Jo Leemans mag vandaag 98 kaarsjes uitblazen.

Jo Leemans, in 1927 geboren als Josephine Leemans-Verbustel, kende een jeugd die getekend werd door een broze gezondheid.

Op driejarige leeftijd kreeg ze kinderverlamming, een ziekte die haar later opnieuw parten speelde en haar dwong haar muziekopleiding stop te zetten na een nieuwe aanval van polio.

Haar huwelijk met acteur Marc Leemans opende echter nieuwe deuren. Dankzij zijn contacten kon ze aan de slag als zangeres bij de radio, waar ze uitgroeide tot een gewaardeerde artieste die samenwerkte met gerenommeerde orkestleiders als Francis Bay en Fernand Terby.

Ze zong moeiteloos in het Nederlands, Frans en Engels en scoorde grote hits met nummers als ‘Que Sera, Sera’, ‘Heel Mijn Hart’, ‘Diep in mijn hart’ en ‘Lazarella’. Haar succes en uitstraling leverden haar de bijnaam ‘de Vlaamse Doris Day’ op.

In 1970, na een huwelijk van zeventien jaar, scheidde ze van Marc Leemans. De stress van de breuk, gecombineerd met de zakelijke beslommeringen van haar pas geopende taverne ‘Que Sera’ in Willebroek, wogen zwaar op haar.

Op aanraden van haar arts besloot ze een droge en zonnige plek op te zoeken om tot rust te komen in Benidorm.

De eerste twee jaar pendelde Jo nog tussen de Spaanse kust en Vlaanderen, maar toen dat te zwaar werd, vestigde ze zich definitief in Spanje.

Samen met haar nieuwe vriend Ivan, een jongen uit Schaarbeek, betrok ze een huis aan de Avenida Belgica.

Om in haar levensonderhoud te voorzien, nam ze een baan aan als gerant in nachtclub The Brussels in het Belroy Palace.

Het bloed kroop echter waar het niet gaan kon en het duurde niet lang voor Jo ook in Benidorm weer op het podium stond.

Twee keer per week zong ze de sterren van de Spaanse hemel voor een volle zaal.

Ze kreeg er regelmatig bezoek van Vlaamse collega’s als orkestleider Marco Remco, Eddy Wally en Bobbejaan Schoepen.

Jo Leemans bleef tot 1990 in Benidorm en keerde toen terug naar Vlaanderen.

In 1998 bracht ze haar autobiografie uit, getiteld ‘De vlucht terug’. Haar indrukwekkende carrière werd in 2001 bekroond toen ze, samen met Will Ferdy, werd opgenomen in de Eregalerij van Radio 2 voor een leven vol muziek.

Zelfs op 95-jarige leeftijd bleef ze verrassen, want in een interview met Dag Allemaal vertelde ze dat ze nog dagelijks genoot van een glaasje cava.

Ze onthulde ook een opmerkelijke speling van het lot: een van haar medebewoners in het rusthuis was de weduwe van haar ex-man.

In datzelfde gesprek zette ze de puntjes op de i over haar verleden.

Ze gaf openhartig toe dat niet Marc Leemans haar had bedrogen, maar dat ze destijds degene was die een scheve schaats had gereden.

The Go-Go’s, de lieverdjes van Specials en Madness

The Go-Go’s zagen het levenslicht in 1978 in de punkscene van Los Angeles.

De groep werd opgericht door Belinda Carlisle, die haar sporen al had verdiend bij de legendarische band The Germs, samen met Charlotte Caffey en Jane Wiedlin. Met de komst van drumster Gina Shock in 1979 was de bezetting compleet en begon de band met redelijk succes op te treden in het clubcircuit.

Hun aanstekelijke rock & roll, met een duidelijke knipoog naar de meidengroepen uit de jaren zestig, wist het publiek te boeien, maar platenmaatschappijen hapten niet toe.

Gedesillusioneerd maar vastberaden namen de dames in 1980 een drastische beslissing: ze zegden hun banen op om zich volledig op de muziek te richten.

Een tournee door Engeland in het voorprogramma van The Specials bleek een gouden zet.

