Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
Hijo de la Luna (Spaans voor “Kind van de Maan”) is een van de meest dramatische en poëtische ballades uit de Spaanse popgeschiedenis.
Het nummer werd geschreven door José María Cano voor de legendarische Spaanse popgroep Mecano en is terug te vinden op het album Entre el cielo y el suelo, dat in Spanje werd uitgebracht op 16 juni 1986.
Met zijn betoverende walsritme en theatrale orkestratie groeide het nummer al snel uit tot een gigantische internationale hit in Spanje, Latijns-Amerika en grote delen van Europa.
Dankzij het succes van de single Hijo de la Luna, uitgebracht op 25 juli 1987 in hun thuisland en in Frankrijk in 1988, werd de single bij ons uitgebracht in de winter van 1989.
De single bereikte bij ons de achttiende plaats in de Ultratop 50.
Om die plaats te bereiken, moesten ze wachten op een tweede poging in augustus 1990.
Dit dankzij Nederland, waar de single pas in juni 1990 de hitparade bereikte, om dan in juli uiteindelijk de derde plaats te bereiken in de Nederlandse Top 40.
Wat het nummer zo bijzonder maakt, is de duistere tekst die is opgebouwd als een klassiek volksverhaal.
De tekst van het nummer is enigszins geïnspireerd op de Romancero gitano van de dichter Federico García Lorca, die tijdens de Spaanse Burgeroorlog (1936) in Granada werd vermoord.
De universele dichter, die in de nacht van 18 op 19 augustus 1936 door de handen van falangisten om het leven kwam, schreef deze dichtbundel, geïnspireerd door de Andalusische volksziel en, meer in het bijzonder, door de wereld, de gebruiken en de symbolen die rond de zigeunergemeenschap draaien: de liefde, de jaloezie, de wraak, de maan…
Uit deze liefde voor de zigeunercultuur en uit deze thema’s over liefde, tragedie en dood ontstond zijn toneelstuk Bodas de sangre (geïnspireerd op Romeo en Julia).
Dit stuk werd in 1981 verfilmd door de regisseur Carlos Saura uit Aragón, en ook in 1963 door Francisco Rovira Beleta in Los Tarantos, met de dansers Antonio Gades en de bekende (zigeuner)danseres Carmen Amaya.
Het nummer vertelt het tragische sprookje van een zigeunervrouw die tot de volle maan bidt om een echtgenoot.
De maan verhoort haar wens, maar eist een duistere prijs: het eerste kind dat ze zal baren.
Wanneer de baby wordt geboren met een spierwitte huid en grijze ogen, vermoedt de vader overspel.
Hij steekt zijn vrouw dood en laat het kind alleen achter op een bergtop.
De maan ontfermt zich uiteindelijk over het kind, en elke keer als de baby huilt, verandert de maan in een sikkel om hem als een wiegje te wiegen.
We moeten rekening houden met de strenge wetten van de zigeunergemeenschap, die botsen met de hedendaagse ideeën over gendergelijkheid.
Toch moeten we de tekst analyseren vanuit het perspectief van die tijd en de betekenis ervan begrijpen.
De vrouw werd beschouwd als de matriarch, de schenker van het leven.
De maan, in de klassieke oudheid vertegenwoordigd door Diana, was de godin van de jagenden en behield haar maagdelijkheid.
Ze kon destijds dus geen kind baren.
Daarom heeft ze een andere vrouw nodig om haar er een te bezorgen. In de tragedie van Lorca zien we nog een voorbeeld van een vrouw die geen kinderen kan baren: Yerma.
In november 2002 blies de Belgisch-Spaanse zangeres Belle Perez deze klassieker nieuw leven in, waarvoor ze de krachten bundelde met de heren van de Belgische acapellagroep Voice Male.
Als dochter van Spaanse ouders paste de iconische ballade haar als een gegoten jas.
Waar het origineel van Mecano rust op een mystieke synthpop-sfeer met de heldere, gereserveerde stem van zangeres Ana Torroja, koos Perez samen met Voice Male voor een warmere, meer akoestische en vocaal gelaagde benadering.
Met haar krachtige stem, de harmonieuze begeleiding van de heren en subtiele flamenco-invloeden wisten ze het nummer een eigentijdse energie te geven.
De samenwerking werd een groot succes in Vlaanderen: de single piekte op de 8e plaats in de Ultratop 50 en klom zelfs op naar de 4e plek in de BRT Top 30.
Aretha Franklin zag op 25 maart 1942 het levenslicht in Memphis als dochter van een baptistenpredikant.
Ze groeide op in Detroit, waar haar muzikale talent al op zeer jonge leeftijd tot bloei kwam in het kerkkoor van haar vaders New Bethel Baptist Church.
Haar jeugd werd echter gekenmerkt door een snelle opeenvolging van ingrijpende gebeurtenissen.
Op veertienjarige leeftijd werd ze al voor het eerst moeder van een zoon, Clarence, vernoemd naar zijn vader.
Slechts een jaar later schonk ze het leven aan haar tweede zoon, Edward, van een andere vader.
Omdat Franklin haar zangcarrière verder moest uitbouwen, nam haar grootmoeder de dagelijkse zorg voor de twee jongens op zich.
Met de volle steun van haar vader verhuisde ze in 1960 naar New York.
Een demoband belandde op het bureau van John Hammond, de vermaarde ontdekker van Billie Holiday, die haar meteen een platencontract bezorgde bij Columbia Records.
Nog datzelfde jaar verscheen haar debuutsingle ‘Today I Sing the Blues’, een jaar later gevolgd door het album ‘Aretha’.
In de vroege jaren zestig boekte ze bescheiden successen met nummers zoals ‘Rock-a-bye Your Baby with a Dixie Melody’ en ‘Operation Heartbreak’.
Hoewel de grote hitstream toen nog uitbleef, doopte een radiodj in Chicago haar in die periode al om tot ‘The New Queen of Soul’.
Op persoonlijk vlak koos ze in 1961 voor een huwelijk met Ted White, wat tegen de wil van haar vader in ging.
White nam de rol van manager over van haar vader, en in 1964 verwelkomden ze hun zoon Ted Junior.
Achter de schermen ging het er stormachtig aan toe; volgens intimi werd Franklin door haar echtgenoot fysiek mishandeld.
In 1966 dwong White haar om Columbia Records te verlaten en te tekenen bij Atlantic Records.
Deze overstap luidde haar definitieve doorbraak in.
In april 1967 bracht ze bij haar nieuwe label de single ‘Respect’ uit, een bewerking van een nummer van Otis Redding.
Het album groeide niet alleen uit tot een gigantische hit, maar ook tot het officieuze volkslied van de Civil Rights Movement.
Franklin werd de stem van zwart Amerika genoemd.
