65 jaar geleden, te gast bij de onderpastoor De Wolf van de gemeente Eine.

Jozef De Wolf werd op 10 maart 1916 geboren in het Oost-Vlaamse Haaltert.

Na zijn priesteropleiding begon hij zijn opvallende loopbaan in Eine bij Oudenaarde, waar zich in maart 1961 een tafereel afspeelde dat tot ver buiten de dorpsgrenzen voor verbazing zorgde.

De eerwaarde heer, inmiddels onderpastoor, deelde zijn woning namelijk met een volwassen leeuw.

Jakka, zoals het dier heette, was op dat moment bijna twee jaar oud en was door de geestelijke met de papfles grootgebracht, nadat hij als welp was overgekocht van een rondreizend circus.

De leeuw bewoog zich volkomen vrij en kalm door de huiskamer, waar hij in harmonie samenleefde met drie Schotse herdershonden en een jonge Afghaanse windhond.

De bijzondere passie van De Wolf voor roofdieren was jaren eerder uit noodzaak ontstaan.

Nadat ratten uit een nabijgelegen beek zijn verzameling siervogels en fazanten herhaaldelijk hadden doodgebeten, besloot hij over te stappen op diersoorten die zich beter konden verweren.

In de loop der jaren transformeerde de pastorie tot een kleine private dierentuin.

Naast de leeuw herbergde hij twee ocelots, ook wel Amerikaanse tijgerkatten genoemd, die ondanks hun tamme gedrag altijd een vleugje van hun instinctieve natuur behielden.

Ook Canadese wasberen en zeldzame chinchilla’s uit het Andesgebergte maakten deel uit van zijn collectie.

De onderpastoor uit Haaltert stond in die periode algemeen bekend als de leeuwenpastoor.

Het was geen ongewoon gezicht om hem in zijn zwarte soutane met Jakka over straat te zien wandelen, waarbij voorbijgangers met een mengeling van bewondering en ontzag een grote bocht om het duo heen maakten.

Zelfs in het verkeer zorgde de leeuw voor consternatie; De Wolf nam het dier regelmatig mee in zijn auto, waarbij de kop van de leeuw soms door het open raam naar buiten stak.

Toen De Wolf later werd benoemd tot pastoor in Waarbeke bij Geraardsbergen, nam hij zijn liefde voor bijzondere dieren mee.

Hoewel Jakka de leeuw uiteindelijk te groot werd voor een gewone woning en naar een dierentuin moest verhuizen, bleven exotische vogels en ocelots deel uitmaken van zijn huishouden in de nieuwe parochie.

De pastorie bleef daardoor een geliefde trekpleister voor nieuwsgierige buurtbewoners.

Jozef De Wolf bleef tot aan zijn overlijden op 23 augustus 1982 een markante en eigenzinnige figuur in de regio, die de grens tussen de geciviliseerde wereld en de wildernis op een unieke manier liet vervagen.

Gisteren nog vandaag

Goed nieuws voor mijn stad, Oudenaarde wordt Europees centrum voor fotonische chips

Oudenaarde verwelkomt een nieuwe, baanbrekende chipfabriek die op termijn 500 banen zal creëren.

Het wordt Europa’s eerste productiecentrum voor fotonische chips en blaast zo nieuw leven in de site van de vorige chipproducent, die vorig jaar failliet ging.

Het bedrijf Thema Foundries BV investeert ruim 200 miljoen euro om de fabriek om te bouwen.

In plaats van traditionele chips zal men zich richten op geïntegreerde fotonica. Deze technologie gebruikt lichtdeeltjes (fotonen) in plaats van elektronen, wat resulteert in veel snellere en energiezuinigere chips.

Deze innovatie is bijzonder waardevol voor datacenters en toepassingen met artificiële intelligentie, sectoren die kampen met een enorm energieverbruik.

De site in Oudenaarde wordt een hypermodern centrum waar niet alleen de productie, maar ook onderzoek, ontwikkeling, verpakking en het testen van de fotonische microchips zullen plaatsvinden.