Het leverde niet alleen een romance op tussen Jane Wiedlin en Specials-zanger Terry Hall, maar ook hun eerste single, ‘We Got The Beat’.

Kort daarna kwam bassiste Kathy Valentine de gelederen versterken en eindelijk toonde een platenlabel, I.R.S. Records, interesse.

In 1981 namen ze met producer Richard Gottehrer hun debuutalbum ‘Beauty and the Beat’ op.

De plaat werd een fenomenaal succes in de Verenigde Staten, waar er meer dan twee miljoen van werden verkocht.

Hits volgden snel, waaronder het door Wiedlin en Hall geschreven ‘Our Lips Are Sealed’ en de opnieuw uitgebrachte single ‘We Got The Beat’, die op zijn beurt een miljoen keer over de toonbank ging.

Druggebruik, persoonlijke conflicten en onenigheid over de muzikale koers zorgden voor steeds meer spanningen.

In oktober 1984 besloot Jane Wiedlin de band te verlaten.

Met Paula Jean Brown als vervangster speelden The Go-Go’s in 1985 nog op het Rock In Rio Festival, maar de magie was verdwenen.

In mei van datzelfde jaar besloten Belinda Carlisle en Charlotte Caffey de stekker uit de groep te trekken.

Carlisle startte een succesvolle solocarrière, terwijl Caffey zich liet behandelen voor haar drugsverslaving. Na deze succesvolle behandeling, Starte ze ook een solocarrière die er mag zijn, binnenkort meer over deze dame in onze groep.

Een reünietournee in 2000 bracht de oorspronkelijke leden weer samen en leidde in 2001 zelfs tot een nieuw album: ‘God Bless The Go-Go’s’.

Dit jaar waren ze ook aanwezig op het Coachella Valley Music and Arts Festival 2025. Waar ook onder meer Lady Gaga, Green Day en

Travis Scott van de partij waren.

45 jaar geleden, David Soul is er weer bovenop

David Soul, geboren als David Richard Solberg en voornamelijk bekend van zijn rol als Ken ‘Hutch’ Hutchinson in de televisieserie “Starsky & Hutch”, had een veelzijdige carrière.

Hij begon zijn loopbaan in de jaren zestig als zanger en bracht onder verschillende namen singles uit.

De grote doorbraak als acteur volgde in 1976 met “Starsky & Hutch”, waarin hij ook enkele van zijn eigen nummers zong.

Dit leidde tot aanzienlijk muzikaal succes, met name in het Verenigd Koninkrijk waar hij vier top 10-hits scoorde, waaronder de nummer 1-hit “Don’t Give Up on Us” in 1977.

Na het einde van de serie in 1979 zette Soul zijn acteercarrière voort met rollen in diverse films en televisieproducties, zoals “Salem’s Lot”, “Magnum Force” en “The Fifth Musketeer”.

Hoewel hij ook muziek bleef maken, evenaarde hij zijn eerdere successen niet. In 2004 maakte hij een cameo als de originele Hutch in de filmversie van “Starsky & Hutch” en in 2017 bracht hij het verzamelalbum “Gold” uit.

Op persoonlijk vlak is David Soul vijf keer getrouwd geweest en kreeg hij zes kinderen.

Sinds zijn scheiding van actrice Julia Nickson in 1997 woonde hij in Londen.

Zijn laatste huwelijk was in 2010 met pr-manager Helen Snell.

David Soul overleed in Londen op 4 januari 2024 op 80-jarige leeftijd

Oude postkaarten van Koksijde uit mijn verzameling.

Koksijde kent een rijke geschiedenis die teruggaat tot de middeleeuwen, met de stichting van de Duinenabdij in de twaalfde eeuw.

De badplaats Koksijde-Bad kwam pas veel later tot bloei, voornamelijk na de aanleg van de Zeelaan in 1895, die het binnenland met de kust verbond.

Een van de meest kenmerkende elementen in het landschap van Koksijde is de Hooge Blekker, de hoogste duin van de Belgische kust.

