45 jaar geleden, Julien Clerc met zijn nummer Ma Préférence.

Ma Préférence gaat over de liefde die Julien Clerc voelt voor zijn geliefde, die hij boven alles verkiest.

Het nummer werd een groot succes in Frankrijk en andere Franstalige landen.

In Vlaanderen bereikte het nummer niet de hitlijsten, terwijl in Nederland het nummer goed was voor een tweeëndertigste plaats in de Top 40.

Het is nummer is ook gecoverd door onder meer Sacha Distel, Michel Delpech en in Vlaanderen door Nicole en Hugo.

Het nummer schreef hij zelf en dit samen met Jean-Loup Dabadie en is ook terug te vinden op zijn album Jaloux.

Jean-Claude Petit schreef de arrangementen en was ook verantwoordelijk voor de productie.

Jean-Claude Petitj heeft gewerkt met zowel jazzlegendes als popsterren, en heeft ook muziek geschreven voor theater, opera en film.

Petit begon zijn muzikale opleiding aan het Collège National Superieur de la Musique in Parijs, waar hij eerste prijzen behaalde in harmonieleer, fuga en contrapunt.

Tijdens zijn studie speelde hij piano in de Parijse nachtclubs, waar hij Amerikaanse sterren begeleidde zoals Dexter Gordon, Johnny Griffin en Kenny Clarke.

Hij raakte zo vertrouwd met de jazzstijl, die hij later zou combineren met andere invloeden.

In de jaren 70 bracht Petit drie popjazz-albums uit onder zijn eigen naam: Jean-Claude Petit (1970), Jean-Claude Petit et son orchestre (1972) en Jean-Claude Petit et son grand orchestre (1974).

Deze albums laten zijn talent zien als componist en arrangeur van originele en swingende nummers.

Hij werkte ook samen met vele Franse popartiesten, zoals Serge Lama, Sheila, Claude François, Mink DeVille, Joan Baez, Michel Sardou, Alain Souchon, Sylvie Vartan, Jairo, Mortimer Shuman en Gilbert Bécaud. Hij verzorgde de arrangementen en speelde piano op hun platen en concerten.

Petit maakte ook naam als theatercomponist. Hij schreef muziek voor stukken van Robert Hossein, Victor Haïm en vele andere succesvolle regisseurs.

Hij creëerde sfeervolle en dramatische muziek die perfect aansloot bij de thema’s en de sfeer van de voorstellingen.

Hij componeerde ook twee opera’s: Sans Famille (Nice, 2007) en Colomba (Marseille, 2014).

Deze opera’s zijn gebaseerd op bekende Franse romans en tonen zijn vermogen om klassieke en moderne elementen te vermengen.

Petit is echter vooral beroemd om zijn filmmuziek.

Hij heeft meer dan 100 filmscores geschreven voor Franse en internationale films.

Hij werkte samen met gerenommeerde regisseurs zoals Jean-Paul Rappeneau, Pat O’Connor, Bertrand Blier, Claude Lelouch en Claude Berri.

Hij won een César voor beste originele muziek voor Cyrano de Bergerac (1990), een episch historisch drama met Gérard Depardieu.

Hij schreef ook memorabele muziek voor The Playboys (1992), een romantische komedie met Albert Finney en Aidan Quinn, en Jean de Florette (1986) en Manon des Sources (1986), twee films gebaseerd op de roman van Marcel Pagnol.

Zijn muziek is vaak melodieus, expressief en kleurrijk, met invloeden van folk, jazz, klassiek en wereldmuziek.

Gisteren nog vandaag

45 jaar geleden, Bryan Ferry neemt afscheid van het hitwerk met zijn nieuw soloalbum.

Bryan Ferry, bracht in 1978 zijn vijfde solo studioalbum uit, getiteld The Bride Stripped Bare.

De titel is een verwijzing naar een kunstwerk van de Franse kunstschilder en beeldhouwer Marcel Duchamp, dat Ferry bewonderde.

Het album werd geproduceerd door Ferry en dit samen met Rick Marotta, Simon Puxley, Steve Nye en Waddy Wachtel.