Steef Verwée rijpt als een goede wijn; zijn creativiteit lijkt met de jaren alleen maar te groeien.

Na zijn succesvolle cd’s “Oudenaarde een Hymne” (2014) en “Oudenaarde een Idioticon” (2022), die beide rijk zijn aan unieke teksten en muzikale composities, bracht hij verleden jaar een nieuwe cd uit met liederen in de Zuid-Oost-Vlaamse streektaal.

Deze keer richt Verwée zich op het fascinerende taalgrensgebied rond de stad Ronse, “Koningin der Vlaamse Ardennen” en “Le Pays des Collines”.

Opnieuw bracht hij erfgoed, sagen, mythen, folklore en lokale verhalen tot leven in zijn muziek.

Steef Verwée (1951), van jongs af aan gepassioneerd door het Oudenaards dialect, groeide op in een familie waar “ouwenors” de voertaal was.

Zijn familiewortels gaan terug tot het midden van de 16e eeuw, met een brief uit 1730 als oudste getuigenis.

Op zijn achttiende schreef Steef zijn eerste Oudenaardse liederen, waarmee hij lokaal optrad.

Na zijn studies aan het conservatorium van Gent in 1973 begon zijn carrière in de musical- en theaterwereld bij gezelschappen als NTG, Arca en Theater Poëzien.

Om zijn eigen creaties te perfectioneren, volgde hij opleidingen in scriptschrijven en lichtontwerp in Londen en Amsterdam.

Zijn succesvolle producties, waaronder “Claus on the Rocks”, leidden tot een periode als artistiek begeleider bij het KNTV, een welkome bron van inkomsten voor de jonge vader.

In die tijd richtte hij zijn eigen uitgeverij “De Cirkel” op.

Na zijn periode bij Theater Arena startte hij “Applied Promotions Intermed nv”, een bedrijf dat cultuur promoot binnen de bedrijfswereld.

Ondertussen bleef hij eigen werk creëren, met als hoogtepunt de première van “The Erotic Opera” in de Stadsschouwburg van Amsterdam in 1985.

Zijn vriendschap met Hugo Claus had een grote invloed op zijn creatieve ontwikkeling.

In 2012, voor de retrospectieve tentoonstelling “Beatles, Bombardons en Buuneklakkers”, werd Steef gevraagd om zijn jaren 60 liedjes in het Oudenaards dialect opnieuw uit te voeren.

Deze liederen trokken de aandacht van het stadsbestuur, wat resulteerde in de cd “Oudenaarde een Hymne” (2014), een drieluik met 20 Oudenaardse liederen.

Zijn live optreden bij de cd-release in CC De Woeker werd bekroond met de titel “Ambassadeur van het Oudenaards Dialect”.

Na een ernstig ongeval in 2015 volgde een rustperiode, waarin Steef zich weer aan het componeren en schrijven zette.

Dit resulteerde in nieuwe cd’s en drie theatercreaties, waaronder “Oudenaarde een Idioticon” (2022), geïnspireerd op Isidoor Teirlincks “Zuid-Oostvlaandersch Idioticon” (1905).

Op deze cd brengt Steef oude woorden en uitdrukkingen tot leven, vaak met een knipoog naar de lokale geschiedenis.

Zijn goede vriend Marijn Devalck schitterde in de videoclip “Largootje voor mijn prinsesje”, geregisseerd door het team van de film “Adam en Eva”.

Momenteel werkt hij aan “Tour de Chant Ronse, parel van de Vlaamse Ardennen”, een nieuwe audiovisuele theatercreatie die op 3 mei 2025 in Ronse in première gaat.

65 jaar geleden, Gaston de Gerlache na 17 maanden weer thuis in Oostende.

Gaston de Gerlache was de zoon van Adrien de Gerlache, en volgde in de voetsporen van zijn vader door de tweede Belgische expeditie naar Antarctica te leiden in november 1957 tot april 1959, 60 jaar nadat zijn vader de eerste leidde met de Belgica.

