110 jaar geleden was het Maria-Hendrikaplein, dat voor het station van Gent ligt, een heel ander zicht dan nu.

Het plein is vernoemd naar de vrouw van koning Leopold II, die in 1905 overleed.

Aan de rechterkant van het plein, waar nu de Clementinalaan en de Astridlaan zijn, stond een imposant hotel: het Flandria Palace Hotel.

Het was gebouwd voor de wereldtentoonstelling van 1913, die in Gent plaatsvond.

Het Flandria Palace Hotel is een ontwerp van architect Jules Van den Hende, die ook het station van Gent-Sint-Pieters ontwierp.

Het hotel had 600 kamers en was een van de luxueuste hotels van Europa.

Maar het hotel kende een tragisch lot.

Al in 1914 werd het omgevormd tot een militair hospitaal, waar eerst Belgische, dan Duitse en tenslotte geallieerde soldaten werden verzorgd.

Een deel van het hotel werd ook gebruikt als gevangenis voor burgers die naar Duitsland werden gedeporteerd.

Na de oorlog werd het hotel nooit meer heropend als hotel.

Het werd een laboratorium voor betononderzoek onder leiding van professor Gustave Magnel.

Later werd het een kantoorruimte voor de NMBS en Infrabel.

Het hotel is sinds 1995 beschermd als monument.

In de hal zijn er gedenkplaten voor het spoorwegpersoneel dat sneuvelde in de Eerste Wereldoorlog.

Het gebouw staat te koop en zal dus in de toekomst een nieuwe bestemming krijgen.

Brenda Lee met haar kersthit Rockin’ Around The Christmas Tree.

Dit nummer werd 65 jaar geleden opgenomen, toen Lee nog maar 13 jaar oud was.

Nu, op haar 78ste, heeft ze een historische prestatie geleverd door met dit nummer de eerste plaats te bereiken in de Amerikaanse hitlijsten.

Ze is daarmee de oudste zangeres die ooit een nummer 1-hit heeft gescoord in de VS.

Rockin’ Around The Christmas Tree is een product van de Nashville sound, een stijl van countrymuziek die gekenmerkt wordt door een gladde en populaire productie.

De muzikanten die meespeelden op de opname waren stuk voor stuk toppers in hun vakgebied.

Lloyd Cramer wordt beschouwd als de uitvinder van de Nashville sound en speelde piano op het nummer.

Buddy Harman was een legendarische drummer die op meer dan 18.000 nummers heeft gespeeld, waaronder hits van Elvis Presley, Roy Orbison en Patsy Cline.

Grady Martin was een veelzijdige gitarist die zowel rockabilly als jazz kon spelen.

Bob Moore was een van de meest gevraagde bassisten in Nashville en werkte ook samen met Presley en Orbison.

Boots Randolph was een saxofonist die vooral bekend werd door zijn eigen hit Yakety Sax, die later gebruikt werd als de themamuziek van de komiek Benny Hill.

De componist van Rockin’ Around The Christmas Tree was Johnny Marks, een specialist in het schrijven van kerstliedjes.

Hij had al eerder succes gehad met Rudolph, the Red-Nosed Reindeer, dat in 1949 een grote hit werd voor Gene Autry.

Marks schreef ook andere kerstklassiekers zoals I Don’t Want a Lot for Christmas, The Night Before Christmas Song, An Old-Fashioned Christmas, A Merry, Merry Christmas to You, When Santa Claus Gets Your Letter en The Most Wonderful Day of the Year.

Rockin’ Around The Christmas Tree werd voor het eerst uitgebracht in 1958, met op de B-kant Papa Nöel, maar werd pas een hit in 1960.

Dankzij de film Home Alone, waarin het te horen was tijdens een scène waarin Kevin McCallister (gespeeld door Macaulay Culkin) doet alsof hij een groot kerstfeest geeft om inbrekers af te schrikken.

Bereikte het nummer toen de veertiende plaats in de Billboard Hot 100 en werd sindsdien een vaste waarde in de kerstperiode.

Het nummer is ook gebruikt in de film Mean Girls en de tv-shows, reeks The Simpsons.

