







Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek









Als er iemand was die zowel de fraaie als de inktzwarte kanten van de roem kende, dan was het Britney wel.
Ze genoot van enorm succes, maar kreeg ook keiharde klappen te verwerken.
Met het nummer Baby One More Time werd ze op haar zeventiende wereldberoemd; een hit waarin ze zowel onschuld als ontluikende seksualiteit uitstraalde, verpakt in onweerstaanbare bubblegumpop.
Ze verkocht er miljoenen platen mee, meisjes imiteerden haar looks, jongens waren verliefd op haar en ze groeide uit tot een publiekslieveling.
Ze had destijds een relatie met boyband-idool Justin Timberlake, die al net zo braaf leek als zijn toenmalige vriendin.
Haar kuise imago stond echter mijlenver af van haar eigen persoonlijkheid, omdat ze simpelweg niet kon omgaan met de dubbele boodschap die ze uitstraalde.
Aan de ene kant werd haar maagdelijkheid zeer hard ingezet als verkoopstunt door zich voortdurend uit te spreken tegen seks voor het huwelijk, terwijl de wereld aan de andere kant een meisje zag dat steeds meer moeite kreeg om zich zo te gedragen en totaal doorsloeg.
Het werd bijna haar ondergang.
Na een in stomdronken toestand afgesloten bliksemhuwelijk, nog een huwelijk, een scheiding, het kaalscheren van haar hoofd, vechtpartijen en aanrijdingen met paparazzi, drugsgebruik, een opname in een psychiatrische kliniek, ontelbare foute vriendjes en een ondercuratelestelling bij haar eigen vader, ging het in de zomer van 2011 gelukkig weer de goede kant op met de gevallen muziekengel.
Aan die ellendige jaren hield ze wel twee mooie kinderen over die ze koesterde.
Ze had zich herpakt, volgde haar eigen weg in plaats van het pad dat voorheen door anderen voor haar werk was uitgestippeld, en rekende met haar album Femme Fatale definitief af met haar gecompliceerde verleden.
Het meisje was vrouw geworden en met haar nieuwe werk richtte ze zich op een ouder, extravaganter en eigenzinniger publiek. Zingen was nog steeds niet haar allersterkste punt, maar als performer bleef ze onovertroffen.
Het kon dan ook niet anders dan dat het een waanzinnige show zou worden.
Het was geleden van 2004 dat Britney Spears voor het laatst in Vlaanderen en Nederland optrad, maar met haar Femme Fatale-tour was ze eindelijk weer helemaal terug.
De Femme Fatale Tour uit 2011 was commercieel gezien een succes, met een wereldwijde opbrengst van ongeveer 68,7 miljoen dollar.
Haar carrière begon bij Disney, waar ze in haar vroege tienerjaren toetrad tot The Mickey Mouse Club.
Ze had er op haar achtste al auditie gedaan, maar werd in eerste instantie afgewezen omdat ze te jong was.
Barry Manilow raakte door Britney’s breakdown geïnspireerd voor zijn eigen album 15 Minutes.
Britney verkocht meer cd’s dan welke andere tienerpopster ooit: voor haar twintigste gingen er wereldwijd meer dan 37 miljoen over de toonbank.
Op zaterdag 8 oktober 2011 stond ze in het Sportpaleis in Antwerpen en op woensdag 19 oktober 2011 was ze te zien in de Rotterdamse Ahoy.
Haar laatste wereldtournee, met de naam Piece of Me, toerde in de zomer van 2018 door Noord-Amerika en Europa.
Op 15 augustus 2018 gaf ze een volledig uitverkocht concert in het Sportpaleis in Antwerpen.
Er werden die avond 16.787 tickets verkocht. Hoewel Nederlandse fans hoopten op een show in bijvoorbeeld de Ziggo Dome of Rotterdam Ahoy, waar ze in 2011 nog stond, werd Nederland niet opgenomen in het tourschema van 2018.
Veel Nederlandse fans reisden daarom af naar Antwerpen of Berlijn om haar te zien.
Na het beëindigen van haar curatele in 2021 heeft Britney Spears in 2023 haar succesvolle autobiografie The Woman in Me uitgebracht.
Momenteel is ze nauw betrokken bij de ontwikkeling van een verfilming van dit boek door Universal Pictures, onder regie van Jon M. Chu, bekend van de recente bioscoophit Wicked en Crazy Rich Asians.
Liz Meriwether, bekend als bedenker van de hitserie New Girl en haar werk aan The Dropout, is officieel aangesteld om het script te schrijven.
Haar komst brengt een sterke balans tussen emotie en humor naar het project.
Regisseur Jon M. Chu heeft aangegeven dat Britney Spears zelf een grote en actieve rol krijgt binnen het creatieve proces om ervoor te zorgen dat haar verhaal correct wordt verteld.
Interessant is dat Britney Spears via sociale media heeft gedeeld dat de film mogelijk geen standaard, zware biografische dramafilm wordt, maar dat er gekeken wordt naar een fictieve musicalvorm waarin ze zelf ook een rol zou kunnen spelen.

