Vandaag, 75 jaar geleden, legde Boudewijn de eed af als de vijfde koning der Belgen.

Boudewijn beloofde hierbij voor de Verenigde Kamers om de Grondwet en de wetten van het Belgische volk te respecteren.

Tijdens deze plechtigheid riep iemand “Vive la République!”.

Deze kreet werd toegeschreven aan de communistische voorman Julien Lahaut.

Lahaut werd zeven dagen later in zijn eigen huis vermoord.

De Belgen accepteerden Boudewijn als staatshoofd, terwijl de verbitterde Leopold III achter de schermen nog veel invloed behield.

Een passend eerbetoon aan een icoon: de muzikale erfenis van Bonnie Tyler

Gisteren is de zangeres Bonnie Tyler op 75-jarige leeftijd overleden. Haar verhaal begon in 1953, toen ze als Gaynor Hopkins ter wereld kwam in het Zuid-Welshe Skewen.

Ze groeide op met de muziek van Tina Turner en Janis Joplin, die ze gedurende haar hele leven als haar twee grote voorbeelden bleef zien.

Haar muzikale talent bleek al vroeg, toen ze op 17-jarige leeftijd deelnam aan een zangwedstrijd.

Dankzij een indrukwekkende vertolking van het nummer Those Were The Days van Mary Hopkin behaalde ze de tweede plaats.

De sensatie van het optreden en de waardering van het publiek gaven haar zoveel voldoening dat ze besloot voluit voor een zangcarrière te gaan.

Na een succesvolle auditie sloot ze zich aan bij Bobby Wayne And The Dixies. Deze formatie verliet ze na twee jaar om haar eigen band, Imagination, op te richten.

Omdat Hopkins vond dat haar geboortenaam te weinig uitstraling had voor een artiest, nam ze de artiestennaam Bonnie Tyler aan.

Later gaf ze overigens toe dat ze spijt had van die keuze. Als Bonnie Tyler trad ze aanvankelijk op in diverse bars en clubs in Zuid-Wales.

Daar werd ze ontdekt door Ronnie Scott en Steve Wolfe.

Deze producers en liedjesschrijvers namen haar direct onder hun hoede en bleven tot 1981 actief als haar managers, schrijvers en producers.

Zij wisten een platencontract voor haar te regelen bij RCA Records, waar haar allereerste single My My Honeycomb verscheen.

Dit typische popnummer deed echter erg denken aan de dertien-in-een-dozijn-popsongs uit de vroege jaren zeventig en wist de hitlijsten dan ook niet te bereiken.

Tyler zelf dacht later liever zo min mogelijk aan deze debuutsingle terug.

In 1976 kreeg de zangeres te maken met fysieke tegenslag en moest ze een keeloperatie ondergaan.

Na de ingreep kreeg ze het dwingende advies om zes weken lang volledig te zwijgen, waardoor ze zich alleen via geschreven briefjes verstaanbaar kon maken.

Omdat ze zich niet aan deze rustperiode hield, hield ze permanent een karakteristieke, schorre stem over aan de operatie.

Kort na deze medische ingreep scoorde ze haar eerste hit met ‘Lost in France’.

Dit nummer was nog voor de operatie opgenomen, waardoor luisteraars haar oude stemgeluid hoorden.

In Nederland behaalde de single een bescheiden 24e positie, in Vlaanderen was de single goed voor een vijftiende plaats in de BRT Top 30 en in haar thuisland Groot-Brittannië reikte het nummer tot de 9e plaats.

Haar grootste succes met deze plaat beleefde ze echter in Duitsland, waar het nummer ruim een half jaar in de Top 10 genoteerd stond.

De opvolger ‘More Than A Lover’ slaagde er vervolgens niet in om dit succes te evenaren.

Dat lukte haar derde single ‘It’s A Heartache’ daarentegen wel. Dit nummer groeide uit tot een internationale hit die in Groot-Brittannië de 4e plaats bereikte, in Nederland doorstootte naar de 3e positie en ook in de Verenigde Staten de Top 5 behaalde.

Toch bleek het lastig om deze populariteit vast te houden, want de zeven daaropvolgende singles flopten stuk voor stuk.

Tyler nam in totaal vier albums op voor RCA Records, waarbij ze door de maatschappij steeds nadrukkelijker in de richting van de countrymuziek werd gestuurd.

