Donna Summer (Poster oktober 1978)

Donna Summer staat bekend om haar krachtige stem en haar hits als I Feel Love, Hot Stuff en Last Dance.

Een van haar meest opvallende nummers was haar cover van Mac Arthur Park, een lied geschreven door Jimmy Webb en oorspronkelijk gezongen door Richard Harris.

Donna Summer nam het nummer op voor haar album Live and More uit 1978 dat een dubbelalbum was met liveopnames en een met als extra de single The Deep.

De producers van het album was Giorgio Moroder, een Italiaanse muzikant en pionier van de elektronische muziek en Pete Bellotte.

Zij waren verantwoordelijk voor veel succesvolle nummers, waaronder I Feel Love.

Moroder gaf Mac Arthur Park een discoarrangement met synthesizers, strijkers en een snelle beat.

Het nummer werd uitgebracht als een single met op kant 1, Mac Arthur Park en op kant 2, Mac Arthur Park (Reprise).

Het eerste deel duurde bijna vier minuten en het tweede deel bijna zes minuten.

Samen vormden ze een epische discoversie van het nummer dat oorspronkelijk meer dan zeven minuten duurde.

Mac Arthur Park werd een grote hit voor Donna Summer en bereikte de eerste plaats in de Billboard Hot 100 in de Verenigde Staten.

Het was haar eerste nummer één hit in haar thuisland en het maakte haar tot een wereldwijde superster.

In Vlaanderen bereikte de single de elfde plaats in de Brt Top 30. In Nederland bereikte het nummer de negende plaats in de Top 40.

Mac Arthur Park wordt beschouwd als een klassieker van de disco en een hoogtepunt in de carrière van Donna Summer.

Bobby Henrey in de film The Fallen Idol (1948)

Bobby Henrey was een kindacteur die bekend werd door zijn rol in de film The Fallen Idol uit 1948, geregisseerd door Carol Reed.

Hij speelde de rol van Philippe, een jongen die getuige is van een moord en verstrikt raakt in een web van leugens en bedrog.

Henrey was slechts acht jaar oud toen hij de rol kreeg, en had geen acteerervaring.

Hij werd gecast nadat Reed hem zag op een foto in een boek over zijn vader, Robert Henrey, een Franse diplomaat en schrijver.

Henrey’s acteerprestaties werden geprezen door de critici en het publiek, en hij werd een ster in Engeland en Amerika.

Hij verscheen in nog twee films, The Wonder Kid (1951) en Little Boy Lost (1953), voordat hij zich terugtrok uit de filmwereld.

Hij had moeite om zich aan te passen aan het normale leven na de roem, en worstelde met depressie, drugsverslaving en alcoholisme.

Hij schreef later een autobiografie over zijn ervaringen als kindster, getiteld A Minor Consideration (1989).

Henrey leeft nu in de Verenigde Staten en werkte daar als leraar en vertaler. Hij heeft twee kinderen en vier kleinkinderen.

Hij heeft geen spijt van zijn filmcarrière, maar zegt dat hij het niet opnieuw zou doen.

Hij beschouwt The Fallen Idol als zijn beste werk, en zegt dat hij nog steeds een speciale band voelt met Carol Reed, die als een vaderfiguur voor hem was.

45 jaar geleden, Nazaré Pereira zingt Braziliaans volksliedje de hitlijsten in.

Nazaré Pereira is een Braziliaanse zangeres die bekend is geworden met haar hit Chero da Carolina, een nummer dat oorspronkelijk geschreven is door Amorim Roxo en Luis Gonzaga in 1956.

Het nummer gaat over een vrouw die naar een sambafeest gaat en iedereen betovert met haar geur.

Zowel in Vlaanderen als in Nederland, bereikte de single niet de hitparade.

In Vlaanderen kennen we het nummer ook dankzij de cover van John Terra. Zijn vertaling van dit nummer kwam zowel uit op single als op zijn album John Terra uit 1983.

De productie was in handen van de gekende Nederlandse producer Paul Hougardy. Die ook verantwoordelijk was voor onder meer de hits Oerend Hard van Normaal en Santa Maria van Joe Harris.

In haar privéleven is Nazaré Pereira getrouwd met de Franse muzikant Jean-Philippe Rykiel en woont ze in Parijs.

Ze heeft ook een dochter, Melissa, die ook zingt en gitaar speelt.

Nazaré Pereira is nog steeds actief als zangeres en bracht dit jaar een nieuwe single uit met als titel Xapuri Pará Paris.

50 jaar geleden, Suzi Quatro, de basgitaar is een sexy instrument.

Suzi Quatro (geboren als Susan Kay Quatro) eerste single, “Rolling Stone”, werd geproduceerd door Mickie Most, maar was geen succes.

Daarom vroeg hij de songwriters en producers Nicky Chinn en Mike Chapman om haar volgende single te schrijven en te produceren.

Het resultaat was “Can The Can”, dat in 1973 een nummer één hit werd in het Verenigd Koninkrijk, Japan en Australië.

Het was de eerste nummer één hit voor een soloartieste sinds “Those Were The Days” van Mary Hopkin in 1968.

In Vlaanderen was de single goed voor een derde plaats in de Brt Top 30. In Nederland bereikte het nummer de veertiende plaats in de Top 40.

Quatro schreef zelf veel van haar eigen nummers, maar die waren meestal bedoeld voor haar albums, terwijl de singles van Chapman en Chinn kwamen.

Quatro woont momenteel in Duitsland met haar tweede man, concertpromotor Rainer Haas.

35 jaar geleden, het ingewikkelde verhaal van Milli Vanilli.