Hoewel ze zelden meeliep in protestmarsen, gebruikte ze haar bekendheid om grote menigten te trekken, geholpen door de hechte vriendschap tussen haar vader en Martin Luther King.
In 1968 verzilverde ze twee Grammy Awards voor ‘Respect’ en veroverde ze de hitlijsten met de feministische klassieker ‘Think’.
Ze schreef geschiedenis door als tweede zwarte beroemdheid ooit, na Martin Luther King, de cover van Time Magazine te sieren.
Privé bleef het echter roerig.
Haar huwelijk met Ted White liep definitief op de klippen, wat eind 1968 leidde tot een scheiding.
Daarna kreeg ze een knipperlichtrelatie met haar roadmanager Ken Cunningham.
Uit deze relatie werd hun zoon Kecalf geboren, een naam gevormd door de initialen van beide ouders.
Vanaf 1976 raakte haar carrière tijdelijk in een slop.
Voor het eerst in acht jaar greep ze naast de Grammy’s, haar verkoopcijfers bij Atlantic Records zakten in en het album ‘Sweet Passion’ werd een commerciële en artistieke tegenvaller.
Na twaalf jaar beëindigde ze haar samenwerking met Atlantic en stapte ze over naar Arista Records.
Haar grote terugkeer kwam er in 1980 dankzij een geslaagde cover van ‘What a Fool Believes’ van The Doobie Brothers, kort daarna gevolgd door een iconische rol in de filmklassieker ‘The Blues Brothers’.
Toch werd ze opnieuw geconfronteerd met tegenslagen.
Het overlijden van haar vader en een traumatisch vliegtuigongeval, dat resulteerde in een hardnekkige vliegangst en agorafobie, (mensen met agorafobie ervaren intense angst of paniek in situaties buiten hun vertrouwde thuisomgeving), dwongen haar om zich tijdelijk uit het openbare leven terug te trekken.
In 1985 maakte ze een sterke comeback met de plaat ‘Who’s Zoomin’ Who?.
Op dat succesvolle album blonk ook haar krachtige samenwerking met Eurythmics uit.
Het feministische duet ‘Sisters Doin’ It for Themselves’, opgenomen met Annie Lennox, groeide uit tot een wereldwijde pop- en R&B-hit die de kracht van beide zangeressen perfect bundelde.
Ook op persoonlijk vlak kreeg ze terug zware klappen te verwerken: haar tweede huwelijk met acteur Glynn Turman strandde officieel in 1984, na een scheiding van tafel en bed in 1982.
Daarnaast verloor ze haar naaste familieleden aan de gevolgen van kanker; haar jongere zus Carolyn overleed in 1988 op 43-jarige leeftijd aan borstkanker, haar broer Cecil, die tevens haar manager was, overleed in 1989 op 49-jarige leeftijd, en haar oudere zus Erma overleed in 2002 op 64-jarige leeftijd aan keelkanker.
Een van de meest opvallende hoogtepunten uit deze periode was haar samenwerking met George Michael.
In januari 1987 brachten ze het ijzersterke duet ‘I Knew You Were Waiting (For Me)’ uit.
Voor George Michael, die net de groep Wham! had verlaten, was het een droom die uitkwam om met zijn idool te zingen.
Het nummer werd een wereldwijd succes en veroverde de eerste plaats in zowel de Amerikaanse Billboard Hot 100 als de Britse hitlijsten.
Het leverde Franklin haar allereerste Britse nummer 1-hit op en de twee mochten er in 1988 zelfs een Grammy Award voor Best R&B Performance by a Duo or Group mee in ontvangst nemen.
Ondanks alle persoonlijke beproevingen bleef de erkenning voor haar muzikale oeuvre gigantisch.
Naast een indrukwekkende reeks Grammy Awards voor beste r&b-zangeres, werd ze geëerd met een Grammy Legend Award (1991) en een Lifetime Achievement Award (1994).
In 1997 schreef ze geschiedenis als de eerste vrouw die werd opgenomen in de Rock and Roll Hall of Fame.
Twee jaar later ontving ze de National Medal of Arts, de hoogste artistieke onderscheiding in de Verenigde Staten.
Een absoluut hoogtepunt in haar latere carrière was haar optreden tijdens de inauguratie van president Barack Obama in 2009.
Eind 2010 werd bekend dat er alvleesklierkanker bij haar was vastgesteld.
Na langdurige speculaties in de media liet de zangeres weten dat ze de ziekte had overwonnen en zich weer volledig op haar muziek wilde richten.
Dat onderstreepte ze met het album ‘A Woman Falling Out of Love’ in 2011.
In 2014 volgde ‘Aretha Franklin Sings the Great Diva Classics’, waarop haar krachtige versie van Adeles ‘Rolling in the Deep’ hoge ogen gooide.
In 2017 kondigde ze haar pensioen aan, niet lang na het uitbrengen van het album ‘A Brand New Me’ met The Royal Philharmonic Orchestra.
Een geplande reeks afscheidsconcerten moest ze helaas grotendeels afzeggen vanwege haar broze gezondheid.
Want de kanker stak opnieuw de kop op.
Na een periode waarin ze thuis door haar naasten werd verzorgd, overleed Aretha Franklin op 16 augustus 2018 op 76-jarige leeftijd in haar woning in Detroit, omringd door haar familie en vrienden.
Met haar overlijden kwam er een einde aan het leven van een van de allergrootste en meest invloedrijke stemmen uit de muziekgeschiedenis.
Naast haar indrukwekkende levensloop zijn er heel wat bijzondere weetjes die de unieke persoonlijkheid van de Queen of Soul illustreren.
Zo stond Franklin bekend als een buitengewoon begenadigd pianiste, een talent dat ze zichzelf grotendeels op het gehoor aanleerde zonder formeel noten te leren lezen.
Haar iconische status werd na haar overlijden nogmaals bevestigd toen het prestigieuze tijdschrift Rolling Stone haar uitriep tot de allerbeste zangeres aller tijden.
Ook haar extreme vliegangst zorgde voor opmerkelijke situaties; vanaf de jaren tachtig weigerde ze absoluut om nog in een vliegtuig te stappen, waardoor ze al haar tournees aflegde in een speciaal aangepaste, luxueuze touringcar en optredens buiten Noord-Amerika zo goed als uitgesloten waren.
Haar legendarische optreden op de begrafenis van Martin Luther King in 1968 onderstreepte haar diepe verbondenheid met de burgerrechtenbeweging, terwijl haar muzikale veelzijdigheid op briljante wijze bleek toen ze tijdens de Grammy Awards van 1998 op het allerlaatste moment inviel voor de zieke Luciano Pavarotti en moeiteloos het klassieke operastuk ‘Nessun Dorma’ ten gehore bracht.
