Vandaag acht jaar geleden namen we afscheid van Aretha Franklin: het meeslepende levensverhaal van de ‘Queen of Soul’

Aretha Franklin zag op 25 maart 1942 het levenslicht in Memphis als dochter van een baptistenpredikant.

Ze groeide op in Detroit, waar haar muzikale talent al op zeer jonge leeftijd tot bloei kwam in het kerkkoor van haar vaders New Bethel Baptist Church.

Haar jeugd werd echter gekenmerkt door een snelle opeenvolging van ingrijpende gebeurtenissen.

Op veertienjarige leeftijd werd ze al voor het eerst moeder van een zoon, Clarence, vernoemd naar zijn vader.

Slechts een jaar later schonk ze het leven aan haar tweede zoon, Edward, van een andere vader.

Omdat Franklin haar zangcarrière verder moest uitbouwen, nam haar grootmoeder de dagelijkse zorg voor de twee jongens op zich.

Met de volle steun van haar vader verhuisde ze in 1960 naar New York.

Een demoband belandde op het bureau van John Hammond, de vermaarde ontdekker van Billie Holiday, die haar meteen een platencontract bezorgde bij Columbia Records.

Nog datzelfde jaar verscheen haar debuutsingle ‘Today I Sing the Blues’, een jaar later gevolgd door het album ‘Aretha’.

In de vroege jaren zestig boekte ze bescheiden successen met nummers zoals ‘Rock-a-bye Your Baby with a Dixie Melody’ en ‘Operation Heartbreak’.

Hoewel de grote hitstream toen nog uitbleef, doopte een radiodj in Chicago haar in die periode al om tot ‘The New Queen of Soul’.

Op persoonlijk vlak koos ze in 1961 voor een huwelijk met Ted White, wat tegen de wil van haar vader in ging.

White nam de rol van manager over van haar vader, en in 1964 verwelkomden ze hun zoon Ted Junior.

Achter de schermen ging het er stormachtig aan toe; volgens intimi werd Franklin door haar echtgenoot fysiek mishandeld.

In 1966 dwong White haar om Columbia Records te verlaten en te tekenen bij Atlantic Records.

Deze overstap luidde haar definitieve doorbraak in.

In april 1967 bracht ze bij haar nieuwe label de single ‘Respect’ uit, een bewerking van een nummer van Otis Redding.

Het album groeide niet alleen uit tot een gigantische hit, maar ook tot het officieuze volkslied van de Civil Rights Movement.

Franklin werd de stem van zwart Amerika genoemd.

Hoewel ze zelden meeliep in protestmarsen, gebruikte ze haar bekendheid om grote menigten te trekken, geholpen door de hechte vriendschap tussen haar vader en Martin Luther King.

In 1968 verzilverde ze twee Grammy Awards voor ‘Respect’ en veroverde ze de hitlijsten met de feministische klassieker ‘Think’.

Ze schreef geschiedenis door als tweede zwarte beroemdheid ooit, na Martin Luther King, de cover van Time Magazine te sieren.

Privé bleef het echter roerig.

Haar huwelijk met Ted White liep definitief op de klippen, wat eind 1968 leidde tot een scheiding.

Daarna kreeg ze een knipperlichtrelatie met haar roadmanager Ken Cunningham.

Uit deze relatie werd hun zoon Kecalf geboren, een naam gevormd door de initialen van beide ouders.

Vanaf 1976 raakte haar carrière tijdelijk in een slop.

Voor het eerst in acht jaar greep ze naast de Grammy’s, haar verkoopcijfers bij Atlantic Records zakten in en het album ‘Sweet Passion’ werd een commerciële en artistieke tegenvaller.

Na twaalf jaar beëindigde ze haar samenwerking met Atlantic en stapte ze over naar Arista Records.

Haar grote terugkeer kwam er in 1980 dankzij een geslaagde cover van ‘What a Fool Believes’ van The Doobie Brothers, kort daarna gevolgd door een iconische rol in de filmklassieker ‘The Blues Brothers’.

Toch werd ze opnieuw geconfronteerd met tegenslagen.

Het overlijden van haar vader en een traumatisch vliegtuigongeval, dat resulteerde in een hardnekkige vliegangst en agorafobie, (mensen met agorafobie ervaren intense angst of paniek in situaties buiten hun vertrouwde thuisomgeving), dwongen haar om zich tijdelijk uit het openbare leven terug te trekken.

In 1985 maakte ze een sterke comeback met de plaat ‘Who’s Zoomin’ Who?.

Op dat succesvolle album blonk ook haar krachtige samenwerking met Eurythmics uit.