Het nummer is meer dan 150 miljoen keer gestreamd en heeft meer dan 25 miljoen verkochte exemplaren wereldwijd.

Vandaag 175 jaar geleden, komt de Britse schrijfster Emily Brontë, vooral bekend van “Wuthering Heights” te overlijden.

Ze was de middelste van de drie Brontë-zusters. Haar zusters Charlotte Brontë en Anne Brontë waren eveneens schrijfster; haar broer Branwell Brontë was schrijver en schilder.

Emily Brontë werd geboren in Thornton in Yorkshire.

In 1821 verhuisde de familie naar Haworth waar haar vader dominee was.

Hier bloeide het literaire talent van de drie zusters op.

Als kind al creëerden ze imaginaire landen die voorkwamen in verhalen die ze schreven.

Slechts weinig werk van Emily uit deze tijd is bewaard gebleven.

Dankzij de steun van een rijke tante, kwamen de gezusters Brontë in mei 1842 aan in Brussel om te studeren aan de kostschool Pensionnat de Demoiselles van Héger van Claire en Constantin Héger.

Ze waren twee van de twaalf interne leerlingen, naast ongeveer veertig externe.

Ze kregen les in Frans en Duits, maar ook in andere vakken zoals wiskunde, schrijven, tekenen, muziek en zang.

De kostschool sloot in 1871, toen de Hégers met pensioen gingen.

Het gebouw werd overgenomen door het ministerie van onderwijs en werd onderdeel van de Gemeentelijke Lagere School nr. 1.

Deze school verhuisde later naar een andere locatie, omdat de buurt grondig werd verbouwd tussen 1907 en 1912.

Op de plaats van de kostschool kwamen het hoofdkantoor van de Société générale de Belgique en het Paleis voor Schone Kunsten (nu Bozar) te staan.

Emily Brontë schreef poëzie en een roman, namelijk Wuthering Heights in 1847.

Dit boek behoort tot de klassiekers van de Engelse literatuur.

Ze gebruikte net als haar twee zusters een mannelijk pseudoniem: Ellis Bell.

Wuthering Heights is een novelle die zich afspeelt op het landgoed Wuthering Heights dat eigendom is van de familie Earnshaw.

In het gezin wordt de wees Heathcliff opgenomen.

Hij wordt verliefd op Cathy, de dochter des huizes. Maar zij kan niet met iemand beneden haar stand trouwen.

Ze stierf op 30-jarige leeftijd aan tuberculose, waar in ieder geval haar zuster Anne eveneens aan overleed.

Ook Charlotte zou hieraan zijn overleden, al wordt tegenwoordig vermoed dat het eigenlijk om complicaties bij zwangerschap ging.

Emily en Charlotte liggen begraven in de kerk van hun vader St. Michael and All Angels, in Haworth (West Yorkshire).

Anne Brontë ligt begraven in Scarborough.

Wuthering Heights is inmiddels in vele talen vertaald en meerdere malen verfilmd (o.a. in een versie uit 1939) en voor het theater bewerkt.

Ook is het boek bekend dankzij de debuutsingle Wuthering Heights van zangeres Kate Bush uit 1978.

De Lp Wind & Wuthering uit 1976 van Genesis bevat twee tracks die de slotzinnen van het boek als titel hebben.

Wuthering Heights werd in 2002 opgenomen in de Wereldbibliotheek (lijst van belangrijkste boeken uit de wereldliteratuur),

samengesteld op initiatief van de gezamenlijke Noorse boekenclubs en de Zweedse Academie. (diverse bronnen en Wikipedia)

De Nederlandse zangeres Dee Dee te gast op het Yamaha-festival in Japan.

Dee Dee (echte naam Anna Dekkers) werd geboren in Amsterdam op 25 juli 1956. De enige droom dat ze had was zangeres worden.

In 1977 begint haar zangcarrière als zangeres in de groep Head Over Heels (New Wave). I

In 1977 brachten ze hun enige single uit met als titel Do That Thing.

In deze periode was ze ook achtergrondzangeres bij Johnny Kendall & The Heralds.

