
50 jaar de Tura band in de Joepie van oktober 1973

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek



Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag
Mensen die me een beetjes volgen, weten dat ik fan ben van de Canadese zangeres Mylène Farmer.
De Pourvu Qu’Elles Soient Douces, uitgebracht in 1988 als derde single van haar album Ainsi Soit Je.
De tekst van het nummer, geschreven door Farmer zelf, gaat over de obsessie van mannen voor de billen en de sodomie, met dubbelzinnige verwijzingen naar het Kamasutra en een fotoserie van Robert Doisneau.
De muziek is gecomponeerd door Laurent Boutonnat, die ook de producer van het album was.
De single was een groot succes en stond vijf weken op nummer 1 in de Franse hitlijst, waardoor Farmer tegelijkertijd nummer 1 was met haar single en haar album.
De videoclip van het nummer, ook geregisseerd door Boutonnat, is een vervolg op die van Libertine en speelt zich af tijdens de Zevenjarige Oorlog in de 18e eeuw.
Met een duur van achttien minuten, een budget van drie miljoen frank en bijna 600 figuranten, was het destijds de langste en duurste videoclip ooit gemaakt in Frankrijk.
De clip bevat scènes van naaktheid, erotiek en geweld en veroorzaakte veel controverse.
Voor haar werk ontving Farmer in 1988 de Victoire de la musique voor beste artieste van het jaar.
Gezien op deze Blog het niet mogelijk is om de video te delen, dan maak de album versien.

Gisteren nog vandaag: Raymond Van Het Groenewoud interviewt Lou Reed (Joepie 28 maart 1982)

Gisteren nog vandaag: Het nieuwe leven van Lou Reed (Muziek Expres juli 1981)

Gisteren nog vandaag: Lou Reed duikt opnieuw in het volle leven (Joepie 29 juni 1986)

Gisteren nog vandaag: Lou Reed doorprikt de legende, mijn doodgedrogeerd Image was slechts camouflage (Joepie 7 juni 1981)

Lou Reed in de gevangenis (Joepie van 11 juni 1979)


De Osmonds waren een populaire muzikale familie uit de Verenigde Staten, die vooral in de jaren zestig en zeventig veel succes hadden.
Ze begonnen als een kwartet, bestaande uit de broers Alan, Wayne, Merrill en Jay Osmond.
Later voegden ze hun jongere broers Donny en Jimmy en hun enige zus Marie toe aan de groep.
Ze maakten verschillende soorten muziek, variërend van rock tot country tot gospel.
Ze hadden hits als “One Bad Apple”, “Crazy Horses”, “Love Me for a Reason” en “Paper Roses”.
Ze hadden ook een eigen televisieshow, The Osmonds, die van 1972 tot 1976 werd uitgezonden.
De Osmonds zijn nog steeds actief in de muziekwereld, hoewel niet meer als een complete groep.

Sommigen van hen hebben solocarrières nagestreefd, zoals Donny, die een succesvolle zanger en musicalster is geworden, en Marie, die zowel zingt als acteert.
Anderen hebben zich gericht op het produceren of schrijven van muziek, zoals Alan en Merrill.
Jay en Jimmy hebben ook nog opgetreden met hun eigen bands.
De Osmonds hebben in totaal meer dan 100 miljoen platen verkocht.
De ex-leden van de Osmonds leven nog allemaal, hoewel sommigen van hen gezondheidsproblemen hebben gehad.
Alan lijdt aan multiple sclerose, een aandoening die het zenuwstelsel aantast.
Hij heeft een stichting opgericht om geld in te zamelen voor onderzoek naar deze ziekte.
Wayne heeft een hersenbloeding gehad in 2019, waarvan hij grotendeels is hersteld.
Donny heeft een stembandoperatie ondergaan in 2017, waardoor hij tijdelijk niet kon zingen.
Marie heeft te maken gehad met depressie en eetstoornissen in het verleden, waarover ze openlijk heeft gesproken.
Op 7 augustus 2003 kreeg de familie Osmond een welverdiende erkenning toen ze hun eigen ster mochten onthullen op de “Hollywood Walk of Fame”.
De familie Osmond is diepgelovig en behoort tot de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, beter bekend als de Mormonen.
Op 8 november 2007 vierde de familie Osmond hun 50-jarig jubileum in een speciale aflevering van de Oprah Winfrey Show. Het hele publiek bestond uit familieleden van de Osmonds.