Tijdens deze tweede expeditie, waarbij de Polarhav en de Polarsirkel hen naar Antarctica brachten, werd daar de Koning Boudewijnbasis opgericht.

De bedoeling van de expeditie was tweeledig.

Ten eerste wilde men wetenschappelijk onderzoek verrichten en verder wilde men Antarctica zelf ontdekken en in kaart brengen.

In 1960 publiceerde Gaston de Gerlache zijn reisverhaal in Retour dans l’antarctique.

Het jaar daarop maakte hij een documentaire over zijn expeditie onder de naam Plein sud.

Tijdens de volgende expeditie, onder leiding van Guido Derom, werd een 2400 meter hoge berg op Antarctica genoemd naar Gaston de Gerlache.

Hij woonde een tijdlang in het kasteel de Gerlache te Huise en Gaston was gehuwd met Lily van Oost, een dochter van bouwheer Georges van Oost.

Hij was gedurende achttien jaar burgemeester van Mullem, zijn vrouw Lily gedurende zes jaar, tot de fusie in 1976.

Na zijn overlijden werd zijn stoffelijk overschot bijgezet in de familiegrafkelder op het kerkhof van Gomery, waar zich ook het familiekasteel bevindt.

De geschiedenis van Sint-Walburgakerk in Oudenaarde in oude postkaarten uit mijn eigen verzameling.

De Sint-Walburgakerk in Oudenaarde is een van de belangrijkste gotische kerken in Vlaanderen.

De kerk werd gebouwd tussen de 12e en 16e eeuw en heeft een rijke geschiedenis.

De kerk was oorspronkelijk gewijd aan de heilige Walburga, een Engelse abdis die in de 8e eeuw leefde.

De huidige kerk bestaat uit twee delen: het vroeggotische koor uit de 13e eeuw en het schip in Brabantse gotiek uit de 15e en 16e eeuw.

De toren, die 88 meter hoog is, heeft een barokke kap uit 1620 die ontworpen werd door de Oudenaardse architect Simon de Pape.

De Sint-Walburgakerk herbergt ook een schat aan kunstwerken, vooral uit de barokperiode.

Een van de meest opvallende werken is het hoofdaltaar dat gemaakt werd door Rubens en zijn leerlingen.

Het altaarstuk toont de hemelvaart van de heilige Walburga en is een meesterwerk van kleur en compositie.

De Sint-Walburgakerk heeft ook een bijzondere orgelgeschiedenis.

Al in de 15e eeuw was er sprake van een groot orgel in de kerk dat later vervangen werd door een nieuw orgel van Cornelis de Moor rond 1543.

Dit orgel werd echter verkocht in 1910 en vervangen door een nieuw orgel van de Brusselse orgelbouwer Cloetens in 1912.

Dit orgel werd in 2013 grondig gerestaureerd en is nog steeds te bewonderen in de kerk.

De geschiedenis van Onze-Lieve-Vrouwekerk van Pamele in Oudenaarde.

De Onze-Lieve-Vrouwekerk van Pamele is een gotische kerk in Oudenaarde, aan de rechteroever van de Schelde.

In deze kerk werd op 5 juli 1522 Margaretha van Parma gedoopt.

Margaretha van Parma was een buitenechtelijke dochter van keizer Karel V en Johanna van der Gheynst.

Johanna van der Gheynst werd geboren rond 1505 in Nukerke bij Oudenaarde, als dochter van een tapijtverkoper en een adellijke dame.

Ze werd wees op vijfjarige leeftijd en kwam in dienst bij Karel I van Lalaing, de gouverneur van Oudenaarde.

In 1521 ontmoette ze keizer Karel V.

Na de bevalling van haar dochter, moest ze afstand doen van haar kind. Want Karel V erkende haar als zijn wettige kind en liet haar opvoeden door zijn tante en zijn zus.