Mede door deze muzikale koers en het feit dat ze uitsluitend materiaal van Scott en Wolfe mocht opnemen, besloot ze in 1981 te breken met haar managers, producers en platenlabel.

Ze moest op zoek naar een volledig nieuw team, dat ze vond in CBS Records, manager David Aspden en producer Jim Steinman.

Hun samenwerking leidde tot het album Faster Than The Speed Of Night, waarmee ze resoluut brak met haar muzikale verleden en een compleet nieuwe sound introduceerde.

Op dit album stond de wereldhit ‘Total Eclipse Of The Heart’, die Tyler haar allereerste nummer 1-hit opleverde in zowel Groot-Brittannië als de Verenigde Staten, hoewel het nummer in Nederland vreemd genoeg bleef steken op de 24e plek.

In Vlaanderen was de single goed voor een zestiende plaats in de BRT Top-30.

Ondanks het beperkte succes in Vlaanderen en Nederland, blijft ‘Total Eclipse Of The Heart’ voor de meeste mensen nog altijd het nummer dat zij het meest associëren met Bonnie Tyler

Op Spotify is het nummer inmiddels al meer dan 1 miljard keer gestreamd.

Het album zelf bereikte eveneens de top van de hitlijsten.

Nieuwe hitsingles bleven daarna echter uit en ook het daaropvolgende album Secret Dreams And Forbidden Fire werd geen commercieel succes.

Zelfs de inzet van een andere producer, Desmond Child, kon het tij niet keren; hoewel Secret Dreams goede kritieken ontving, liet de promotie vanuit de platenmaatschappij te wensen over.

Wat veel mensen niet weten, is dat ‘The Best’ van Tina Turner een cover was.

Bonnie Tyler bracht het nummer namelijk al in 1988 uit, een jaar voordat Tina Turner met haar versie kwam.

Het nummer was geschreven door de bekende producer en componist Mike Chapman, in samenwerking met Holly Knight, die geboren werd als Holly Erlanger.

Om haar carrière nieuw leven in te blazen, besloot de zangeres in 1991 tot een radicale koerswijziging en verhuisde ze naar Duitsland, het land waar ze historisch gezien altijd veel succes had gehad.

Deze stap wierp al snel zijn vruchten af, want haar albums Bitterblue en Angelheart werden in diverse Europese landen bekroond met goud of platina.

Opvallend genoeg werden deze platen destijds niet eens uitgebracht in Groot-Brittannië.

In 1995 bracht ze het album Free Spirit uit via East West in Europa en Atlantic Records in de Verenigde Staten.

Ondanks uitstekende recensies vielen de verkoopcijfers van het album erg tegen.

De single ‘Making Love Out Of Nothing At All’ werd daarentegen wel populair.

In Engeland miste het nummer de hitlijsten, omdat er simpelweg te weinig fysieke exemplaren in de winkels lagen, maar in Nederland wist de single wel door te dringen tot een mooie 12e positie in de Top 40.

In Vlaanderen bereikte het nummer niet de hitparade.

Het nummer ‘Making Love (Out Of Nothing At All)’ is geschreven door Steinman en voor het eerst uitgebracht door Air Supply in 1983.

In maart 2013 lanceerde Tyler haar album Rocks And Honey.

Dit project was opgenomen in de Amerikaanse muziekstad Nashville, waarmee de zangeres na vele jaren weer bewust terugkeerde naar haar oude country-roots.

Op haar 62e vertegenwoordigde Tyler in 2013 het Verenigd Koninkrijk tijdens het Eurovisiesongfestival in Malmö met het nummer Believe In Me, waarmee ze uiteindelijk op de 19e plaats eindigde.

Gedurende haar carrière werd Bonnie Tyler in totaal drie keer genomineerd voor een Grammy, de belangrijkste Amerikaanse muziekprijzen.

Daarnaast werd ze opgenomen in de Orde van het Britse Rijk voor haar grote verdiensten voor de muziek.

Tijdens haar indrukwekkende muzikale loopbaan bracht de Welshe zangeres 18 studioalbums en 83 singles uit, waarmee ze wereldwijd meer dan 100 miljoen platen wist te verkopen.

Vandaag is het precies vijfenzeventig jaar geleden dat in Gent de laatste dag plaatsvond van de herdenking van het driehonderdste geboortejaar van de heilige Johannes Baptist de la Salle.

