Vandaag precies vijfenvijftig jaar geleden, ontsnapte Radio Noordzee Internationaal aan een ramp, toen Radio Veronica probeerde het station definitief uit te schakelen met een bom.

Veronica zag in RNI een geduchte concurrent en had de eigenaren Meister en Bollier eerder al een aanzienlijk bedrag geboden om te stoppen met hun uitzendingen, vooral met de Nederlandstalige programmering.

Toen dat niet hielp, escaleerde het conflict.

Op zaterdag 15 mei 1971 ontplofte er een brandbom aan boord van het zendschip de Mebo II.

Hoewel het de bedoeling was om de olieleiding in de machinekamer te raken, werd de waterleiding getroffen.

Gisteren nog vandaag

Er ontstond een felle brand op het achterschip. Dj Alan West was op dat moment live in de lucht met een Engelstalig programma en draaide net de plaat Melting Pot van Blue Mink toen de explosie hem opschrikte.

Terwijl hij poolshoogte ging nemen, zag hij nog net een kleine motorboot wegvaren.

In paniek keerde hij terug naar de studio om een dringende noodoproep uit te zenden, waarbij hij herhaaldelijk Mayday en SOS riep. Later herhaalde de Nederlandse kapitein deze roep om hulp.

Dankzij de snelle inzet van blusboten was de brand vlot onder controle.

Hoewel het station tijdelijk uit de lucht ging, vielen er gelukkig geen gewonden.

Gisteren nog vandaag

De schade bleef relatief beperkt tot een afgebrand achterdek en het bovenste deel van de kombuis, waardoor de zender de volgende dag alweer operationeel was.

Aanvankelijk circuleerden er geruchten in de pers dat de BVD achter de aanslag zat.

Men vermoedde dat de eigenaren banden hadden met de DDR of Libië en de kortegolfzender gebruikten voor spionage.

De waarheid was echter anders: drie opgepakte duikers bekenden dat zij door Radio Veronica waren betaald met een bedrag van 100.000 gulden.

Gisteren nog vandaag

Foto: Tom V.D.L één van de duikers die de aanslag uitvoerde

Het doel was om de Mebo II naar de kust te dwingen, zodat er beslag op het schip gelegd kon worden vanwege een vermeende contractbreuk.

De aanslag pakte voor Veronica volledig verkeerd uit.

Radio Noordzee kreeg massale sympathie van het publiek en de populariteit van het station nam enorm toe.

Tegelijkertijd was dit incident voor de Nederlandse overheid de druppel om definitief wetgeving tegen zeezenders in te voeren.

De betrokkenen, waaronder de duikers, aandeelhouder Norbert Jürgens en Bull Verweij van de directie van Veronica, werden uiteindelijk veroordeeld tot gevangenisstraffen

Vandaag dertig jaar geleden onthulde historicus Rein Bijkerk een opmerkelijk hoofdstuk uit de Nederlandse geschiedenis: in 1919, vlak na de Eerste Wereldoorlog, stond Nederland op het punt om België binnen te vallen.

De legertop trof destijds vergaande voorbereidingen voor een militaire operatie, een plan waar ook minister van Oorlog Alting von Geusau volledig van op de hoogte was.

De aanleiding voor deze agressieve houding lag in de enorme spanningen tussen de buurlanden na de Grote Oorlog.

België wilde de eigen grenzen beter kunnen verdedigen en claimde daarom Zeeuws-Vlaanderen, om de controle over de Schelde te verkrijgen, en delen van Limburg voor een betere bewaking van de Duitse grens.

Zowel de Nederlandse legerleiding als de minister hielden serieus rekening met een Belgische annexatie.

Om de zuiderburen voor te zijn en te voorkomen dat de geallieerden de Belgische eisen zouden steunen in het Verdrag van Versailles, broedde de legertop op een preventieve bliksemactie.

Volgens Bijkerk, die zich baseert op correspondentie uit geheime defensiearchieven, wilde de militaire top drie van de vier Nederlandse legerdivisies in Noord-Brabant samentrekken.

Van daaruit moest een aanval worden ingezet op het Belgische hart, met Antwerpen en Brussel als hoofddoelen.

Een cruciaal bewijsstuk is een memorandum van 16 september 1919 van generaal Burger aan de waarnemend opperbevelhebber, generaal Pop.