Het feministische duet ‘Sisters Doin’ It for Themselves’, opgenomen met Annie Lennox, groeide uit tot een wereldwijde pop- en R&B-hit die de kracht van beide zangeressen perfect bundelde.

Ook op persoonlijk vlak kreeg ze terug zware klappen te verwerken: haar tweede huwelijk met acteur Glynn Turman strandde officieel in 1984, na een scheiding van tafel en bed in 1982.

Daarnaast verloor ze haar naaste familieleden aan de gevolgen van kanker; haar jongere zus Carolyn overleed in 1988 op 43-jarige leeftijd aan borstkanker, haar broer Cecil, die tevens haar manager was, overleed in 1989 op 49-jarige leeftijd, en haar oudere zus Erma overleed in 2002 op 64-jarige leeftijd aan keelkanker.

Een van de meest opvallende hoogtepunten uit deze periode was haar samenwerking met George Michael.

In januari 1987 brachten ze het ijzersterke duet ‘I Knew You Were Waiting (For Me)’ uit.

Voor George Michael, die net de groep Wham! had verlaten, was het een droom die uitkwam om met zijn idool te zingen.

Het nummer werd een wereldwijd succes en veroverde de eerste plaats in zowel de Amerikaanse Billboard Hot 100 als de Britse hitlijsten.

Het leverde Franklin haar allereerste Britse nummer 1-hit op en de twee mochten er in 1988 zelfs een Grammy Award voor Best R&B Performance by a Duo or Group mee in ontvangst nemen.

Ondanks alle persoonlijke beproevingen bleef de erkenning voor haar muzikale oeuvre gigantisch.

Naast een indrukwekkende reeks Grammy Awards voor beste r&b-zangeres, werd ze geëerd met een Grammy Legend Award (1991) en een Lifetime Achievement Award (1994).

In 1997 schreef ze geschiedenis als de eerste vrouw die werd opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame.

Twee jaar later ontving ze de National Medal of Arts, de hoogste artistieke onderscheiding in de Verenigde Staten.

Een absoluut hoogtepunt in haar latere carrière was haar optreden tijdens de inauguratie van president Barack Obama in 2009.

Eind 2010 werd bekend dat er alvleesklierkanker bij haar was vastgesteld.

Na langdurige speculaties in de media liet de zangeres weten dat ze de ziekte had overwonnen en zich weer volledig op haar muziek wilde richten.

Dat onderstreepte ze met het album ‘A Woman Falling Out of Love’ in 2011.

In 2014 volgde ‘Aretha Franklin Sings the Great Diva Classics’, waarop haar krachtige versie van Adeles ‘Rolling in the Deep’ hoge ogen gooide.

In 2017 kondigde ze haar pensioen aan, niet lang na het uitbrengen van het album ‘A Brand New Me’ met The Royal Philharmonic Orchestra.

Een geplande reeks afscheidsconcerten moest ze helaas grotendeels afzeggen vanwege haar broze gezondheid.

Want de kanker stak opnieuw de kop op.

Na een periode waarin ze thuis door haar naasten werd verzorgd, overleed Aretha Franklin op 16 augustus 2018 op 76-jarige leeftijd in haar woning in Detroit, omringd door haar familie en vrienden.

Met haar overlijden kwam er een einde aan het leven van een van de allergrootste en meest invloedrijke stemmen uit de muziekgeschiedenis.

Naast haar indrukwekkende levensloop zijn er heel wat bijzondere weetjes die de unieke persoonlijkheid van de Queen of Soul illustreren.

Zo stond Franklin bekend als een buitengewoon begenadigd pianiste, een talent dat ze zichzelf grotendeels op het gehoor aanleerde zonder formeel noten te leren lezen.

Haar iconische status werd na haar overlijden nogmaals bevestigd toen het prestigieuze tijdschrift Rolling Stone haar uitriep tot de allerbeste zangeres aller tijden.

Ook haar extreme vliegangst zorgde voor opmerkelijke situaties; vanaf de jaren tachtig weigerde ze absoluut om nog in een vliegtuig te stappen, waardoor ze al haar tournees aflegde in een speciaal aangepaste, luxueuze touringcar en optredens buiten Noord-Amerika zo goed als uitgesloten waren.

Haar legendarische optreden op de begrafenis van Martin Luther King in 1968 onderstreepte haar diepe verbondenheid met de burgerrechtenbeweging, terwijl haar muzikale veelzijdigheid op briljante wijze bleek toen ze tijdens de Grammy Awards van 1998 op het allerlaatste moment inviel voor de zieke Luciano Pavarotti en moeiteloos het klassieke operastuk ‘Nessun Dorma’ ten gehore bracht.

