Fugees vormden een invloedrijke Amerikaanse hiphopgroep die in de vroege jaren negentig werd opgericht in New Jersey.

Het trio bestond uit zangeres en rapper Lauryn Hill, rapper en producer Wyclef Jean en rapper Pras Michel.

De naam van de groep is afgeleid van het woord refugee, wat vluchteling betekent, een verwijzing naar de Haïtiaanse afkomst van Wyclef en Pras.

Hun unieke geluid was een vernieuwende mix van hiphop, soul, r&b en Caraïbische invloeden zoals reggae.

Hun muzikale reis begon met het debuutalbum Blunted on Reality uit 1994.

Hoewel dit album niet onmiddellijk voor een grote internationale doorbraak zorgde, legde het wel de basis voor hun kenmerkende stijl en trok het de aandacht van de underground hiphopscene.

De wereldwijde roem volgde twee jaar later met de release van The Score in 1996.

Dit album was een enorm commercieel en kritisch succes en wordt geprezen als een absoluut meesterwerk uit de jaren negentig. Hitsingles zoals ‘Killing Me Softly’, ‘Ready or Not’ en ‘Fu-Gee-La’ stonden wereldwijd bovenaan de hitlijsten en maakten van de groepsleden wereldsterren.

Hun cover van het nummer ‘Killing Me Softly With His Song’ was zowel in Vlaanderen als in Nederland goed voor de eerste plaats in de BRT Top 30 en de Nederlandse Top 40.

The Score won meerdere Grammy Awards en behoort tot de bestverkochte hiphopalbums aller tijden.

De oorsprong van hun grootste hit, ‘Killing Me Softly’, kent overigens een rijke geschiedenis.

Zangeres Lori Lieberman schreef het gedicht ‘Killing Me Softly With His Blues’ nadat ze een show van Don McLean had bijgewoond.

Tijdens dat optreden kreeg ze het gevoel alsof hij recht in haar ziel zong.

De schrijvers Gimbel en Fox maakten er vervolgens voor Lieberman een lied van en veranderden het in ‘Killing Me Softly’.

Tijdens het wachten op haar vlucht hoorde Roberta Flack het nummer in de luchthaven en ze was meteen verkocht.

Ze werkte drie maanden aan het nummer, maakte wat aanpassingen en scoorde er in 1973 een serieuze hit mee, ruim twintig jaar voordat de Fugees er wereldwijd de hitlijsten mee zouden aanvoeren.

Gimbels carrière begon bij muziekuitgevers David Blum en Edwin H. Morris.

Een van zijn vroege successen was de Engelse tekst voor het gekende nummer Sway, dat we kennen dankzij de uitvoering van Dean Martin in 1954 en later van Michael Bublé.

De muziek, geschreven door Luis Demetrio en Pablo Beltrán Ruiz in 1953, droeg toen de titel ‘Quien Será’ en werd voor het eerst uitgebracht door Nelson Pinedo con la Sonora Matancera.

Twee jaar later, in 1956, scoorde hij opnieuw met de liedjestekst voor ‘Canadian Sunset’, de hitsingle van Andy Williams.

Het meest bekend was hij voor zijn werk in de film- en televisiewereld.

Hij schreef de teksten voor onder meer ‘Laverne and Shirley’ ‘Wonder Woman’ en ‘HR Pufnstuf’.

Ook de begintune van de cultcomedyreeks ‘Happy Days’ is van zijn hand.

Lange tijd vormde Gimbel een duo met Charles Fox, wat hen in 1973 voor hun tekst van “Killing Me Softly” een Grammy Award opleverde.

Daarnaast schreef Gimbel ook de Engelse tekst voor verschillende Braziliaanse bossanova-artiesten.

Voor de Engelse versie van de klassieker ‘The Girl from Ipanema’, in 1964 ingezongen door Astrud Gilberto, won hij de Grammy voor beste nummer van het jaar.

Voor ‘It goes like it goes’ uit de film Norma Rae won Gimbel samen met David Shire een Oscar voor beste originele nummer.

In 1984 werd Gimbel opgenomen in de Songwriters Hall of Fame.

Norman Gimbel kwam te overlijden op 19 december 2018 op 91-jarige leeftijd.

Zijn toenmalige muzikale partner, de nu 85-jarige Charles Fox, is daarentegen nog altijd actief in de muziekwereld.

De documentaire over hem, met de toepasselijke naam Killing Me Softly with His Songs, ging in 2022 in première op filmfestivals en werd in april 2024 officieel digitaal en op Blu-ray uitgebracht.