Het album bevat zowel eigen composities van Ferry als covers zoals Hold On, I’m Coming van Sam and Dave, een nummer geschreven door David Porter & Isaac Hayes, The Same Old Blues van en geschreven door J J Cale, Take Me To The River van en meegeschreven door Al Green en What Goes On van The Velvet Underground en geschreven door Lou Reed.

Het album werd geen groot commercieel succes, maar kreeg wel goede kritieken van de pers.

De enige hit die het album voortbracht was de single “Sign of the Times”, die de top 40 bereikte in het Verenigd Koninkrijk.

Zowel in Vlaanderen als in Nederland bereikte de single niet de hitparade.

De Britse zangeres Lulu, geboren als Lulu Kennedy-Cairns en bekend van hits als Shout, To Sir With Love en The Man Who Sold The World, viert vandaag haar vijfenzeventigste verjaardag.

Lulu, geboren als Marie McDonald McLaughlin Lawrie in Glasgow, Schotland, begon haar carrière al op jonge leeftijd.

Ze brak door in 1964 met haar versie van het Isley Brothers-nummer Shout, dat een grote hit werd in het Verenigd Koninkrijk.

Sindsdien heeft ze meer dan 50 albums uitgebracht en samengewerkt met artiesten als David Bowie, Elton John, Sting en Take That.

Lulu heeft ook een veelbewogen liefdesleven gehad.

Ze was twee keer getrouwd, eerst met Maurice Gibb van de Bee Gees, van wie ze scheidde na vier jaar huwelijk, en later met John Frieda, de bekende haarstylist en oprichter van het gelijknamige cosmeticamerk.

Met Frieda kreeg ze een zoon, Jordan, die nu 44 jaar oud is.

Lulu heeft ook relaties gehad met onder anderen Davy Jones van The Monkees, Dudley Moore en David Bowie.

Ze treedt nog regelmatig op en brengt af en toe nieuwe nummers uit.

In 2019 bracht ze een album uit met covers van soulklassiekers, getiteld From My Soul To Yours.

Ze is ook betrokken bij verschillende goede doelen, zoals Comic Relief, Save the Children en Breast Cancer Care.

Elvis Presley was ontembaar(Muziek Expres oktober 1978).

Elvis Presley scoorde een grote hit met zijn cover van het nummer Burning Love dat in 1972 werd uitgebracht als single.

Het nummer werd geschreven door de Amerikaanse componist Dennis Linde en dit voor de soul zanger Arthur Alexander.

Dennis Linde schreef ook nummers voor onder meer Roger Miller, Everly Brothers, Kitty Starr, Billy Swan, Teresa Brewer en Brenda Lee.

De producer van Burning Love was Felton Jarvis, die al sinds 1966 met Elvis samenwerkte en veel van zijn latere albums produceerde.

Met dit nummer bereikte hij voor de veertigste keer de Top 10 in zijn thuisland. In de Billboard Hot 100 was het nummer goed voor een tweede plaats op de Billboard Hot 100 en de eerste plaats op de Cash Box Top 100.

In Vlaanderen was de single goed voor een tiende plaats in de Brt Top 30 en in Nederland bereikte het nummer de negentiende plaats in de Top 40.

Deze week, 45 jaar geleden, komt de disco single Love Machine van Supermax binnen in de Brt Top 30.

Het nummer is geschreven door de oprichter van de groep, namelijk de Oostenrijkse Kurt Hauenstein.

De productie was in handen van Peter Hauke, die ook hun debuutsingle Don’t Stop The Music produceerde.

Hun tweede single Love Machine was in Vlaanderen goed voor een zesde plaats in de Brt Top 30 en in Nederland bereikte het nummer de elfde plaats in de Top 40.

De Duitse disco-rock fusion groep Supermax bestond uit acht leden en werd in 1976 opgericht.

De leden van de groep waren Hauenstein (Mini Moog, zang), Hans Ochs (gitaar), Ken Taylor (basgitaar), Lothar Krell (keyboards), Peter Koch (percussie), Jürgen Zöller (drums) en de zangeressen Cee Cee Cobb en Jean Graham.