Tussen 7 en 10 juni 1951 sloegen de oud-leerlingenbonden van de vijf toenmalige Gentse onderwijsgestichten van de Broeders van de Christelijke Scholen de handen in elkaar om luisterrijke feesten op touw te zetten.

Het ging hierbij om de bekende instituten Sint-Amandus, Sint-Lucas, de Kunstdrukschool, het Instituut de La Salle in de Holstraat en Sint-Jan-Baptist in de Reinaertstraat.

Deze indrukwekkende viering was een eerbetoon aan een bijzondere man die een stempel heeft gedrukt op ons onderwijssysteem.

De la Salle was afkomstig uit een welgestelde juristenfamilie, maar hij koos bewust een spiritueel pad. In 1667 werd hij benoemd tot kanunnik aan de kathedraal van Reims, waarna hij vanaf 1670 theologie ging studeren in Parijs.

Na zijn priesterwijding in 1678 en de succesvolle oprichting van een eerste armenschool in 1679, promoveerde hij in 1680 tot doctor in de theologie.

Zijn roeping voor het onderwijs was zo sterk dat hij in 1683 zijn prestigieuze kanunnikspost definitief opgaf.

Een jaar later, in 1684, stichtte hij de congregatie van de Broeders van de Christelijke Scholen, een orde die zich volledig zou toeleggen op het onderwijs aan de armen.

De officiële benaming van deze geestelijke orde luidt Fratres Scholarum Christianorum, wat vaak wordt afgekort tot FSC.

Als leraar en pedagogisch vernieuwer zette de la Salle zich zijn hele leven met hart en ziel in voor de geestelijke en intellectuele ontwikkeling van de armen.

Een van zijn meest ingrijpende vernieuwingen was de beslissing om het Latijn als voertaal in het onderwijs af te schaffen en te vervangen door het Frans.

Hierdoor werd kennis plotseling toegankelijk voor gewone kinderen uit de lagere sociale klassen.

Bovendien zijn er nog enkele interessante feiten over zijn leven en werk die zijn grote invloed aantonen.

Zo was de la Salle de pionier van het klassikaal lesgeven; voor zijn tijd kregen leerlingen uitsluitend individueel onderricht, wat veel tijd en middelen kostte.

Door leerlingen van hetzelfde niveau samen in een klas te plaatsen, kon het onderwijs veel efficiënter worden georganiseerd.

Ook richtte hij de allereerste kweekscholen op om onderwijzers professioneel op te leiden, wat hem feitelijk de grondlegger van de moderne pedagogiek maakt.

Vanwege zijn immense bijdrage aan het onderwijs werd hij in 1900 heiligverklaard door paus Leo XIII.

Vijftig jaar later, in 1950 en vlak voor de grote Gentse herdenkingsfeesten, werd hij door paus Pius XII zelfs uitgeroepen tot de universele patroonheilige van alle leerkrachten en opvoeders (foto’s met dank aan Erik Dekeyser)

In november 1970, nu 55 jaar geleden, scoorde John Terra een hit met “Parking Rosie”.

Het nummer was een cover van “Cracklin’ Rosie” van Neil Diamond en behaalde destijds de achtste plaats in de Vlaamse Top 10.

De muziek van Neil Diamond is duidelijk een rode draad in zijn carrière gebleven.

Maar liefst 46 jaar later, in 2016, bracht Terra namelijk een volledig album uit gewijd aan de nummers van de Amerikaanse zanger.

Opvallend detail: “Cracklin’ Rosie” stond opnieuw op dat album, maar ditmaal kreeg het een nieuwe vertaling en de titel “Welkom Rosie”.

Het was dit album uit 2016 dat John Terra eindelijk de brede erkenning in Vlaanderen opleverde.

De Franse actrice, dichter en theaterdirecteur Cora Laparcerie

Cora Laparcerie was een opmerkelijke en veelzijdige vrouw in het Parijse culturele leven van de late negentiende en vroege twintigste eeuw.

Geboren in 1875 als Marie-Caroline Laparcerie, maakte ze naam als een gevierd actrice, een gevoelig dichteres en, misschien wel het meest indrukwekkend, als een van de eerste vrouwelijke theaterdirecteuren van haar tijd.

Haar podiumcarrière begon in 1896 in het prestigieuze Théâtre de l’Odéon, waar ze al snel opviel.

