

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek


Daphné De Temmerman is vanaf 2019 zaakvoerster van de wijn- en cocktailbar Le Chic in Astene.
Wie binnenstapt, ziet knusse zetels met tijgerprint, een pikzwarte bar en overal prachtige kunstwerken aan de muur.
Niet de zoveelste cocktailbar, maar hier is over nagedacht.
Het getuigt ook van durf, want dergelijk interieur op de Chaussée d’Amour doet al gauw denken aan een bordeel.
Wat het dus niet is.“De passie voor ondernemen en horeca zit bij onze familie in het bloed”, zegt Daphné. “Mijn grootouders hadden een kunstgalerij en een gastronomisch restaurant en mijn ouders baatten vroeger Italiaanse restaurants uit in Oudenaarde en Ronse.
Mijn nichtje Violaine runt samen met haar man Pieter het nieuwe restaurant Bachtekerke, hier niet zover vandaan.
Le Chic is mijn eerste eigen zaak en ik ben bijna drie jaar bezig geweest met deze villa om te bouwen tot een loungebar.
De stijl waar ik voor ben gegaan is baroque boudoir uit de jaren 50, maar met een speelse, moderne touch.
Ik haalde ook inspiratie uit Oosterse steden zoals Marrakesh of Dubai. De naam Le Chic is toevallig ontstaan toen enkele vriendinnen een kijkje kwamen nemen tijdens de verbouwingen.
Ze vonden het hier wel ‘chic’. Vond ik leuk klinken en dus heb ik de zaak Le Chic gedoopt.”(Diverse bronnen en krantenartikel van Anthony Statius uit het Laatste Nieuws)


K 13, dat zijn Dirk Van Gansbeke, Fons Sijmons, Patrick Riguelle en Tom Thienpont

In 1955 deed de Amerikaanse president Eisenhower het voorstel om een nucleair aangedreven vracht- en passagiersschip te bouwen. In 1956 ging het Congres akkoord met de bouw van NS Savannah (N van Nuclear).
Het schip werd ontworpen bij George G. Sharp, Incorporated en gebouwd op de New York Shipbuilding Corporation te Camden, New Jersey en ging op 23 maart 1962 te water.
Het schip was bedoeld als promotie voor Eisenhowers Atoms for Peace-project.De Savannah was bedoeld als een demonstratie van de technische mogelijkheid van nucleaire aandrijving voor koopvaardijschepen en was niet bedoeld om commercieel te kunnen opereren.
Het schip was 182 meter lang en kon 60 passagiers en 8500 ton lading vervoeren.Het schip had negen waterdichte compartimenten.
Hiervan waren er zeven bestemd voor lading, een voor de reactor en een voor de stoomturbines en de verdere apparatuur voor de aandrijving van het schip.
Voor het laden en lossen beschikte het schip over eigen laadgerei.
De reactor lag direct voor de brug. Het deel voor de passagiers lag boven de laatste twee compartimenten om het laden en lossen niet te hinderen.
De Savannah kreeg een vergelijkbare drukwaterreactor die eerder op de USS Nautilus was geplaatst.
De reactor had een primaire waterkring die direct werd verhit door de reactor en een secundaire waterkring. Het water van de secundaire kring werd verhit door het water van de primaire kring met stoom tot gevolg.
De stoom dreef de turbines aan, werd vervolgens afgekoeld tot vloeistof en de cyclus herhaalde zich. De reactor was klein, het had een cilindervorm en een diameter van 1,55 meter en een hoogte van 1,68 meter.
In het vat zaten 32 staven met brandstof bestaande uit 4,2-4,6% uranium-235. Verder waren er 21 regelstaven waarmee de energieproductie van de reactor werd geregeld.
In geval van een paniek was een scram (noodstop) binnen 1,6 seconde uit te voeren.

Over het hele schip waren 32 meters geplaatst om de straling te meten.
De Savannah was bedoeld als een demonstratie van de technische mogelijkheid van nucleaire aandrijving voor koopvaardijschepen en was niet bedoeld om commercieel te kunnen opereren.
Het schip was 182 meter lang en kon 60 passagiers en 8500 ton lading vervoeren.
Het uiterlijk van het schip deed meer denken aan een jacht dan aan een koopvaarder. De vorm van het voorschip bleek daardoor problematisch bij het laden en lossen van lading.
De bemanning bedroeg 124 koppen en was 30% groter dan bij een conventioneel schip.

Het schip bracht een bezoek aan Antwerpen op 6 oktober 1964 en in datzelfde jaar deed de Savannah ook de haven van Rotterdam aan en was het schip enige tijd toegankelijk voor bezichtiging door het publiek, zoals ook in Antwerpen.

Omdat het schip per jaar 2 miljoen dollar meer in exploitatie kostte dan een soortgelijk conventioneel schip werd het in 1972 uit de vaart genomen.
Gedurende de daarna volgende energiecrisis zou het verschil in exploitatiekosten minder ongunstig zijn geweest.
Van 1981 tot 1994 lag de Savannah ter bezichtiging in South Carolina.
Daarna werd de reactor uit het schip verwijderd en onderging het een opknapbeurt. Het schip is aangewezen als National Historic Landmark.
Het is buiten gebruik gesteld en ontsmet (DDR, van Decommissioning, Decontamination and Radiological).
Het schip ligt nu in Baltimore en is als museumschip opengesteld voor het publiek. (Diverse bronnen,Ons Land december 1961, foto’s Felixarchief en Beets Luc en Wikipedia)









De zoektocht naar het verdwenen paneel van de Rechtvaardige Rechters heeft zich in 1978 toegespitst op het huis van de zussen Coupé in de Komijnstraat.
Guido Van de Voorde van het KIK (Koninklijk Instituut voor het Kunstpatrimonium) en zijn toenmalige directeur Marijnissen hebben dat huis grondig onderzocht in 1986.




