Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
Zijn muzikale carrière begon na de bevrijding toen hij naar Parijs ging en begon te werken als pianist in diverse nachtclubs.
Al vlug wordt hij opgemerkt en wordt de begeleider van de zanger Jacques Pills, de echtgenoot van Edith Piaf.
Gisteren nog vandaag
Zij moedigt hem aan zelf de microfoon ter hand te nemen en brengt hem in contact met tekstschrijvers Louis Amade en Pierre Delanoë.(schoonbroer van Frank Gérald).
Het succes laat niet lang op zich wachten.
Na enkele optredens in trendy Parijse nachtclubs is Gilbert Bécaud in 1954 de hoofdact in de Olympia.
Gisteren nog vandaag
De vonk slaat over en het publiek breekt zowat de zaal af, wat hem de bijnaam ‘monsieur 100.000 volts’ oplevert.
Bécaud zal nog een dertigtal keer terugkeren naar de Olympia en ontwikkelt er een speciale band mee.
In 1997 mag hij de zaal na renovatie heropenen.
Zijn hits aan het eind van de jaren vijftig waren onder andere “La corrida” (1956), “Le jour où la pluie viendra” (1957) en “C’est merveilleux l’amour” (1958).
Zijn eerste hit in de Engelstalige wereld was met Jane Morgans vertaling van “Le jour où la pluie viendra” (The Day the Rains Came).
Gisteren nog vandaag
Op het toppunt van zijn roem geeft Bécaud 250 optredens per jaar, binnen Frankrijk en ver daarbuiten.
In 1966 prijkt zijn naam drie weken op Broadway.
Zijn “Et Maintenant” scheert in een Engelse versie “What now my Love” hoge toppen aan de andere kant van de oceaan, in een vertolking van Jane Morgan, Shirley Bassey, Frank Sinatra en Johnny Mathis.
Hij ontving in 1974 de prestigieuze onderscheiding van het Legioen van Eer voor zijn bijdrage aan de Franse cultuur.
Gisteren nog vandaag: Gilbert Bécaud met zijn zoon Gaya Bécaud en Marlene Dietrich (november 1962)
Hij werkte samen met bekende artiesten als Pierre Grosz en Neil Diamond en creëerde ook de Broadwaymusical “Madame Roza” met Julian More.
Hij schreef meer dan 400 liedjes en had minstens 20 hits.
Zijn laatste album, uitgebracht in 1999, bevatte enkele intieme nummers waarin hij zijn naderende dood door kanker onder ogen zag.
Gisteren nog vandaag
Gilbert Bécaud, stierf op 18 december 2001 op zijn woonboot in Parijs.
Hij ligt begraven op de prestigieuze begraafplaats Père-Lachaise, waar veel beroemdheden hun laatste rustplaats hebben.
Ondanks zijn ziekte bleef Bécaud muziek maken tot het einde van zijn leven.
Zijn zoon Gaya bracht in 2002 een postume cd uit met enkele van zijn laatste opnames.
Zijn stem klinkt soms zwakker, maar zijn passie blijft onverminderd.
Isabelle Adjani is geboren uit een Berbers-Algerijnse vader en een Duitse moeder.
Ze had al vroeg een passie voor acteren.
Ze deed mee aan amateurtheater toen ze twaalf jaar oud was.
Op haar veertiende maakte ze haar filmdebuut.
Na enkele bijrollen, kreeg ze in 1974 lovende recensies en veel publieke waardering voor haar rol in de film La Gifle. Dit was haar doorbraak in de Franse cinema.
Het jaar daarop gaf François Truffaut, een icoon van de nouvelle vague, haar haar eerste serieuze hoofdrol in zijn drama L’Histoire d’Adèle H. dat het tragische leven van Adèle Hugo verbeeldt.
Voor haar vertolking van de jongste dochter van Victor Hugo werd ze genomineerd voor een Oscar voor beste actrice.
In 1982 won ze haar eerste César voor beste actrice voor haar rol in de angstaanjagende horrorfilm Possession.
In 1984 kreeg ze opnieuw de César voor haar rol in het zinderende liefdes- en wraakdrama L’Été meurtrier.
Een gerucht dat Isabelle Adjani ziek of dood was, verspreidde zich in januari 1987. Om het te ontkrachten, verscheen de Franse actrice op 18 januari in het journaal op de Franse Tv-zender. Ze toonde aan dat ze in goede gezondheid en vol leven was.
In 1989 speelde ze de hoofdrol in de tragische biopic Camille Claudel.
Ze kreeg hiervoor haar derde César-prijs en haar tweede nominatie voor een Oscar voor beste actrice.