Ze had een krachtige aanwezigheid en speelde met evenveel gemak in de grote klassieke tragedies als in de moderne stukken van haar tijd, waaronder producties als “Quo vadis?”.

Haar ambitie reikte echter verder dan alleen acteren.

Ze nam de leiding over verschillende belangrijke theaters in Parijs, waaronder het Théâtre des Bouffes-Parisiens en het Théâtre de la Renaissance.

Dit was een buitengewone prestatie voor een vrouw in die periode.

Als directeur had ze een scherp oog voor succes.

Een van haar grootste triomfen was de productie van de revue “Mepisto” in 1920.

Een nummer uit die show, “Mon homme” – met muziek van Maurice Yvain (die later succes had op Broadway) en tekst van Albert Willemetz én de regisseur Jacques Mardochée Charles – zou later in oktober 1920, gezongen door Mistinguett, uitgroeien tot een wereldberoemde klassieker.

Naast haar drukke theaterleven vond ze ook de tijd om zich te uiten als dichteres, en ze publiceerde meerdere bundels, zoals “J’aime”.

In 1926 ontving ze het Legioen van Eer.

Haar vernieuwende geest bleek ook later in haar carrière, toen ze in 1935 het concept van radiotheater omarmde.

Privé was ze getrouwd met de dichter en toneelschrijver Jacques Richepin, met wie ze twee kinderen kreeg.

Cora Laparcerie overleed in Parijs op 28 augustus 1951 op 75-jarige leeftijd.

Noor van Jordanië

Het leven van de Amerikaanse Lisa Najeeb Halaby, geboren op 23 augustus 1951 in Washington D.C., nam een sprookjesachtige wending toen ze in Jordanië aan het werk was.

Terwijl ze als architect meewerkte aan de luchthaven van Amman, leerde ze koning Hussein kennen.

De vonk sloeg over. Ze trouwden op 15 juni 1978, waarop Lisa zich bekeerde tot de islam en de naam aannam waaronder de wereld haar zou kennen: koningin Noor van Jordanië.

Het paar kreeg samen vier kinderen: prins Hamzah (1980), prins Hashim (1981), prinses Iman (1983) en prinses Raiyah (1986).

Aan hun huwelijk kwam abrupt een einde toen koning Hussein in 1999 op 64-jarige leeftijd overleed aan de gevolgen van lymfeklierkanker.

Na de dood van haar man veranderde de positie van Noor aan het hof.

Koning Hussein had al acht kinderen uit drie eerdere huwelijken, waaronder Abdullah, de huidige koning.

Omdat Noor zijn stiefmoeder is, kreeg zij niet de titel van koningin-moeder.

De band met de huidige koninklijke familie is sindsdien bekoeld.

De relatie raakte naar verluidt vertroebeld nadat Noors eigen zoon, prins Hamzah, in 2004 zijn positie als kroonprins verloor.

Er wordt gefluisterd dat de koninginnen Noor en Rania niet goed met elkaar overweg kunnen.

Dit leek pijnlijk duidelijk te worden toen Noor vorig jaar geen uitnodiging ontving voor de bruiloft van kroonprins Hussein en prinses Rajwa.

Tegenwoordig verdeelt koningin Noor haar tijd tussen haar woningen in Washington D.C. en Londen.

Ze is echter niet uit het koninklijke leven verdwenen. Ze staat internationaal bekend als een bemiddelaar tussen Arabische, islamitische en westerse landen.

Met haar eigen stichting zet ze zich vurig in voor onder meer vrouwenrechten, vluchtelingenwerk en ontwapening.

Ze ontving hiervoor een onderscheiding voor haar inzet voor vrede in het Midden-Oosten, waarbij ze vaak benadrukt dat vrouwen de sleutel tot vrede en veiligheid zijn.

Daarnaast onderhoudt ze warme banden met andere koningshuizen.

Zo zou Noor goed bevriend zijn met de voormalig Koningin der Nederlanden Beatrix.

Ze was ook aanwezig bij de uitvaart van de Griekse koning Constantijn en een jaar later bij diens herdenkingsdienst.

In 2018 was ze te gast op de tachtigste verjaardag van de Spaanse koningin Sofia.

Naast haar drukke agenda is de moeder van vier inmiddels ook de trotse grootmoeder van een groeiende schare kleinkinderen.

