
Vanessa Paradis, nu ook op het witte doek (Joepie 21 februari 1988)

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek

Haar debuutsingle Lilali is geschreven door Guido Veulemans, Katrien Gillis en Wim Claes.
De single was onmiddellijk een groot succes.
In België alleen gingen er 80.000 exemplaren over de toonbank.
Later dat jaar haalde ze met een remix van Lilali de eerste plaats in de Franse clubcharts.
Er werden in Frankrijk zo’n 300.000 exemplaren verkocht.
Na dit succes werden haar volgende singles Bam bam, Oui oh oui, Poupée de cire en Les vacances d’été stuk voor stuk hits.
In 2000 besloot ze samen te werken met Lou De Prijck en coverde ze he nummer Ça plane pour moi, dat De Prijck eerder, in 1978, voor Plastic Bertrand geproduceerd had.
Samen met De Prijck maakte ze nog enkele nummers.
Kim Kay nam deel aan Eurosong 2002, de Belgische preselectie voor het Eurovisiesongfestival met het nummer The sun shines.
Ze haalde de finale niet. Kim speelde ook mee in de reeks Verschoten & Zoon op VTM.
Eind 2004 werd Kim Van Hee getroffen door baarmoederhalskanker.
Ze herstelde van de ziekte, maar moest later worden geopereerd aan de dikke darm en die nieuwe problemen sleepten aan.
Volgens een mededeling wil ze “geen half werk leveren als ze zich engageert”.
Pas later werd bekend dat ze aan haar kanker een zware morfineverslaving heeft overgehouden, en dat pogingen ervan af te kicken ernstige complicaties met zich hebben meegebracht.
In 2007 maakte Kim bekend voor Lijst Dedecker te gaan kandideren bij de Belgische federale verkiezingen 2007 op 10 juni van dat jaar.
Later trok ze zich terug om gezondheidsredenen. Kim Van Hee stond op de 16de plaats van de Kamerlijst van Lijst Dedecker in Oost-Vlaanderen, maar ze werd vervangen door Kathleen Limpens.
Ze bracht in 2011 haar verhaal in Koppen om zo mensen te waarschuwen voor de gevolgen van zo’n verslaving.
In 2020 kwam ze terug in het nieuws dat het niet goed ging met haar en dat ze niet meer in de mogelijkheid was om nog op te staan, zelfs een rolstoel was geen alternatief.
Hoe het nu gaat met haar, ik zou het niet weten, hopelijk beter. (diverse bronnen, foto uit mijn persoonlijk collectie en Wikipedia)



In Vlaanderen en Nederland kennen we hem vooral van het nummer On My Way To LA.
Het nummer schreef hij samen met Simon Dale Sanders in 1985.
In zijn thuisland was de single goed voor een negende plaats in de hitparade.
Zowel in Vlaanderen als in Nederland kwam dit nummer niet verder dan de tipparade.
Ook een jaar later, met het nummer Moonshine Still mislukte zijn poging om bij ons een plaats te veroveren in de hitparade.
Vreemd, want beide nummers zijn echt wel pareltjes en gelukkig wel en toen vaak te horen op de radio.
Phil Carmen (echte naam Herbert Hofmann) studeerde af als boekhouder, maar volgde tijdens zijn tienerjaren les aan het conservatorium in Luzern.
Tijdens zijn studententijd orkestleider van de schoolband The High Lifes in Stans.
Vanaf 1970 begon zijn muzikale carrière dat hij toen combineerde met een muziekwinkel waar hij zowel lp’s en singles als gitaren verkocht.
Vanaf 1979 had hij redelijk veel succes en dit samen met zijn vriend Mike Thompson (echte naam Marcel Galuzzi) en dit onder de artiestennaam Carmen & Thompson.
In 1980 hadden ze zelf een hit met de single Time Moves On en met een jaar later deden ze zelf mee aan het Festival van San Remo met het nummer Follow Me (1981)
Een jaar later was hij eigenaar van zijn eigen platenstudio Picar Studios in Stein am Rhein in Zwitserland.
In zijn studio gebeurde ook de opname van het nummer The Captain Of Her Heart van het Zwitserse duo Double en dat is wel duidelijk te horen.

Bijna niets terug te vinden van deze zanger dan een klein berichtje dat hij kwam te overlijden in 2005.
Zijn drie albums waar ik het debuutalbum in mijn verzameling heb, zijn moeilijk te vinden en dat vertaal dan ook in dure aankoopprijzen op Discogs.





Karen Carpenter wordt op 2 maart 1950 geboren in New Haven, Connecticut.
Samen met haar broer, Richard (15 Oktober 1946), vormt Karen The Carpenters.
Richard studeert klassiek piano en houdt zich veel met muziek bezig, maar zijn smaak is mede door de invloed van vader Carpenter niet bepaald die van zijn generatie.
Platenmaatschappij RCA denkt er ook zo over, getuige de beslissing om de instrumentale popjazz van het in 1965 opgerichte Carpenter Trio (Wes Jacobs op tuba en bas, Richard toetsen en Karen drums) niet uit te brengen.
Richard en Karen proberen een nieuwe, vocale aanpak met het kwartet Spectrum, maar ook dat brengt niet het gewenste succes.
Na zanglessen voor Karen en met een meer middle-of-the-road georiënteerde repertoirekeuze lukt het The Carpenters wel een platencontract te krijgen.
Hun eerste elpee Offering dreigt te floppen, als Ticket To Ride alsnog een hit wordt.
De elpee wordt omgedoopt tot Ticket To Ride en verkoopt aardig in de voetsporen van het singlesucces.
Het door Burt Bacharach en Hal David geschreven titelnummer van Close To You groeit uit tot een wereldhit.
Ondanks hun brave imago weten Karen en Richard ook de meer serieuze popliefhebber te overtuigen met hun vertolking van Leon Russell’s Superstar, waarmee ze in 1971 ook in Vlaanderen en Nederland een hit hebben.
Vele hits volgen, waaronder Jambalaya, Please Mr. Postman en Yesterday Once More.
In 1973 beleven The Carpenters hun topjaar met het album Now & Then en de compilatie The Singles 1969-1973 hoog in alle hitlijsten.
Daarna wordt de formule met teruglopend succes uitgemolken.
Bovendien eist het succes zijn tol.
Richard is lange tijd aan drugs verslaafd en Karen lijdt aan anorexia nervosa.
Na haar overlijden wordt postuum het album Voice Of The Heart uitgebracht, die de laatste opnamen bevat van het duo.
Karen Carpenter is 32 jaar geworden.