Deze film is momenteel ook nog te bekijken via Amazon Prime.

Ondanks het gigantische succes van The Score begonnen onderlinge spanningen al snel hun tol te eisen.

Het trio besloot uit elkaar te gaan om zich te concentreren op soloprojecten, die aanvankelijk bijzonder succesvol waren.

Wyclef Jean bracht het geprezen album The Carnival uit, terwijl Lauryn Hill de muziekwereld veroverde met haar veelgeprezen soloalbum The Miseducation of Lauryn Hill, dat in 1998 verscheen.

Ze ontving hiervoor vijf Grammy’s en wereldwijd werden er negentien miljoen exemplaren van de plaat verkocht.

Pras Michel scoorde dan weer een grote wereldhit met ‘Ghetto Supastar’.

In de jaren die volgden, kwamen de leden van de groep nog enkele keren samen voor optredens en probeerden ze sporadisch nieuwe muziek op te nemen.

Een volledige en langdurige reünie vond echter niet plaats als gevolg van voortdurende meningsverschillen en latere juridische obstakels.

Desondanks blijft hun muzikale erfenis een onmisbare schakel in de popcultuur van de late twintigste eeuw.

Voor muziekliefhebbers en verzamelaars die terugkijken op de jaren negentig, blijft de unieke samenklank van dit trio een bepalend en onvergetelijk geluid.

Vandaag de dag bewandelen de drie leden heel uiteenlopende paden.

Wyclef Jean is nog altijd wereldwijd actief als muzikant, producer en activist.

Dit jaar verscheen hij onder meer op het podium tijdens de countdown-concerten voor het FIFA Wereldkampioenschap voetbal in Toronto.

Ook bracht hij recent de veelbesproken zevenledige albumreeks Quantum Leap uit.

Lauryn Hill blijft een invloedrijke stem binnen de muziek en wordt geregeld geëerd om haar nalatenschap.

Zo ontving zij in de zomer van 2026 de inaugurele Living Legend Icon Award bij de BET Awards.

Samen met Wyclef Jean treedt ze op onder de vlag van Diaspora Calling!, inclusief headliner-shows op festivals.

Eerder dat jaar verzorgde ze ook al een opvallend eerbetoon tijdens de Grammy Awards.

Haar persoonlijke pad ging echter niet altijd over rozen; zo zat Hill in 2013 een gevangenisstraf van drie maanden uit wegens belastingfraude.

Voor Pras Michel, de rapper en medeoprichter van de groep, nam het leven een andere wending.

Hij werd in 2023 schuldig bevonden aan betrokkenheid bij een illegale politieke beïnvloedingscampagne en witwaspraktijken.

Na zijn veroordeling heeft hij in mei 2026 zijn gevangenisstraf van veertien jaar in de Verenigde Staten aangevangen, al vecht zijn juridische team de uitspraak nog altijd in hoger beroep aan.

Alles wat je wilde weten over The Fugees

Het is vandaag precies dertig jaar geleden dat we afscheid namen van de Vlaamse blueszanger Luke Walter Jr., die als Luc Renneboog het levenslicht zag.

Vanwege zijn diepe, warme stemgeluid werd hij ook wel de Belgische Tony Joe White genoemd.

Zijn muzikale reis kreeg begin jaren zeventig al vorm toen hij meewerkte aan een album van dichter Patrick Conrad.

Tijdens die opnames, geproduceerd door Roland Van Campenhout, ontmoette hij Albert Szukalski.

Deze kunstenaar werd een vriend voor het leven die Luke voortdurend stimuleerde om zijn weg in de muziekwereld te vervolgen.

Szukalski had zelf een indrukwekkend parcours afgelegd; hij studeerde aan de Antwerpse Koninklijke Academie voor Schone Kunsten en was daar assistent van grootheden als Jef Verheyen, Paul Van Hoeydonck en Vic Gentils.

Hij verwierf vooral bekendheid met zijn drapages en spookachtige gestalten.

Een van zijn meest iconische projecten is het beeldenpark in de Amerikaanse Death Valley-woestijn, waar hij onder andere Het Laatste Avondmaal creëerde met Jezus en de apostelen als verschijningen.

Zelfs in zijn laatste levensdagen, terwijl hij wegens keelkanker op de palliatieve dienst van het Antwerpse Middelheim-ziekenhuis verbleef, bleef hij creëren.