Tot slot bezat ze een heel eigenzinnige gewoonte tijdens concerten: vanwege slechte ervaringen in haar beginjaren eiste ze steevast dat ze voor elk optreden contant werd uitbetaald, waarna ze haar goedgevulde handtas gedurende het hele concert op of naast de vleugel liet staan

Vandaag is het precies zeven jaar geleden dat de Italiaanse wielrenner Felice Gimondi overleed.

Gimondi werd geboren in Sedrina, nabij Bergamo, en liet als amateur al zijn talent zien door onder andere de Ronde van de Toekomst te winnen.

Zijn grote doorbraak volgde in 1965, toen hij als neoprof meteen de Ronde van Frankrijk op zijn naam schreef.

Zijn succes in de Grote Rondes bleef groeien.

Twee jaar later won hij de Ronde van Italië, een prestatie die hij in 1969 en 1976 herhaalde. Door in 1968 ook de Ronde van Spanje te winnen, trad hij toe tot een exclusief gezelschap.

Gimondi is namelijk een van de slechts zeven renners die alle drie de Grote Rondes hebben gewonnen, samen met Jacques Anquetil, Eddy Merckx, Bernard Hinault, Alberto Contador, Vincenzo Nibali en Chris Froome.

De renner, die de bijnamen de buizerd van Bergamo en de aristocraat droeg, blonk uit in constantheid; in al zijn vijf deelnames aan de Ronde van Frankrijk eindigde hij in de top tien.

Zijn minste resultaat was een zevende plaats, en hij pakte in totaal zeven Touretappes.

Naast zijn successen in rittenkoersen was Gimondi een specialist in eendaagse klassiekers.

Hij won tweemaal de Ronde van Lombardije, in 1966 en 1973.

Daarnaast schreef hij Parijs-Roubaix in 1966 en Milaan-San Remo in 1974 op zijn naam, en kroonde hij zichzelf in 1973 tot wereldkampioen.

Zijn carrière kende ook een schaduwzijde toen hij tijdens de vijftiende etappe van de Ronde van Frankrijk in 1975 positief testte op doping.

Dit kostte hem tien minuten straftijd in het algemeen klassement, een boete van duizend Zwitserse frank en een voorwaardelijke schorsing van een maand.

Gimondi overleed in 2019 op 76-jarige leeftijd aan de gevolgen van een hartaanval, die hem trof tijdens het zwemmen in zee aan de oostkust van Sicilië.

Gisteren nog vandaag

Yvette Mimieux

Yvette Carmen Mimieux zag het levenslicht op 8 januari 1942 in het bruisende Los Angeles en verliet deze wereld op 17 januari 2022.

Ze was een Amerikaanse actrice die in de jaren zestig en zeventig grote bekendheid genoot. Ze had een vader van Franse afkomst en een Mexicaanse moeder.

Haar doorbraak op het witte doek kwam in 1960 met twee zeer verschillende rollen die haar veelzijdigheid lieten zien. In The Time Machine, de beroemde verfilming van het boek van H.G. Wells, speelde ze Weena, een wezen uit een verre toekomst.

In datzelfde jaar was ze te zien in de succesvolle film Where the Boys Are.

Voor haar rol in de film Platinum High School, eveneens uit 1960, ontving ze een Golden Globe-nominatie voor beste nieuwkomer.

Naast deze vroege successen speelde Yvette in een groot aantal films en televisieseries.

Zo kreeg ze veel lof voor haar gevoelige vertolking in ‘Light in the Piazza’ uit 1962, waarin ze een jonge vrouw met een verstandelijke beperking speelde die verliefd wordt tijdens een vakantie in Italië.

Daarnaast speelde ze ook in de Disney-sciencefictionfilm ‘The Black Hole’ uit 1979 en in de cultfilm ‘Jackson County Jail’ uit de jaren zeventig.

Op televisie had ze gastrollen in populaire series zoals ‘Dr. Kildare’ en ‘The Love Boat’.

Een interessant weetje is dat ze, voordat haar filmcarrière begon, meedeed aan een schoonheidswedstrijd waarbij Elvis Presley de jury was.

Ze was een van de vier finalisten die werden uitgenodigd op de set van Jailhouse Rock om te strijden voor een kleine figurantenrol, al werd ze uiteindelijk niet gekozen.

Wat veel mensen ook niet weten, is dat Yvette Mimieux niet alleen acteerde, maar zich later ook toelegde op het schrijven en produceren.

Ze wilde niet vastzitten aan het imago van enkel een mooie, kwetsbare vrouw.