Na het sensationele debuutalbum met de klassieker ‘Sultans of Swing’ was het misschien niet zo vreemd dat de tweede plaat enigszins teleurstelde.
Met Making Movies had Knopfler, de centrale figuur in de band – zich echter ongelooflijk herpakt.
Het geluid bleef herkenbaar als Dire Straits, maar was nu verrijkt met verrassende loopjes, invallen en variaties die men van een muzikant als hij mocht verwachten.
Tijdens de opnames van het derde album Making Movies in New York liepen de spanningen tussen de broers echter hoog op.
Ze konden artistiek en persoonlijk niet meer door één deur.
Na heftige discussies verliet David de band.
Mark nam vervolgens alle gitaarpartijen van David opnieuw op en David werd niet eens vermeld op de hoes van het album.
Sinds het pijnlijke vertrek van David uit Dire Straits in 1980 spreken de twee broers elkaar niet meer.
David heeft in interviews aangegeven dat de situatie een zware schaduw over hun levens en families heeft geworpen.
Hij omschreef het destijds als een situatie waarin ze in de studio met hun ogen naar de vloer gericht liepen en er geen sprake meer van communicatie was.
De diepte van de breuk werd nogmaals pijnlijk duidelijk toen Dire Straits in 2018 werd opgenomen in de Rock & Roll Hall of Fame.
Mark Knopfler weigerde simpelweg te komen opdagen, mede om te voorkomen dat hij met zijn broer geconfronteerd zou worden.
David liet daarop via social media weten dat Mark de reünie en de fans had koudgesteld.
Tot vandaag is het conflict nooit bijgelegd; beide broers hebben hun eigen weg gekozen in de muziek en leven volledig langs elkaar heen.
Terwijl David zijn eigen weg zocht, ploegde Mark met zijn band door een loodzware tour.
Hij had, zoals hij zelf zei, “the road kills me” – en toch wilde hij niets anders.
Elke avond speelde hij alsof zijn leven ervan afhing, puur uit respect voor het publiek.
De fans betaalden immers flink voor een ticket, en een rockband die haar publiek serieus neemt, levert elke avond het beste wat ze in huis heeft.
Op de vraag of ‘Sultans of Swing’ niet begon te vervelen, antwoordde hij dat hij niet elke avond stond te popelen om het te spelen, maar dat het publiek het nummer nu eenmaal wilde horen.
Bovendien zag hij het als een uitdaging om zo’n klassieker elke avond opnieuw fris en levendig te laten klinken.
Tijdens een optreden moet een muzikant talloze, soms sterk uiteenlopende emoties uit zijn instrument en zijn lijf toveren.
Mark vertelde dat het nummer hem nog altijd raakte, omdat hij de intentie erachter kende: hij had het geschreven, erop gezweet, erom gehuild en gevloekt.
Die emoties kwamen terug zodra hij de nummers speelde.
Nummers als ‘Expresso Love’ en ‘Solid Rock’ waren pure krachtexplosies en snelheid.
Hij had geleerd dat je aan zulke songs niet te lang moet sleutelen, anders verlies je het momentum.
De langzamere nummers, zoals ‘Tunnel of Love’, kwamen voort uit een dieper deel van zijn wezen.
Daar had hij weken aan gewerkt, stap voor stap, op zoek naar perfectie – al gebruikte hij dat woord met enige aarzeling.
Zo’n energieverslindende tournee leek funest voor de creativiteit, maar volgens Mark viel dat reuze mee.
Ondanks te weinig slaap, constante geestelijke en lichamelijke ontwrichting en elk gevoel voor tijd en plaats kwijt, was hij voortdurend met muziek bezig: de show moest blijven vlammen, en daarnaast broedde hij al op ideeën voor het volgende album.
Die zou pas echt vorm krijgen zodra hij zijn normale ritme weer terug had.
Destijds was hij een voorstander van snel werken: een album in een week of zes opnemen, gevolgd door een week voor de eindmix. Perfect of niet, het was rock-’n-roll en dat moest vaart hebben.
Op de vraag of ‘Making Movies’ zo goed was geworden omdat de pers ‘Communiqué’ zo zwak vond, antwoordde Mark dat dat onbewust misschien een rol had gespeeld.
Hij had echter nooit gedacht dat ‘Communiqué’ het einde van Dire Straits zou betekenen.
Hooguit een kleine impasse, al was hij daar niet eens zeker van.
Men vergeleek alles altijd met zijn allerbeste nummer, wat hij onterecht vond.
Na het eerste album werd hij de hemel in geprezen, na de tweede onder het tapijt geveegd.
Hij geloofde niet dat het kwaliteitsverschil zo groot was.
Het voordeel was wel dat de derde plaat alleen maar kon meevallen – en volgens pers en publiek was dat in juli 1981 overduidelijk het geval.

