
50 jaar geleden, Ria en The Froggs en hun nieuwe single Schenk Mij Je liefde in de Joepie van 31 oktober 1973.

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek



In het Staatsblad van 4 augustus 1832 verscheen een wet, dat de oprichting van een Beroepshof te Brussel, te Gent en te Luik voorzag.
Destijds bestond er in Gent een Tribunaal van Eerste Aanleg, die zittingen hield in het voormalig Jezuïetenklooster gelegen in de Volderstraat en waar er een meisjesschool gevestigd was.
In het Stadhuis van Gent werden de zittingen gehouden voor zowel het Assisenhof, de Handelsrechtbank en het Vredegerecht.
Maar een Justitiepaleis dat was er toen nog niet. Zelfs het Hof van Beroep kwam nog enkele zalen opeisen in het Stadhuis voor hun zittingen en werkzaamheden.
Daardoor stelde de Eerste Voorzitter Charles Massez voor, om een eigen Justitiehuis op te richten, op de terreinen waar het klooster en de kerk der Recoletten tot in 1798 was ingeplant en daarna werd gesloopt.
Het voorstel werd in de gemeenteraadszitting van 21 januari 1835 aangenomen.
Het bestek werd door de stedelijke bouwmeester Lodewijk Roelandt opgemaakt, die de verzekering gaf, dat de voorziene kosten de som van 820.000 Belgische fr. toen niet zouden overschrijden.
Het paleis werd gebouwd tussen 1836 en 1846, naar een ontwerp van de architect Louis Roelandt.

Het is een voorbeeld van de neoclassicistische stijl, die in die tijd populair was in Europa.
Het paleis heeft een symmetrische opbouw, met een centrale koepel en twee vleugels.
De voorgevel is versierd met zuilen, beelden en reliëfs die verwijzen naar de rechtspraak en de rechtsgeleerdheid.
Het Justitiepaleis was niet het eerste gerechtsgebouw in Gent.
Al in de middeleeuwen was er een schepenhuis, waar de schepenen of rechters zetelden.
Dit gebouw stond op de hoek van de Botermarkt en de Hoogpoort, maar werd afgebroken in 1782.
In de Franse tijd werd het Hof van Beroep gevestigd in het voormalige bisschoppelijk paleis aan de Reep.
Dit gebouw voldeed echter niet aan de eisen van de moderne rechtspraak, en daarom werd besloten om een nieuw paleis te bouwen op een ruimere locatie.
De keuze viel op het terrein van het Sint-Elisabethbegijnhof, dat in 1824 door de staat was onteigend.
Het begijnhof was een religieuze gemeenschap van vrouwen die zich wijdden aan gebed en liefdadigheid.
Het bestond al sinds de 13e eeuw en had een eigen kerk, kapel, ziekenhuis en kloostergebouwen.
Het begijnhof werd echter gezien als een symbool van het ancien régime, en moest plaatsmaken voor het nieuwe Justitiepaleis.
De bouw van het paleis verliep niet zonder problemen.
Er was veel kritiek op het ontwerp, dat te pompeus en te duur werd gevonden.
Er waren ook technische moeilijkheden, zoals de instabiliteit van de grond en de verzakking van de koepel.
Bovendien brak er in 1842 een grote brand uit in het paleis, die veel schade aanrichtte.

