Vandaag 55 jaar geleden, overleed Jimi Hendrix, op 27-jarige leeftijd en werd daarmee een van de eerste en bekendste leden van de beruchte ’27 Club’.

Hij bracht zijn laatste uren door in het appartement van zijn toenmalige vriendin, de Duitse kunstschaatsster en schilderes Monika Dannemann, in het Samarkand Hotel.

Hoewel zij de ambulance belde, zijn de precieze omstandigheden van zijn dood altijd in nevelen gehuld gebleven, wat de deur openzette voor talloze theorieën en speculaties.

De officiële lezing, zoals die destijds door de media werd verspreid, was dat Hendrix was gestikt in zijn eigen braaksel.

Hij zou in een diepe coma zijn geraakt na het innemen van een overdosis slaappillen in combinatie met rode wijn.

Een tragisch detail hierbij is dat de Britse slaappillen die hij had genomen, aanzienlijk sterker waren dan de Amerikaanse varianten die hij gewend was.

Deze versie wordt echter tegengesproken door verschillende bronnen. Mitch Mitchell, de drummer van The Jimi Hendrix Experience, opperde in zijn boek ‘Inside the Experience’ een schrijnend alternatief.

Volgens hem stierf Hendrix pas op een brancard in de gang van het Londense ziekenhuis.

Mitchell suggereerde dat er, omdat Hendrix Afro-Amerikaans was of omdat niemand hem onmiddellijk herkende, niet adequaat naar hem werd omgekeken.

Een ander hardnekkig gerucht was een overdosis heroïne. Dit werd echter al snel ontkracht door de autopsie, waaruit bleek dat er geen sporen van heroïne in zijn bloed zaten.

Bovendien was het in zijn directe omgeving algemeen bekend dat Hendrix, anders dan vele rocksterren uit die tijd, een uitgesproken afkeer van naalden had en geen heroïne gebruikte.

De sensationeelste theorie kwam pas decennia later aan het licht. James ‘Tappy’ Wright, een voormalige roadie, beweerde in 2009 dat Hendrix werd vermoord door zijn eigen manager, Michael Jeffery.

Jeffery zou in dronken toestand hebben bekend dat hij Hendrix met hulp van anderen had volgegoten met drank en pillen.

Het motief? Angst dat zijn grootste ster, die hij vreesde, kwijt te raken, zou overstappen naar een andere manager.

Deze zware beschuldiging kan helaas niet meer op haar waarheid worden getoetst. Jeffery kwam namelijk in 1973, kort na zijn vermeende bekentenis, om het leven bij een vliegtuigcrash.

Alsof het mysterie nog niet complex genoeg was, voegde de documentaire ‘Jimi Hendrix: The Last 24 Hours’ uit 2004 er een politieke dimensie aan toe.

Hierin wordt gesuggereerd dat de CIA betrokken was bij zijn dood. Hendrix’ banden met de Black Panther Party en zijn openlijke kritiek op de Vietnamoorlog zouden hem tot een doelwit hebben gemaakt. In enkele jaren was hij uitgegroeid tot een wereldwijd icoon met een enorme invloed op de Amerikaanse jeugd.

Zijn vervormde versie van het Amerikaanse volkslied op Woodstock in 1969 wordt nog steeds gezien als een krachtig cultureel statement.

Ongeacht de ware toedracht, de wereld verloor een muzikaal genie. De man die als linkshandige speler een rechtshandige gitaar bespeelde (na de snaren in omgekeerde volgorde te hebben gezet), had de gitaarmuziek voorgoed veranderd.

Jimi Hendrix werd uiteindelijk begraven op het Greenwood Memorial Park in Renton, een stadje nabij zijn geboortestad Seattle.

Zijn plotselinge overlijden was niet alleen een muzikaal verlies, maar ook het begin van een gecompliceerde strijd om zijn nalatenschap.

Jimi Hendrix had namelijk geen testament opgemaakt. Volgens de wet ging zijn volledige vermogen daardoor naar zijn dichtstbijzijnde familielid: zijn vader, Al Hendrix.

Voor zijn eigen dood in 2002 liet Al het beheer van het miljoenenbedrijf, Experience Hendrix LLC, na aan zijn geadopteerde dochter Janie Hendrix, de stiefzus van Jimi.

Dit leidde tot een jarenlange juridische strijd met Jimi’s biologische broer, Leon Hendrix, die door deze beslissing grotendeels werd buitengesloten van de erfenis.

Uiteindelijk besliste de rechter in het voordeel van Janie, die tot op de dag van vandaag de controle heeft over de nalatenschap van Jimi Hendrix.

Gisteren nog vandaag

Vandaag 40 jaar geleden, Julien Clerc stapt in het huwelijksbootje met Virginie Couperie Eiffel.

Voordat zanger Julien Clerc zijn jawoord gaf aan Virginie Coupérie-Eiffel, deelde hij zijn leven met de Franse actrice Miou-Miou.

Samen kregen ze op 19 april 1978 een dochter, Jeanne Herry, die later zelf een succesvolle carrière als filmmaker en actrice zou uitbouwen.

Een nieuwe fase in zijn leven begon toen hij Virginie Coupérie-Eiffel ontmoette. De vonk sloeg over toen de zanger een paard kwam kopen bij Virginie, die op dat moment een professionele jumpingruiter was en een afstammelinge van de beroemde Gustave Eiffel.