Van het legendarische Making Movies (1980) gingen naar schatting 5 tot 7 miljoen exemplaren over de toonbank.
In hun thuisland behaalde de plaat dubbelplatina, goed voor meer dan 600.000 verkochte albums.
In de Verenigde Staten werd het album bekroond met de platinastatus (minstens 1 miljoen exemplaren), terwijl het in Italië in 1981 zelfs het bestverkochte album van het jaar was met meer dan 1 miljoen verkochte stuks.
Het succes van Dire Straits is dan ook indrukwekkend: wereldwijd verkocht de band tussen de 100 en 120 miljoen platen.
Hun absolute meesterwerk Brothers in Arms (1985) is met ruim 30 miljoen exemplaren een van de bestverkochte albums aller tijden.
Mark Knopfler zelf, die in 1949 werd geboren in Glasgow en op zijn zevende naar Newcastle verhuisde, heeft als soloartiest naar schatting 10 tot 15 miljoen albums verkocht, waarbij Sailing to Philadelphia (2000) met meer dan 2,5 miljoen stuks zijn commercieel meest succesvolle plaat is.
De inmiddels 76-jarige muzikant is nog altijd actief, al is hij definitief gestopt met live toeren.
Zijn meest recente soloalbum is One Deep River (2024).
Hij woont al tientallen jaren in Londen, nabij zijn eigen British Grove Studios in Chiswick, en bezit daarnaast een landelijk huis in de regio New Forest waar hij zich regelmatig terugtrekt.
Na zijn vertrek uit Dire Straits in 1980 heeft David Knopfler een constante en productieve solocarrière opgebouwd, waarin hij meer dan 15 soloalbums heeft uitgebracht.
Naast het maken van muziek is hij ook actief als dichter en auteur.
Hij treedt daarnaast sporadisch op en werkt nauw samen met zijn vaste producer en muzikant Harry Bogdanovs.
Deze maand, op 4 juli 2026, bracht hij de single Tell Me Something uit, een samenwerking met de Britse singer-songwriter Colin Goodger.

Dire Straits, als van ouds (Veronica, 15 juli 1981)











In juli 1976 was de Engelse acteur David Jason bij het Nederlandse publiek vooral bekend van de komedieserie Tsjongejonge, wat de nogal vrije AVRO-vertaling was van de Britse reeks A sharp intake of breath.
Elke vrijdagavond zagen de kijkers hem in de rol van Peter Barnes, een man die werkelijk altijd pech had en het ongeluk leek aan te trekken.
Wat velen toen echter niet wisten, was dat deze rol de acteur op het lijf geschreven was.
Ook in zijn dagelijks leven werd de acteur constant door het noodlot achtervolgd.
Hoewel Jason oorspronkelijk een opleiding tot elektricien had gevolgd voordat hij definitief voor het acteren koos, kon je hem halverwege de jaren zeventig allesbehalve een handige klusjesman noemen.
Hij had naar eigen zeggen twee linkerhanden, maar steevast als hij na zijn werk thuiskwam, begon hij aan een of ander project dat gegarandeerd finaal fout afliep.
Het absolute dieptepunt van zijn doe-het-zelf-drang speelde zich af rond een schattig boerderijtje dat hij als weekendhuisje had gekocht.
Hij wist dat er wat opknapwerk nodig was en had een strak schema opgesteld om in een maand of drie de kamers en de keuken stuk voor stuk aan te pakken.
Ironisch genoeg, gezien zijn eerdere beroepskeuze, liep het mis bij de elektriciteit. De bedrading was compleet verrot.
Hij dacht de klus wel even te klaren en draaide er zijn hand niet voor om, maar nadat hij de oude draden had verwijderd, overzag hij het geheel totaal niet meer en zag hij er geen begin en geen eind meer aan.
Dit leidde ertoe dat hij en zijn vrouw twee weekenden lang bij kaarslicht moesten zitten.
Toen hij op een avond met een kaars in zijn hand naar de zolder liep, werd deze plotseling gedoofd door een regendruppel.
De volgende dag inspecteerde hij het dak en ontdekte dat ook dit volledig verrot was.
Zonder aarzelen haalde hij een ladder, zette deze tegen het strodak en klom naar boven.
Halverwege zat een flink gat in het stro.
Toen hij er voorzichtig omheen probeerde te stappen, verloor hij zijn evenwicht en viel dwars door het verrotte dakgebinte heen.
Hij belandde beneden op de deel, met diverse gebroken botten als gevolg.
Dit ongeval kostte hem bijna zijn leven en zorgde ervoor dat de acteur de hele zomer, maar liefst zes maanden lang, in het ziekenhuis moest doorbrengen.
Hij kon wel janken toen hij daar lag.
Gedurende die tijd tussen de witte lakens kreeg hij van alle kanten te horen dat hij voortaan van de klusjes moest afblijven en het aan echte doe-het-zelvers moest overlaten.
Jason nam zich in het ziekenhuis stellig voor om die uitstekende raad op te volgen.
Helaas bleek dit voornemen niet vol te houden.
Daags na zijn thuiskomst verviel hij alweer in dezelfde fout.
Hij zag dat het gras rond het huisje veel te hoog stond, rende in een onbewaakt ogenblik naar de garage en haalde de grasmaaier.
Zodra hij begon te maaien, sloeg het kreng plotseling om tot vlak voor zijn tenen.
Hij kon nog maar net op tijd wegspringen om te voorkomen dat hij zijn tenen van zijn voeten maaide.
Een jaar na deze reeks pijnlijke gebeurtenissen, in de zomer van 1976, verbleven Jason en zijn vrouw nog steeds regelmatig in hun weekendhuisje.
Hij verveelde zich daar naar eigen zeggen geen moment.
Ze lazen veel en wandelden graag, maar ondanks alle tegenslagen bekende de acteur dat hij altijd wel weer op zoek ging naar een nieuw klusje als hij even niets te doen had.
Gelukkig voor hem zou het tij in zijn latere leven keren, voornamelijk op professioneel vlak

