Jean Seberg: icoon van de jaren 60, doelwit van de FBI

Foto van de Amerikaanse actrice Jean Seberg met haar toekomstige tweede man, de Franse schrijver, vertaler, filmregisseur en diplomaat Romain Gary.

Had ze geen eigenwijze grootvader gehad, dan had Jean Seberg gewoon Carlson geheten.

Maar toen opa Edward in het leger ging, besloot hij dat de Nieuwe Wereld al te vol was met Carlsons.

Hij veranderde zijn familienaam in Seberg, naar de klaterende rivieren in de Zweedse bergen.

Tientallen jaren later zag Jean op 13 november 1938 het levenslicht in een klein stadje in het Amerikaanse midwesten.

De piepjonge Jean maakte haar filmdebuut in 1957, toen ze uit maar liefst 18.000 kandidates werd gekozen voor de titelrol in ‘Saint Joan’, over het leven van de controversiële Jeanne d’Arc.

Het leek wel een voorteken voor haar eigen omstreden bestaan.

De film flopte grandioos en Seberg werd door de critici genadeloos neergesabeld.

Regisseur Otto Preminger gaf haar echter een tweede kans in ‘Bonjour Tristesse’, waardoor Jean voor het eerst neerstreek in haar toekomstige tweede vaderland Frankrijk.

Op de set viel ze voor de charismatische François Moreuil en niet veel later stapte het koppel in het huwelijksbootje.

Jean woonde in Frankrijk tijdens de hoogtijdagen van de vernieuwende Nouvelle Vague en groeide al snel uit tot het gezicht van deze stroming.

Haar rol in de baanbrekende klassieker ‘À bout de souffle’, aan de zijde van Jean-Paul Belmondo, werd unaniem bejubeld.

Het was een wereld van verschil met de giftige recensies aan het begin van haar carrière.

Niet alleen haar spel, maar ook haar uitstraling maakte diepe indruk.

Met haar korte pixie cut, Bretonse streepjestruien en natuurlijke make-up was ze een verfrissing tussen de zwaar opgemaakte actrices van haar tijd.

Ze groeide uit tot een van de meest invloedrijke stijliconen van de jaren zestig.

Tegen het einde van de swinging sixties liep het huwelijk met Moreuil op zijn laatste benen en verbleef Jean steeds vaker in Hollywood.

Aan die Amerikaanse carrière kwam echter een abrupt einde toen ze op een zwarte lijst belandde.

In het paranoïde politieke klimaat van die tijd steunde Jean openlijk burgerrechtenorganisaties zoals de NAACP en doneerde ze aanzienlijke bedragen aan de Black Panther Party.

Dat alarmeerde de Amerikaanse inlichtingendiensten.

Jean werd het mikpunt van COINTELPRO, een geheim programma van de FBI gericht op het intimideren en zwartmaken van politiek actieve figuren.

Uit later vrijgegeven documenten bleek dat de FBI doelbewust valse roddels naar de pers lekte.

Zo werd beweerd dat haar ongeboren kind niet van haar echtgenoot was, maar van een kopstuk van de Black Panther Party.

De meedogenloze lastercampagne eiste een zware tol; Jean raakte getraumatiseerd en het kindje overleed kort na de vroeggeboorte.

Het huwelijk dat ze in 1972 met filmmaker Dennis Berry aanging, bracht evenmin rust.

Ze vervreemdde van hem en raakte verzeild in een destructieve relatie met Ahmed Hasni.

Gekweld door zware depressies ondernam Seberg meerdere zelfmoordpogingen.

Op 30 augustus 1979 verdween Jean spoorloos uit haar Parijse appartement.

Negen dagen later, op 8 september, trof de politie haar levenloze lichaam aan op de achterbank van haar auto, gewikkeld in een deken, niet ver van haar woning.

Naast haar lag een leeg flesje barbituraten en een afscheidsbriefje voor haar zoon met de woorden: vergeef me, ik kan niet meer leven met mijn zenuwen.

Toch rezen er meteen twijfels over de officiële conclusie van zelfmoord.

Het alcoholpercentage in haar bloed was zo hoog dat ze volgens experts comateus moet zijn geweest, waardoor het nagenoeg onmogelijk was dat ze zelf naar de auto was gelopen en was weggereden.

Of er sprake was van opzet door derden is nooit opgehelderd, waardoor haar tragische dood altijd met vraagtekens omgeven zal blijven.

Jean Seberg ligt begraven op het kerkhof van Montparnasse in Parijs.

Gisteren nog vandaag

Geef een reactie