Betsy Drake: van Broadway en Hollywood tot de scheepsramp met de Andrea Doria

Het minste wat men van de jeugd van Betsy Drake kon zeggen, was dat deze bijzonder bewogen en afwisselend was geweest.

Enkele jaren voordien had niemand durven voorspellen dat er voor haar een schitterende filmcarrière was weggelegd.

Toch werd dat voor haar de volle werkelijkheid. Ze raakte destijds algemeen bekend, vooral nadat het publiek haar talenten als komedieactrice leerde waarderen.

Ze was amusant, gevat, speels en ondeugend.

Al die kwaliteiten kwamen mooi naar voren in de charmante film ‘Een Prettige Baby’, de Nederlandstalige titel voor ‘Every Girl Should Be Married’.

Haar vader, Carlos Corey Drake, was een schrijver die afstamde van een welgestelde familie uit Chicago, bekend van de befaamde Drake en Blackstone hotels.

Haar grootvader Tracy Drake was immers de oprichter van het befaamde Drake Hotel in Chicago.

Carlos Corey Drake koos echter voor het avontuurlijke schrijversleven en vestigde zich in de jaren twintig in Parijs, waar hij zich onderdompelde in het bruisende literaire milieu rond Montmartre.

Hij schreef korte verhalen en reisverhalen en liet zich later vooral opmerken met zijn autobiografische boek ‘Mr. Aladdin’, uitgebracht in 1947.

Daarin beschreef hij met veel humor zijn kleurrijke belevenissen, ondernemingen en het flamboyante Amerikaanse kunstenaarsleven in het Parijs van de ‘roaring twenties’.

In die Franse hoofdstad zag dochter Betsy in september 1923 het levenslicht.

Nadat het familiekapitaal door de beurskrach van 1929 volledig verloren was gegaan, keerde het gezin terug naar de Verenigde Staten.

Haar opvoeding kon men moeilijk vlekkeloos noemen, vooral omdat het gezin voortdurend verhuisde.

Ze bracht haar jeugd door in Chicago, Westport in Connecticut, Washington D.C., Virginia, North Carolina en New York City.

Doordat ze zo vaak van woonplaats veranderden, bezocht ze maar liefst twaalf verschillende scholen alvorens ze zich aansloot bij een toneelschool in Maryland.

Later verhuisde ze naar New York City om een carrière als actrice op te bouwen. Om haar opleiding te bekostigen en rond te komen, werkte ze tijdelijk als fotomodel en liep ze modeshows.

Toen ze dramaturg Horton Foote ontmoette, kreeg ze werk als assistente en vaste invaller in een toneelstuk en sloot ze zich aan bij de Actors’ Equity Association.

Ze liet ook de kans niet voorbijgaan om zich aan te sluiten bij een toneelgezelschap dat naar Broadway trok om er het stuk ‘Only the Heart’ op te voeren, waar ze begon als assistente.

Hoewel de opvoering op een tegenvaller uitliep, kreeg Betsy de smaak van het podium definitief te pakken.

Op aandringen van haar agent tekende ze via producent Hal B. Wallis een contract in Hollywood.

De filmstad beviel haar echter helemaal niet en ze liet zichzelf zelfs ontoerekeningsvatbaar verklaren om onder het wurgcontract uit te komen.

Ze keerde terug naar New York City en werd vervolgens door Elia Kazan gecast voor een toneelstuk in Londen.

Bovendien behoorde ze tot de medeoprichters van Kazans befaamde Actors Studio

In 1947 ontmoette ze in Londen de filmberoemdheden Merle Oberon en Cary Grant.

Met die laatste keerden ze gezamenlijk per schip terug naar de Verenigde Staten en de twee kregen een relatie.

Op aandringen van Grant werd ze gecast voor de romantische komedie ‘Every Girl Should Be Married’ uit 1948, waarin ze meteen de hoofdrol vertolkte.

Het koppel trouwde tijdens kerstmis in 1949, waarna Betsy Drake volledig werd opgenomen in het Hollywoodse leven.

In 1952 verscheen ze opnieuw tegenover haar echtgenoot in de film ‘Room for One More’.

In juli 1956 beleefde Betsy Drake een dramatisch avontuur op zee toen ze aan boord was van het Italiaanse passagiersschip SS Andrea Doria.

Zij was een van de 1134 passagiers en 572 bemanningsleden. Als bijzondere lading vervoerde het schip ook een futuristische conceptauto, de Chrysler Norseman, gebouwd door het Italiaanse carrosseriebedrijf Ghia.