Ze schreef en produceerde de televisiefilm ‘Obsessive Love’ uit 1984, waarin ze zelf de uitdagende hoofdrol van een stalker op zich nam.

Eerder schreef ze al het script voor de televisiefilm ‘Hit Lady’ in 1974, waarin ze een meedogenloze huurmoordenaar speelde.

Na haar rol in de miniserie ‘Lady Boss ‘in 1992 besloot ze afscheid te nemen van de acteerwereld.

Ze begon een geheel nieuw en succesvol hoofdstuk in haar leven als zakenvrouw in de vastgoedsector.

Ze had een brede interesse in de wereld om haar heen, wat leidde tot studies in de antropologie en archeologie.

Ze reisde veel, hield zich bezig met schilderen en was een toegewijd beoefenaar van yoga.

Samen met een voormalige actrice begon ze bovendien een bedrijf dat gespecialiseerd was in textiel en borduurwerk, gebaseerd op ontwerpen uit Haïti.

Op persoonlijk vlak was Yvette Mimieux drie keer getrouwd.

Haar tweede huwelijk was met de bekende filmregisseur Stanley Donen, met wie ze van 1972 tot 1985 getrouwd was.

In 1986 trouwde ze met zakenman en National Geographic-fotograaf Howard F. Ruby, met wie ze samenbleef tot aan haar overlijden.

Ze had geen kinderen en leidde na haar acteerpensioen een rijk en fascinerend leven ver buiten de schijnwerpers van Hollywood.

Vandaag is mijn mama, geboren als Monique Van Speybrouck jarig.

Op deze foto’s is ze zes maanden oud, samen met haar grootmoeders en mijn marraine.

Foto van mijn overgrootmoeder (de mama van mijn grootvader)

Gisteren nog vandaag

Foto: mijn mama, marraine en mijn overgrootmoeder

Gisteren nog vandaag

Mijn marraine en mijn mama

Gisteren nog vandaag

Mijn mama (geboren op 2 maart 1942)

Gisteren nog vandaag

Tante Vergenie van mijn mama, de zus van mijn meter 

Gisteren nog vandaag

Vandaag is het ook al vijf jaar geleden dat de Nederlandse actrice, comédienne, zangeres en danseres Corrie van Gorp is overleden.

Corrie van Gorp, de dochter van Piet van Gorp van het bekende accordeontrio The Three Jacksons,

koos aanvankelijk voor een andere kunstvorm. Ze begon haar carrière in 1958 als danseres bij het Amsterdams Ballet en stapte drie jaar later over naar Het Nationale Ballet.

Haar grote doorbraak bij het grote publiek volgde begin jaren 70, toen ze samen met Willem Nijholt schitterde in de theatershows van Wim Sonneveld.

Na een hoofdrol in de musical “Een kannibaal als jij” (van Freek de Jonge en Bram Vermeulen), maakte Van Gorp in 1974 de overstap die haar iconisch zou maken: ze voegde zich bij de revue van André van Duin.

Jarenlang vormde ze, samen met Van Duin en “moppenaangever” Frans van Dusschoten, het hart van dit immens populaire revuegezelschap.

Hun teksten stonden vaak bol van de dubbelzinnigheden, wat de shows een geliefde, eigen signatuur gaf.

Naast de televisieshows en het theaterwerk met Van Duin, was Van Gorp ook solo succesvol.

Ze scoorde een aantal grote hits, waaronder “Me soesafoon”, “Zo slank zijn als je dochter”, “Alie van de wegenwacht” en “Ik ben tamboer”.

In 1978 maakte ze bovendien haar eerste en enige langspeelplaat. De teksten hiervoor werden geschreven door Tol Hansse en de muziek door Jacob Philip van Mechelen.

Uit dit album kwam de single “Een Hollandse boerenmeid”.

Los van haar solowerk, creëerde ze natuurlijk samen met Van Duin de onvergetelijke typetjes meneer en mevrouw De Bok.

In 1987 trok Van Gorp zich vrij plotseling terug uit het theater.

Oververmoeidheid (een burn-out) dwong haar rust te nemen, waarna ze jarenlang op Aruba woonde.

Ze keerde echter nog eenmaal terug op het scherm. In 2009 maakte ze, opnieuw als mevrouw De Bok, samen met Van Duin een televisie-comeback in de wekelijkse “Dik voormekaar show”.

In 2010 trok ze zich definitief terug uit het openbare leven.

In 2018 werd ze nog geëerd in het Oude Luxor Theater in Rotterdam, waar een vitrine werd ingericht met de originele kleding van haar bekendste typetje.