Burger stelde hierin onomwonden dat het leger niet gedemobiliseerd mocht worden, maar de volle aandacht op het zuiden moest richten om België met maximale kracht en snelheid een slag toe te brengen.

Pop reageerde enkele dagen later instemmend op dit aanvalsplan.

Uit aantekeningen in de kantlijn van deze documenten blijkt dat diverse defensieafdelingen nauw betrokken waren bij de invasieplannen.

Er lagen zelfs al gedetailleerde schema’s klaar voor de inzet van de cavalerie en wielrijders; alleen de exacte marsroutes moesten nog worden ingevuld.

Dat minister Alting von Geusau de plannen steunde, bleek onder meer uit zijn strijdbare taal in de Tweede Kamer, waar hij verklaarde dat Nederland zich niet als een schaap van de vacht zou laten ontdoen.

Ondertussen probeerde de Belgische politicus Hymans de geallieerde grootmachten te overtuigen van de Belgische eisen.

Aanvankelijk leek hij succes te boeken toen er een commissie werd opgericht om de grensherzieningen te onderzoeken.

De diplomatieke strijd tussen België en Nederland ontaardde echter in een bittere ruzie, waarna de grote mogendheden in juni 1919 ingrepen.

Er kwam een nieuwe commissie die de oude verdragen mocht herzien, maar met één harde voorwaarde: van gebiedsuitbreiding kon geen sprake meer zijn.

Hoewel België op diplomatiek vlak verloor, bleven de spanningen aanhouden.

De Belgen probeerden alsnog invloed te krijgen op de militaire verdediging van de Maas en de Schelde en droomden zelfs van een volksraadpleging in de betwiste gebieden.

Uiteindelijk kwam het nooit tot een gewapende confrontatie, vooral omdat Engeland en Frankrijk zich openlijk tegen de Belgische territoriale claims keerden.

België moest uiteindelijk genoegen nemen met Eupen-Malmedy en een protectoraat in Afrika, terwijl de Nederlandse aanvalsplannen definitief in de archiefkast verdwenen (Diverse bronnen, Trouw, persconferentie 14 april 1996)

Van burgerlijke trots naar koninklijke eenheid: Govert Flinck en de wording van Nederland.

Govert Flinck was een van de meest getalenteerde leerlingen van Rembrandt en ontwikkelde zich tot een van de meest gevierde portretschilders van de Nederlandse Gouden Eeuw.

Hoewel hij aanvankelijk de dramatische stijl en het donkere kleurgebruik van zijn leermeester nauwgezet overnam, verschoof zijn werk later naar een lichtere en meer elegante stijl die beter aansloot bij de veranderende smaak van de elite.

Hij werd een favoriet van de regenten en kreeg prestigieuze opdrachten binnen de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, een uniek politiek verschijnsel in het zeventiende-eeuwse Europa.

Deze republiek kende geen centraal gezag van een koning, maar werd bestuurd als een confederatie van zelfstandige gewesten, waarbij de werkelijke macht vaak lag bij de rijke handelssteden en de regenten.

De bloei in de wetenschap en de kunsten werd gefinancierd door de enorme rijkdom die de handelscompagnieën binnenbrachten, waardoor een burgerlijke cultuur ontstond waarin succesvolle kooplieden de belangrijkste opdrachtgevers werden.

In deze context van burgerlijke trots en economische macht vervaardigde Flinck in 1645 het imposante werk Officieren van het schuttersgilde.

Op dit doek zien we de compagnie van kapitein Joan Huydecoper en luitenant Frans van Waveren, die in een levendige en informele setting zijn afgebeeld.

In plaats van een stijve rij vormt de groep van twaalf schutters een dynamisch geheel; sommigen staan op de voorgrond, terwijl anderen op een verhoging achter een balustrade zijn geplaatst, wat het schilderij een grote dieptewerking geeft.

Flinck wist de waardigheid van deze mannen perfect te vangen door hen af te beelden als zelfverzekerde burgers in hun meest kostbare kleding.

De verfijnde weergave van glanzend satijn en fijn kant onderstreept de rijkdom die door de wereldwijde handel was binnengebracht.

Het werk fungeert als een visueel manifest van de macht en onafhankelijkheid van de Amsterdamse burgerij in de jaren rond de Vrede van Münster.

Dit verdrag, dat in 1648 werd getekend, maakte officieel een einde aan de Tachtigjarige Oorlog en zorgde ervoor dat de Republiek eindelijk als soevereine staat werd erkend door de internationale gemeenschap.