Sir David Jason werd op 2 februari 1940 geboren als David John White in Edmonton, Londen.
Omdat er al een acteur actief was onder de naam David White, koos hij een nieuwe artiestennaam, geïnspireerd op zijn voorliefde voor de film Jason and the Argonauts.
Hoewel hij na zijn schooltijd dus oorspronkelijk die opleiding tot elektricien volgde, bleef de acteerwereld aan hem trekken.
In de loop van de jaren zestig zette hij zijn eerste stappen in het theater, waarna hij langzaam maar zeker de overstap maakte naar televisie en begon te bouwen aan een carrière die decennia zou omspannen.
Zijn vroege televisiewerk bestond vooral uit komische bijrollen en veel stemmenwerk, waaronder populaire animatieseries voor kinderen zoals Danger Mouse en The Wind in the Willows.
In de jaren zeventig en tachtig kreeg hij steeds grotere kansen.
Een bekende vroege rol was die van de onhandige Granville in de comedyserie Open All Hours.
Ver na de gevaarlijke klusavonturen uit de jaren zeventig kwam zijn absolute doorbraak bij het grote publiek in 1981 met de rol van de ambitieuze, vlotte marktkramer Derek Trotter, beter bekend als Del Boy, in Only Fools and Horses.
Deze serie liep met enorme kijkcijfers door tot het begin van de eenentwintigste eeuw en verankerde hem definitief in het Britse culturele geheugen als een onmiskenbaar komisch talent.
Naast de pure komedie toonde Jason in de jaren negentig aan dat hij ook in andere genres bijzonder sterk voor de dag kwam.
In The Darling Buds of May speelde hij de rol van de kleurrijke Pop Larkin, een succesvolle en nostalgische serie die tevens de doorbraak van actrice Catherine Zeta-Jones betekende.
Niet veel later verraste hij vriend en vijand door de rol aan te nemen van de norse, onconventionele maar briljante inspecteur Jack Frost in de misdaadserie A Touch of Frost.
Deze reeks liep van 1992 tot 2010 en toonde miljoenen kijkers een veel serieuzere en gelaagde kant van zijn acteerkunsten.
Voor zijn aanzienlijke bijdrage aan de Britse televisie werd hij in 2005 geridderd door koningin Elizabeth, waarna hij zich definitief Sir David Jason mocht noemen.
In de meer recente jaren heeft hij zijn herinneringen gedeeld via verschillende succesvolle autobiografische boeken en is hij blijven acteren, onder andere in Still Open All Hours, een vervolg op zijn eerdere succes.
Hij blijft een van de meest gerespecteerde en geliefde figuren binnen de Britse entertainmentindustrie, met een oeuvre dat meerdere generaties televisiekijkers aan de buis wist te kluisteren.
Zijn privéleven kende overigens ook veel bewogen momenten.
Zo was hij maar liefst achttien jaar samen met de Welshe actrice Myfanwy Talog, totdat zij in 1995 overleed aan borstkanker.
Uiteindelijk vond hij nieuw geluk bij televisieproducente Gill Hinchcliffe.
Met haar kreeg hij in 2001 op 61-jarige leeftijd zijn eerste dochter, waarna het koppel in 2005 in het huwelijksbootje stapte.
In 2023 ontdekte de inmiddels hoogbejaarde acteur bovendien tot zijn grote verrassing dat hij nog een oudere, tot dan toe onbekende dochter had uit een korte relatie in 1970, wat zijn opmerkelijke levensverhaal alleen maar verder verrijkte.
Tegenwoordig leidt David Jason al vele jaren een rustig en teruggetrokken leven in het dorpje Ellesborough in het graafschap Buckinghamshire in Zuid-Engeland.
Hij woont daar samen met zijn vrouw Gill Hinchcliffe en hun dochter Sophie Mae.
Ondanks deze rustige thuisbasis is de nu 86-jarige acteur nog altijd actief in de entertainmentwereld.
Hij is regelmatig te zien in speciale tv-documentaires en jubileumuitzendingen van zijn klassieke series, waaronder een speciaal eerbetoon voor het vijftigjarig bestaan van Open All Hours.
Daarnaast treedt hij op in het theater met zijn eigen liveshow An Evening with Sir David Jason, waarin hij met veel plezier verhalen en anekdotes ophaalt uit zijn lange carrière.
Verder maakt hij nog altijd programma’s en treedt hij op als gastheer in verschillende documentaires en talkshows op de Britse televisie.