Het duurde uiteindelijk tien jaar voordat het paleis voltooid was.
Het Justitiepaleis heeft sindsdien verschillende functies gehad.
Het was eerst het Hof van Beroep, daarna het Hof van Assisen, en nu het Hof van Beroep voor Oost- en West-Vlaanderen.
Het paleis heeft ook verschillende restauraties ondergaan, om het aan te passen aan de veranderende noden en normen.
Zo werd er in 1970 een nieuwe vleugel toegevoegd aan de achterzijde, waar nu de correctionele rechtbank zetelt.
Het Justitiepaleis in Gent is meer dan een gerechtsgebouw. Het is ook een monument dat getuigt van de geschiedenis en de cultuur van de stad.
Het is een plek waar recht wordt gesproken, maar ook waar kunst wordt bewonderd.
Het paleis herbergt namelijk een rijke collectie schilderijen, beelden, meubels en archieven, die de evolutie van de rechtspraak en de rechtsgeleerdheid illustreren.
Het paleis is ook regelmatig open voor het publiek, bijvoorbeeld tijdens erfgoeddagen of tentoonstellingen.
Donderdag keek ik naar Khalid en Sophie en was zangeres Anouk er de hoofdgast en stelde ze twee nummers voor, namelijk When I Die en Are You Done Running.
Gisteren was het dan zo ver, en konden we luisteren naar het volledige album Deena & Jim.
De nummers op dit album zijn geschreven zoals gewoonlijk door Anouk en de Zweedse muzikant Martin Gjerstad, die al jaren haar schrijfpartner is.
Het album is opgenomen met het Praags Filharmonisch Orkest (The City of Prague Philharmonic Orchestra), een ervaren orkest dat bekend staat om zijn vele albums met filmmuziek.
Het album is geproduceerd door Jim Abbiss, die bekend is van zijn werk met Arctic Monkeys, Goldfrapp, Placebo, Suede, Editors, Adele en Kasabian.
Het album bevat twaalf nummers en volgens Anouk is het album een liefdesbrief voor de wanhopigen.
Om het album te promoten, Anouk wil niet spreken van een single, moet er natuurlijk een video gemaakt worden en de voorkeur ging naar het nummer Are You Done Running, deze keer geregisseerd en geproduceerd door Anouk’s oudste zoon Benjahmin Stotijn.
Het kan vreemd klinken, maar gezien ik genoot van dit album, trouwens ook al besteld en deze keer niet op Lp, maar op cd, zodoende ik niet moet onderbroken worden en volop kan genieten.
Dat ik vrees dat dit album niet de jeugd zal aanspreken, gezien ze zo gevoelig zijn aan de vele prikkels op YouTube en andere kanalen, dat bijna 55 minuten luisteren naar één album, bijna niet meer lukt.
Terwijl ik luister, denk ik aan Frank Sinatra en zijn conceptalbum Watertown uit 1970. Toen een flop en nu gezien als één van zijn beste albums.
Hopelijk heeft de pers en het publiek, niet zoveel tijd nodig bij Anouk om het album naar waarde te schatten.

Andrew Albert Christian Edward, Hertog van York, is de tweede zoon van koningin Elizabeth II en prins Philip, hertog van Edinburgh.
Hij werd geboren op 19 februari 1960 in Buckingham Palace en is momenteel achtste in de lijn van de Britse troonopvolging.
Hij diende als helikopterpiloot in de Royal Navy en nam deel aan de Falklandoorlog in 1982.
Hij trouwde met Sarah Ferguson in 1986 en kreeg twee dochters, Beatrice en Eugenie, voordat ze in 1996 scheidden. Hij bleef nauwe banden onderhouden met zijn ex-vrouw en zijn dochters.
Zijn leven en zijn relaties zijn echter niet zonder controverse.
Hij wordt al lang bekritiseerd om zijn extravagante levensstijl, zijn vriendschappen met dubieuze figuren en zijn vermeende betrokkenheid bij een internationaal seksschandaal.
Hij wordt ervan beschuldigd seks te hebben gehad met een minderjarig meisje dat werd aangeboden door zijn vriend Jeffrey Epstein, een veroordeelde zedendelinquent die zelfmoord pleegde in de gevangenis in 2019.
Hij ontkent alle aantijgingen en beweert dat hij zich het meisje niet herinnert of haar ooit heeft ontmoet.
Hij gaf een rampzalig televisie-interview in 2019 waarin hij probeerde zijn naam te zuiveren, maar dat leidde alleen maar tot meer kritiek en verontwaardiging.
Hij trok zich terug uit zijn koninklijke taken en houdt zich sindsdien grotendeels uit de schijnwerpers.