Na deze bloeiperiode van de Republiek volgde aan het einde van de achttiende eeuw een periode van grote politieke instabiliteit en buitenlandse overheersing.

In 1795 werd de oude Republiek omvergeworpen door patriotten met steun van Franse troepen, waarna de Bataafse Republiek ontstond.

De definitieve overgang naar een koningschap begon toen Napoleon Bonaparte in 1806 zijn broer, Lodewijk Napoleon, benoemde tot koning van het Koninkrijk Holland.

Lodewijk regeerde echter alleen over het noordelijke deel, terwijl de zuidelijke Nederlanden, het huidige België, in deze periode als departementen rechtstreeks deel uitmaakten van het Franse Keizerrijk van Napoleon zelf.

Pas na de nederlaag van Napoleon in 1813 ontstond de behoefte aan een sterke centrale staat om toekomstige agressie te voorkomen en de rust te herstellen.

Tijdens het Congres van Wenen in 1815 werd besloten tot de vorming van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, een machtige bufferstaat tegen Frankrijk.

Hierbij werden het noorden en het zuiden voor het eerst verenigd onder koning Willem I, de zoon van de laatste stadhouder.

Deze nieuwe monarchie moest de versnipperde macht van de oude republiek vervangen door een moderne centrale eenheid.

Hoewel deze vereniging bedoeld was als een economisch blok waarbij de zuidelijke industrie en de noordelijke handel elkaar zouden versterken, bleek de samenwerking moeizaam.

Grote verschillen in religie, taal en politiek beleid leidden in 1830 tot de Belgische Revolutie, waarna België zich afscheidde en als onafhankelijk koninkrijk verderging.

Vandaag, 90 jaar geleden, de vliegtuigramp met de Uiver en daarmee een van de eerste grote vliegtuigrampen in de geschiedenis van de Nederlandse luchtvaart (20 december 1934)

De Uiver, een Douglas DC-2 vliegtuig van de KLM, was op weg van Amsterdam naar Batavia (het huidige Jakarta) voor een speciale Kerstvlucht.

Aan boord waren 350 kilogram post, drie passagiers en vier bemanningsleden.

Van de 350 kg post aan boord, is 145 kg verbrand.

De rest is later alsnog bezorgd, vaak met zichtbare sporen van het ongeluk. Deze poststukken zijn nu zeer gewild bij verzamelaars.

Na een tussenstop in Caïro, vloog de Uiver richting Bagdad.

Door hevig noodweer en slecht zicht, verongelukte het toestel in de Syrische woestijn bij Rutbah Wells (Irak).

Helaas kwamen toen alle zeven inzittenden om het leven:

Gezagvoerder Koene Dirk Parmentier (Parmentier was een nationale held in Nederland omdat hij een jaar eerder in 1933 de race Londen-Melbourne gewonnen had met de Uiver)

Copiloot Jan J. Moll

Marconist Cornelis van Brugge

Boordwerktuigkundige Bouwe Prins

En drie passagiers, namelijk H. van der Hoop, Frits Sollewijn Gelpke en Hans van Eek.

De precieze toedracht van het ongeluk is nooit volledig opgehelderd. Men vermoedt dat een combinatie van factoren een rol speelde:

Er was sprake van zware regenval, storm en onweer in het gebied, daardoor was het zicht zeer beperkt.

Mogelijk had de bemanning moeite om de juiste koers te bepalen in de storm en sommige theorieën suggereren dat er ook een technisch probleem met het vliegtuig was.

In Rutbah Wells is een monument opgericht ter nagedachtenis aan de slachtoffers (De Stad van 4 januari 1935, diverse bronnen en Wikipedia)

Kan een afbeelding zijn van 5 mensen, helikopter en tekst

Vandaag 20 jaar geleden, Juliana Louise Emma Marie Wilhelmina, Prinses der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, hertogin van Mecklenburg, Prinses van Lippe-Biesterfeld is overleden.

Koningin Juliana overlijdt, een half jaar vóór Bernhard op 20 maart 2004 op 94-jarige leeftijd.

Opmerkelijk is dat ze op de dag af, exact 70 jaar na haar grootmoeder, koningin-regentes Emma overlijdt.

Op 30 maart wordt ze bijgezet in de grafkelder van Oranje-Nassau in de Nieuwe Kerk in Delft. 