Johanna trouwde later met Johan van den Dijcke, een raadsheer en rekenmeester, en kreeg nog negen kinderen.

Ze stierf in Brussel op 15 december 1541.

Margaretha van Parma verhuisde op jonge leeftijd naar Italië, waar ze twee keer trouwde en hertogin van Florence, Parma en Piacenza werd.

In 1559 werd ze door haar halfbroer Filips II aangesteld als landvoogdes over de Habsburgse Nederlanden.

Ze kreeg te maken met de opstand van de edelen, het smeekschrift en de beeldenstorm.

In 1567 werd ze vervangen door de hertog van Alva en keerde ze terug naar Italië, waar ze in 1586 overleed in Ortona.

De kerk werd gebouwd tussen 1234 en 1300 in opdracht van Arnulf IV, de heer van Oudenaarde en Pamele.

De naam van de bouwmeester, Arnulf van Binche, staat vermeld op een plaat op de gevel.

De kerk is een voorbeeld van Scheldegotiek, met een dubbele overlangse galerij, een achtzijdige vieringstoren en hoektorentjes.

De kerk heeft ook een authentiek dakgebinte uit de 13e eeuw bewaard.

De drassige grond rond en onder de funderingen van het kerkgebouw zorgt voor instabiliteit.

De Schelde stroomt vlak langs de noordwestelijke gevel. De verzakking is vooral zichtbaar aan de binnenkant van het transept en het priesterkoor.

De provincie Oost-Vlaanderen houdt de stabiliteit regelmatig in de gaten via Monumentenzorg.

Van 21 september 2024 tot 5 januari 2025 organiseert het MOU een ambitieuze tentoonstelling gewijd aan de fascinerende figuur Margaretha van Parma (1522-1586).

Het stadhuis van Oudenaarde in oude postkaarten uit mijn persoonlijke verzameling

Het stadhuis van Oudenaarde is een prachtig voorbeeld van de Brabantse laatgotiek en een erkend UNESCO-werelderfgoed.

Het werd gebouwd tussen 1526 en 1537 door de Brusselse bouwmeester Hendrik van Pede, die het oude schepenhuis en de lakenhalle uit de 14e eeuw in zijn ontwerp integreerde.

Het stadhuis heeft een L-vormige plattegrond en is rijkelijk versierd met beeldhouwwerk, maaswerk en bladgoud.

Op de belforttoren staat een bronzen beeld van Hanske de Krijger.

Hanske de Krijger is een volksheld en het embleem van de stad Oudenaarde.

Het verhaal gaat dat toen keizer Karel V Oudenaarde bezocht de stadswachter Hanske de Krijger, die op uitkijk stond, hem niet had zien aankomen.

Hanske zou toen in slaap zijn gevallen, omdat hij te veel Oudenaards bier had gedronken.

Volgens een zestiende-eeuwse legende zou de keizer hebben opgedragen om een bril in het wapenschild te zetten.

In werkelijkheid is het embleem in het wapenschild echter geen bril maar een gotische letter A van Audenaerde.

De oorsprong van de legendevorming is het vergulde roodkoperen beeld dat sinds 1538 het Stadhuis van Oudenaarde bekroont.

Het toont een vaandeldrager uitgerust als een Spaans soldaat.

De Oudenaardse goudsmid Willem Blansterins maakte dit beeld in 1530.

Het stadhuis herbergt ook het MOU, een museum dat de geschiedenis van Oudenaarde en de Vlaamse Ardennen vertelt aan de hand van wandtapijten, schilderijen en archeologische vondsten.

Oudenaarde in oude postkaarten uit mijn eigen verzameling.

Oudenaarde heeft een rijke geschiedenis die teruggaat tot de 11de eeuw, toen er een burcht werd gebouwd om de grens tussen Frankrijk en het Heilige Roomse Rijk te verdedigen.

Oudenaarde kreeg in 1150 een stadskeure van graaf Filips van de Elzas en groeide uit tot een belangrijk handels- en nijverheidscentrum.