Gisteren nog vandaag




Debbie Harry werd geboren als Angela Trimble in 1945 in Miami, Florida, maar werd al snel geadopteerd door Richard en Catherine Harry, een echtpaar uit New Jersey.
Ze groeide op in Hawthorne, een kleine stad waar ze zich vaak verveelde en eenzaam voelde.
Ze ontwikkelde een interesse voor muziek en kunst, en begon te zingen in het kerkkoor.
Toen ze 12 jaar oud was, ontdekte ze dat ze geadopteerd was, wat een grote schok voor haar was.
Ze voelde zich vervreemd van haar adoptieouders en zocht naar haar biologische familie, maar zonder succes.
Ze verliet het ouderlijk huis toen ze 18 was en verhuisde naar New York City, waar ze allerlei baantjes had om rond te komen.
Ze werkte onder andere als serveerster, secretaresse, Playboy Bunny en zelfs als prostituee.
Ze raakte betrokken bij de underground muziekscene van de stad, en ontmoette in 1973 Chris Stein, met wie ze een relatie kreeg en de band Blondie oprichtte.
Een nummer van Debbie Harry dat ze zelf heeft geschreven met Chris Stein over haar jeugdjaren is “Dreaming”.
Dit nummer gaat over haar dromen om een rockster te worden toen ze nog een tiener was.
Ze zingt over hoe ze zich verveelde op school en hoe ze fantaseerde over het leven in New York.
Ze zegt dat ze niet bang was om te falen of om afgewezen te worden, want ze geloofde in zichzelf en in haar muziek.
Ze eindigt het lied met de woorden: “Dreaming is free”, wat betekent dat ze altijd vrij was om te dromen, ook al had ze niet veel geld of kansen.

Bericht opnieuw plannen
Nu plaatsen

Zijn eerste huwelijk, met Dorothy Barton, duurde twintig maanden.
Wat wil je, hij was veertien, zij zeventien.
”Ze was te oud voor mij”, stelde hij in een interview in 1978.
Drie weken voor zijn scheiding van Barton rond was, trouwde hij al met Jane Mitcham.
Dat huwelijk duurde vier jaar, van september 1953 tot oktober 1957, en leverde twee kinderen op.
In december 1957 trouwde Lewis met zijn achternichtje Mary Gale Brown, met wie hij ook twee kinderen kreeg.
Ze scheidden in december 1970.
Zijn vierde vrouw was Jaren Elizabeth Gunn Pate, die in 1983 verdronk in hun zwembad.
In 1962 had Jerry Lee op dezelfde manier een zoon verloren, Steven Allen Lewis, die toen drie was.
In 1973 verloor hij nog een zoon in een verkeersongeluk, de negentienjarige Jerry Lee Lewis Jr..
Zijn vijfde vrouw was Shawn Stephens.
Ze trouwden in juni 1984, drie maanden later overleed zij aan een overdosis methadon.
Zijn zesde huwelijk, met Kerrie McCarver, duurde twintig jaar en leverde hem één zoon op.
In 2012 trouwde hij voor de zevende keer en nu met Judith Brown, de vrouw die al jaren voor hem zorgt en de ex is van Lewis’ voormalige schoonbroer.
Lewis houdt het graag in de familie, maar de ceremonie was zo geheim dat zelfs de dochter van de rock-‘n’-rollpionier, Phoebe Lewis, die nochtans bij hem inwoont, niet op de hoogte was.
Acht jaar geleden verklaarde Lewis zijn toch wat turbulente tocht op het pad van de liefde als volgt: “Ik ben de koppigste kerel ter wereld.
Toen ik voor de eerste keer wilde trouwen, was mijn moeder in alle staten.
Mijn pa zei tegen ma ‘Laat hem met rust, mammy.
Je weet hoe koppig hij is. Zo hard als een steen’.
Ik was toen veertien. Dat was in Louisiana”.