90 jaar geleden, sfeerfoto’s van het verdronken land van Saaftinge (Ons Volk 28 januari 1934)

Het verdronken land van Saaftinge had een rijke geschiedenis.

Het gebied werd al bewoond sinds de prehistorie, toen het nog een veenlandschap was. In de 13e eeuw liet de graaf van Vlaanderen er een kasteel bouwen en werd het gebied ingepolderd door monniken.

Er lagen vier dorpen en enkele gehuchten, waar mensen leefden van landbouw en turfsteken.

Het gebied was een aparte heerlijkheid, die soms betrokken raakte bij conflicten tussen Vlaanderen en Holland.

In 1570 werd het gebied getroffen door de Allerheiligenvloed, die grote delen onder water zette.

Vier jaar later, tijdens de Tachtigjarige Oorlog, staken Nederlandse soldaten de laatste intacte dijken door om de Spanjaarden te hinderen.

Zo verdween het land van Saaftinge voorgoed onder water.

Alleen enkele restanten van huizen, kerken en forten bleven soms zichtbaar bij laagwater.

Vandaag de dag is het verdronken land van Saaftinge een natuurgebied, dat wordt beheerd door stichting Het Zeeuwse Landschap.

Het gebied is een belangrijk leefgebied voor vogels, vissen en planten.

Het is ook een beschermd gebied onder de Conventie van Ramsar en een Important Bird Area.

Het gebied is alleen toegankelijk onder begeleiding van een gids, die meer kan vertellen over de geschiedenis en de natuur van deze bijzondere streek.

Het verdronken land van Saaftinge was een gebied op de grens van België en Nederland, dat in de middeleeuwen werd bedijkt en bewoond.

Het bestond uit vier dorpen, een slot en verschillende gehuchten.

Door overstromingen, oorlogen en dijkdoorbraken raakte het gebied steeds meer onder water.

De laatste resten verdwenen in 1584, toen de Nederlandse soldaten de dijken doorknipten om de Spanjaarden tegen te houden.

Nu is het verdronken land van Saaftinge een groot schorrengebied dat beschermd wordt als natuurgebied en belangrijk is voor vogels en planten.

Vandaag 90 jaar geleden, de Nederlandse arbeider en communist Marinus van der Lubbe onthoofd in Duitsland (10 januari 1934)

Van der Lubbe werd geboren in 1909 in Leiden, als zoon van een metselaar.

Hij verloor zijn vader op jonge leeftijd en moest al vroeg gaan werken om zijn moeder en broers te ondersteunen.

Hij raakte betrokken bij de socialistische beweging en werd lid van de Communistische Partij van Nederland.

Hij nam deel aan stakingen en demonstraties en raakte gewond bij een confrontatie met de politie.

Hij verloor ook zijn linkeroog bij een ongeluk op het werk.

In 1931 reisde hij naar Duitsland, waar hij getuige was van de opkomst van het nazisme en de vervolging van de communisten en andere tegenstanders.

Hij sloot zich aan bij verschillende antifascistische groepen en nam deel aan illegale acties.

Hij werd meerdere keren gearresteerd en mishandeld door de nazi’s.

Hij raakte gefrustreerd door het gebrek aan effectieve weerstand tegen Hitler en besloot om een individuele daad van protest te plegen.

Op 27 februari 1933 sloop hij het Rijksdaggebouw binnen en stak verschillende gordijnen in brand.

Hij werd snel overmeesterd door de bewakers en bekende zijn daad.

Hij beweerde dat hij alleen had gehandeld, uit haat tegen het nazisme.

De nazi’s grepen echter de kans om een groot complot te fabriceren en beschuldigden de communisten, de sociaaldemocraten en andere tegenstanders van betrokkenheid bij de brand.

Ze gebruikten de brand als voorwendsel om een noodtoestand af te kondigen en duizenden mensen te arresteren, te martelen en te doden.

Van der Lubbe werd berecht voor hoogverraad, samen met vier andere verdachten: Ernst Torgler, een Duitse communistische leider, en drie Bulgaarse communisten: Georgi Dimitrov, Vasil Tanev en Blagoi Popov.

Het proces was een schijnvertoning, waarbij de nazi’s probeerden om Van der Lubbe als een marionet van de communisten af te schilderen, terwijl de andere verdachten hun onschuld volhielden en zich fel verdedigden.

