Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
Auteur: Patrick De Graeve
Patrick De Graeve is een gepassioneerde blogger die schrijft over zijn ervaringen en inzichten in de wereld van de popmuziek en geschiedenis. Hij is de oprichter en beheerder van de Facebookgroepen Gisteren nog vandaag en Weetjes over Popmuziek, waar hij regelmatig interessante feiten, anekdotes en trivia deelt met andere muziekliefhebbers. Patrick is ook een fervent verzamelaar van tijdschriften, vooral van het populaire Belgische blad Joepie. Hij heeft een volledige collectie vanaf september 1973 tot en met eind december 1989, die hij zorgvuldig bewaart en koestert. Patrick's blog, Gisteren nog vandaag, is een bron van inspiratie en nostalgie voor iedereen die meer wil weten over de geschiedenis van Vlaanderen en dat via oude tijdschriften, foto's, tv-reeksen, films en reclame.
Het stadhuis van Oudenaarde is een prachtig voorbeeld van de Brabantse laatgotiek en een erkend UNESCO-werelderfgoed.
Het werd gebouwd tussen 1526 en 1537 door de Brusselse bouwmeester Hendrik van Pede, die het oude schepenhuis en de lakenhalle uit de 14e eeuw in zijn ontwerp integreerde.
Het stadhuis heeft een L-vormige plattegrond en is rijkelijk versierd met beeldhouwwerk, maaswerk en bladgoud.
Op de belforttoren staat een bronzen beeld van Hanske de Krijger.
Hanske de Krijger is een volksheld en het embleem van de stad Oudenaarde.
Het verhaal gaat dat toen keizer Karel V Oudenaarde bezocht de stadswachter Hanske de Krijger, die op uitkijk stond, hem niet had zien aankomen.
Hanske zou toen in slaap zijn gevallen, omdat hij te veel Oudenaards bier had gedronken.
Volgens een zestiende-eeuwse legende zou de keizer hebben opgedragen om een bril in het wapenschild te zetten.
In werkelijkheid is het embleem in het wapenschild echter geen bril maar een gotische letter A van Audenaerde.
De oorsprong van de legendevorming is het vergulde roodkoperen beeld dat sinds 1538 het Stadhuis van Oudenaarde bekroont.
Het toont een vaandeldrager uitgerust als een Spaans soldaat.
De Oudenaardse goudsmid Willem Blansterins maakte dit beeld in 1530.
Het stadhuis herbergt ook het MOU, een museum dat de geschiedenis van Oudenaarde en de Vlaamse Ardennen vertelt aan de hand van wandtapijten, schilderijen en archeologische vondsten.
Rita Hayworth was een van de sterren in de film Separate Tables van Delbert Mann uit 1958, gebaseerd op twee eenakters van Terence Rattigan.
De film vertelt de verhalen van verschillende mensen die verblijven in een hotel aan de kust in Bournemouth, waar ze aan aparte tafels eten.
Hayworth speelde de rol van Ann Shankland, een mooie vrouw die haar alcoholische ex-man John Malcolm (Burt Lancaster) komt opzoeken, die stiekem verloofd is met Pat Cooper (Wendy Hiller), de manager van het hotel.
De film was een succes bij zowel de critici als het publiek en won twee Oscars voor Beste Acteur (David Niven) en Beste Vrouwelijke Bijrol (Wendy Hiller).
De film werd ook genomineerd voor vijf andere Oscars, waaronder Beste Film, Beste Actrice (Deborah Kerr) en Beste Scenario.
De film was te zien in de Vlaamse bioscoop in februari 1959.
De Booij studeerde kleinkunst in Antwerpen en werd daarna theatertechnicus voor onder andere Boudewijn de Groot.
In het begin van de jaren tachtig vormde hij met Alain Mazijn de cabaretgroep Circus Stupido.
Ze brachten een single uit (We gaan en Alles is al gezegd), geproduceerd door Bram Vermeulen. De groep Golden Delicious verzorgde de begeleiding.
Muziekuitgever Hans Kusters stelde hem in 1983 in staat zijn eerste album op te nemen. Dit album (Hans de Booij) was zowel in België als in Nederland een succes en leverde de hitsingles Een vrouw zoals jij, Annabel en Thuis ben op.
Voor deze successen moest De Booijs eigenzinnigheid wel een beetje worden bijgestuurd.
Zijn oorspronkelijke tekst van Thuis ben werd bijvoorbeeld door tekstschrijver Herman Pieter de Boer van zijn scherpe kantjes ontdaan en De Booijs grootste hit Annabel is geen eigen compositie maar een lichtvoetig popliedje van de hand van diezelfde De Boer en componist Boudewijn de Groot.
De Booijs eigen werk valt veel meer in de categorie grimmige chansons, zoals Jacques Brel en Ramses Shaffy die vertolkten.
In de tweede helft van de jaren tachtig legde hij zich steeds meer toe op die stijl en verder plaatsucces bleef uit. Wel trad De Booij in de loop der jaren regelmatig op in theaters, of in Antwerpse cafés.
Zo bracht hij de evergreen De lichtjes van de Schelde van Bobbejaan Schoepen uit 1952 weer onder de aandacht.
Maar waar hij ook optrad of welk liedje hij ook speelde: het publiek bleef maar schreeuwen om Annabel.
Hij moest ervan hyperventileren en bezocht een dokter. Niet alleen raakte Hans in paniek als-ie enkel al dácht aan z’n grote hit, hij gleed helemaal af.
De zanger werd dakloos, ging failliet en raakte verslaafd. ‘Aan Belgisch speciaalbier en wiet. Maar dan wel in grote hoeveelheden
Ook werd hij gearresteerd voor wildplassen, brak daarbij z’n sleutelbeen én gijzelde hij in 2006 een wapenhandelaar.