Tot slot bezat ze een heel eigenzinnige gewoonte tijdens concerten: vanwege slechte ervaringen in haar beginjaren eiste ze steevast dat ze voor elk optreden contant werd uitbetaald, waarna ze haar goedgevulde handtas gedurende het hele concert op of naast de vleugel liet staan
Het idee voor deze foto is afkomstig van een bekende foto van Jayne Mansfield.
Buiten zangeres, actrice en zakenvrouw schreef Madonna 20 jaar geleden geschiedenis door haar eerste kinderboek ‘De Engelse rozen’ uit te brengen.
Twee jaar later, in 2005, bracht ze al haar vijfde boek ‘Lotsa De Casha (Heel Veel Geld)’ uit.
De Portugese kunstenaar Rui Paes illustreerde het boek.
In Lotsa De Casha vertelt Madonna het verhaal van de rijkste man ter wereld.
Die raakt alles kwijt, maar hij krijgt er een echte vriend voor terug.
Lotsa De Casha is bedoeld voor kinderen van 6 jaar en ouder.
Het boek benadrukt de eeuwenoude moraal dat geld niet gelukkig maakt.
Ilene Cooper, de recensente van The American Library Association, vindt dat Madonna dezelfde fout maakt als andere sterren die aan het schrijven zijn geslagen.
‘Zij denken dat zij kunnen schrijven, maar wat zij doen is vreselijk, echt vreselijk‘.
Ondanks deze kritiek gaan Madonna’s boeken als warme broodjes over de toonbank.
Haar uitgever laat weten dat meer dan twee miljoen exemplaren van de reeks zijn verkocht.
De boeken zijn in veertig talen vertaald en in meer dan honderd landen te koop.
De geruchten dat ze een travestiet zou zijn, probeerde ze in diezelfde periode te ontkrachten door te poseren voor Playboy, maar de speculaties stopten hiermee niet.
Zelfs vijftien jaar geleden, in 2011, laaide de controverse weer op toen een Italiaanse krant een geboorteakte publiceerde van een zekere Alain Tap, geboren in 1939.
Dit was veel vroeger dan de late jaren veertig die altijd als Lears geboorteperiode werden aangenomen, al hing er rond haar ware leeftijd sowieso altijd al een zweem van geheimzinnigheid.
De krant toonde bovendien een foto van een jonge Tap die sprekend op haar leek.
Lear zelf bleef er nuchter onder en vertelde tijdens een bezoek aan Brugge in 2009 dat ze net als iedereen in de showbizz altijd moet acteren.
Al die mysteries deden haar muzikale succes destijds in elk geval geen kwaad.
Samen met producer Anthony Monn groeide ze uit tot de blanke queen of disco.
Ze brak in 1978 wereldwijd door met het nummer ‘Follow me’, waarna de successen elkaar snel opvolgden.
Haar single ‘Queen of China-Town’ was oorspronkelijk al in 1977 uitgebracht, maar werd door haar immense populariteit in 1978 opnieuw uitgebracht.
Ook andere nummers zoals ‘Enigma (Give a bit of mmmh to me)’, ‘Gold’, ‘The Sphinx ‘en ‘Fashion Pack’ groeiden uit tot grote hits.
In 2011 leende zangeres Katy Perry haar stem aan de iconische Smurfin in de live-action animatiefilm The Smurfs.
Als de enige vrouwelijke bewoner van het Smurfendorp bracht ze het geliefde personage tot leven voor een heel nieuw en wereldwijd publiek.
Tijdens de auditieperiode luisterden de makers blijkbaar blind naar verschillende stemopnames zonder de namen van de artiesten te weten, en ze kozen juist haar vanwege de unieke, speelse en herkenbare klank van haar stem.
Perry stak enorm veel energie in het project, deed actief mee aan de internationale promotiecampagne en trok op de première in New York alle aandacht in een opvallende jurk met een afbeelding van Smurfin erop, inclusief bijpassende blonde lokken.
Het succes beviel zo goed dat ze in 2013 opnieuw in de opnamecabine kroop om de rol te herhalen voor het vervolg The Smurfs 2.
De film zelf kent ook een paar leuke achtergrondfeiten.
Zo is het verhaal rondom Smurfin vrij bijzonder binnen de Smurfenwereld, omdat ze oorspronkelijk door de boze tovenaar Gargamel werd geschapen om onrust te stoken in het dorp, waarna Grote Smurf haar met zijn magie veranderde in een echte, liefdevolle Smurf.
Daarnaast was het maken van de film een gigantische productie.
Om New York te laten samensmelten met de animatiewereld, moesten de visuele effectenmakers maandelijks honderden uren rekenkracht inzetten om elke blauwe smurf naadloos in de live-actionbeelden te passen.
De film werd een gigantisch commercieel succes en bracht wereldwijd meer dan een half miljard dollar op, wat bewees dat de klassieke Belgische stripfiguren van Peyo na al die decennia nog steeds een enorme aantrekkingskracht hebben op jong en oud.
Toni Braxton is de oudste van zes kinderen en groeide op in een streng religieus gezin, aangezien haar vader geestelijke was.
Haar allereerste optreden was dan ook het meezingen in het kerkkoor.
Na de basisschool op de Richard Henry Lee Elementary School doorliep ze de Corkran Middle School en Glen Burnie High School.
Hoewel ze vervolgens een studie volgde aan de Bowie State University om lerares te worden, ontdekte ze al snel dat haar ware passie in de muziek lag.
Haar muzikale carrière kende vele successen. Ze begon in de soulgroep The Braxtons samen met haar vier zussen, waarna ze doorbrak met een uiterst succesvolle solocarrière.
Wereldwijd verkocht ze zo’n 48 miljoen platen en won ze maar liefst zeven Grammy Awards.
Haar grootste en bekendste hit is Unbreak My Heart, maar ze scoorde eveneens hoog met singles als Breathe Again, You’re Makin’ Me High, I Don’t Want To en He Wasn’t Man Enough.
In 2006 behaalde ze voor de laatste maal een Europese hit met The Time Of Our Lives, een samenwerking met Il Divo.
Als eerbetoon aan haar oeuvre werd ze in 2011 opgenomen in de Georgia Music Hall of Fame.
Toch kende haar loopbaan ook de nodige hobbels.
Een zakelijk geschil met haar platenfirma dwong haar om op 23 juni 1998 in Los Angeles haar faillissement aan te vragen.
Daarnaast was haar vierde album More Than A Woman een commerciële flop en wisselde ze door wisselend succes meerdere keren van platenmaatschappij.
Naast haar zangcarrière richtte Toni zich al snel op acteren en produceren.
In 1998 speelde ze de rol van Belle in de Broadway Disney-musical Beauty and the Beast, waarna ze in 2003 de titelrol in de musical Aida vertolkte.