Het nummer werd geschreven en geproduceerd door het bekende trio Stock Aitken Waterman en bevatte een sample van het drumintro van het nummer This Old Heart of Mine van The Isley Brothers, een Motown-hit uit 1966.
De single Harder I Try bereikte de tweede plaats in de Britse hitlijst.
In Vlaanderen bereikte het nummer de twintigste plaats in de Brt Top 30 en in Nederland was het nummer goed voor een achttiende plaats in de Top 40.
Het nummer was ook terug te vinden op hun debuutalbum Get Even, dat ook nog een andere top 10-hit opleverde in het Verenigd Koninkrijk, He Ain’t No Competition.
De groep bestond uit Nathan Moore (zang), David White (gitaar, zang), Carl Fysh (toetsen) en Steve Alexander (drums).
Na de breuk van de groep ging Moore verder met een andere boyband, Worlds Apart, waarmee hij vooral succes had in Frankrijk. Top op vandaag treedt hij nog steeds op met de overgebleven leden van Worlds Apart.
Steve Alexander speelde een tijdje met Duran Duran en Jeff Beck.
Carl Fysh bleef actief in de muziekindustrie als public relations manager.
David White verliet de muziekwereld en werd schilder.

Gisteren nog vandaag

Gus Dudgeon werkt in de 60s samen met o.a. Marianne Faithfull, The Small Faces, Spencer Davis Group en The Zombies en hij speelt een katalyserende rol in de carrières van The Rolling Stones en Tom Jones.
Vanaf 1970 is hij de vaste producer van Elton John met wie hij het Rocket Records-label opricht.
Ook bij o.a. Joan Armatrading, Gilbert O’Sullivan, XTC, The Beach Boys en David Bowie (‘Space Oddity’, ‘The Laughing Gnome’) bepaalde Dudgeon het geluid.
Gus wordt in het ‘Guinness Book Of Records’ vermeld als de eerste producer die in de hitlijsten staat met een gesamplede single.
In 1971 gebruikt hij echter op de John Kongos-hit ‘He’s Gonna Step On You Again’ eigenlijk een loop van Afrikaanse drums en loops werden in de 60s door o.a. The Beatles en The Beach Boys al eerder gebruikt.
In 1978 is Gus Dudgeon producer van ‘Whatever Happened To Benny Santini?’, het debuutalbum van Chris Rea dat in juli ‘78 werd uitgebracht.
De titel is een knipoog van het plan van Chris’ platenmaatschappij Magnet om hem te lanceren als Benny Santini!
Chris schreef de eerste single ‘Fool (If You Think It’s Over)’ over zijn jongere zus Paula die enkele jaren voordien kapot was van liefdesverdriet.
In eerste instantie schreef Rea het als een Memphis-soulsong, maar uiteindelijk klonk hij eerder Californisch, wat waarschijnlijk ook het Amerikaans succes verklaart.
‘Fool (If You Think It’s Over)’ deed het in Europa niet bijster goed, maar werd een n°12 in de Billboard Hot 100, zijn enige hit over de oceaan waardoor Chris Rea in de VS geboekstaafd staat als one-hit wonder!
Pas hierna kreeg Chris een uitnodiging om op te treden in Top Of The Pops! Hij hield er in 1979 een Grammy-nominatie aan over.
De 70s classic werd gecoverd door o.a. Elkie Brooks en Thomas Anders van Modern Talking. Bij deze laatste zat Gus Dudgeon opnieuw achter de mengtafel.
Gus Dudgeon komt op 21 juli 2002 samen met zijn echtgenote Sheila om het leven bij een verkeersongeval.
Ze komen bewusteloos in het water terecht en verdrinken. Gus bleek zwaar dronken en was achter het stuur in slaap gevallen.
Dudgeon werd 59 jaar.(Joepie 15 oktober 1978 en met dank aan Denis Michiels)

Bericht opnieuw plannen
Nu plaatsen
Van Morrison schreef Het nummer Wavelength schreef Van Morrison zelf en is de titeltrack van zijn tiende studioalbum uit 1978.
Het album Wavelength werd geproduceerd door Morrison, met speciale assistentie van Paul Wexler, Mick Glossop, Bobby Tench en Peter Bardens.
Het nummer Wavelength werd ook uitgebracht als single, samen met Checkin’ it Out als B-kant.
Zowel in Vlaanderen als in Nederland bereikte het nummer niet de hitparade.

Blog Gisteren nog vandaag