Blog Gisteren nog vandaag







Lulu, geboren als Marie McDonald McLaughlin Lawrie in Glasgow, Schotland, begon haar carrière al op jonge leeftijd.
Ze brak door in 1964 met haar versie van het Isley Brothers-nummer Shout, dat een grote hit werd in het Verenigd Koninkrijk.
Sindsdien heeft ze meer dan 50 albums uitgebracht en samengewerkt met artiesten als David Bowie, Elton John, Sting en Take That.
Lulu heeft ook een veelbewogen liefdesleven gehad.
Ze was twee keer getrouwd, eerst met Maurice Gibb van de Bee Gees, van wie ze scheidde na vier jaar huwelijk, en later met John Frieda, de bekende haarstylist en oprichter van het gelijknamige cosmeticamerk.
Met Frieda kreeg ze een zoon, Jordan, die nu 44 jaar oud is.
Lulu heeft ook relaties gehad met onder anderen Davy Jones van The Monkees, Dudley Moore en David Bowie.
Ze treedt nog regelmatig op en brengt af en toe nieuwe nummers uit.
In 2019 bracht ze een album uit met covers van soulklassiekers, getiteld From My Soul To Yours.
Ze is ook betrokken bij verschillende goede doelen, zoals Comic Relief, Save the Children en Breast Cancer Care.

Het verhaal van de Bonneterie Bosteels – De Smeth NV is een verhaal van succes, innovatie en tegenslag.
Het begon allemaal in 1880, toen Gustaaf Bosteels een kleine breigoedwinkel opende in de Zonnestraat in Aalst.
Hij specialiseerde zich in gebreide handschoenen, die al snel populair werden bij de klanten.
In 1922 besloot hij om een grotere fabriek te bouwen in de Erembodegemstraat in Aalst, waar hij ook dameskousen en sokken ging produceren.
Hij veranderde de naam van zijn bedrijf naar ‘Bonneterie Bosteels – De Smeth NV’, naar zijn vrouw en zakenpartner.
In 1933 nam hij ook de concurrent ‘Labor’ over, waardoor hij zijn assortiment nog verder kon uitbreiden.
In 1953 lanceerde hij het merk ‘du Parc’, dat een verwijzing was naar het stadspark van Aalst, waar de fabriek naast lag.
Dit merk werd een groot succes, vooral in de jaren zestig, toen de panty’s, kousen en sokken van ‘du Parc’ marktleider werden in België.
In de jaren zeventig kwam er ook nog het merk ‘Minouche’ bij, dat zich richtte op de jongere doelgroep.
Maar in de jaren tachtig begon het tij te keren voor de Bonneterie Bosteels – De Smeth NV.
De mode veranderde, de loonkosten stegen en de concurrentie van grote winkelketens nam toe.
De vierde generatie van de familie Bosteels stond voor een moeilijke keuze: stoppen of internationaliseren?
Ze kozen voor de tweede optie en vormden hun bedrijf om tot de ‘Bosteels Group’.
Ze sloten hun fabriek in de Zonnestraat en openden nieuwe vestigingen in Roemenië en Polen, waar ze goedkoper konden produceren.
Ze behielden hun distributiecentrum in Aalst, waar ze hun producten verdeelden over de Belgische markt.
Maar ook deze strategie bleek niet voldoende om het hoofd boven water te houden.
De Belgische markt was namelijk te klein om de investeringen te rechtvaardigen en de kwaliteit van de producten leed onder de lagere productiekosten.
In 2001 moest de ‘Bosteels Group’ faillissement aanvragen en kwam er een einde aan een lange geschiedenis van breigoed.
De merknaam “du Parc” werd echter niet vergeten.
Het werd overgenomen door Mimosa Textiel NV, die het op zijn beurt verhuurde aan het Nederlandse bedrijf Nedac Sorbo.
Onder de naam Sorbo Fashion wordt het merk “du Parc” nog steeds verkocht in Nederland en België, als een eerbetoon aan het verleden.
Het voormalige industrieterrein, dat lange tijd verlaten was, is sinds 2017 getransformeerd tot een multifunctionele locatie waar sport, cultuur, wonen en horeca samenkomen in een groene setting.(Diverse bronnen en de website du Parc)