All in the Family is een van de meest invloedrijke Amerikaanse komedieseries uit de televisiegeschiedenis en werd oorspronkelijk uitgezonden van januari 1971 tot 1979.
De reeks, bedacht, geschreven en geproduceerd door de legendarische televisieproducent Norman Lear, was gebaseerd op de Britse sitcom ‘Till Death Us Do Part’.
Het verhaal volgde de ups en downs in het leven van een werkende-klassefamilie in Queens, New York, met een onverdraagzame man als patriarch.
De pater familias, Archie Bunker, gespeeld door Carroll O’Connor, werd al snel een ongekend populair personage.
Archie was een havenarbeider die een taxi bestuurde voor extra inkomsten, en zijn persoonlijkheid was specifiek bedoeld als een satirische weergave van onzinnige intolerantie.
Hij was onbehouwen, vaak bevooroordeeld en ronduit conservatief, wat voortdurend botste met de vooruitstrevende idealen van zijn liberale schoonzoon Michael Stivic, die hij steevast Meathead of gehaktbal noemde.
Naast hen stonden de zachtaardige, maar ietwat naïeve echtgenote Edith, gespeeld door Jean Stapleton, en hun feministische dochter Gloria, vertolkt door Sally Struthers.
Wat de baanbrekende sitcom zo uitzonderlijk maakte, was dat het de eerste show op televisie was die de dringende sociale kwesties van die tijd, waaronder racisme, seksisme, vrouwenrechten, homoseksualiteit, religie en de oorlog in Vietnam, openlijk aan de orde stelde en niet uit de weg ging.
Voor de komst van deze reeks waren komedies vooral luchtige, vrolijke familieprogramma’s waarin zelden of nooit controversiële thema’s werden aangesneden.
De impact op het publiek was destijds gigantisch, want de show behield de eerste plek in de Nielsen-ratings gedurende vijf van de negen jaar dat de serie liep.
In juli 1976 was Archie Bunker een ware sensatie in Amerika.
Om tijdens de reclameblokken van All in the Family een spotje van dertig seconden uit te zenden, moest een adverteerder destijds maar liefst 125.000 dollar neertellen.
Dit fabelachtige bedrag toonde de enorme populariteit van het programma aan, dat toen al twee jaar onafgebroken de lijst van best bekeken Amerikaanse televisieprogramma’s aanvoerde.
De verwachting was bovendien dat de kijkcijfers nog verder zouden stijgen, want de producenten hadden besloten om van Archie een grootvader te maken.
Wat het scenario betrof, was het een zeer logische stap om Gloria een kind te laten krijgen.
Zij en Mike liepen al enkele jaren als getrouwd stel mee in de serie, dus een mini-gehaktbal op de proppen laten komen was een natuurlijke toevoeging.
De gezinsuitbreiding bestond uit zoon Joseph, die na een spontane zwangerschap van Gloria ter wereld kwam.
Het idee alleen al van de stugge Midas Bunker met een baby in zijn armen, of van Archie die de kleine Joey een schone luier moest omdoen, sprak enorm tot de verbeelding.
De zoektocht naar een geschikte kleinzoon had echter heel wat voeten in de aarde.
Voor dergelijke televisieopnamen was altijd een tweeling nodig, zodat de een voor de ander kon invallen.
Hoewel er in Amerika genoeg tweelingen werden geboren en ouders vaak zeer bereidwillig waren om hun kinderen tegen een fikse spaarcent uit te lenen, golden er in Californië, waar de studio-opnamen plaatsvonden, destijds strenge wetten op kinderarbeid.
In tegenstelling tot vroeger, toen men niet zo nauwkeurig keek, mochten kleine kinderen in 1976 hooguit drie uur per dag in de studio aanwezig zijn.
Voor oudere, leerplichtige kinderen moest de filmmaatschappij zelfs verplicht onderwijs en eigen docenten op de set regelen, soms compleet met heuse schoolklassen in de studio’s.
Bovendien verdienden de ouders zelf niet meer direct aan deze kinderarbeid; het geld moest op een speciale rekening worden gestort die het kind pas bij meerderjarigheid kon opnemen.
Voor baby’s was de wetgeving in die tijd nog veel strenger.
Zij mochten om de twee uur maximaal twintig minuten op de set verschijnen, en dat mocht niet eens aan één stuk door.
Daarbij was de constante aanwezigheid van een verpleegster en een sociaal werkster verplicht.
De rol van de kersverse kleinzoon werd uiteindelijk ingevuld door Justin en Jason, een eeneiige tweeling van de familie Dräger uit Los Angeles, die zelfs in hun geschreeuw elkaars gelijken waren.
De producenten hadden precies op het juiste moment baby’s nodig en deze twee jongens, die maximaal drie weken oud mochten zijn, bleken perfect.
Moeder Dräger voelde er aanvankelijk weinig voor om haar kinderen na amper drie weken voor een paar maanden af te staan, hoe aanlokkelijk het financiële aanbod ook was.
Pas toen ze hoorde hoe uitstekend er voor haar kleintjes gezorgd zou worden, gaf ze haar toestemming en was ze samen met haar man vaak bij de opnamen aanwezig.
Haar man, een zakelijk ingestelde autohandelaar, merkte destijds gekscherend op dat niet alle ouders hun kinderen al zo jong aan het werk zagen.
Hij speelde toen al met de gedachte dat het perspectieven bood voor andere series en een aardige cent zou opleveren als de tweeling het goed zou doen op de buis.
De nieuwe verhaallijn bracht achter de schermen behoorlijk wat teweeg.
Het kostte zowel de technische ploeg als de acteurs veel moeite om aan de situatie te wennen. Omdat Carroll O’Connor erom bekendstond niet de makkelijkste te zijn, verliepen de opnamen van All in the Family doorgaans al niet heel vlot, maar met de komst van de tweeling liep alles aanvankelijk compleet uit de hand.
Hoewel de filmmaatschappij voor een keurig ingerichte kinderkamer had gezorgd, lieten de baby’s al snel merken dat ze een eigen willetje hadden.
Het gekrijs op momenten dat het script er niet om vroeg, gooide meermaals roet in het eten, tot groot ongenoegen van Archie, die uiteraard geen Bunker zou zijn als hij daar niets over te zeggen had.
Na de eerste draaidagen verzuchtte O’Connor dan ook dat, als hij dit allemaal had geweten, hij die Stivic nooit met zijn dochter had laten trouwen.
Vooral het verwisselen van luiers leverde grote problemen op.
O’Connor was als de dood toen hij dit voor het eerst bij Joey moest doen, vrezend dat hij de kleine zou prikken in zijn buik.
Ook Rob Reiner en Sally Struthers deelden die angst.
Zij hadden weliswaar uitgebreid geoefend op een pop, maar die lag tenminste stil, terwijl het echte kind zich tijdens de opnamen steeds bewoog.
Tot grote verbazing van zowel het studiopersoneel als de andere acteurs bleek O’Connor achter de schermen echter ontzettend lief en aardig met de kleintjes om te gaan.
Vader Dräger vond All in the Family altijd al een goede serie die met de komst van de baby’s alleen maar beter werd, en gaf toe dat hij Archie nog nooit zo gelukzalig had zien lachen als op de momenten dat hij een kleintje in zijn armen had