Ook deed ze mee aan het zevende seizoen van het Amerikaanse programma Dancing With The Stars.
Tegenwoordig werkt ze intensief samen met het netwerk Lifetime, waar ze zowel de hoofdrol vertolkt als optreedt als uitvoerend producent van televisiefilms als He Wasn’t Man Enough en Breathe Again, die gebaseerd zijn op haar grootste hits.
Op persoonlijk vlak trouwde ze op 21 april 2001 met Keri Lewis, met wie ze twee kinderen heeft.
Haar gezondheid heeft haar door de jaren heen flink op de proef gesteld.
Nadat geruchten over borstkanker in augustus 2007 door haarzelf ontkend werden, werd er in 2008 wel een goedaardig gezwel uit haar borst verwijderd.
In 2010 maakte ze bekend aan de auto-immuunziekte lupus te lijden.
Wegens complicaties werd ze in 2012 opgenomen in het ziekenhuis, en in oktober 2016 volgde een ziekenhuisopname in Atlanta vanwege vernauwde bloedvaten in haar hart.
Toni Braxton is tot op de dag van vandaag zeer actief.
Hoewel haar meest recente volwaardige album uit 2020 stamt, brengt ze nog steeds regelmatig nieuwe muziek en samenwerkingen uit.
Momenteel toert ze door de Verenigde Staten samen met r&b-legendes als New Edition en Boyz II Men.
Amy vormde op haar tiende al met haar vriendin Juliette het duo Sweet ‘n’ Sour dat vooral door Salt ‘n’ Pepa beïnvloed werd.
Op haar 14de schaft ze zich een gitaar aan en begint ze eigen liedjes te schrijven.
Nadat ze (wegens een neuspiercing) van de Sylvia Young Theatre School werd gegooid, zette Amy haar opleiding voort aan de befaamde BRIT School.
Dankzij de bevriende soulzanger Tyler James komen haar demo’s terecht bij Simon Fuller, de ex-manager van The Spice Girls.
Amy debuteert in 2003 met het album ‘Frank’.
De eerste single ‘Stronger Than Me’ levert haar in 2004 de Ivor Novello Award op. Dat is de prijs voor de beste song en compositie die jaarlijks in Groot-Brittannië wordt uitgereikt.
Datzelfde jaar staat ze op Glastonbury en het Montreal International Jazz Festival.
In tegenstelling tot het eerder jazzy ‘Frank’ kiest ze in 2007 voor de opvolger ‘Back In Black’ voor een combinatie van soul, rhythm ‘n’ blues en de 60s-pop van meidengroepen als The Ronettes en The Shirelles.
Ze huurt de befaamde Sharon Jones en haar Dap-Kings in als backinggroep.
In de lente van 2006 draait DJ/producer Mark Ronson de eerste demo’s in zijn programma op een Amerikaans radiostation.
Amy had een inventieve manier om haar songs te promoten.
Ze stak een cd in de taxi van haar vader Mitch, zodat veel mensen kennismaakten met haar muziek.
Het door Ronson geproduceerde ‘Back In Black’ is een doorslaand succes. Het wordt het best verkochte album van 2007 in Groot-Brittannië.
Op de uitreiking van de Grammy Awards wordt ze de eerste Britse zangeres die 5 Grammy’s wint.
Ze mag de prijs voor o.a. beste popalbum en beste song in ontvangst nemen en ze wordt genomineerd voor beste album.
De plaat levert 5 hitsingles op en gaat wereldwijd meer dan 13 miljoen keer over de toonbank.
Alleen al in de UK worden er 3,5 miljoen stuks van verkocht.
Het was gedurende een tijd de bestverkochte plaat van de 21ste eeuw, totdat ‘21’ van Adele in 2011 deze passeerde.
‘Valerie’, een cover van The Zutons, is in veel landen haar grootste hit.
Het nummer staat op ‘Version’, het tweede studioalbum van Mark Ronson.
In Nederland wordt het een n°1-hit, in Vlaanderen komt ze niet verder dan n°18.
Later wordt de single ook toegevoegd aan de deluxe-editie van de plaat. In de Ultratop 50 is ‘Rehab’ het succesvolst.
Het is bij ons haar enige top 10-hit.
De 3de single ‘Back To Black’ gaat over Amy’s tumultueuze relatie met Blake Fielder-Civil.
En vooral de nasleep van hun breuk nadat hij haar liet zitten voor een ander.
De term “back to black” verwijst naar haar terugval in een depressie en de bijbehorende drank- en drugsverslaving.
De single werd vooral een groot succes in de Duitstalige landen (top 10) en Griekenland, waar het een n°1-hit werd.
Amy kan het succes echter moeilijk plaatsen en verliest zich steeds meer in de drank. In relaties kent ze ook bitter weinig geluk.
Optredens moet ze meer en meer afzeggen of vroegtijdig stopzetten, omdat ze niet in staat is om op een podium te staan.
Ze komt dan ook steeds meer op een negatieve manier in het nieuws.
Plannen voor een nieuw album worden vanwege haar toestand steeds weer uitgesteld.
Totdat het licht definitief uitgaat op 23 juli 2011.
Er worden postuum nog twee singles uitgebracht, ‘Our Day Will Come’, een Amerikaanse n°1 voor Ruby & The Romantics, enkel in IJsland en Japan een hit, en ‘Body & Soul’, haar laatste opname en een duet met Tony Bennett.
Daarna volgt het postume album ‘Lioness: Hidden Treasures’ (n°3 in de Ultratop Album Top 100) met vroegere opnames, geselecteerd door Mark Ronson.
Tony Bennett en Amy Winehouse met hun nummer Body and Soul
Hun paden kruisten elkaar in maart 2011 in de beroemde Abbey Road Studios in Londen voor de opname van de klassieke jazzstandaard Body and Soul.
Dit legendarische nummer heeft zelf ook een rijke geschiedenis die teruggaat tot 1930.
Het werd gecomponeerd door Johnny Green, met tekst van Edward Heyman, Robert Sour en Frank Eyton.
Oorspronkelijk werd het geschreven in Londen voor actrice Gertrude Lawrence, maar het groeide in de Verenigde Staten al snel uit tot een ware sensatie na de uitvoering door Libby Holman in de Broadway-revue Three’s a Crowd.
Al in de jaren dertig omarmde de jazzwereld het stuk gretig; grote namen als Louis Armstrong en het Benny Goodman Trio maakten er vroege opnames van.
De absolute mijlpaal voor het nummer kwam in 1939 met de legendarische instrumentale uitvoering van saxofonist Coleman Hawkins, die met zijn grensverleggende improvisaties de basis legde voor de moderne jazz en van Body and Soul de ultieme jazzklassieker maakte.
Deze samenwerking in 2011 bleek achteraf een historisch en emotioneel moment te zijn, aangezien het de allerlaatste studio-opname van Winehouse werd voor haar vroegtijdige overlijden in juli van datzelfde jaar.