Corrie van Gorp overleed op 22 november 2020 op 78-jarige leeftijd in haar slaap.

Haar uitvaart begon, heel passend, vanaf haar podium in het Oude Luxor, met een witte kist.

Deze week, 45 jaar geleden, is de hoogste nieuwkomer in de Brt Top 30 het nummer Music Box Dancer van Frank Mills.

De Canadees Frank Mills (°27 juni 1942), die vooral muziek voor de Canadese tv maakte, nam deze oorwurm al in 1974 op, maar het nummer flopte toen.

In 1978 werd het opnieuw uitgebracht als B-kant van een andere single.

Een dj van een Canadees radiostation draaide echter per vergissing steeds ‘Music Box Dancer’.

Er kwam toen zoveel positieve respons op het nummer dat de platenmaatschappij het wereldwijd opnieuw als A-kant uitbracht.

‘Music Box Dancer’ werd een Amerikaanse top 3-hit en ook in Europa deed de single het erg goed in januari 1979.

Zo was het nummer in Vlaanderen en Nederland goed voor een elfde plaats in de Brt Top 30 en de Nederlandse Top 40.

Sindsdien werd het ook gebruikt in talloze films, series en commercials, o.a. in The Simpsons en Kill Bill (Met dank aan Denis Michiels)

Vandaag is het ook al 15 jaar geleden dat Freddy Breck is overleden in zijn huis in Rottach-Egern in Beieren aan de gevolgen van longkanker.

Freddy Breck werd geboren als Gerhard Breker op 21 januari 1942 in Sonneberg.

Hij begon zijn muzikale carrière in 1965, toen hij met zijn gitaar optrad in een café.

Zijn doorbraak kwam in 1972, met het nummer Überall auf der Welt, dat gebaseerd was op een aria uit de opera Nabucco van Verdi.

Hij werkte samen met de succesvolle producer Heinz Gletz, die hem hits als Rote Rosen, Bianca, Der Groe Zampano en Die Sterne Steh’n Gut bezorgde.

In 1974 scoorde hij ook in het buitenland, met de Engelse versie van So In Love With You, die de Britse top 50 haalde.

Hij was populair in heel Europa, maar ook in Zuid-Afrika en Japan.

Freddy Breck ontving vele prijzen voor zijn schlagers, waaronder 35 gouden en vijf platina platen. In de jaren tachtig legde hij zich meer toe op het schrijven van liedjes voor andere artiesten.

Hij trad ook regelmatig op in Vlaanderen en Nederland, samen met Dennie Christian, Mieke en Micha Marah.

Hij zong dan ook in het Nederlands.

In 1985 leerde hij zijn vrouw Astrid kennen, met wie hij een eigen muziekbedrijf en platenlabel oprichtte in 1998.

Ze vormden samen het duo Astrid & Freddy Breck, dat hits had als Liebe ist das Feuer einer Nacht.

Ze leefden volgens hun motto: samen door het leven, samen door de show.

Freddy Breck werd 66 jaar oud.

Freddy Breck over zijn onverwachte platen-comback (Joepie 5 juli 1981)

Gisteren nog vandaag

Micha Marah en Freddy Breck horen bij elkaar (Joepie 26 april 1987)

Vandaag is het ook al 10 jaar geleden dat de Amerikaanse zanger Lou Reed is overleden.

Gisteren nog vandaag: Raymond Van Het Groenewoud ‎interviewt Lou Reed (Joepie 28 maart 1982)

Gisteren nog vandaag: Het nieuwe leven van Lou Reed (Muziek Expres juli 1981)

Gisteren nog vandaag: Lou Reed duikt opnieuw in het volle leven (Joepie 29 juni 1986)

Gisteren nog vandaag: Lou Reed doorprikt de legende, mijn doodgedrogeerd Image was slechts camouflage (Joepie 7 juni 1981)

Lou Reed in de gevangenis (Joepie van 11 juni 1979)

100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.

De Grand Bazar ontstond uit de Maison Universelle.

Dit pand en drie aangrenzende winkels met mooie oude gevels werden in 1920 gesloopt voor de bouw van de nieuwe Grand Bazar.

Het monumentale pand was georganiseerd rond een centrale vide.

In 1942 kreeg het pand zijn eerste herinrichting door de Brusselse binnenhuisarchitect Georges De Jonckheere.

In 1985 heropende het pand als een filiaal van de Innovation. (diverse bronnen, Hendrik Defoort, Wout De Vuyst )

100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.
100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.
100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.
100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.
100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.
100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.
100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.
100 jaar geleden, bouwwerken gestart voor de nieuwe Grand Bazar in de Veldstraat in Gent.