Met toestemming van de directie maakte hij daar samen met Fred Bervoets een laatste beeld van plaaster en polyester, dat slechts enkele dagen voor zijn overlijden in 2000 werd voltooid.

In 1986 richtte Luke Walter Jr. de band Blue Blot op.

De groepsnaam was een creatieve vondst, want een blue blot is letterlijk een blauwe inktvlek, wat mooi verwees naar hun muzikale blauwdruk van blues en soul.

Kort daarna verscheen in 1987 het debuutalbum Shopping For Love in een beperkte oplage. Blue Blot had toen al een sterke livereputatie opgebouwd met optredens op het Rhythm n Blues Festival in Peer.

De bezetting bestond destijds uit muzikanten zoals drummer Michael Schack en gitarist Marty Townsend.

Een leuk weetje over de band is dat zij destijds een unieke sound creëerden door de inzet van de toen nog relatief onbekende achtergrondzangeressen, die later zelf grote carrières zouden uitbouwen.

De vaste kern van deze getalenteerde dames bestond uit Anja Baert, Catherine Mys, Cindy Barg en Micheline Van Hautem, terwijl in de beginjaren ook presentatrice Sabine de Vos wel eens inviel.

Anja Baert kreeg naderhand grote bekendheid als soloartiest onder haar artiestennaam Chelsy.

Micheline Van Hautem maakte naam in de theaterwereld met haar veelgeprezen vertolkingen van het chansonrepertoire van Jacques Brel.

Zij kon daarbij ook rekenen op een trouwe schare bewonderaars; zo was ik destijds zelf een groot fan en trad ze ook geregeld op in mijn eigen zaak, de Hotsy Totsy in Gent.

Waar trouwens ook Luke Walter Jr. na een optreden in Gent en omgeving vaak naar de Hotsy Totsy kwam met zijn gezelschap.

De grote doorbraak volgde in 1991 met het album Bridge To Your Heart.

De door Dani Klein geproduceerde titeltrack en nummers als September en de Bill Withers-cover Who Is He (And What Is He To You)? werden grote successen.

Dani Klein, die destijds al succes oogstte met Vaya Con Dios, leverde bovendien zelf vocalen aan voor de titeltrack van die plaat.

Wist je dat het nummer ‘Bridge To Your Heart” oorspronkelijk niet eens als single gepland was, maar door de overweldigende reacties tijdens radio-interviews en liveoptredens alsnog werd uitgebracht?

Met de opvolger ‘Where Do You Go?’ kreeg de band ook voet aan de grond in het buitenland, mede dankzij radiohits zoals ‘Pretty Good’ en de Toto-cover ‘Hold The Line’.

Luke Walter Jr. stond erom bekend dat hij nummers zo intens kon brengen dat Toto-gitarist Steve Lukather destijds liet weten erg onder de indruk te zijn van hun coverversie.

Toen Luke Walter Jr. ziek werd door leukemie, kwam de band nog maar sporadisch bij elkaar.

Er werd zonder veel succes geëxperimenteerd met andere zangers, maar in 1996 bracht Luke zelf nog de soloplaat ‘Back To Normal’ uit.

Dit album was zijn muzikale testament en liet een zeer persoonlijke, breekbare kant van de zanger horen.

Na zijn overlijden zetten de overige bandleden hun carrière elders voort.

Michael Schack speelde later bij Clouseau, Angelico en Netsky, en groeide uit tot een internationaal gerespecteerde demonstrateur van elektronische drums.

Marty Townsend werd een veelgevraagd producer voor artiesten als Pop In Wonderland, Spark, John Terra, Jo Vally en Barbara Dex.

Ook speelde hij samen met Nick Beggs in de Belgische progrockband Fish On Friday.

Fish On Friday staat onder contract bij het Britse label Esoteric Recordings en heeft inmiddels zes albums op zijn naam staan, met ‘8 mm’ uit 2023 als meest recente wapenfeit.

Hun muziek wordt omschreven als een verfijnde mix van pop en progressieve rock die toegankelijk is voor een breed publiek.

Boy George mag vandaag 65 kaarsjes uitblazen.

Boy George werd op 14 juni 1961 geboren als George Alan O’Dowd in Eltham, een wijk in het zuidoosten van Londen.

Hij groeide op in een groot, levendig, maar ook turbulent arbeidersgezin van Ierse afkomst.

Zijn ouders, Jeremiah (Jerry) en Christina (Dinah) O’Dowd, hadden in totaal zes kinderen: George, zijn vier broers en een zus.