Een wat kleiner passagiersschip, de Stockholm, dat 160 meter lang is en een bruto tonnenmaat van 12.165 ton heeft, boorde zich in dichte mist aan stuurboordzijde in de Andrea Doria terwijl het onderweg was van New York naar Göteborg.

Bij de aanvaring verloren 46 passagiers het leven.

De Stockholm was zwaar beschadigd, maar liep geen gevaar om te zinken.

Omdat de SS Andrea Doria direct een slagzij van meer dan twintig graden maakte, was de helft van de eigen reddingsboten onbruikbaar.

Betsy Drake bracht daarom ruim twee uur biddend door, terwijl ze zich vasthield aan een paal op het hooggelegen deel van het dek.

Uiteindelijk werd ze door de bemanning naar een van de wel beschikbare reddingsboten geleid.

Haar reddingsboot bracht haar naar de SS Île de France, een Frans luxeschip dat te hulp was geschoten en de meeste overlevenden aan boord nam.

Aan boord van de Île de France kwam ze uiteindelijk veilig, maar blootsvoets en enkel in haar jurk, aan in New York.

Het Italiaanse schip zonk in de vroege ochtend van 26 juli, elf uur na de aanvaring, en ligt nog steeds zeventig meter diep op de oceaanbodem.

Het unieke prototype van de Chrysler Norseman verdween mee in de golven en werd nooit in productie genomen.

Betsy Drake overleefde de ramp, maar verloor bij het zinken van het schip al haar juwelen ter waarde van tweehonderdduizend dollar.

Toen Cary Grant een affaire begon met actrice Sophia Loren tijdens de opnamen van de film ‘Houseboat’ in 1958, liep het huwelijk op de klippen en gingen Drake en Grant uit elkaar.

De scheiding werd definitief uitgesproken in 1962.

Na nog enkele rollen te hebben gespeeld, besloot Betsy Drake definitief te stoppen met acteren om zich te richten op een carrière als auteur.

Daarnaast schoolde ze zich om en ging ze aan de slag als psychotherapeut in Los Angeles, nadat ze een Master of Education had behaald aan Harvard University.

Betsy Drake bracht haar laatste levensjaren door in Londen, waar ze op 92-jarige leeftijd in haar eigen woning overleed.

Gisteren nog vandaag

Programma van Circus Demuynck van 85 jaar geleden met hoofdact Lena Miry in de Gentse Minardschouwburg.

Lena Miry, de artiestennaam van Rachel Demuynck, was een virtuoze amazone die een unieke plek innam in de wereld van de klassieke rijkunst en het circus.

Geboren in Gent op 8 januari 1922 als telg uit de gerespecteerde circusfamilie Demuynck, groeide zij op in de wereld van Gustaaf Demuynck en Louise Muyllaert.

Hoewel zij haar basis vond in het familiecircus, koos zij rond haar eenentwintigste voor een eigen pad om zich volledig te wijden aan de verfijning van de paardendressuur.

In haar praktijk als hogeschoolrijdster legde zij zich toe op de meest complexe vormen van de academische rijkunst, die teruggaan naar de tradities uit de zestiende en zeventiende eeuw.

Zij stond bekend om haar vermogen om paarden naar de hoogste graad van verzameling te begeleiden.

Deze technische term verzameling is cruciaal binnen de dressuur en beschrijft de toestand waarin een paard zijn zwaartepunt naar achteren verplaatst door de gewrichten van de achterhand meer te buigen.

Hierdoor wordt de voorzijde lichter en kan het paard met meer kracht, souplesse en kortere passen bewegen.

Dankzij deze beheersing konden technische figuren zoals de piaffe, passage en pirouettes worden uitgevoerd met een opmerkelijke lichtheid en onzichtbare hulpen.

Haar repertoire omvatte eveneens de sprongen boven de grond, zoals de levade en de croupade, waarbij de nadruk altijd lag op de natuurlijke balans en de trotse zelfhouding van het paard.

Zonder deze specifieke verzameling en verhoogde draagkracht zouden de kunststukken die zij uitvoerde fysiek onmogelijk zijn geweest voor het paard.

Zij werd geprezen om haar vermogen om de spectaculaire elementen van de circuswereld te verenigen met de strikte discipline van de klassieke rijscholen. In een tijd van toenemende verzakelijking in de paardensport bleef zij een belangrijke vertegenwoordiger van de artistieke en esthetische kant van het rijden.

