De witte jurk van Marilyn Monroe en de verspreiding van de legendarische collectie van Debbie Reynolds.

Het beeld van Marilyn Monroe in haar witte jurk is onlosmakelijk verbonden met de filmgeschiedenis, mede dankzij het ontwerp van William Travilla voor de productie The Seven Year Itch uit 1955.

De bewuste scène bij het metrostation, waar de luchtstroom uit het ventilatierooster de rok doet opwaaien, groeide uit tot een universeel symbool van Hollywood-glamour.

Interessant is dat de iconische pose waarbij zij de jurk met beide handen omlaag drukt, eigenlijk niet exact zo in de uiteindelijke film voorkomt.

Dat specifieke beeld is vooral gebaseerd op de talloze persfoto’s die werden gemaakt tijdens de eerste opnames in de straten van Manhattan.

Omdat de enorme menigte fans en fotografen destijds voor te veel rumoer zorgde, moest de scène later in de gecontroleerde omgeving van een filmset opnieuw worden opgenomen.

De culturele waarde van dit kledingstuk werd in juni 2011 nogmaals bevestigd toen de jurk tijdens een veiling voor een recordbedrag van 5,6 miljoen dollar van eigenaar wisselde.

Sinds die bewuste veiling is de exacte verblijfplaats van de jurk niet meer publiekelijk bekendgemaakt.

Het kledingstuk werd door actrice en verzamelaar Debbie Reynolds verkocht aan een anonieme bieder die telefonisch deelnam, waardoor de jurk nu deel uitmaakt van een private collectie.

Hoewel er vaak verwarring ontstaat met de nauwsluitende, met kristallen bezette jurk die Monroe droeg tijdens haar legendarische verjaardagsserenade voor president Kennedy, is dat een ander stuk.

Die bewuste jurk is wel in publieke handen; deze werd in 2016 gekocht door de museumketen Ripley’s Believe It or Not!.

De opwaaiende witte jurk van Travilla blijft echter verborgen voor het grote publiek.

De veiling in 2011 markeerde het einde van de droom van Debbie Reynolds om een officieel Hollywood-museum op te richten.

Doordat de financiering hiervoor nooit rondkwam, raakte haar unieke collectie definitief verspreid.

Zo werden de zeldzame Arabian test-schoenen van Dorothy uit The Wizard of Oz verkocht, terwijl een ander paar uit de film via een schenking door onder andere Leonardo DiCaprio en Steven Spielberg terechtkwam in het Academy Museum of Motion Pictures.

Ook de beroemde Ascot-jurk van Audrey Hepburn uit My Fair Lady bracht miljoenen op en verdween, net als de jurk van Monroe, in een anonieme privécollectie.

Zelfs de garderobe van Gene Kelly uit Singin’ in the Rain werd opgesplitst, waarbij bijpassende kostuums door verschillende bieders werden gekocht.

Hoewel veel van deze stukken nu achter gesloten deuren worden bewaard, blijft de herinnering aan de scène op het metrostation een van de meest krachtige beelden uit de westerse cultuur.

40 jaar geleden, Steve Jobs, 30 jaar oud, 12 miljard rijk en plots werkloos.

Steve Jobs, de geadopteerde zoon van een Syrische immigrant en een Amerikaanse vrouw, groeide uit tot een van de invloedrijkste figuren in de moderne technologie.

Samen met Steve Wozniak richtte hij Apple op in de garage van zijn ouders.

Terwijl Wozniak de techneut was, blonk Jobs uit als de visionaire verkoper die hun creaties aan de wereld kon presenteren.

Hun eerste grote succes, de Apple II, was een van de eerste personal computers die technologie toegankelijk maakte voor de gewone man.

De echte revolutie volgde in 1984 met de Macintosh, die met zijn grafische interface en de muis de standaard zette voor hoe we computers vandaag de dag nog steeds gebruiken.

Na in 1985 uit Apple te zijn gezet, bewees Jobs zijn veerkracht.

Hij kocht Pixar dat hij uitbouwde tot een revolutionaire

animatiestudio, en richtte het computerbedrijf NeXT op.

In 1997 keerde hij terug als CEO bij een zwaar noodlijdend Apple en zorgde hij voor een spectaculaire ommekeer.

Onder zijn leiding lanceerde Apple een reeks iconische producten die hele industrieën op hun kop zetten.

De iPod en iTunes veranderden de muziekwereld, de iPhone definieerde de moderne smartphone en de iPad creëerde de tabletmarkt.

De kern van Jobs’ succes was niet dat hij de technologie zelf uitvond, maar dat hij een uniek instinct had om die technologie te vertalen naar prachtig ontworpen, gebruiksvriendelijke producten die consumenten fantastisch vonden.

Na een lange strijd tegen kanker overleed hij in 2011