Naast de grote maatschappelijke rol en de perikelen op de set, zijn er nog talloze andere fascinerende weetjes over de productie te vertellen.
Wist je bijvoorbeeld dat All in the Family de allereerste Amerikaanse televisieserie was waarin het geluid van een doortrekkend toilet te horen was?
Dat was in die tijd een ongekende breuk met de preutse regels over wat er wel en niet op de beeldbuis gehoord mocht worden.
Ook opvallend is de uiterst herkenbare intromuziek, ‘Those Were the Days’, die niet door een gladjes geproduceerd orkest werd ingezongen, maar gewoon op de set door hoofdrolspelers Carroll O’Connor en Jean Stapleton zelf werd vertolkt vanachter een piano.
Het succes van de Bunkers was bovendien zo overweldigend dat de reeks maar liefst zeven spin-offs voortbracht, waaronder de zeer bekende en succesvolle series The Jeffersons en Maude.
Zelfs nadat de originele reeks officieel stopte, liep het verhaal nog enkele jaren door onder de titel Archie Bunker’s Place.
Tot op de dag van vandaag wordt de invloed van dit televisiekapitaal nog steeds gevoeld, simpelweg omdat ‘All in the Family’ voorgoed de deuren opende voor diepgaand realisme en scherpe maatschappijkritiek binnen het doordeweekse televisiegenre.
Na het einde van de oorspronkelijke reeks in 1979 gingen de wegen van de acteurs uiteen.
Carroll O’Connor bleef het personage Archie Bunker nog tot 1983 spelen in het vervolg Archie Bunker’s Place.
Daarna kende hij een groot succes als politiechef Bill Gillespie in de politieserie ‘In the Heat of the Night’, een rol die hij van 1988 tot 1995 met veel overtuiging vertolkte.
Hij bleef nog vele jaren trouw aan het acteervak.
In 2001 overleed hij op zesenzeventigjarige leeftijd aan de gevolgen van een hartaanval.
Jean Stapleton, die de rol van Edith speelde, wilde voorkomen dat ze voor de rest van haar leven met één personage werd vereenzelvigd en verliet Archie Bunker’s Place al in het eerste seizoen.
Ze bouwde vervolgens een lange en zeer gerespecteerde carrière op in het theater en speelde daarnaast mee in diverse bekende films en televisieseries, waaronder de romantische komedie ‘You’ve Got Mail’ in 1998.
Zij stierf in 2013 op negentigjarige leeftijd.
Rob Reiner, de acteur achter schoonzoon Michael Stivic, maakte een bijzonder succesvolle overstap naar de regisseursstoel en groeide uit tot een van de meest invloedrijke filmregisseurs in Hollywood.
Hij regisseerde onvergetelijke klassiekers zoals Stand by Me, The Princess Bride, When Harry Met Sally en A Few Good Men. Vandaag de dag is hij nog steeds actief in de filmindustrie als producent en regisseur, en laat hij zich bovendien nadrukkelijk horen in het Amerikaanse publieke en politieke debat.
Sally Struthers, die de rol van dochter Gloria speelde, kreeg begin jaren tachtig haar eigen, zij het kortlopende, serie genaamd Gloria en bleef daarna gestaag acteren.
Een hele nieuwe generatie televisiekijkers sloot haar in de vroege jaren tweeduizend in de armen als de excentrieke en luidruchtige Babette Dell in de populaire serie Gilmore Girls.
Momenteel is ze nog steeds een bezige bij en reist ze vol passie door de Verenigde Staten om op te treden in diverse regionale theaterproducties.
De eeneiige tweeling Justin en Jason Dräger ten slotte, die als baby de kleine Joey speelden, zijn na hun tijd op de set van All in the Family volledig buiten de schijnwerpers getreden.
Zij hebben later een normaal leven opgebouwd en hebben geen verdere carrière in de acteerwereld nagestreefd.