Naast haar eigen uitvoeringen deelde zij haar expertise als instructrice, waarbij zij de nadruk legde op de biomechanica en de psychologie van het paard, altijd vertrekkend vanuit geduld en wederzijds respect.

Rachel Demuynck overleed in Gent op 25 november 2015 op 93-jarige leeftijd.

Haar nalatenschap blijft van waarde voor de Belgische circushistorie en de klassieke rijkunst, waarin zij herinnerd wordt als een voorbeeld van hoe technische perfectie en artistieke flair hand in hand kunnen gaan.

Haar werk heeft een blijvende indruk achtergelaten in de hippische wereld, een term die de brede gemeenschap van paardensport, fokkerij en paardenliefhebbers omvat.

40 jaar geleden, Beverly Hill beeft voor Jackie Collins.

acqueline “Jackie” Jill Collins groeide uit tot een van ’s werelds bekendste bestsellerauteurs, met drieëndertig romans op haar naam.

Ze werd geboren in een wereld vol showbizz; haar vader was een theateragent die artiesten als Shirley Bassey, The Beatles en Tom Jones vertegenwoordigde.

Ze was ook de jongere zus van actrice Joan Collins, wereldberoemd door haar rol in de tv-serie “Dynasty”.

Hoewel Jackie als kind al verhaaltjes schreef en een dagboek bijhield, ambieerde ze aanvankelijk een carrière als actrice.

Uiteindelijk koos ze toch voor het schrijverschap. Die keuze bleek een schot in de roos: haar eerste boek, “The World is Full of Married Men” (1968), werd onmiddellijk een bestseller.

Haar boeken doken in het leven van rijke en beroemde personages, met een focus op de glamoureuze wereld van Hollywoodfilmsterren.

Met “Hollywood Wives” (1983) brak ze internationaal definitief door.

Collins verkocht tijdens haar carrière meer dan 500 miljoen boeken in 40 landen.

Haar werk legde haar financieel geen windeieren; in 2011 werd haar vermogen geschat op zo’n 85 miljoen euro.

Diverse romans werden bovendien verfilmd of bewerkt tot succesvolle miniseries.

Haar expertise over de glitterwereld verzilverde ze in 1998 ook op televisie met haar eigen dagelijkse programma, “Jackie Collins’ Hollywood”.

Daarin ontving ze gasten die rechtstreeks uit haar boeken leken te komen: acteurs, actrices en andere beroemdheden uit Hollywood.

Jackie Collins overleed op 77-jarige leeftijd aan de gevolgen van borstkanker.

Vandaag, tien jaar geleden, op 1 november 2015 kwam een abrupt einde aan het leven van Ronald Desruelles, een bekende naam in de Belgische atletiekgeschiedenis.

De voormalige topsprinter, 60 jaar oud, werd door zijn 30-jarige vriendin levenloos aangetroffen in de badkamer van zijn appartement in het Thaise Patong.

Hij had zich opgehangen. en financiële problemen lagen vermoedelijk aan de basis van zijn tragische daad.

Desruelles, eigenaar van drie restaurants in Patong, was niet langer in staat de huur van zijn appartement en de lonen van zijn personeel te betalen.

De Antwerpenaar, die in de jaren 70 en ’80 furore maakte in de atletiekwereld, laat een indrukwekkend palmares na.

Met een tijd van 10.02 seconden is hij nog steeds Belgisch recordhouder op de 100 meter, een record dat opmerkelijk genoeg al die jaren standhoudt.

Ook in het verspringen behoorde hij tot de absolute top, met een persoonlijk record van 8,08 meter, waarmee hij enkel Erik Nys (8,25m) voor zich moet dulden in de Belgische ranglijsten aller tijden.

Vooral op de 60 meter indoor oogstte Desruelles grote successen, daar verzamelde hij medailles op Europese (1x goud, 1x zilver, 2x brons) en Wereldkampioenschappen (1x brons).

Zijn absolute hoogtepunt was de Europese titel in 1986 in Madrid.

Ook in het verspringen behaalde hij een zilveren medaille op het EK indoor in Milaan in 1978.

Een smet op zijn blazoen is de positieve dopingtest na zijn Europese indoortitel in 1980 in Sindelfingen, waardoor hij deze titel moest inleveren.

Ronald Desruelles, winnaar van de Gouden Spike in 1979, was de oudere broer van Patrick Desruelles, die eveneens een succesvolle atleet was en meervoudig Belgisch kampioen polsstokspringen werd.