Hij schreef een boek uit waarin hij zijn persoonlijke levensfilosofie beschreef en waarbij hij onder meer pleitte voor de oprichting van een Ministerie van Liefde. De Booij ging maandenlang met een rugzak vol boeken door het land om zijn boeken deur aan deur te verkopen.
Uiteindelijk wist hij er meer dan 4000 te verkopen. De Booij, die inmiddels in het Belgische Oostende woonde, keerde in 2007 met een nieuwe band terug op de Nederlandse podia en zong liedjes van zijn album Emocratie dat in september was uitgekomen.
In interviews zegt hij teleurgesteld te zijn in de Nederlandse muziekcultuur, omdat de publieke radiozenders nauwelijks nog Nederlandstalig repertoire draaien.
In 2012 maakte De Booij een nummer getiteld Verkiezingen 12 september.
In april van 2012 trouwde De Booij in Thailand. De Booij heeft volgens eigen zeggen een vorm van autisme, die pas op latere leeftijd, in 2013, gediagnosticeerd werd.
Volgens De Booij biedt de diagnose hem rust. De Booij praktiseert het boeddhisme.
In 2014 verscheen de single Halleloejah! en een jaar later de single Niets = voor altijd in samenwerking met De kleinkunstRockband, waarmee hij in 2015 en 2016 op verschillende locaties in Nederland en Vlaanderen optrad.
Eind 2020 maakte hij zijn comeback als zanger met de single De knecht. In november 2020 kwam zijn nieuwe album uit, gepresenteerd in april 2021.
Eind november 2021 werd De Booij opgenomen op de intensive care van het Amsterdam UMC met COVID-19.
Hij had zijn manager toen al gevraagd bij een eventueel overlijden het nummer ‘Vlinderhart’ uit te brengen.
De Booij herstelde echter goed. In november 2022 was hij op tv in Secret Duets om te zingen met Samantha Steenwijk.
Op 14 februari 2023, Valentijnsdag, was De Booij te zien als deelnemer in het tv-programma First Dates.
Op 12 april 2023 verscheen het boek Het wordt niets zonder jou, een biografisch portret, geschreven door auteur Sander van Leeuwen.
Tegelijkertijd bracht hij de single Hoe had ik het anders moeten doen uit, een samenvatting van de in het boek opgetekende levenservaringen van de zanger.
Eind april 2023 bracht hij een nieuwe versie van zijn hit Annabel terug uit op single (Joepie 5 februari 1984).
Marguerite Blossom Dearie is geboren op 28 april 1926 in East Durham, New York.
Ze begint al op jonge leeftijd piano te spelen, maar richt zich vooral op klassieke muziek.
Pas later ontdekt ze haar liefde voor jazz en verhuist ze naar New York City, waar ze deel uitmaakt van verschillende vocale groepen, zoals The Blue Flames (met het orkest van Woody Herman) en The Blue Reys (met Alvino Rey).
Ze maakt ook haar debuut als soloartieste en reist naar Parijs, waar ze haar toekomstige echtgenoot (de Belgische saxofonist Bobby Jasper) leert kennen en de vocalgroup The Blue Stars opricht.
Met deze groep scoort ze in 1954 een hit met de Franstalige versie van Lullaby Of Birdland.
Een andere bekende song uit die periode is The Riviera, geschreven door Cy Coleman en Joseph McCarthy Junior.
Na haar terugkeer naar Amerika tekent Blossom Dearie een platencontract bij Verve Records, waar ze zes albums opneemt.
In 1966 treedt Dearie op in de beroemde Ronnie Scott’s Club in Londen.
Dit optreden resulteert in vier albums op het Fontana label.
Uiteindelijk richt Blossom Dearie haar eigen platenmaatschappij op, Daffodil Records, waarmee ze zelf de controle krijgt over het opnemen en de distributie van al haar platen.
Daarnaast werkt Dearie mee aan televisieprogramma’s (zoals de jeugdserie Schoolhouse Rock), maakt ze soundtracks voor films als Kissing Jessica Stein, My Life Without Me, The Squid And The Whale, The Adventures Of Felix en werkt ze samen met artiesten als Lyle Lovett.
Hij was een van de grootste sterren van de stomme film en de vroege geluidsfilm.
Hij werd vooral bekend door zijn rol als Judah Ben-Hur in Ben-Hur: A Tale of the Christ (1925), een van de toen duurste en succesvolste films uit die tijd.
Hij werd ook wel de “Latijnse minnaar” genoemd en was een sekssymbool na de dood van Rudolph Valentino.
Novarro begon zijn carrière in 1917 met kleine rolletjes, maar kreeg al snel hoofdrollen in films als The Prisoner of Zenda (1922), Scaramouche (1923) en The Student Prince in Old Heidelberg (1927).
Hij werkte samen met beroemde actrices als Greta Garbo, Joan Crawford, Myrna Loy en Norma Shearer.
Hij maakte een succesvolle overgang naar de geluidsfilm en speelde onder andere in Mata Hari (1931), The Barbarian (1933) en The Cat and the Fiddle (1934).
Zijn contract bij Metro-Goldwyn-Mayer werd echter niet verlengd in 1935 en zijn populariteit nam af.
Novarro kreeg een ster op de Hollywood Walk of Fame voor zijn bijdrage aan de filmindustrie.
Hij bleef acteren tot 1968, toen hij op tragische wijze werd vermoord door twee broers die dachten dat hij een grote som geld in zijn huis had.
Hij wordt beschouwd als de eerste Latijns-Amerikaanse acteur die succes had in Hollywood (De Post van 31 januari 1954)