In de 16de eeuw was Oudenaarde beroemd om zijn wandtapijtenproductie, die over heel Europa werden verkocht.

De stad was ook de geboorteplaats van Margaretha van Parma, de onwettige dochter van keizer Karel V en Johanna van der Gheynst, een weversdochter uit Oudenaarde.

Margaretha werd later landvoogdes over de Nederlanden.

Oude molens in Vlaanderen (foto’s september 1923)

Foto 1: Kloostermolen in Elsegem, was gelegen op de site van het verdwenen omgracht en ommuurd kloostercomplex.

De geschiedenis van de voormalige augustijnerpriorij van Onze-Lieve-Vrouw Ten Walle gaat terug tot 1417, toen Bernard van Brakel een leen genaamd “Wippelgem” verwierf dat een oude nederzetting uit de vroege middeleeuwen was.

Hij stichtte er een klooster en een kerk, waar Arnold Buederic in 1418 een scriptorium oprichtte.

Het kloostercomplex werd verwoest door brand in 1577-1586, maar later hersteld en uitgebreid in de late 17de eeuw.

Het klooster stond toen bekend als “Kloosterhoeve” en verzorgde de parochiale diensten.

In 1782 werd het klooster opgeheven onder Jozef II.

Het omvatte toen een kerk, twee huizen, een priorskwartier, twee eetzalen, gastenverblijven, een keuken, een brouwerij, knechtenkamers, schuren, een hoeve, een windmolen en visvijvers.

Alles werd verkocht en gesloopt, en de grachten werden gedempt.

Met uitzondering van een deel van de gekelderde kloosterhoeve, aangrenzende stallen en de molen.

Deze houten korenwindmolen op een terp werd gebouwd in 1457 en aangepast en herbouwd in 1479.

De molen met de naam Kloostermolen is in 1940 afgebroken.

Foto 2: De molen van Scillie, kan niets terug vinden over deze molen.

Foto 3: Molen Den Osse gelegen in Bevere bij Oudenaarde en was toen eigendom van Remi Van Lerberge. De molen is gesloopt in 1965. (Deze gegevens van deze molen gekregen van Annie Rousseau, waarvoor mijn dank)

Vanavond avant-première van de voorstelling van het nieuw album Oudenaarde een idioticon van de Gentse Oudenaardist Steef Verwee bij Madam in Kluisbergen om 18u30 en op vrijdag 25 maart om 20 u in het kasteel Liedts Park in Oudenaarde.

Steef Verwée (1951) was reeds van kindsbeen – samen met zijn vader José – gepassioneerd door het Oudenaards intermuros dialect.

De gehele familie sprak generaties lang het ouwenors.

De familieroots gaan terug tot midden 16° eeuw.

De eerste brief tussen voorvader Jozef Verwée en zijn zonen stamt uit 1730.

Rond zijn 18 jaar schrijft Steef zijn meeste Oudenaardse liederen waar hij plaatselijk mee optreedt.

Rond 1973 – na zijn studies aan het conservatorium te Gent – begon zijn musical- en theater loopbaan in NTG, Arca, Arena, theater poëzien e.a.

Om zijn eigen creatie’s op een professioneel niveau te brengen schoolt hij zich bij in script-writing en lighting design ( Londen, A’dam…).

Mede door zijn succesvolle creaties ( o.a.Claus on the Rocks) in professionele theaters kan hij daardoor tijdelijk aan de slag bij het KNTV als artistieke begeleiding bij amateurgezelschappen in Vlaanderen.

Dit was een dankbare broodwinning voor de toen jonge vader van twee kinderen.

In die periode richt hij als auteur-componist zijn eigen uitgeverij De Cirkel op.

Na zijn werkzaamheden in Theater Arena sticht hij zijn firma Applied Promotions Intermed nv, die instaat voor cultuurspreiding intern de bedrijfswereld.