Enkele maanden later komt ze in contact met Jacques Zwart (had een grote hit in de jaren 60 met de hit “Ik heb geen zin om op te staan” en was ook zanger bij de minder succesvolle groepen Amsterdam en Think Tank.

Later werkte hij als producer, arrangeur en tekstschrijver.

Hij werkte onder meer met Ben Cramer, Corry Konings, Oscar Harris, Luv en Doris D & the Pins).

Dankzij Jacques begon ze een kortstondige solocarrière als discozangeres onder de artiestennaam Dee Dee.

Samen maakten ze het album Loving You en daaruit de disco single ‘I Put a Spell on You’, een nummer geschreven door Screamin’ Jay Hawkins.

Alan Price scoorde er toen een hit mee in 1966.

Hij had toen de groep Animals verlaten om verder te gaan als soloartiest.

In november 1978 vertegenwoordigde Dee Dee Nederland op het Japanse World Popular Song Festival (Yamaha-festival) in Tokyo met het nummer Hold Me.

Het nummer was een grote hit in Japan, maar helaas de daaropvolgende singles Give Me Something en Sweet Sweet Lovin’ waren minder succesvol.

Dus begon ze in 1979 als één van de Bombita’s van Herman Brood’s Wild Romance.

In 1980 zong ze ook bij Beau Boy

Dankzij haar vriendschap met Jacques Zwart leer ze ook Hans van Hemert kennen, die in 1980 een idee had om een nieuwe vocale groep op te richten.

Hans van Hemert kennen we als zanger, maar had meer succes als producer.

Zijn eerste grote succes als producer en componist was de hit Elephant Song van de zanger Kamahl (1975).

Hij werkte ook met Boudewijn de Groot, Q65, Mouth & MacNeal, Sandra & Andres, American Gypsy, Mac & Katie Kissoon en Luv.

De groep kreeg de naam Vulcano en de andere leden warenJos Groothuizen (broer van Angela Groothuizen, die we onder ander kennen van de Dolly Dots), Suzanne Venneker en René van der Wel.

Na hun eerste debuutsingle Shut Up and Boogie volgde nog een tweede hit met Superman.

Na een aantal Engelse nummers gemaakt te hebben besloten ze om mee te doen met het Nationale Songfestival in 1983 en ze werden daar tweede met het nummer: Een beetje van dit, een beetje van dat.

Dit nummer werd ondanks de tweede plaats een grote hit in Vlaanderen en Nederland.

Na dit succes volgde nog een hit met Als je haar maar goed zit en na nog twee bescheiden plaatjes viel de band uit elkaar in 1986.

Nadat Vulcano uit elkaar was gegaan nam ze haar solocarrière weer op.

Vanaf 1985 bracht ze een aantal singles uit, echter zonder noemenswaardig succes.

In 1986 nam ze als solist deel aan het Nationaal Songfestival met ‘(Ik speel) de clown’ en ‘Fata Morgana’

In 2006 vroeg Dee Dee aan de andere leden van de groep Vulcano om te komen kijken naar haar optreden van haar nieuwe groep en werden de leden op het podium geroepen door haar.

Toen de band werd ingezet van hun hit “Een beetje van dit en een beetje van dat” zongen ze uit volle borst mee.

Na dit spontane optreden is de vulkaan weer uitgebarsten en treden ze weer op door het hele land, platen maken doen ze niet meer.

Ook worden ze nog veel gevraagd bij straatfeesten (Joepie 17 december 1978).

Vandaag is het precies 180 jaar geleden dat Charles Dickens zijn beroemde boek A Christmas Carol publiceerde.

Dit verhaal over de gierige Ebenezer Scrooge, die op kerstavond bezoek krijgt van drie geesten die hem zijn verleden, heden en toekomst laten zien, werd meteen een bestseller.

Binnen een week waren alle 6000 exemplaren van de eerste druk uitverkocht. Het boek was rijkelijk voorzien van illustraties door John Leech.

A Christmas Carol verscheen in een tijd waarin de traditionele kerstviering aan het verdwijnen was, en nieuwe gebruiken zoals kerstkaarten populair werden.