65 jaar geleden, dokter Ogino spreekt tot u en dit betreft de Ogino-methode en met de steun van de Paus Pius XII.

Kyusaku Ogino, een Japanse gynaecoloog, is de ontwikkelaar van de kalendermethode.

Met deze methode kon de vruchtbare periode van een vrouw worden ingeschat op basis van de lengte van haar voorgaande menstruatiecycli.

De methode werd later verfijnd door de Oostenrijkse arts Hermann Knaus, die haar combineerde met de temperatuurmethode.

Hierdoor kon de methode niet alleen worden gebruikt om de kans op een zwangerschap te vergroten, maar ook om een zwangerschap te voorkomen.

Juist deze toepassing als “natuurlijke” anticonceptie leverde steun op uit onverwachte hoek. In 1951 sprak Paus Pius XII zijn goedkeuring uit over de methode Ogino-Knaus.

De reden hiervoor was dat de methode de natuurlijke cyclus respecteert en geen gebruikmaakt van “kunstmatige” middelen.

Hierdoor werd het voor katholieken die om serieuze redenen een zwangerschap wilden uitstellen de enige kerkelijk toegestane vorm van gezinsplanning.

Kyusaku Ogino overleed op 1 januari 1975, en liet een methode na die niet alleen medisch, maar ook maatschappelijk en religieus een grote impact had.

De Amerikaans actrice Catherine Hicksmag vandaag 74 kaarsjes uitblazen

Foto van 45 jaar geleden, toen speelde Catherine Hicks in de film Marilyn.

De televisiefilm Marilyn: The Untold Story uit 1980 was een succes voor zijn tijd.

Onder regie van John Flynn en Jack Arnold kreeg de productie veel lof van critici, wat vooral tot uiting kwam in de prestigieuze Emmy Award-nominatie voor hoofdrolspeelster Catherine Hicks.

Haar vertolking van Marilyn Monroe werd alom geprezen.

Naast Hicks bestond de cast uit een reeks bekende namen, waaronder Richard Basehart als haar zaakwaarnemer Johnny Hyde, Frank Converse als honkballegende Joe DiMaggio, Jason Miller als toneelschrijver Arthur Miller en Viveca Lindfors als haar acteercoach Natasha Lytess.

Vandaag mag de Amerikaanse zangeres en actrice Yvonne Elliman 73 kaarsjes uitblazen.

Elliman’s vader was van Ierse afkomst en was politieagent en speelde piano en had een brede muzieksmaak, van klassiek tot jazz en blues en haar moeder was van Japanse afkomst en speelde ukelele en piano, en zong in lokale groepen.

Ze groeide op in Hawaii en begon op jonge leeftijd met piano spelen en zong in het schoolkoor en speelde later ook in een band genaamd “We Folk” die lokale talentenjachten won.

Ze studeerde aan de President Theodore Roosevelt High School, waar ze afgestudeerde in 1969

Elliman studeerde drama aan de University of Hawaii, maar verliet de universiteit om haar muzikale carrière na te jagen.

In 1969 verhuisde Elliman naar Londen en begon op te treden in folkclubs, bars en clubs.

Werd daar ontdekt door Andrew Lloyd Webber en Tim Rice, die haar vroegen om de rol van Maria Magdalena te spelen in hun rockopera Jesus Christ Superstar.

De schrijvers, Andrew Lloyd Webber en Tim Rice, zijn gedwongen eerst een album met de muziek te maken, omdat anders niemand de musical op de planken wil brengen.

Dit naar aanleiding van een eerdere musical van het duo, Joseph & The Amazing Technicolour Dreamcoat die volkomen geflopt is.

De opnamen voor de soundtrack hebben eind 1970 in Londen plaats.

Buiten Yvonne Elliman als Maria, horen we ook Murray Head als Judas en Ian Gillan (zanger van Deep Purple) als Jezus.

Het is voor het eerst dat er rockmuziek gebruikt wordt voor een musical, en de inbreng van Ian Gillan zorgt ervoor dat het album ook onder de aandacht komt van de rockfans, die anders nooit een musical zouden kopen.

Yvonne Elliman speelde ook in de originele Broadwayproductie (1971) en in de filmversie (1973).

Haar vertolking van “I Don’t Know How to Love Him” werd een hit.

Werd genomineerd voor een Golden Globe Award voor Beste Actrice in een Musical/Komedie voor haar rol in Jesus Christ Superstar.