Veronica zag in RNI een geduchte concurrent en had de eigenaren Meister en Bollier eerder al een aanzienlijk bedrag geboden om te stoppen met hun uitzendingen, vooral met de Nederlandstalige programmering.
Toen dat niet hielp, escaleerde het conflict.
Op zaterdag 15 mei 1971 ontplofte er een brandbom aan boord van het zendschip de Mebo II.
Hoewel het de bedoeling was om de olieleiding in de machinekamer te raken, werd de waterleiding getroffen.

Gisteren nog vandaag
Er ontstond een felle brand op het achterschip. Dj Alan West was op dat moment live in de lucht met een Engelstalig programma en draaide net de plaat Melting Pot van Blue Mink toen de explosie hem opschrikte.
Terwijl hij poolshoogte ging nemen, zag hij nog net een kleine motorboot wegvaren.
In paniek keerde hij terug naar de studio om een dringende noodoproep uit te zenden, waarbij hij herhaaldelijk Mayday en SOS riep. Later herhaalde de Nederlandse kapitein deze roep om hulp.
Dankzij de snelle inzet van blusboten was de brand vlot onder controle.
Hoewel het station tijdelijk uit de lucht ging, vielen er gelukkig geen gewonden.

Gisteren nog vandaag
De schade bleef relatief beperkt tot een afgebrand achterdek en het bovenste deel van de kombuis, waardoor de zender de volgende dag alweer operationeel was.
Aanvankelijk circuleerden er geruchten in de pers dat de BVD achter de aanslag zat.
Men vermoedde dat de eigenaren banden hadden met de DDR of Libië en de kortegolfzender gebruikten voor spionage.
De waarheid was echter anders: drie opgepakte duikers bekenden dat zij door Radio Veronica waren betaald met een bedrag van 100.000 gulden.