Dimitrov maakte vooral indruk met zijn moedige weerwoord tegen Hitler, die persoonlijk het proces bijwoonde.

De rechtbank sprak uiteindelijk alle verdachten vrij, behalve Van der Lubbe, die schuldig werd bevonden en ter dood werd veroordeeld.

Hij werd onthoofd op 10 januari 1934, ondanks internationale protesten en verzoeken om gratie.

De doodstraf voor Marinus van der Lubbe leidde tot een opmerkelijke actie van de VARA op die dag.

De omroep liet drie minuten lang niets horen op de radio, als een stil protest tegen het vonnis.

De regering was woedend en nam wraak door de VARA een dag lang van de ether te halen.

Zijn lichaam werd gecremeerd en zijn as werd verstrooid boven de Noordzee.

Na zijn dood bleef Van der Lubbe een controversiële figuur.

Sommigen beschouwden hem als een martelaar voor de antifascistische zaak, anderen als een dwaas of een verrader die de nazi’s hielp om aan de macht te komen.

In 1967 werd hij postuum gerehabiliteerd door een West-Duitse rechtbank, die oordeelde dat zijn executie onrechtmatig was geweest.

In 2008 werd hij ook officieel vrijgesproken van alle beschuldigingen door een Duitse federale rechtbank, op grond van een wet die alle nazioorlogsmisdaden nietig verklaarde.

75 jaar geleden, sfeerbeelden van het feest Sunneklaas in Ameland, in Nederland.

Sunneklaas is een uniek en mysterieus feest dat alleen op Ameland wordt gevierd.

Het feest duurt twee dagen en heeft twee varianten: een voor kinderen en een voor volwassenen.

Op 4 december trekken de Kleine Sunneklazen, jongens tussen de 12 en 17 jaar, in witte gewaden met knuppels en koeienhorens door de straten.

Zij maken lawaai en jagen de mensen schrik aan.

Op 5 december zijn de volwassen mannen aan de beurt.

Zij verkleden zich in allerlei kostuums en maskers en proberen onherkenbaar te blijven.

Zij worden voorafgegaan door de streetfegers of baanvegers, die met koehoorns en kettingen de straten vrijmaken voor de Sunderklazen.

Vrouwen en minderjarigen moeten binnenblijven in open huizen, tenzij ze worden begeleid door een volwassen man.

Als zij worden betrapt op straat, worden ze achtervolgd of teruggebracht.

Alle lichten op het eiland gaan uit, zelfs die van de vuurtoren.

Er wordt muziek gemaakt en toneel gespeeld. Later op de avond wordt er feest gevierd in de open huizen, waar iedereen welkom is.

Sunneklaas is een traditie die de Amelanders graag voor zichzelf houden.

Op andere waddeneilanden is het feest veranderd in een soort carnaval.

Dat willen de Amelanders voorkomen.

In Hollum en Ballum zijn toeristen niet welkom en zijn de meeste horecagelegenheden gesloten tijdens het feest.

Het is een feest dat de Amelanders onder elkaar willen houden, zonder inmenging van buitenaf.

Daarom wordt er weinig over het feest naar buiten gebracht en worden journalisten en andere nieuwsgierigen niet welkom geheten.

Het feest heeft een lange geschiedenis en een sterke culturele betekenis voor de eilanders.

Er zijn echter ook incidenten geweest waarbij journalisten werden lastiggevallen, bedreigd of zelfs aangevallen door sommige eilanders die het feest wilden beschermen.

Dit heeft geleid tot negatieve publiciteit en kritiek op het feest en de Amelandse autoriteiten (foto’s Le Soir Illustré 30 december 1948)

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

Vandaag 60 jaar geleden sfeerbeelden zilver huwelijk van Juliana der Nederlanden en prins Bernhard van Lippe-Biesterfeld

60 jaar geleden sfeerbeelden zilver huwelijk van Juliana der Nederlanden en prins Bernhard van Lippe-Biesterfeld

60 jaar geleden sfeerbeelden zilver huwelijk van Juliana der Nederlanden en prins Bernhard van Lippe-Biesterfeld

60 jaar geleden sfeerbeelden zilver huwelijk van Juliana der Nederlanden en prins Bernhard van Lippe-Biesterfeld

60 jaar geleden sfeerbeelden zilver huwelijk van Juliana der Nederlanden en prins Bernhard van Lippe-Biesterfeld

Dorothy Stratten, de dood kwam voor de roem

Stratten heette oorspronkelijk Hoogstraten.