Dickens gaf met zijn boek een nieuwe impuls aan de kerstsfeer, en benadrukte de waarden van naastenliefde, vergeving en mededogen.

Hij liet ook zijn kritiek zien op de sociale misstanden en de armoede in het Victoriaanse Engeland, die hij in veel van zijn andere werken ook aan de kaak stelde.

Dickens maakte van zijn kerstverhalen een jaarlijkse traditie, en schreef tussen 1844 en 1848 nog vier andere verhalen met een kerstthema: The Chimes, The Cricket on the Hearth, The Battle of Life en The Haunted Man and The Ghost’s Bargain.

Vandaag 75 jaar geleden, werd een gedenkplaat onthuld ter ere van de Gentse dichter Georges Rodenbach, die in 1898 overleed

De Gentse kunstenaar Geo Vindevogel ontwierp het bronzen gedenkplaat om de gebeurtenis te herdenken.

De plechtigheid vond plaats in de Orbanlaan nummer 9, in Gent, waar Rodenbach zijn jeugd doorbracht.

Onder de aanwezigen waren zijn zus Marie, die gehuwd was met de schilder Georges Le Brun, zijn zoon Constantin en zijn neef Andre, die ook dichter was.

Andre Rodenbach was de halfbroer van de Gentse dichteres Eliane (Ely) Rodenbach.

Hij groeide op in Lokeren, en toen hij 14 jaar was verhuisde het gezin naar Gent. Daar woonde ze in 1915 in de Meerstraat.

In 1919 trokken ze naar de Blankenbergestraat, in 1921 naar de Pelikaanstraat en in 1928 naar de Vrijheidslaan.

Hij was een gepassioneerde dichter, die poëzie beschouwde als een middel om de menselijke geest te verheffen boven het materialisme.

Hij had een grote bewondering voor Frankrijk en zijn cultuur, vooral voor de streek van de Midi.

Hij betreurde de achteruitgang van het Frans in Vlaanderen, die hij toeschreef aan de taalwetten en het verdwijnen van het Frans uit het onderwijs.

Hij voelde zich geroepen om de Franse cultuur levend te houden in België, vooral onder de toen 75000 Franssprekende Vlamingen ( gedenkplaat onthuld op 19 december 1948).

De Amerikaanse zangeres Nancy LaMott maakte een jaar voor haar dood in 1994 de kerst-cd Just In Time For Christmas.

De productie was in handen van componist en producer David Friedman.

Zoals het publiek het wil, zingt Nancy op haar eigen manier de gekende kerstnummers zoals Santa Claus Is Coming To Town, Baby, It’s Cold Outside ( in duet met Michel Feinstein), I’ll Be Home For Christmas en The Christmas Song.

Maar het album bevat ook enkele nieuwe nummers, zoals het prachtige Just In Time For Christmas geschreven door David Friedman en David Zippel.

Op 17-jarige leeftijd werd bij haar de ziekte van Crohn vastgesteld, een ongeneeslijke medische aandoening die gepaard gaat met moeilijke darmproblemen en chronische pijn en artritis.

In maart 1995 werd bij LaMott baarmoederkanker vastgesteld, maar ze stelde een hysterectomie uit om Listen To My Heart op te nemen, een album dat slechts twee opmerkelijke dagen in beslag nam.

Bij de operatie bleek dat de kanker was uitgezaaid.

Haar laatste openbare optreden was op 4 december 1995 en dit voor een tv-optreden in The Charles Grodin Show van CNBC, waar ze Moon River zong op 4 december 1995.

Volgens David Friedman had LaMotts leven twee rode draden: haar ziekte en haar talent, en de “twee dingen bereikten precies tegelijkertijd een hoogtepunt”.

Op 13 december 1995 zegende pater Steven Harris de huwelijksverbintenis van Nancy met haar vriend Peter Zapp, iets meer dan een uur voordat ze stierf.

Ze stierf om 23:40 uur in het St. Luke’s-Roosevelt Hospital Center in Manhattan en dit op de leeftijd van 44 jaar.