De film werd ook genomineerd voor de beste film in een vreemde taal.
Door deze grote bekendheid werd ze door het tijdschrift People uitgeroepen tot een van de 50 mooiste mensen ter wereld.
Voor haar hoofdrol in het bloedige historisch drama La reine Margot (1994) ontving ze haar vierde César.
Vijftien jaar later kreeg ze haar voorlopig laatste César met het drama La Journée de la jupe (2009).
Als zangeres heeft Adjani ook een carrière opgebouwd.
Ze bracht een album (1983) uit dat werd geproduceerd door Serge Gainsbourg.
Hij schreef ook de muziek voor het album Isabelle Adjani. Het nummer Pull marine was een groot succes en werd haar meest bekende muzikale prestatie.
Adjani is moeder van twee zonen. Barnabé (1979) is de zoon van haar relatie met cameraman en regisseur Bruno Nuytten.
Gabriel-Kane Day-Lewis (1995) is de zoon van haar relatie met de Britse acteur Daniel Day-Lewis.
In 2002 begon ze een relatie met de Franse muzikant Jean-Michel Jarre.
Deze relatie trok veel aandacht in de media, maar hield geen stand en eindigde in 2005.
Geboren als Annie Chancel begon ze haar muzikale carrière in een bandje en werd ontdekt in 1962, toen ze haar eerste single uitbracht met de titel Sheila, haar artiestennaam.
Het liedje was een succes, maar moest concurreren met een andere versie van Lucky Blondo.
Sheila brak definitief door in 1963 met het nummer L’école c’est fini, dat zes weken op de eerste plaats stond in de Franse hitlijst en 800.000 keer werd verkocht.
Haar eerste album was ook het best verkochte album van dat jaar, waarmee ze andere Franse zangeressen als Sylvie Vartan en Françoise Hardy overtrof.
Sheila scoorde in de jaren zestig nog meer hits, zoals Toujours des beaux jours, C’est toi que j’aime, Le Folklore Américain, Le Cinéma, Bang Bang (een cover van Cher) en Adios Amor, dat acht weken op nummer één bleef.
Haar grootste succes was Les rois mages, dat in 1971 vier weken de hitlijst aanvoerde en bijna een miljoen keer werd verkocht.
Met de Spaanse versie Los Reyes Magos bereikte ze ook de markten van Mexico, Argentinië en Spanje.
In 1973 trouwde Sheila met de zanger Ringo (geboren als Guy Bayle).
Claude François, waar ze al sinds 1963 mee bevriend was, was getuige van dit huwelijk.
Sheila en Ringo namen samen een duet op, Les Gondoles à Venise, dat ook vier weken op de eerste plaats stond.
In 1975 kregen ze een zoon, Ludovic, maar het huwelijk liep stuk in 1979.
In 1977 maakte Sheila een overstap naar de discostijl met het Engelstalige nummer Love me Baby, waarbij ze werd begeleid door de dansers B. Devotion.
De dansers waren Arthur Wilkins (overleden 9 februari 2015), Basil Mac Farlane en Freddy Stracham.
Het liedje was een succes in Frankrijk en ook in andere Europese landen, zoals Duitsland en Italië.
Sheila en B. Devotion hadden ook een hit met Singing in the rain, een discobewerking van de klassieker uit de film met Gene Kelly.
In Vlaanderen goed voor een vierde plaats en in Nederland bereikte de single de derde plaats in de Top 40.
Ondanks haar Engelse singles brengt ze ook nog het Franse Kennedy Airport uit om haar Franse fans niet te vergeten.
Met Seven Lonely Days heeft ze in 1979 opnieuw een grote hit beet.
In Frankrijk verkoopt de single 550.000 keer en ook in Duitsland, Zweden en Spanje is het een dikke hit.
In 1979 leidt haar samenwerking met Bernard Edwards en Nile Rodgers voor de opname van het album King of the World (uitgebracht in 1980) tot mondiaal verkoopsucces.
Haar grote successingle Spacer van einde 1979 staat op dit album.
Deze single dat in 52 landen verkocht wordt en 6 miljoen keer over de toonbank gaat.
Hiermee scoort ze ook in Australië, de Verenigde Staten, Finland en Engeland.
Het nummer verblijft een half jaar in de top tien van de hitparade en wordt ook vaak gecoverd.
De videoclip werd opgenomen in Londen, de eerste keer dat Sheila buiten Frankrijk een clip opnam.
Om tevens haar Franse fans tevreden te houden brengt ze in 1980 met Pilote sur les Ondes ook een Frans album uit.