Haar ouders, Simon en Nelly Hoogstraten, waren in 1954 in Nederland getrouwd en emigreerden vervolgens naar Canada.

Ze liet haar achternaam veranderen naar Stratten en trouwde in juni 1979 met haar vriend Paul Snider.

Nadat Snider naaktfoto’s van haar naar de Amerikaanse Playboy stuurde, nodigde het blad haar uit om voor een fotosessie naar Los Angeles te komen.

Ze verscheen in augustus 1979 in Playboy als playmate van de maand en werd door de lezers van het blad verkozen tot playmate van het jaar in 1980.

Stratten werkte ook als bunny in de Playboy-club in Los Angeles en begon een carrière als actrice.

In 1980 kreeg ze de hoofdrol in de sciencefictionparodie Galaxina.

Haar relatie met Paul Snider verslechterde al snel. Snider bleek ziekelijk jaloers en viel haar lastig op de filmset van Galaxina.

Nadat Stratten een relatie begon met de regisseur Peter Bogdanovich huurde hij een privédetective in om haar te volgen. Hugh Hefner adviseerde haar om de relatie met hem te verbreken.

Het stel scheidde en Stratten ging samenwonen met Bogdanovich.

Op 14 augustus werden Stratten en Snider samen dood gevonden in hun voormalige woning in Los Angeles.

Stratten was vermoord door een schot in haar gezicht met een hagelgeweer.

Een autopsie wees uit dat Snider na Stratten was gestorven, wat aanduidde dat Snider Stratten had vermoord en vervolgens zelfmoord had gepleegd.

Bogdanovich had Stratten een rol in zijn film They All Laughed (1981) gegeven.

Na haar dood wilde geen enkele filmstudio de film uitbrengen. Bogdanovich financierde de filmdistributie zelf, maar de film bleek een flop, en Bogdanovich verloor miljoenen dollars.

Hij trouwde later met Strattens zuster, de actrice Louise Stratten.(Diverse bronnen, De Post 25 oktober en Wikipedia)

Dorothy Stratten, de dood kwam voor de roem (De Post 20 oktober 1981)
Dorothy Stratten, de dood kwam voor de roem (De Post 20 oktober 1981)
met Hugh Hefner

50 jaar geleden, te gast op het Wereldkampioen paalzitten in Roelofarendsveen, Nederland.

In Roelofarendsveen werd in 1970 tot 1972 het wereldkampioenschap paalzitten gehouden op het Braassemermeer.

Het paalzitten was oorspronkelijk opgezet als ‘milieuboodschap’.

De slogan toentertijd was: ‘Maak van het nat geen vuilnisvat’.

Hierbij zat de winnaar van het laatste jaar 92 uur onafgebroken op de paal.

Tijdens dit kampioenschap was het ook niet toegestaan om van de paal te gaan om naar het toilet te gaan; er werd een grote doek voor de deelnemer gehangen waarna degene in een emmer zijn behoefte moest doen.

Dankzij dat wereldkampioenschap kwam media vanuit de hele wereld naar Roelofarendsveen.

Hiermee werd dat kleine dorpje ‘De Veen’, met haar wereldkampioen, wereldwijd bekend.

Hannes de Jong, inwoner van de gemeente, was drie keer de winnaar van dit wereldkampioenschap.

Na 1972 was het gedaan met Wereldkampioen paalzitten in Roelofarendsveen, wegens te grote toeloop betreft publiek en de daarbij gemaakte schade aan de omgeving.(Diverse bronnen, Wikipedia en de Post 22 augustus 1971)

50 jaar geleden, te gast op het Wereldkampioen paalzitten in Roelofarendsveen, Nederland.

De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten

Ze verbleven toen in het Nederlandse badplaats Noordwijk in de villa van de Burgemeester Van Der Mortel en zijn twee kinderen.

Ze bezochten toen ook de dierentuin in Den Haag.

Prins Boudewijn leerde daar toen rijden op de fiets.

Ook koningin Wilhelmina en prinses Juliana brachten een bezoek aan de villa.

De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten
De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten
De villa waar ze verbleven
De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten
De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten
De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten
De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten
De zomer van 1935 die Prins Boudewijn en Prinses Josephine Charlotte nooit zullen vergeten