Tijdens de sessie toonde Bennett zich een geduldige mentor, wat Winehouse hielp om haar zenuwen te overwinnen en een adembenemende prestatie neer te zetten.
De chemie tussen de ervaren veteraan en de jonge vocaliste was voelbaar in elke noot, waarbij hun stemmen naadloos samensmolten in een melancholische vertolking.
Het nummer werd uiteindelijk uitgebracht op het album Duets II van Bennett en won later een Grammy Award.
De opbrengst van de single ging naar de Amy Winehouse Foundation om jongeren te ondersteunen.
Body and Soul blijft hierdoor niet alleen een muzikaal hoogtepunt, maar ook een blijvend monument voor de verbinding tussen twee generaties topmuzikanten.
Als er iemand was die zowel de fraaie als de inktzwarte kanten van de roem kende, dan was het Britney wel.
Ze genoot van enorm succes, maar kreeg ook keiharde klappen te verwerken.
Met het nummer Baby One More Time werd ze op haar zeventiende wereldberoemd; een hit waarin ze zowel onschuld als ontluikende seksualiteit uitstraalde, verpakt in onweerstaanbare bubblegumpop.
Ze verkocht er miljoenen platen mee, meisjes imiteerden haar looks, jongens waren verliefd op haar en ze groeide uit tot een publiekslieveling.
Ze had destijds een relatie met boyband-idool Justin Timberlake, die al net zo braaf leek als zijn toenmalige vriendin.
Haar kuise imago stond echter mijlenver af van haar eigen persoonlijkheid, omdat ze simpelweg niet kon omgaan met de dubbele boodschap die ze uitstraalde.
Aan de ene kant werd haar maagdelijkheid zeer hard ingezet als verkoopstunt door zich voortdurend uit te spreken tegen seks voor het huwelijk, terwijl de wereld aan de andere kant een meisje zag dat steeds meer moeite kreeg om zich zo te gedragen en totaal doorsloeg.
Het werd bijna haar ondergang.
Na een in stomdronken toestand afgesloten bliksemhuwelijk, nog een huwelijk, een scheiding, het kaalscheren van haar hoofd, vechtpartijen en aanrijdingen met paparazzi, drugsgebruik, een opname in een psychiatrische kliniek, ontelbare foute vriendjes en een ondercuratelestelling bij haar eigen vader, ging het in de zomer van 2011 gelukkig weer de goede kant op met de gevallen muziekengel.
Aan die ellendige jaren hield ze wel twee mooie kinderen over die ze koesterde.
Ze had zich herpakt, volgde haar eigen weg in plaats van het pad dat voorheen door anderen voor haar werk was uitgestippeld, en rekende met haar album Femme Fatale definitief af met haar gecompliceerde verleden.
Het meisje was vrouw geworden en met haar nieuwe werk richtte ze zich op een ouder, extravaganter en eigenzinniger publiek. Zingen was nog steeds niet haar allersterkste punt, maar als performer bleef ze onovertroffen.
Het kon dan ook niet anders dan dat het een waanzinnige show zou worden.
Het was geleden van 2004 dat Britney Spears voor het laatst in Vlaanderen en Nederland optrad, maar met haar Femme Fatale-tour was ze eindelijk weer helemaal terug.
De Femme Fatale Tour uit 2011 was commercieel gezien een succes, met een wereldwijde opbrengst van ongeveer 68,7 miljoen dollar.
Haar carrière begon bij Disney, waar ze in haar vroege tienerjaren toetrad tot The Mickey Mouse Club.
Ze had er op haar achtste al auditie gedaan, maar werd in eerste instantie afgewezen omdat ze te jong was.
Barry Manilow raakte door Britney’s breakdown geïnspireerd voor zijn eigen album 15 Minutes.
Britney verkocht meer cd’s dan welke andere tienerpopster ooit: voor haar twintigste gingen er wereldwijd meer dan 37 miljoen over de toonbank.
Op zaterdag 8 oktober 2011 stond ze in het Sportpaleis in Antwerpen en op woensdag 19 oktober 2011 was ze te zien in de Rotterdamse Ahoy.
Haar laatste wereldtournee, met de naam Piece of Me, toerde in de zomer van 2018 door Noord-Amerika en Europa.
Op 15 augustus 2018 gaf ze een volledig uitverkocht concert in het Sportpaleis in Antwerpen.
Er werden die avond 16.787 tickets verkocht. Hoewel Nederlandse fans hoopten op een show in bijvoorbeeld de Ziggo Dome of Rotterdam Ahoy, waar ze in 2011 nog stond, werd Nederland niet opgenomen in het tourschema van 2018.
Veel Nederlandse fans reisden daarom af naar Antwerpen of Berlijn om haar te zien.
Na het beëindigen van haar curatele in 2021 heeft Britney Spears in 2023 haar succesvolle autobiografie The Woman in Me uitgebracht.
Momenteel is ze nauw betrokken bij de ontwikkeling van een verfilming van dit boek door Universal Pictures, onder regie van Jon M. Chu, bekend van de recente bioscoophit Wicked en Crazy Rich Asians.
Liz Meriwether, bekend als bedenker van de hitserie New Girl en haar werk aan The Dropout, is officieel aangesteld om het script te schrijven.
Haar komst brengt een sterke balans tussen emotie en humor naar het project.
Regisseur Jon M. Chu heeft aangegeven dat Britney Spears zelf een grote en actieve rol krijgt binnen het creatieve proces om ervoor te zorgen dat haar verhaal correct wordt verteld.
Interessant is dat Britney Spears via sociale media heeft gedeeld dat de film mogelijk geen standaard, zware biografische dramafilm wordt, maar dat er gekeken wordt naar een fictieve musicalvorm waarin ze zelf ook een rol zou kunnen spelen.
Dit aanstekelijke nummer werd geschreven door de Britse zangeres, componiste en producer Cathy Dennis, samen met oude rot in het vak Rob Davis.
De wat oudere muziekliefhebbers zullen Davis misschien nog wel herkennen uit zijn tijd als gitarist van de legendarische Britse glamrockband Mud.
De samenwerking bleek een schot in de roos, want de single veroverde moeiteloos de eerste plaats in de Vlaamse Ultratop 50 en wist die positie maar liefst zes weken lang vast te houden.
In de BRT Top 30 deed het nummer het zo mogelijk nog beter door daar maar liefst acht weken lang de absolute eerste plaats te bezetten.
Eveneens in Nederland en in vrijwel de rest van de wereld domineerde het nummer de hitlijsten en behaalde het overal de nummer één-positie.
De pers was destijds laaiend enthousiast over deze fenomenale comeback en schreef dat Kylie er weer helemaal mocht zijn.