Het stuk was geschreven door de Belgische schrijver José-André Lacour. De vertaling was van Koen De Ruyter.

De regie was in handen van Robert Maes en de toneelmeester van dienst was Donald Harnie.
Regie-assistent Jo De Meyere.

Met onder meer Greta Van Langendonck, Eddy Asselbergs, Albert Hanssens, Piet Bergers, Ugo Prinsen, Eric Raes, Leen Percyn, Lia Lee, Blanka Heirman, Jo Delvaux, Greta Verniers en Jan Gheysens.

Toeval kan soms vreemd zijn, toen Guido gestorven was bracht Motte, Hugo Claus, Hugo Van den Berghe en andere vrienden een bezoek aan het foyer van het Ntg 2 (Minnemeers) waar ik toen werkte als foyerverantwoordelijke.
Toen nooit gedacht dat ik de opvolger zou worden van Guido en Motte zou samen werken met mij.
Guido is vooral bekend als uitbater van de ‘Hotsy Totsy Jazz Club’ in Gent.
Het verhaal van de Hotsy Totsy start in 1973, het jaar waarin zijn jongste broer Johan Claus (1938-2009) het pand, op dat moment een winkel van Duizend Vuren, gelegen op de hoek van de Hoogstraat met de Oude Houtlei, inricht en decoreert met voor ogen de gelijknamige ‘Hotsy Totsy Club’ van Al Capone uit het Chicago van de jaren dertig.
In datzelfde jaar nog laat hij de exploitatie over aan broer Guido die er zijn levenswerk van maakt.
Het unieke interieur, de gezelligheid en de persoonlijkheden van Guido en levensgezellin Motte geven het artiestencafé een renommé tot ver buiten de grenzen.
Ook broer Hugo Claus en vele anderen, zijn er graag geziene gasten, die er geregeld een kaartje komen leggen.
Van Hugo Claus hangt buiten aan de zijmuur van de Oude Houtlei trouwens een lofgedicht op Guido Claus en op de ‘Hotsy Totsy’, genaamd ‘
Achter deze gevel hier’.De ‘Hotsy Totsy’ is als authentiek Gentse artiestencafé ruim 30 jaar een begrip in Gent en is nog steeds een pleisterplaats voor iedereen die geïnteresseerd is in kunst en cultuur.
Op 17 maart 1983, stelde Hugo Claus in de club zijn lang verbeide magnum opus Het verdriet van België voor aan pers en publiek, maar ook Miek & Roel stelden er ooit één van hun elpees voor. Laura Gemser, vooral bekend als “Black Emmanuelle”, bracht er een bezoek, net op het moment dat de blanke Emmanuelle (Sylvia Kristel dus) er ook was, samen met haar toenmalige minnaar Hugo Claus.
Van 1986 tot 1991 vormde Guido Claus met Jan Albert De Bruyne (alias ‘Prof. Arnoldus Goedbier’) het muzikaal straattheater-duo ‘Twee Wezen’, speelde hij in de toneelbewerking van “Lijmen & Het been” (naar Willem Elsschot) in het NTG (september 1986) en vertolkte tevens een tiental rolletjes in films, onder meer in: ‘De Loteling’ (1973), ‘Vrijdag’ (1981) en ‘Hector’ (1987).
Vandaag op 9 november 1991 overleed Guido Claus plotseling.
Motte heeft daarna nog met Patrick De Grave als de nieuwe patron de zaak gerund en met succes, tot ze ging werken voor de mensen van de Geus van Gent.
Patrick De Grave heeft de zaak verder geleid tot 2007 en sindsdien laat hij de zaak runnen door Lara Haeck.(Diverse bronnen, Ronny De Schepper en Wikipedia)












Op een dag belde de zakelijke directeur Vercauteren van het Ntg naar mij met de mededeling dat Sam Bogaerts een gesprek met mij wou.
Toen we samen in gesprek gingen vertelde hij mij zijn plannen met het Ntg
Daarna vroeg hij mij of ik zijn plannen kon begrijpen en hij kon rekenen op mijn samenwerking.
Natuurlijk kon hij op mij rekenen, want theater is inderdaad zoveel meer dan het podium en de toneelspelers.
Ik zal nooit vergeten hoe hij van de Minnemeers het salon maakte, een kweekvijver van jonge mensen met passie voor toneel.Waardoor het horecagedeelte ook plotseling deel uitmaakte van de zaal.
Ik denk ook met weemoed terug naar de producties Mario, ga eens open doen er werd gebeld, geschreven door Kamgurka. (heb nog altijd het kussentje uit die productie), De dienstlift, Wachten op Godot en Onder de torens.
Voor die laatste productie, vroeg hij mij, wetende dat ik bijna alles heb van Frank Sintatra of ik ook het nummer Dry Your Eyes kende en of ik ook de cover had van Frank Sinatra.
Natuurlijk had ik die versie en bezorgde hem dan ook spontaan en met trots die cover.
Deze versie zal dan ook gebruikt worden voor deze productie.Zoveel jaren later kwam ik hem tegen op de boekenmarkt in Gent.
Hij was op de hoogte dat ik één van de oprichters was van deze boekenmarkt.
Met een knipoog zei hij, dat hij niets minder had verwacht van mij.