Zijn vader Jerry werkte in de bouw en stond bekend als een charismatische man die soms een moeilijk humeur had.

George heeft later in interviews en zijn autobiografie beschreven dat de sfeer thuis soms gespannen was door de driftbuien van zijn vader.

Zijn moeder Dinah werd door George omschreven als de rots in de branding die het gezin ondanks alles bij elkaar hield.

De band met zijn moeder was erg sterk, en hij bewonderde haar veerkracht enorm.

In 2026 verscheen er nog een documentaire waarin George dieper inging op deze familiegeschiedenis en de invloed van zijn Ierse wortels.

Tijdens zijn jeugd voelde George zich vaak een buitenbeentje, of zoals hij het zelf noemde, het roze schaap van de familie.

Terwijl zijn broers zich meer richtten op sport of in de voetsporen van hun vader traden in de bouw, was George gefascineerd door kunst, mode en muziek.

Hij werd sterk beïnvloed door artiesten als David Bowie en Marc Bolan van T. Rex.

Zijn vader nam hem op jonge leeftijd zelfs mee naar een concert van Bowie, wat een grote indruk op hem maakte.

Zijn opvallende verschijning leidde op school tot veel conflicten.

George begon al vroeg te experimenteren met make-up en extravagante kleding, wat er uiteindelijk toe leidde dat hij van school werd gestuurd.

Na zijn schooltijd nam hij verschillende baantjes aan om zijn passie voor mode te financieren, waaronder werk als fruitplukker en als make-upartist bij de Royal Shakespeare Company.

In de nachtelijke uren was hij een bekend gezicht in de Londense clubscene, waar hij uiteindelijk werd ontdekt en zijn weg naar de roem vond met de band Culture Club.

Gisteren nog vandaag

Boy George werd op 14 juni 1961 geboren als George Alan O’Dowd in Eltham, een wijk in het zuidoosten van Londen.

Hij groeide op in een groot, levendig, maar ook turbulent arbeidersgezin van Ierse afkomst.

Zijn ouders, Jeremiah (Jerry) en Christina (Dinah) O’Dowd, hadden in totaal zes kinderen: George, zijn vier broers en een zus.

Zijn vader Jerry werkte in de bouw en stond bekend als een charismatische man die soms een moeilijk humeur had.

George heeft later in interviews en zijn autobiografie beschreven dat de sfeer thuis soms gespannen was door de driftbuien van zijn vader.

Zijn moeder Dinah werd door George omschreven als de rots in de branding die het gezin ondanks alles bij elkaar hield.

De band met zijn moeder was erg sterk, en hij bewonderde haar veerkracht enorm.

In 2026 verscheen er nog een documentaire waarin George dieper inging op deze familiegeschiedenis en de invloed van zijn Ierse wortels.

Tijdens zijn jeugd voelde George zich vaak een buitenbeentje, of zoals hij het zelf noemde, het roze schaap van de familie.

Terwijl zijn broers zich meer richtten op sport of in de voetsporen van hun vader traden in de bouw, was George gefascineerd door kunst, mode en muziek.

Hij werd sterk beïnvloed door artiesten als David Bowie en Marc Bolan van T. Rex.

Zijn vader nam hem op jonge leeftijd zelfs mee naar een concert van Bowie, wat een grote indruk op hem maakte.

Zijn opvallende verschijning leidde op school tot veel conflicten.

George begon al vroeg te experimenteren met make-up en extravagante kleding, wat er uiteindelijk toe leidde dat hij van school werd gestuurd.

Na zijn schooltijd nam hij verschillende baantjes aan om zijn passie voor mode te financieren, waaronder werk als fruitplukker en als make-upartist bij de Royal Shakespeare Company.

In de nachtelijke uren was hij een bekend gezicht in de Londense clubscene, waar hij uiteindelijk werd ontdekt en zijn weg naar de roem vond met de band Culture Club.

Gisteren nog vandaag

Vandaag is het alweer twee jaar geleden dat Françoise Hardy, een onuitwisbare stem in de Franse popwereld, op 80-jarige leeftijd overleed na een slepende ziekte.

De Parijse, geboren op 17 januari 1944, begon haar carrière als tieneridool met dromerige, melancholische liedjes.

Ze oogstte al snel de bewondering van talloze beroemdheden; zo bekende David Bowie ooit dat hij stiekem verliefd op haar was.