Het kon inderdaad verkeren, want nog niet zo heel lang daarvoor werd ze gezien als een simpel tienersterretje met zo weinig geloofwaardigheid dat zelfs de Joepie of de Hitkrant er zijn neus voor zou ophalen.
Ze onderging echter een indrukwekkende transformatie tot een ware vamp en bouwde aan een heel nieuw imago.
Ze had een spraakmakende relatie met INXS-frontman Michael Hutchence, zong een onvergetelijk duet met Nick Cave, werkte samen met de Manic Street Preachers en nam muziek op met Robbie Williams.
Haar geloofwaardigheid steeg naar zulke grote hoogten dat popkoningin Madonna destijds zelfs met een T-shirt met de naam van Kylie erop rondliep.
Om haar nieuwe, zelfverzekerde imago nog wat extra in de verf te zetten, poseerde ze in die periode regelmatig met zo min mogelijk kleding aan voor diverse vooraanstaande fotografen.
Naast deze opmerkelijke feiten over haar megahit en transformatie, is de carrière van de Australische zangeres rijk aan nog veel meer bijzondere details.
Wat veel mensen zich wellicht nog herinneren, is dat ze haar doorbraak niet in de muziek beleefde, maar als actrice in de populaire Australische soapserie Neighbours.
Daar vertolkte ze de rol van de stoere monteur Charlene Robinson, en haar bruiloft op het scherm met Jason Donovan behoort nog altijd tot de best bekeken televisiemomenten uit die tijd.
Het beroemde en onweerstaanbare la-la-la-gedeelte uit Can’t Get You Out Of My Head was overigens in eerste instantie bedacht als een tijdelijke opvulling voor de melodie, maar bleek zo aanstekelijk dat het ongewijzigd werd behouden en uitgroeide tot de grootste hook van het decennium.
Ook de futuristische muziekvideo, geregisseerd door Dawn Shadforth, droeg enorm bij aan het wereldwijde succes.
In deze clip is Kylie onder meer te zien in een sportieve wagen tegen een futuristische achtergrond en voert ze samen met haar dansers een strakke choreografie uit, bedacht door Michael Rooney, die hiervoor in 2002 zelfs een MTV Video Music Award voor Best Choreography won.
Minstens zo memorabel was haar kleding in de clip: een uiterst opvallende witte jumpsuit met diepe uitsnijdingen en een kap, speciaal voor haar ontworpen door de Londense modeontwerpster Fee Doran onder het label Mrs Jones.
Bovendien is Kylie niet de enige ster in de familie; haar jongere zus Dannii Minogue heeft eveneens een enorm succesvolle carrière opgebouwd als zangeres en televisiepersoonlijkheid.
Misschien wel het meest bewonderenswaardige aan Kylie is haar immense veerkracht, want na een zware strijd tegen borstkanker in 2005 keerde ze wonderbaarlijk snel en succesvol terug naar het podium om haar unieke status in de popmuziek verder voort te zetten.
Dat de inmiddels 58-jarige zangeres nog absoluut geen zin heeft om te stoppen met haar passie, bewees ze onlangs nog maar eens.
Op 1 juli van dit jaar bracht ze namelijk in samenwerking met Snow Control de nieuwe single ‘These Alarm’ uit.
Ook op andere vlakken blijft ze volop actief, want ook dit jaar verscheen er een gloednieuwe documentaire over haar leven op Netflix, simpelweg getiteld Kylie.
Na bijna dertig jaar in Londen te hebben gewoond, is ze inmiddels teruggekeerd naar haar roots en geniet ze tegenwoordig van het leven in haar thuisland Australië, waar ze zich nabij Melbourne heeft gevestigd.
De zangeres en actrice werd geboren als Cheryl Sarkisian in het Californische El Centro en brak door als de helft van het rock-‘n-roll-duo Sonny & Cher, dat ze vormde met haar toenmalige echtgenoot Sonny Bono.
Terwijl ze samen successen vierden, nam ze toen ook al haar eerste solonummers op.
Het huwelijk met Sonny strandde in 1975.
Slechts vier dagen na de officiële scheiding stapte Cher alweer in het huwelijksbootje met rockmuzikant Gregg Allman, de medeoprichter van The Allman Brothers Band, bekend van hits als Jessica en Ramblin’ Man.
Dat huwelijk kende een stormachtige start: al na negen dagen vroeg Cher een scheiding aan vanwege zijn heroïne- en alcoholverslaving, maar binnen een maand verzoende het stel zich weer.
Samen brachten ze onder de naam Allman & Woman nog het album Two The Hard Way uit.
Op 7 juli 1976 werd hun zoon Elijah Blue Allman geboren, die later in de voetsporen van zijn ouders trad en eveneens muzikant werd.
Na de breuk met Allman had Cher relaties met Kiss-bassist Gene Simmons en gitarist Les Dudek.
In totaal heeft ze twee kinderen: Chaz Bono en Elijah Blue Allman.
Naast haar muzikale loopbaan bouwde Cher een succesvolle carrière op als actrice.
Ze schitterde in films zoals The Witches of Eastwick, Mermaids, Silkwood, Mask, Suspect en Tea with Mussolini.
Haar acteerhoogtepunt beleefde ze op 11 april 1988, toen ze een Oscar voor beste actrice in ontvangst mocht nemen voor haar hoofdrol in Moonstruck.
In juli 2018 voegde ze een nieuw succes toe aan haar filmcarrière toen ze te zien en te horen was in de film Mamma Mia! Here We Go Again.
Ze vertolkte hierin de rol van Ruby Sheridan, de grootmoeder van Sophie.
Naar aanleiding van dit filmavontuur bracht ze in hetzelfde jaar het album Dancing Queen uit, een plaat die volledig gevuld was met haar eigen uitvoeringen van ABBA-covers.
Als zangeres bleef ze decennialang de hitlijsten bestormen.
In 1993 scoorde ze een opmerkelijke hit met een nieuwe uitvoering van ‘I Got You Babe’, dit keer samen met het MTV-tekenfilmduo Beavis and Butt-head.
Aan het begin van 1999 behaalde ze een grote nummer 1-hit in Nederland met het nummer ‘Believe’.
Haar repertoire bevat daarnaast bekende klassiekers zoals “Bang bang (My baby shot me down)’, ‘Gypsys, tramps & thieves’, Half-breed’, ‘Dark lady’, ‘If I could turn back time’ en ‘The shoop shoop song (It’s in his kiss)’.
In 2010 combineerde ze haar talenten in de film Burlesque, waarvoor ze de single ‘You haven’t seen the last of Me’ opnam.
In 2023 bracht ze haar kerstalbum Christmas uit, gevolgd door het verzamelalbum Forever in 2024.
Daarnaast bracht ze onlangs haar memoires uit en werd ze geëerd met een Grammy Lifetime Achievement Award.