Supermax bracht tussen 1976 en 1996 twaalf studioalbums uit.

Na het vertrek van Taylor in 1979 nam Hauenstein de basgitaar weer over.

Later voegden Bernadet Onore Eben en Jessica Hauenstein, de dochter van Kurt Hauenstein, zich bij de groep als achtergrondzangeressen.

Supermax was de eerste multiraciale band die door Zuid-Afrika toerde, ondanks doodsbedreigingen en politieke tegenstand.

In 1983 speelde Supermax als speciale gast uit Europa op het Reggae Sunsplash Festival in Montego Bay, Jamaica.

De groep bleef actief tot 2011, toen Hauenstein overleed op 62-jarige leeftijd aan een hartaanval.

Gisteren nog vandaag: Joepie 3 december 1978

Gisteren nog vandaag: Single van de week, African Blood van Supermax in de Hitkrant van Juni 1979

Wie kent ze nog The Osmonds (Joepie 17 oktober 1973)

De Osmonds waren een populaire muzikale familie uit de Verenigde Staten, die vooral in de jaren zestig en zeventig veel succes hadden.

Ze begonnen als een kwartet, bestaande uit de broers Alan, Wayne, Merrill en Jay Osmond.

Later voegden ze hun jongere broers Donny en Jimmy en hun enige zus Marie toe aan de groep.

Ze maakten verschillende soorten muziek, variërend van rock tot country tot gospel.

Ze hadden hits als “One Bad Apple”, “Crazy Horses”, “Love Me for a Reason” en “Paper Roses”.

Ze hadden ook een eigen televisieshow, The Osmonds, die van 1972 tot 1976 werd uitgezonden.

De Osmonds zijn nog steeds actief in de muziekwereld, hoewel niet meer als een complete groep.

Sommigen van hen hebben solocarrières nagestreefd, zoals Donny, die een succesvolle zanger en musicalster is geworden, en Marie, die zowel zingt als acteert.

Anderen hebben zich gericht op het produceren of schrijven van muziek, zoals Alan en Merrill.

Jay en Jimmy hebben ook nog opgetreden met hun eigen bands.

De Osmonds hebben in totaal meer dan 100 miljoen platen verkocht.

De ex-leden van de Osmonds leven nog allemaal, hoewel sommigen van hen gezondheidsproblemen hebben gehad.

Alan lijdt aan multiple sclerose, een aandoening die het zenuwstelsel aantast.

Hij heeft een stichting opgericht om geld in te zamelen voor onderzoek naar deze ziekte.

Wayne heeft een hersenbloeding gehad in 2019, waarvan hij grotendeels is hersteld.

Donny heeft een stembandoperatie ondergaan in 2017, waardoor hij tijdelijk niet kon zingen.

Marie heeft te maken gehad met depressie en eetstoornissen in het verleden, waarover ze openlijk heeft gesproken.

Op 7 augustus 2003 kreeg de familie Osmond een welverdiende erkenning toen ze hun eigen ster mochten onthullen op de “Hollywood Walk of Fame”.

De familie Osmond is diepgelovig en behoort tot de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, beter bekend als de Mormonen.

Op 8 november 2007 vierde de familie Osmond hun 50-jarig jubileum in een speciale aflevering van de Oprah Winfrey Show. Het hele publiek bestond uit familieleden van de Osmonds.

Vijftig jaar geleden, toen Abba nog Bjorn, Benny, Ann en Frida noemde (Joepie 17 oktober 1973).

In de vroege jaren zeventig waren ze bekend als Bjorn, Benny, Ann en Frida, naar de voornamen van de vier leden.

Ze brachten hun eerste album uit onder die naam in 1973, maar het was pas in 1974 dat ze besloten om hun naam te veranderen in Abba.

De reden was dat er al een andere band bestond met dezelfde naam, en ook omdat Abba een acroniem was van hun initialen.

Ze deden mee aan het Eurovisiesongfestival van dat jaar met het nummer Waterloo, en wonnen de wedstrijd.

Dat was het begin van hun internationale doorbraak en roem, die tot op de dag van vandaag voortduurt.