Deze duin, gevormd tussen de zestiende en negentiende eeuw, was historisch verbonden met de Duinenabdij die er een molen bezat.

In 1931 werd deze geschiedenis nieuw leven ingeblazen met de bouw van een restaurant met een showmolen op de top, puur als toeristische attractie.

Dit bouwwerk kende echter een kort bestaan; het werd beschadigd tijdens Duitse beschietingen in 1940 en volledig vernield bij een Engels bombardement in 1942.

Gisteren nog vandaag

Vandaag is de Hooge Blekker een populaire plek voor wandelaars die er genieten van het prachtige uitzicht.

Naast natuurlijke bezienswaardigheden ontwikkelde Koksijde-Bad zich ook als een plek van vermaak, met als centraal punt het casino. Het oorspronkelijke gebouw werd opgericht in 1928 en fungeerde decennialang als een belangrijke locatie voor ontspanning, met optredens en evenementen.

In 2000 werd een nieuw casino gebouwd met theaterzaal, feestzaal, foyer, tentoonstellingsruimte, bibliotheek en jeugdontmoetingscentrum, waardoor het oude casino een nieuwe rol kreeg binnen de gemeenschap.

Gisteren nog vandaag

45 jaar geleden, Linsey De Paul wil trouwen met de Amerikaans filmacteur James Coburn.

Lynsey De Paul, geboren als Lynsey Monckton Rubin, was een van de meest getalenteerde en onafhankelijke vrouwen in de Britse muziekscene van de jaren zeventig.

Ze was niet alleen een succesvolle zangeres, maar ook een begenadigd songschrijfster.

Haar talent om pakkende liedjes te schrijven bleek al vroeg toen ze de hit “Storm in a Teacup” pende voor de groep The Fortunes.

In 1972 brak ze zelf groots door met het onvergetelijke “Sugar Me”, een nummer dat haar direct tot een ster maakte.

Daarna volgden nog meer hits, waaronder het bekroonde “Won’t Somebody Dance with Me” en “No Honestly”.

In 1977 vertegenwoordigde ze, samen met Mike Moran, het Verenigd Koninkrijk op het Eurovisiesongfestival. Hun aanstekelijke duet “Rock Bottom” werd een grote favoriet en behaalde een verdienstelijke tweede plaats.

Lynsey De Paul was echter veel meer dan een popzangeres. Ze ontwikkelde zich tot producer, schitterde in musicals, nam interviews af voor televisie en was een veelgevraagde mediapersoonlijkheid.

Ze stond bekend als een bewust zelfstandige vrouw die nooit trouwde en overtuigd vegetariër was.

Haar onafhankelijkheid weerhield haar er niet van om relaties te hebben met enkele van de meest bekende mannen van die tijd, waaronder Ringo Starr, Sean Connery en Bernie Taupin.

Tragisch genoeg overleed de zangeres op 1 oktober 2014 onverwacht in een ziekenhuis in Londen na een hersenbloeding.

Vanavond, 45 jaar geleden, start van het vierde Feniksfestival in Roosdaal (9 en 10 augustus 1980)

Het Feniksfestival was een pop- en rockfestival dat in de jaren 70 en begin jaren 80 plaatsvond op de Kapelleweide in de Vlaams-Brabantse gemeente Roosdaal.

Het festival bouwde in de regio een stevige reputatie op als een belangrijk muzikaal evenement, vergelijkbaar met andere bekende openluchtfestivals uit die periode zoals Jazz Bilzen en Rock Torhout.

De vierde editie vond plaats in het weekend van zaterdag 9 en zondag 10 augustus 1980.

Het programma was als volgt:

Op zaterdag 9 augustus 1980 traden de volgende artiesten op:

  • Kevin Coyne
  • The Shirts
  • Sector 27 (de band van Tom Robinson)

Op zondag 10 augustus 1980 was de line-up:

  • Steel Pulse
  • Rick Tubbax & The Taxis
  • Raymond van het Groenewoud & The Millionaires

Het festival was een initiatief van de plaatselijke VZW De Feniks en speelde een belangrijke rol in het culturele leven van het Pajottenland in die tijd.