De zangeres is nog regelmatig te zien op rode lopers en is momenteel druk bezig met het afronden van nieuwe muziek.
Ze werkt aan een nieuw studioalbum, wat waarschijnlijk haar laatste grote album zal zijn.
Ze verklaarde hierover dat het inzingen van de vocalen op deze leeftijd uitdagend is, maar dat de nummers fantastisch zijn.
foto april 1979
Cher over haar nieuwe album Take me home (Joepie van 27 april 1979).
Salvatore Adamo’s levensverhaal begint op 1 november 1943 in Comiso, een Siciliaans dorp.
Zijn vader, de economische malaise in Italië beu, zocht zijn heil in België en begon in februari 1947 als mijnwerker in Marcinelle.
Een paar maanden later volgden zijn vrouw en de jonge Salvatore hem naar hun nieuwe thuis.
Het gezin vestigde zich in een bescheiden woning in de mijnwerkerscité van Ghlin, bij Bergen.
Muziek speelde er al snel een centrale rol. “Mijn moeder en vader zongen graag en veel,” vertelde Adamo later in Humo. “Zo werd ik doordrongen van het Italiaanse lied.
Maar tegelijk hoorde ik hier ook Brel, Bécaud, Aznavour.” Die unieke mengelmoes vormde zijn sound: een Siciliaans klinkende stem en melodie, gecombineerd met ‘Waals-Franse’ geïnspireerde teksten.
Zijn ouders, die later naar het naburige Jemappes verhuisden, stuurden hem naar school in de hoop dat hij aan een toekomst als mijnwerker zou ontsnappen.
Salvatore bleek een goede student, die vooral uitblonk in muziek en voordracht. Hij zong in het kerkkoor en leerde zichzelf gitaar spelen.
In 1960 waagde hij zijn kans bij een muziekwedstrijd van Radio Luxemburg. Hij stootte door naar de finale in Parijs en won, op 17-jarige leeftijd, met zijn eigen nummer “Si j’osais”.
Het leverde hem 10.000 Belgische frank en de eerste aandacht van platenmaatschappijen op.
Toch liet de echte doorbraak nog even op zich wachten; zijn eerste singles sloegen niet aan.
In het voorjaar van 1963 was het echter wel raak. “Sans toi, ma mie” werd een voltreffer, waarvan in recordtijd 100.000 exemplaren werden verkocht.
De hits volgden elkaar daarna in sneltempo op. Met “Tombe la neige” en “Vous permettez, monsieur?” brak hij in 1964 internationaal door, met name in Nederland en Frankrijk.
Nummers als “La nuit” en “Les filles du bord de mer” klommen moeiteloos naar de top van de hitlijsten.
Een halve eeuw geleden scoorde hij ook “C’est ma vie”, een nummer dat André Hazes zeven jaar later zou coveren als het bekende “’t Laatste rondje”.
Om zijn succes te verzilveren, bracht Adamo zijn nummers uit in diverse talen, waaronder Engels, Duits, Spaans en Nederlands. Vooral “Tombe la neige”, dat in Japan werd uitgebracht als “Yuki ga furu”, bleek een schot in de roos.
Het bezorgde hem een trouwe fanschare in het Verre Oosten, waar hij sindsdien regelmatig toert.
Niet al zijn hits waren zonder controverse. “Inch’Allah” (1967), bedoeld als vredeslied, werd ongelukkig gelanceerd net voor de Zesdaagse Oorlog.
Hoewel hij de tekst aanpaste, werd het in sommige Arabische landen als pro-Israëlisch gezien, wat hem een jarenlang inreisverbod opleverde.
Desondanks werd het wereldwijd een van zijn bekendste nummers. Met “Dolce Paola” (1965) bracht hij dan weer een ode aan de prinses met wie hij zijn Italiaanse roots deelde, al heeft hij de hardnekkige geruchten over een romance altijd ontkend.
Op jonge leeftijd verloor hij zijn vader Antonio, die in 1966 op 47-jarige leeftijd overleed.
Eind jaren 60 trouwde Adamo met zijn jeugdvriendin Nicole Durant, die bewust een leven buiten de schijnwerpers koos.
Ze kregen samen zoon Anthony (1969) en Benjamin (1980), die later als muzikant in zijn vaders voetsporen trad.
Begin jaren 2000 onthulde Adamo dat zijn dochter Amélie (1979) voortkwam uit een tienjarige buitenechtelijke relatie met de Duitse actrice Annette Dahl.
Na zijn absolute topjaren eind jaren 60 nam zijn dominantie in de hitlijsten af. Adamo koos bewust voor een minder commerciële koers, maar bleef wereldwijd intensief optreden.
Dat eiste zijn tol: in 1984 kreeg hij een hartinfarct, en twintig jaar later, in 2004, een hersenbloeding. Na een jaar rust herstelde hij gelukkig volledig.
Zijn bekendheid zet hij sinds 1993 ook in als ambassadeur voor UNICEF.
De erkenning voor zijn carrière is groot: in 2001 werd hij geridderd door koning Albert II, en in 2005 eindigde hij hoog in de verkiezing van “De Grootste Belg”.
Recentelijk, op 29 januari 2025, ontving hij nog de ‘Lifetime Achievement Award’ op de MIA’s.
Zijn naam leeft zelfs voort in een Nederlandse tulp en een Franse straatnaam.
Met meer dan 100 miljoen verkochte albums is zijn nalatenschap immens.
De unieke combinatie van romantiek, melancholie en die kenmerkende hese stem blijft mensen aanspreken.
Zijn collega Jacques Brel vatte het ooit treffend samen: “de tedere tuinman van de liefde”.
En ook op zijn 82e is het liedje van deze Siciliaanse Belg nog lang niet uitgezongen.
Twee jaar na zijn coversalbum “In French Please” bereidt hij een aan een nieuw album.
De eerste single daarvan, ‘Ma belle jeunesse’, kregen we op 19 september 2025 al te horen.
Na een optreden in Brugge afgelopen zomer, staan er de komende maanden nog drie concerten in België gepland, alvorens hij begin 2026 weer naar Frankrijk trekt.
Het nummer, geschreven door Benjamin Dantès en Patxi Garat, is een modern Franstalig nummer dat bewijst hoe Lear zichzelf na bijna vijftig jaar in de schijnwerpers als een ware kameleon steeds opnieuw kan uitvinden.
De productie was in handen van Alain Mendiburu, met wie ze al sinds 2006 samenwerkt, en Georges Landtsheere.
Het nieuwe album, “Looking Back”, wordt omschreven als een verkenning van hedendaagse Franse chanson, met verrassende uitstapjes naar genres als de blues.