Milli Vanilli was een popduo dat eind jaren 80 veel succes had met hits als Girl You Know It’s True en Blame It on the Rain.

Het duo bestond uit Rob Pilatus en Fabrice Morvan, twee dansers en modellen die door producer Frank Farian werden ingehuurd om de gezichten te zijn van een studioproject.

Producer Frank Farian maakt op 14 november 1990 bekent dat het niet Rob Pilatus en Fabrice Morvan zijn die te horen zijn op de platen van Milli Vanilli.

Dit nieuws veroorzaakt niet alleen een grote rel in de platenindustrie. Maar betekende ook het muzikale einde voor Rob Pilatus en Fabrice Morvan

Ze moesten hun Grammy Award, die Milli Vanilli in 1989 in Amerika heeft gekregen als beste nieuwe artiesten inleveren en werden het mikpunt van spot en kritiek.

Vlak na de bekendmaking lanceert Frank Farian The Real Milli Vanilli.

Deze groep bestaat uit Brad Howell, John Davis, Gina Mohammed, Ray Horton en Icy Bro.

Zij brengen het album The Moment Of Truth uit.

Maar het succes van The Real Milli Vanilli was beperkt en eindigde in 1992.

Pilatus en Morvan probeerden daarna een comeback te maken als echte zangers, maar zonder veel succes.

Ze brachten een album in 1992 uit onder de naam Rob & Fab, maar dat flopte. Dit was ook het geval voor de single We Can Get It On, afkomstig van dit album.

Pilatus raakte verslaafd aan drugs en alcohol en kwam in aanraking met de politie.

Hij overleed in 1998 op 32-jarige leeftijd aan een overdosis.

Morvan ging door met muziek maken en trad af en toe op als soloartiest of met andere projecten.

In 2003 brengt hij het album Love Revolution uit, maar zonder succes.

Hij werkte ook samen met Farian aan een documentaire over Milli Vanilli, die in 2016 uitkwam.

In een interview zei Morvan dat hij geen spijt had van zijn deelname aan Milli Vanilli, maar dat hij wel meer respect wilde voor zijn eigen stem en talent. (Joepie 25 september 1988)

Deze week, 35 jaar geleden, de film Vibes met in de hoofdrol Cyndi Lauper en Jeff Goldblum te zien in de Vlaamse bioscoop.

De film werd geregisseerd door Ken Kwapis en gaat over twee paranormaal begaafde mensen die op zoek gaan naar een verloren stad in de Andes.

De hoofdrolspelers zijn Cyndi Lauper, die een helderziende kapper speelt, en Jeff Goldblum, die een geoloog met telepathische krachten speelt.

Samen beleven ze allerlei hilarische avonturen en ontdekken ze dat ze meer gemeen hebben dan ze dachten.

De film is een mix van humor, romantiek en actie, met een vleugje mystiek.

Gisteren nog vandaag

Poster Eddie Murphy (oktober 1988)

Eddie Murphy heeft drie studioalbums uitgebracht: How Could It Be (1985), So Happy (1989) en Love’s Alright (1993).

Hij scoorde een hit met het nummer “Party All the Time” in 1985.

Hij werkte samen met verschillende muzikanten en producers, zoals Rick James, Crystal Blake, Michael Jackson, Narada Michael Walden, Larry Blackmon, Stevie Wonder, Julio Iglesias, Paul McCartney, Nile Rodgers en Teddy Riley.

Gisteren nog vandaag

Vanavond, 40 jaar geleden, de laatste aflevering van de tv-reeks Mary Benjamin.

Robert Reed was een Amerikaanse acteur die vooral bekend werd door zijn rol als Mike Brady in de sitcom The Brady Bunch.

Maar hij speelde ook in andere tv-series, waaronder Mary Benjamin uit 1983.

In deze serie vertolkte hij Adam Rose, een advocaat die de weduwe Mary Benjamin (gespeeld door Eileen Brennan) helpt om haar leven weer op te bouwen na de dood van haar man.

Reed en Brennan hadden een goede chemie op het scherm en hun personages ontwikkelden een romantische relatie.

Reed was echter niet gelukkig met de kwaliteit van het script en de richting van de serie, die hij te sentimenteel en voorspelbaar vond.

Hij verliet de serie na het eerste seizoen, dat slechts 13 afleveringen telde. Reed was ook openlijk homoseksueel, maar hield zijn privéleven verborgen voor het publiek.

Hij stierf in 1992 aan de gevolgen van aids. (Diverse bronnen, Wikipedia en De Amerikaanse acteur Robert Reed bouwde zelf zijn paradijs, Joepie, 2 oktober 1983)

Het bewogen privé-leven van Baccara.

Een van hun minder bekende nummers was hun cover van het nummer Granada, een nummer geschreven door de Mexicaanse componist Agustín Lara in 1932.

Baccara nam hun versie van Granada op voor hun debuutalbum Baccara, dat in 1977 werd uitgebracht.

Het nummer werd geproduceerd door Rolf Soja, die ook verantwoordelijk was voor de meeste andere hits van het duo.

Baccara bestond uit Mayte Mateos en María Mendiola, die elkaar ontmoetten toen ze als danseressen werkten in een nachtclub in Madrid.

Ze werden ontdekt door een Duitse platenproducer, die hen een contract aanbood.

Hun carrière duurde tot 1981, toen ze uit elkaar gingen na een meningsverschil over de artistieke richting van de groep.

Ze probeerden beiden een solocarrière op te bouwen, maar zonder veel succes.

In de jaren 90 en 2000 waren er verschillende pogingen om Baccara nieuw leven in te blazen, met wisselende samenstellingen en resultaten.

María Mendiola kwam te overlijden op 11 september 2021.