Een van haar absolute tophits is ‘Comment te dire adieu’.

Dit nummer is de Franse bewerking van ‘It Hurts To Say Goodbye’, dat oorspronkelijk door Jack Gold was geschreven voor Margaret Whiting.

De gevatte Franse tekst kwam van de hand van Serge Gainsbourg.

Door de jaren heen is het lied veelvuldig gecoverd door onder meer Jim Nabors, Amanda Lear en uiteraard Jimmy Somerville.

Hardy’s privéleven werd sterk getekend door haar relatie met zanger en acteur Jacques Dutronc.

Na een jarenlange latrelatie traden ze in 1981 in het huwelijk. In haar autobiografie omschrijft ze hem als een ongrijpbare man, steevast verscholen achter een zonnebril en een wolk van sigarenrook.

Hij was bovendien zelden thuis vanwege tournees of filmopnames.

Hoewel ze officieel altijd getrouwd zijn gebleven, bouwde hij later een nieuw leven op Corsica op met actrice Sylvie Duval.

In een openhartig interview blikte de zangeres ooit terug op dit complexe huwelijk.

Ze omschreef Dutronc als een man van weinig woorden, die over haar opmerkte dat ze slim was, omdat ze kritiek altijd behendig verzachtte met een compliment.

Hun relatie vormde een enorme inspiratiebron voor haar liefdesliedjes en de ontelbare brieven die ze hem schreef.

Hoewel de romantische liefde uiteindelijk uitdoofde, bleef hij wel bij haar overnachten wanneer hij in Parijs was.

Hardy besefte naar eigen zeggen pas op latere leeftijd dat haar echtgenoot behoefte had aan een dubbelleven.

Enerzijds zette hij de vrouw van wie hij hield op een voetstuk, maar anderzijds zocht hij stiekem de spanning op in vluchtige avontuurtjes.

Achteraf was ze opgelucht dat ze dit als jonge vrouw niet volledig had beseft, omdat het haar destijds ongetwijfeld gebroken zou hebben.

Met de jaren kon ze zijn hang naar avontuur echter loslaten en accepteerde ze hem zoals hij was.

In hetzelfde interview gaf ze toe lange tijd ongelukkig te zijn geweest, wat haar juist aanzette tot schrijven.

Ze herkende daarin een zekere hang naar tragiek, aangezien ze zich simpelweg niet kon aangetrokken voelen tot een brave, stabiele man.

Hoewel ze later in haar leven emotionele rust vond, werd haar laatste levensfase getekend door zwaar fysiek lijden.

De zangeres kampte jarenlang met lymfeklier- en keelkanker.

Deze ingrijpende ziektegeschiedenis zorgde ervoor dat ze zich in haar laatste jaren nadrukkelijk begon uit te spreken voor het recht op euthanasie.

Ondanks haar roem was Hardy naar eigen zeggen een kluizenaar van nature.

Ze hield het schrijven van een autobiografie lang af met de smoes dat haar leven te saai zou zijn om over te lezen.

Ze verbleef immers het liefst ongestoord tussen haar vier muren met boeken, muziek en schrijfwerk.

Haar wereldje was klein en bestond vooral uit haar zoon Thomas Dutronc en enkele hechte vrienden.

Haar geluk vond ze in kleine, alledaagse momenten: goed eten, wandelen in het Bois de Boulogne en in alle stilte genieten van de bomen en de zonsondergang.

De natuur bood haar een meditatieve rust en een vredige manier om zich van de buitenwereld af te sluiten.

Gisteren nog vandaag

Vandaag is het precies 20 jaar geleden dat Drafi Deutscher overleed.

De Duitse zanger en componist, geboren als Drafi Richard Franz Deutscher, kende een rijke muzikale carrière vol hits en pseudoniemen.

Zo bracht hij in 1983 onder de naam Masquerade het Engelstalige nummer ‘Guardian Angel’ uit, dat hij samen met de in 2022 overleden Christopher Evans-Ironside schreef en produceerde.

Het werd een groot Europees succes met eerste plaatsen in Oostenrijk en Denemarken, een derde plek in de Vlaamse BRT Top 30 en een negende positie in de Nederlandse Top 40.

De Duitse zanger Nino de Angelo scoorde vervolgens een gigantische hit met de Duitstalige cover ‘Jenseits von Eden’, die hij later ook als ‘La valle dell’Eden’ in het Italiaans uitbracht.

In de Lage Landen behaalde deze versie eveneens de hitlijsten, met een dertiende plaats in Vlaanderen en een zeventiende plek in Nederland.