Het bevat, maar liefst acht nieuwe nummers die speciaal voor haar zijn geschreven door talenten als Pierre Lapointe, Sacha Rudy en Patxi Garat.
Naast nieuw materiaal kunnen we ook een versie van de klassieker “Strangers In The Night” verwachten.
Een opvallende samenwerking is die met de legendarische Amerikaanse DJ Chris Cox, die een krachtige dance-remix maakte van het nummer “When I Was Your Favourite Singer”.
Een ander uniek detail is dat de albumhoes een schilderij is van Amanda Lear zelf.
Het album zal zowel op lp als op cd verkrijgbaar zijn.
Geboren als Annie Chancel begon ze haar muzikale carrière in een bandje en werd ontdekt in 1962, toen ze haar eerste single uitbracht met de titel Sheila, haar artiestennaam.
Het liedje was een succes, maar moest concurreren met een andere versie van Lucky Blondo.
Sheila brak definitief door in 1963 met het nummer L’école c’est fini, dat zes weken op de eerste plaats stond in de Franse hitlijst en 800.000 keer werd verkocht.
Haar eerste album was ook het best verkochte album van dat jaar, waarmee ze andere Franse zangeressen als Sylvie Vartan en Françoise Hardy overtrof.
Sheila scoorde in de jaren zestig nog meer hits, zoals Toujours des beaux jours, C’est toi que j’aime, Le Folklore Américain, Le Cinéma, Bang Bang (een cover van Cher) en Adios Amor, dat acht weken op nummer één bleef.
Haar grootste succes was Les rois mages, dat in 1971 vier weken de hitlijst aanvoerde en bijna een miljoen keer werd verkocht.
Met de Spaanse versie Los Reyes Magos bereikte ze ook de markten van Mexico, Argentinië en Spanje.
In 1973 trouwde Sheila met de zanger Ringo (geboren als Guy Bayle).
Claude François, waar ze al sinds 1963 mee bevriend was, was getuige van dit huwelijk.
Sheila en Ringo namen samen een duet op, Les Gondoles à Venise, dat ook vier weken op de eerste plaats stond.
In 1975 kregen ze een zoon, Ludovic, maar het huwelijk liep stuk in 1979.
In 1977 maakte Sheila een overstap naar de discostijl met het Engelstalige nummer Love me Baby, waarbij ze werd begeleid door de dansers B. Devotion.
De dansers waren Arthur Wilkins (overleden 9 februari 2015), Basil Mac Farlane en Freddy Stracham.
Het liedje was een succes in Frankrijk en ook in andere Europese landen, zoals Duitsland en Italië.
Sheila en B. Devotion hadden ook een hit met Singing in the rain, een discobewerking van de klassieker uit de film met Gene Kelly.
In Vlaanderen goed voor een vierde plaats en in Nederland bereikte de single de derde plaats in de Top 40.
Ondanks haar Engelse singles brengt ze ook nog het Franse Kennedy Airport uit om haar Franse fans niet te vergeten.
Met Seven Lonely Days heeft ze in 1979 opnieuw een grote hit beet.
In Frankrijk verkoopt de single 550.000 keer en ook in Duitsland, Zweden en Spanje is het een dikke hit.
In 1979 leidt haar samenwerking met Bernard Edwards en Nile Rodgers voor de opname van het album King of the World (uitgebracht in 1980) tot mondiaal verkoopsucces.
Haar grote successingle Spacer van einde 1979 staat op dit album.
Deze single dat in 52 landen verkocht wordt en 6 miljoen keer over de toonbank gaat.
Hiermee scoort ze ook in Australië, de Verenigde Staten, Finland en Engeland.
Het nummer verblijft een half jaar in de top tien van de hitparade en wordt ook vaak gecoverd.
De videoclip werd opgenomen in Londen, de eerste keer dat Sheila buiten Frankrijk een clip opnam.
Om tevens haar Franse fans tevreden te houden brengt ze in 1980 met Pilote sur les Ondes ook een Frans album uit.
Een jaar later covert ze Shaddap a you face van Joe Dolce (Et ne la ramène pas).
Aan het einde van het jaar brengt ze een nieuw Engelstalig album uit, Little darlin, in rockstijl.
In 1982 covert ze Gloria van Umberto Tozzi (Glori-Gloria) en heeft ook hier een hit mee.
In 1983 brengt ze On dit uit, een album in het Frans met liedjes speciaal voor haar geschreven.
In 1983 ontmoet ze Yves Martin.
Ze werkt met hem samen tot 1988 en is met hem getrouwd.
Echt succesvol was ze niet meer en in 1989 besluit ze, teleurgesteld, te stoppen met de muziek.
Tussen 1989 en 1998 schrijft ze 3 boeken, verschijnt op tv en stort zich op het maken van beelden (sculptures).
In 1998 is haar comeback in de muziekwereld. En verrassend genoeg succesvol.
Het album Le Meilleur met oude en nieuwe songs wordt ‘goud’ in Frankrijk.
In 2002 brengt ze het album Seulement pour toi uit, met slechts zeven liedjes.
Het album werd opgenomen in de zomer tussen de overlijdens van haar ouders in.
Datzelfde jaar viert ze haar veertigjarig artiestenjubileum in de Olympia.
In 2005 brengt haar zoon Ludovic het boek Fils de (zoon van) uit, waarin hij vertelt hoe moeilijk het is om in de schaduw van zijn moeder te staan.
In 2012 viert ze met Ce soir, c’est notre anniversaire haar vijftigjarig jubileum in de Olympia.
Sheila is nu nog vaak op tv en toer nog altijd door Frankrijk en de rest van Europa.
Sheila verkocht meer dan 85 miljoen platen.
Volgens het boek 40 ans de tubes 1960-2000 is ze in Frankrijk de zangeres met het meeste gouden platen (39 in Frankrijk en 89 in de wereld).
In Frankrijk wordt ze alleen maar overtroffen door Johnny Hallyday, die 40 gouden platen heeft.
Kim Wilde verraste haar fans tien jaar geleden met een kerst-cd genaamd Wilde Winter Songbook.
Het album bevat zowel bekende kerstliedjes als eigen composities. Kim Wilde zingt onder andere “Have Yourself a Merry Little Christmas”, “Let It Snow”, “Rockin’ Around the Christmas Tree” (met Nik Kershaw) en “Winter Wonderland” (met Rick Astley).
Ze brengt ook een mooie versie van Winter Song van Sara Bareilles en Ingrid Michaelson.
Kim Wilde schreef sommige nummers zelf, of met de hulp van haar broer Ricky Wilde.
Haar familie is ook betrokken bij het album: haar vader, haar man en haar dochter zijn te horen op verschillende nummers.
Mijn favoriete nummer is One, een eigen nummer van Kim Wilde dat laat zien dat ze meer is dan alleen mijn jeugdidool uit de jaren 80.