Dankzij dit succes tekende ze in 1972 platencontract bij Purple Records en bracht haar debuutalbum Yvonne Elliman uit.

Elliman was ook te horen als achtergrondzang op Clapton’s hit “I Shot the Sheriff” en ook op zijn albums 461 Ocean Boulevard en There’s One in Every Crowd en toerde met hem in de jaren 70.

In 1977 had ze een grote hit met het nummer “If I Can’t Have You”.

Het nummer was geschreven door de Bee Gees en bereikte de eerste plaats in de Amerikaanse hitlijsten en werd gebruikt in de film Saturday Night Fever.

Vreemd genoeg bij ons in Vlaanderen en Nederland deed het nummer minder, in Vlaanderen goed voor een vierentwintigste plaats en in Nederland zelfs maar de achtentwintigste plaats in de Top 40.

Ze heeft in een aantal films gespeeld, waaronder “Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band” (1978).

Nummers van haar om te koesteren en waar ze vooral in Amerika hoog scoorde in de hitparade zijn de nummers “Love Me” (1976 en ook geschreven door Barry Gibb) en “Hello Stranger” (1977, een duet met Stephen Bishop)

Ze zong ook titelsong van de gelijknamige film “Moment by Moment”(1978)

Kampte begin de jaren 80 met stemproblemen, wat een van de redenen was waarom ze zich terugtrok uit de muziekindustrie.

Was vanaf 1972 tot en met 1980 getrouwd met Bill Oakes, een manager bij RSO Records (het label dat Saturday Night Fever uitbracht en waar hij ook aan meewerkte als co-producer).

Ze kregen samen een dochter, Sage (geboren in 1982).

Na haar scheiding van Oakes trouwde ze met songwriter Wade Hyman.

Ze kregen samen een zoon, Ben (geboren in 1986). Ze scheidden later.

Ze trouwde later in 2016 met Allan Alexander.

Na jaren in Los Angeles te hebben gewoond, keerde Elliman met haar echtgenoot terug naar Hawaii.

Robin Williams, ik verzon mijn vrienden.

Robin Williams werd geboren in Chicago op 21 juli 1951 als zoon van Robert Fitzgerald Williams en Laurie McLaurin.

Hij begon zijn carrière als stand-upcomedian in de jaren 70 en kreeg zijn eerste tv-rol als alien Mork in de serie Mork & Mindy.

Hij speelde zowel komische als serieuze rollen in films als Good Morning, Vietnam, Dead Poets Society, Aladdin, Mrs. Doubtfire, Good Will Hunting en One Hour Photo.

Hij won een Oscar voor zijn bijrol in Good Will Hunting en verschillende Golden Globes en Emmy Awards voor andere rollen.

Williams had drie kinderen uit twee eerdere huwelijken: Zachary, Zelda en Cody.

Zijn eerste huwelijk duurde van 4 juni 1978 tot in 1988. In 1983 kreeg hij een zoon.

Op 30 april 1989 trouwde hij voor de tweede maal, en uit dat huwelijk kreeg hij een dochter en een zoon.

In 2008 scheidde hij van zijn tweede vrouw.

In 2009 onderging Williams een hartoperatie. In 2011 trouwde hij voor de derde keer met Susan Schneider.

Williams leed aan een zware depressie en had problemen met alcohol en drugs.

Een paar weken voor zijn overlijden liet Williams zich nog opnemen in een kliniek in de hoop zijn focus weer terug te vinden. Het mocht niet baten.

Op 11 augustus 2014 werd hij dood aangetroffen in zijn huis in Californië.

De doodsoorzaak was zelfmoord door ophanging.

Hij was 63 jaar oud.

Drie dagen na zijn overlijden verklaarde zijn weduwe Susan Williams dat hij sinds korte tijd wist dat hij aan de ziekte van Parkinson leed.

Uit de lijkschouwing bleek dat hallucinaties een mogelijke oorzaak van zijn zelfmoord konden zijn geweest: Williams bleek Lewy Body Dementie te hebben.

Twee jaar later vertelde ze dat Williams een breed scala aan behandelingen had ondergaan in een poging beter te worden. „Hij bleef maar zeggen: ’Ik wil gewoon mijn hersenen opnieuw opstarten’(Joepie 20 november 1988).

Gisteren nog vandaag