Deutscher werd geboren in het Berlijnse stadsdeel Charlottenburg. Zijn vader, de Hongaarse pianist Drafi Kálman, keerde kort na de geboorte terug naar zijn vaderland, waardoor Drafi door zijn moeder werd opgevoed en zijn vader nooit heeft gekend.

Zijn muzikale talent viel al vroeg op: op elfjarige leeftijd nam hij deel aan een talentenjacht en in 1962 richtte hij zijn eerste band op.

Een jaar later scoorde hij met ‘Teeny’ zijn eerste hit in West-Duitsland, in 1965 gevolgd door de evergreen ‘Marmor, Stein und Eisen bricht’.

Dit nummer werd in het Nederlands vertaald door Trea Dobbs als (Marmer, staal en steen vergaan(, en kreeg later zelfs een punkjasje dankzij de Heideroosjes.

Een ander opvallend nummer uit die tijd was Der Hauptmann von Köpenick uit 1967, gebaseerd op het waargebeurde verhaal van de werkzoekende schoenmaker Friedrich Wilhelm Voigt, die begin twintigste eeuw het gemeentehuis van Köpenick beroofde.

Gedurende zijn loopbaan maakte Deutscher veelvuldig gebruik van schuilnamen.

Als Mr. Walkie Talkie scoorde hij in de zomer van 1977 een tweede plaats in Vlaanderen met ‘Be my boogie woogie baby’.

Onder de meisjesnaam Renate Vaplus schreef hij in 1976 het nummer ‘Mama Leone’ voor Ruth Handel.

Hoewel die eerste versie flopte, werd het in 1978 in de uitvoering van de Italiaanse zanger Bino een enorme hit in Duitsland, Vlaanderen en Nederland.

Deutscher schreef daarnaast, samen met Jimmy Bilsbury en Joe Menke, de wereldhit Belfast voor Boney M. Bilsbury, geboren als James Robert Bilsbury, was een van de voormalige leadzangers en de songwriter van de Les Humphries Singers.

Hij kreeg destijds echter nooit het respect en de erkenning voor zijn schrijfwerk, omdat de platenmaatschappij de nadruk uitsluitend op Les Humphries wilde leggen. Bilsbury overleed in 2003 in diepe geldnood als gevolg van zijn alcoholisme.

Mede-auteur Josef Menke was een Duitse componist, producer en geluidstechnicus. Hij werd geboren op 1 april 1925 in het Duitse Greven en overleed op 6 februari 2001.

Eind jaren vijftig en begin jaren zestig schreef Menke talloze Duitse schlagers.

Hij boekte met name grote successen als producer van de band Truck Stop. Veel van zijn nummers en producties bracht hij uit onder de naam Edition Joe Menke. Later, in 1983, richtte hij samen met Harald Gutowski de uitgeverij GuM audio Media op.

Een bijzondere mijlpaal in zijn carrière vond plaats in 1964. In dat jaar richtte Menke Studio Maschen op, de allereerste particuliere geluidsstudio in Duitsland, die hij in de kelder van zijn eigen huis installeerde.

Op persoonlijk vlak was hij de echtgenoot van Karin Menke en de vader van Alexander Menke en Franziska Menke, die ook wel bekendstaat onder haar artiestennaam Frl. Menke.

In 1987 boekte Deutscher opnieuw groot succes, ditmaal als onderdeel van het duo Mixed Emotions met Oliver Simon.

Hun single ‘You want love (Maria Maria)’ bereikte de tweede plaats in Vlaanderen en werd een nummer 1-hit in Nederland.

De Duitse zanger Andreas Martin maakte hier later nog een Duitstalige versie van.

Ook voor zijn toenmalige echtgenote, schlagerzangeres Isabel Varell, schreef hij muziek.

Met de door hem gecomponeerde ‘Melodie d’amour’ werd zij in 1990 zesde tijdens de Duitse voorronde voor het Eurovisiesongfestival.

Op persoonlijk vlak was Drafi Deutscher drie keer getrouwd.

Zijn huwelijk met Isabel Varell duurde van 1989 tot 1991.

Daarvoor was hij van 1966 tot 1976 getrouwd met zijn eerste echtgenote, met wie hij in 1965 een tweeling kreeg: Drafi junior en René.

De veelzijdige zanger en componist overleed op 9 juni 2006 op zestigjarige leeftijd.

Gisteren nog vandaag