Gisteren nog vandaag
Foto: Tom V.D.L één van de duikers die de aanslag uitvoerde
Het doel was om de Mebo II naar de kust te dwingen, zodat er beslag op het schip gelegd kon worden vanwege een vermeende contractbreuk.
De aanslag pakte voor Veronica volledig verkeerd uit.
Radio Noordzee kreeg massale sympathie van het publiek en de populariteit van het station nam enorm toe.
Tegelijkertijd was dit incident voor de Nederlandse overheid de druppel om definitief wetgeving tegen zeezenders in te voeren.
De betrokkenen, waaronder de duikers, aandeelhouder Norbert Jürgens en Bull Verweij van de directie van Veronica, werden uiteindelijk veroordeeld tot gevangenisstraffen

Op zaterdag 31 augustus 1974, aan het einde van de middag, klonken dramatische woorden over de radio.
Het populaire piratenstation Radio Veronica was aan zijn laatste uur begonnen.
Dj en programmaleider Rob Out hield met verstikte stem een lijkrede, terwijl een tikkende klok de seconden aftelde. Hij hekelde de politieke beslissing die de zeezenders de nek omdraaide en beweerde dat met de dood van Veronica ook ‘een beetje de democratie in Nederland’ stierf.
In het boek ‘Dit was Veronica’ van Auke Kok wordt de geschiedenis van deze zender beschreven.
Een luisteraar noemt het afscheid ‘ronduit pathetisch’. Het stond in schril contrast met Britse zeezenders zoals Radio London en Swinging Radio England, die zeven jaar eerder vrolijk en met opgeheven hoofd de lucht uit gingen.
Zij hadden mooie jaren gekend, veel geld verdiend en de Britse pop- en radiowereld opgeschud.
De dramatische woorden van Out waren ook behoorlijk brutaal, gezien de geschiedenis van de zender.
Drie jaar eerder, op 15 mei 1971, ontplofte er een bom op het zendschip van concurrent Radio Noordzee. Een van de directeuren van Veronica, Bull Verwey, werd tot een jaar cel veroordeeld voor het geven van de opdracht.
De bomaanslag, die gelukkig geen slachtoffers eiste, was een zwarte episode die de populariteit van Veronica flink deed dalen.
Voordien leek de zender, die sinds 1960 geen vlieg kwaad deed, op legalisering te kunnen rekenen.
Maar het geweld maakte in één klap een einde aan die goodwill.
De aanslag was het resultaat van een conflict met Radio Noordzee dat Veronica met geweld het zwijgen op wilde leggen. De zaak werd nog complexer doordat voormalige Veronica-dj’s als Joost de Draaijer en Jan van Veen bij de concurrent aan de slag waren gegaan.
Auke Kok interviewde voor zijn boek tientallen betrokkenen, waaronder dj’s, producers en stafleden.
Zij vertellen hoe Veronica in het begin een saaie zender was met titels als ‘Gevarieerde grammofoonplaten’.
Halverwege de jaren zestig ging het roer om: er kwam een strakke, Amerikaanse programmering met dezelfde dj’s op vaste uren en de iconische Top 40. Joost de Draaijer, een van de bekendste dj’s, beweerde het format in de VS te hebben opgesnoven, maar volgens Kok was die strakke formule in het buitenland al langer bekend.
Tegen het einde van de jaren zestig bouwde Veronica het imago op van een jonge en dynamische zender.
Dit hield ze vast toen ze een legale omroep werd. Dj Lex Harding omschrijft de piratenjaren als ‘letterlijk seks, drugs en rock-‘n-roll.’
Toch draaide Veronica ook Nederlandstalige smartlappen, want die waren populair bij de luisteraars, en hoe hoger de luisterdichtheid, hoe meer reclame-inkomsten.
Bovendien hadden sommige dj’s financiële belangen bij bepaalde platen.
Onder het kabinet-Den Uyl werd de bomaanslag gebruikt als argument om definitief in te grijpen en de zeezenders te beëindigen.
De Telegraaf zag hierin een links complot.
Ondanks het omstreden einde heeft Radio Veronica de Nederlandse popmuziek een goede dienst bewezen.
Het station hielp bands zoals Earth & Fire, Ekseption en Shocking Blue internationaal door te breken.
Zoals dj Will Luikinga het treffend verwoordt: “Wij waren het voorportaal van Europa. Na Amerika en Engeland kwam Veronica.”


Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag
n Vlaanderen bereikte het nummer de zevende plaats in de Brt Top 30 en in Nederland bereikte ze zelf de vierde plaats in de Top 40.
Deze groep, bestaande uit Angela Vermeer, Ingrid Brans en Leslie Doornik, wist de harten van vele fans te veroveren dankzij hun deelname aan het programma The Pin-Up Club van Jef Rademakers en was te zien op Veronica.
Jef Rademakers schreef trouwens ook de tekst van het nummer en het nummer zelf is geschreven door Hans Jansen en Jeanette Meijer-Kroese.
Na ‘We Cheer You Up’ bleef Barbarella nog enige tijd in de schijnwerpers staan met een aantal andere nummers zoals Sucker For Your Love, Then He Kissed Me en Please, Please Me, maar geen enkele wist het succes van hun doorbraaknummer te evenaren.
Na de single Don’t Stop The Dance was het tijd om te stoppen eind 1991.


Gisteren nog vandaag