Een jaar later covert ze Shaddap a you face van Joe Dolce (Et ne la ramène pas).
Aan het einde van het jaar brengt ze een nieuw Engelstalig album uit, Little darlin, in rockstijl.
In 1982 covert ze Gloria van Umberto Tozzi (Glori-Gloria) en heeft ook hier een hit mee.
In 1983 brengt ze On dit uit, een album in het Frans met liedjes speciaal voor haar geschreven.
In 1983 ontmoet ze Yves Martin.
Ze werkt met hem samen tot 1988 en is met hem getrouwd.
Echt succesvol was ze niet meer en in 1989 besluit ze, teleurgesteld, te stoppen met de muziek.
Tussen 1989 en 1998 schrijft ze 3 boeken, verschijnt op tv en stort zich op het maken van beelden (sculptures).
In 1998 is haar comeback in de muziekwereld. En verrassend genoeg succesvol.
Het album Le Meilleur met oude en nieuwe songs wordt ‘goud’ in Frankrijk.
In 2002 brengt ze het album Seulement pour toi uit, met slechts zeven liedjes.
Het album werd opgenomen in de zomer tussen de overlijdens van haar ouders in.
Datzelfde jaar viert ze haar veertigjarig artiestenjubileum in de Olympia.
In 2005 brengt haar zoon Ludovic het boek Fils de (zoon van) uit, waarin hij vertelt hoe moeilijk het is om in de schaduw van zijn moeder te staan.
In 2012 viert ze met Ce soir, c’est notre anniversaire haar vijftigjarig jubileum in de Olympia.
Sheila is nu nog vaak op tv en toer nog altijd door Frankrijk en de rest van Europa.
Sheila verkocht meer dan 85 miljoen platen.
Volgens het boek 40 ans de tubes 1960-2000 is ze in Frankrijk de zangeres met het meeste gouden platen (39 in Frankrijk en 89 in de wereld).
In Frankrijk wordt ze alleen maar overtroffen door Johnny Hallyday, die 40 gouden platen heeft.
Michel Polnareff werd geboren in 1944 in Nérac, Frankrijk, uit een Russische vader en een Franse moeder.
Zijn vader, Leib Polnareff, was een bekende componist die nummers schreef voor Edith Piaf, Mouloudji en andere beroemde artiesten.
Michel begon al op jonge leeftijd piano te spelen en ontwikkelde een passie voor muziek.
Hij verhuisde naar Parijs in de jaren zestig en brak door met zijn eerste hit “La poupée qui fait non” in 1966.
Sindsdien heeft hij meer dan 20 albums uitgebracht en talloze hits gescoord, zoals “Love me, please love me”, “L’amour avec toi”, “On ira tous au paradis” en “Goodbye Marylou”.
Hij staat ook bekend om zijn flamboyante persoonlijkheid en zijn controversiële imago dat vaak de aandacht trok van de media en het publiek.
Hij had verschillende relaties met beroemde vrouwen, zoals de actrice Annie Fargue (geboren in Etterbeek) en zangeres Afida Turner, die later relatie had met rapper Coolio en Mike Tyson. Afida Turner kwam verleden jaar te overlijden aan kanker.
Hij trouwde met het bekende model Danyellah in 2003 en kreeg een zoon, Louka, in 2010.
Michel Polnareff is nog steeds actief in de muziekwereld. Hij bracht verleden jaar een album uit met zijn grootste hits in een nieuwe bewerking.
Hij woont momenteel in Los Angeles, Verenigde Staten, waar de bijna 80-jarige zanger zou werken aan een nieuw album (Joepie 12 november 1978).
Ma Préférence gaat over de liefde die Julien Clerc voelt voor zijn geliefde, die hij boven alles verkiest.
Het nummer werd een groot succes in Frankrijk en andere Franstalige landen.
In Vlaanderen bereikte het nummer niet de hitlijsten, terwijl in Nederland het nummer goed was voor een tweeëndertigste plaats in de Top 40.
Het is nummer is ook gecoverd door onder meer Sacha Distel, Michel Delpech en in Vlaanderen door Nicole en Hugo.
Het nummer schreef hij zelf en dit samen met Jean-Loup Dabadie en is ook terug te vinden op zijn album Jaloux.
Jean-Claude Petit schreef de arrangementen en was ook verantwoordelijk voor de productie.
Jean-Claude Petitj heeft gewerkt met zowel jazzlegendes als popsterren, en heeft ook muziek geschreven voor theater, opera en film.
Petit begon zijn muzikale opleiding aan het Collège National Superieur de la Musique in Parijs, waar hij eerste prijzen behaalde in harmonieleer, fuga en contrapunt.