Het koppel trouwde op 14 september 1985 op haar landgoed in de Gironde.

Hun gezin breidde zich uit met de komst van dochter Vanille, drie jaar na hun huwelijk, en zoon Barnabé, die in 1995 werd geboren.

Hun leven samen inspireerde Clerc tot een van zijn grootste hits, “Fais-moi une place” (1990), een nummer waarvoor hij zelf de muziek componeerde.

Hoewel de tekst door Françoise Hardy werd geschreven, wordt het nummer beschouwd als zijn muzikale verklaring aan Virginie, een vraag om een plek in haar wereld van rust en paarden.

Na een huwelijk van 22 jaar ging het paar in 2007 uit elkaar.

Na de scheiding gingen beiden hun eigen weg. Virginie Coupérie-Eiffel bouwde een carrière uit als verslaggeefster voor paardensportevenementen bij France Télévisions.

Voor haar verdiensten werd ze in 2013 benoemd tot Ridder in de Nationale Orde van Verdienste.

Julien Clerc vond opnieuw de liefde bij romanschrijfster Hélène Grémillon, met wie hij in 2012 trouwde. Zij hadden voor hun huwelijk al een zoon gekregen, Léonard.

Vandaag, 45 jaar geleden, op 10 september 1980 kreeg Rob de Nijs uit handen van Cliff Richard een platina plaat voor zijn album “Met Je Ogen Dicht”.

Het kwam op 22 maart de lp Top 50 binnen en stond vanaf 14 juni maar liefst vijf weken lang op de eerste plaats.

Ook in Vlaanderen was het album een groot succes.

Tijdens een diner, georganiseerd door platenmaatschappij EMI, kreeg De Nijs de onderscheiding uit handen van de Britse zanger Cliff Richard.

Het album, geproduceerd door Gerard Stellaard, bevatte bekende nummers als “Zondag”, geschreven door Stellaard, Bill van Dijk en Tineke Beishuizen, die al eerder teksten schreef voor Rob De Nijs en die in augustus 2023 overleed.

Ook de covers “Alleen Is Maar Alleen” met Nederlandse tekst van Benny Neyman en “Foto Van Vroeger” (oorspronkelijk van Udo Jürgens en de tekst van “Foto Van Vroeger” was van Joost Nuissl, die in totaal voor vijf nummers de tekst schreef voor het album) droegen bij aan de populariteit van het album.

50 jaar geleden, waarom zanger Peter West ook voor andere artiesten een goede promotor kan zijn.

De muzikale reis van Paul Nijs, bij het grote publiek beter bekend als zanger Peter West, begon al op jonge leeftijd met een opleiding klassieke gitaar aan de plaatselijke muziekschool.

Als zestienjarige zette hij onder de naam Paul Robbins zijn eerste stappen in de showbizz met een eigen plaat.

Al snel sloot hij zich aan bij de groep “Les Jeunes”, waar hij samenspeelde met een jonge Paul Michiels.

Daarna werd hij lid van “The Hit Boys”, een in de streek zeer bekend orkest waar hij het podium deelde met artiesten als Bobby Prins en Luc Derdin.

Een cruciale wending kwam er tijdens zijn legerdienst in 1968.

In Turnhout ontmoette hij commandant Karel Van Herck, die op dat moment de manager was van gevestigde waarden als Marc Dex, Juul Kabas en Micha Marah.

Onder de vleugels van Van Herck en met topproducer Roland Kluger lanceerde hij in 1969 zijn eerste single als Peter West: “Santo Domingo”.

Vanaf dat moment kwam zijn carrière in een stroomversnelling.

Hits als “Met jou wil ik leven”, “Lieveling”, “Zoon van mijn vader”, “Zeg aan Carina” en “Zonder vrees” volgden elkaar in hoog tempo op. “Zeg aan Carina” was een compositie van Leo Caerts, de man achter “Eviva Espana”, en met “Zonder vrees” stond Peter West drie weken lang op nummer één in de Tele top tien.

In deze topperiode verzorgde een toen nog onbekende Ann Christy zijn voorprogramma, nog voor ze zelf doorbrak via Canzonissima.

In 1974 besloot Paul Nijs een andere weg in te slaan en werd hij producer bij Monopole Records. In die rol toonde hij zijn talent om andere artiesten te lanceren.

Hij zorgde ervoor dat Claire haar superhit “Vreemde Vogels” kon opnemen, waarmee ze zes weken op nummer één stond in Nederland.

Ook de eerste opnames van Judy Mc Queen (Sonia Pelgrims) waren producties van zijn hand; haar single “Moving Along” werd in 1975 een hit die tien weken in de BRT Top 30 stond.

Dankzij uitstekende contacten in de Duitse muziekwereld verhuisde Peter in 1976 definitief naar Düsseldorf.

Dit betekende het einde van zijn loopbaan als zanger.

Toch was zijn invloed nog niet voorbij.

Zijn voormalige begeleidingsband, “The Classic Illustration”, scoorde in 1977 met een productie van Peter West een nummer die de Top 5 bereikte in verschillende landen met het nummer “Darling I Love You”.

Paul Nijs, de man achter de artiest Peter West, overleed in mei 2023.