Hij blijft ondertussen actief met het creëren van eigen werk met als belangrijke ervaring de première van zijn The Erotic Opera (25-en 26 juni 1985) in de stadsschouwburg van A’dam.

Een dichte vriendschap met Hugo Claus zal eveneens een groot deel van zijn verdere creatief werk beïnvloeden.

Door toeval of niet wordt Steef gevraagd ifv de retrospectieve tentoonstelling Beatles, Bombardons en Buuneklakkers (2012 in de oude brandweerkazerne) zijn jaren-60 liedjes in het Oudenaards dialect nog eens uit te voeren.

Steefs liedjes trekken de aandacht van het Oudenaards stadsbestuur, die hem vragen om deze liedjes op cd vast te leggen.

Dit resulteert in ‘Oudenaarde een Hymne’, een drieluik-uitgave met booklet en een selectie van 20 Oudenaardse liederen, composities.

Vanavond avant-première van de voorstelling van het nieuw album Oudenaarde een idioticon van de Gentse Oudenaardist Steef Verwee in het kasteel Liedts Park in Oudenaarde.

De live uitvoering van de liederen bij de cd-release vindt plaats in het CC De Woeker (2014).

Steefs prestatie wordt door het Stadsbestuur bekroond met de eervolle titel ‘Ambassadeur van het Oudenaards Dialect’.

Na een ernstig ongeval in 2015 dring zich een onvermijdelijke rustperiode op en Steef zet zich terug aan de componeer- en schrijftafel met als resultaat enkele nieuwe CD-uitgaven en drie theatercreaties, maar ook vooral 18 nieuwe liederen in de Oudenaardse streektaal met als belangrijke thematieken geschiedenis, erfgoed, emotie en plezier.

Voor de nieuwe CD ‘ Oudenaarde een idioticon’ naar analogie met ‘Isidoor Teirlincks Zuid-Oostvlaandersch idioticon’ (1905) laat Steef zich inspireren door Oudenaarde en verhalen en sagen uit de deelgemeenten, maar ook door het Horebeke van de Geuzen.

In tegenstelling tot ‘ Oudenaarde een Hymne ‘ (2014) worden in de nieuwe cd (2022) heel wat uitdrukkingen, oude woorden, woordvormen en zegswijzen aangewend die in onze omgangstaal dreigen te verdwijnen. Aldus een idioticon waardig.

Verwee wil met de cd mensen laten genieten van zijn dialect, maar ook wat geschiedenis meegeven.

Vanavond avant-première van de voorstelling van het nieuw album Oudenaarde een idioticon van de Gentse Oudenaardist Steef Verwee in het kasteel Liedts Park in Oudenaarde.

Zijn goede vriend Marijn Devalck zal te zien zijn in de videoclip ‘Largootje voor mijn prinsesje’.

Deze videoclip werd geregisseerd en opgenomen door het professioneel team van de Vlaamse film Adam en Eva die al heel wat nominaties in de wacht sleepten, en waarin Marijn Devalck en Bob De Moor samen met een klein meisje van acht jaar de hoofdrollen speelden.

De regisseur was Nicolaas Rahoens. De cameraman was Piet Meerschaut.

Vanavond avant-première van de voorstelling van het nieuw album Oudenaarde een idioticon van de Gentse Oudenaardist Steef Verwee in het kasteel Liedts Park in Oudenaarde.

De cd is te koop bij Music House, Krekelput in Oudenaarde, ‘De Standaard’ boekhandel, Nederstraat in Oudenaarde en Het Mou (toeristische dienst) in Oudenaarde. Prijs: 16,50 euro.

Zaterdag 23 april om 20 uur officiële première van het album op het Wereld Erfgoed Weekend in het in het CC van Oudenaarde. (Diverse bronnen, Patrick Depypere en AVS)

Vanavond avant-première van de voorstelling van het nieuw album Oudenaarde een idioticon van de Gentse Oudenaardist Steef Verwee in het kasteel Liedts Park in Oudenaarde.