Tijdens zijn studie speelde hij piano in de Parijse nachtclubs, waar hij Amerikaanse sterren begeleidde zoals Dexter Gordon, Johnny Griffin en Kenny Clarke.
Hij raakte zo vertrouwd met de jazzstijl, die hij later zou combineren met andere invloeden.
In de jaren 70 bracht Petit drie popjazz-albums uit onder zijn eigen naam: Jean-Claude Petit (1970), Jean-Claude Petit et son orchestre (1972) en Jean-Claude Petit et son grand orchestre (1974).
Deze albums laten zijn talent zien als componist en arrangeur van originele en swingende nummers.
Hij werkte ook samen met vele Franse popartiesten, zoals Serge Lama, Sheila, Claude François, Mink DeVille, Joan Baez, Michel Sardou, Alain Souchon, Sylvie Vartan, Jairo, Mortimer Shuman en Gilbert Bécaud. Hij verzorgde de arrangementen en speelde piano op hun platen en concerten.
Petit maakte ook naam als theatercomponist. Hij schreef muziek voor stukken van Robert Hossein, Victor Haïm en vele andere succesvolle regisseurs.
Hij creëerde sfeervolle en dramatische muziek die perfect aansloot bij de thema’s en de sfeer van de voorstellingen.
Hij componeerde ook twee opera’s: Sans Famille (Nice, 2007) en Colomba (Marseille, 2014).
Deze opera’s zijn gebaseerd op bekende Franse romans en tonen zijn vermogen om klassieke en moderne elementen te vermengen.
Petit is echter vooral beroemd om zijn filmmuziek.
Hij heeft meer dan 100 filmscores geschreven voor Franse en internationale films.
Hij werkte samen met gerenommeerde regisseurs zoals Jean-Paul Rappeneau, Pat O’Connor, Bertrand Blier, Claude Lelouch en Claude Berri.
Hij won een César voor beste originele muziek voor Cyrano de Bergerac (1990), een episch historisch drama met Gérard Depardieu.
Hij schreef ook memorabele muziek voor The Playboys (1992), een romantische komedie met Albert Finney en Aidan Quinn, en Jean de Florette (1986) en Manon des Sources (1986), twee films gebaseerd op de roman van Marcel Pagnol.
Zijn muziek is vaak melodieus, expressief en kleurrijk, met invloeden van folk, jazz, klassiek en wereldmuziek.
Adamo werd geboren in 1947 en verhuisde op driejarige leeftijd met zijn familie naar België, waar zijn vader als mijnwerker ging werken.
Hij groeide op in Jemappes, een deelgemeente van Bergen, samen met zijn twee zussen en zijn broer.
Hij ontwikkelde al vroeg een passie voor muziek en zong in het kerkkoor en leerde gitaar spelen.
Hij nam deel aan verschillende wedstrijden en won in 1960 met het liedje Si J’osais. Dit leverde hem zijn eerste radio-optreden op, op 14 februari van dat jaar.
Een jaar later bracht hij zijn eerste plaat uit, nadat hij een wedstrijd in Parijs had gewonnen.
Zijn grote doorbraak kwam in 1963 met het nummer Sans toi, ma mie. Hij werd een ster in België en trad op 1 november op in de Ancienne Belgique in Brussel.
In maart 1964 was hij te gast bij Willem Duys in het programma ‘Voor de vuist weg’ en zong hij Vous permettez, monsieur?, dat zijn eerste nummer 1-hit werd in Nederland.
Het nummer stond 11 weken bovenaan de Tijd voor Teenagers Top 10 en was de grootste hit van het jaar 1964 in Vlaanderen, Nederland en Frankrijk, met meer dan 200.000 verkochte exemplaren.
Hij trad op in verschillende landen, zoals Frankrijk, Duitsland, Turkije, Japan, Libanon en Canada.
Tot 1966 was hij verantwoordelijk voor een kwart van alle platenverkoop in Frankrijk.
Hij trouwde in 1969 met de Belgische Nicole Adamo en kreeg drie kinderen: twee zonen (1969 en 1981) en een dochter (1980).
Hij is ook de trotse grootvader van twee kleindochters.
Hij zou normaal gezien vanavond opgetreden hebben in de Ancienne Belgique in Brussel, maar annuleerde gisteren het optreden.
In een persbericht laat hij het volgende weten: Ik heb een gezondheidsklacht die gelukkig te genezen is, maar ik heb wel tijd en rust nodig. Het gaat om een vochtophoping in mijn longen.
Het zal dus een verjaardag in alle eenvoud, zijn, omringd door zijn familie en enkele goede vrienden.