Vandaag, 100 jaar geleden, viering 25 jaar NTG (27 december 1924)

De officiële naam luidt als volgt: Koninklijke Nederlandse Schouwburg (KNS).

Nochtans staat het gebouw beter bekend als NTG of NTGent omdat NTG de theatergroep is die op die locatie speelt.

Ik heb daar jaren gewerkt als hoofd van het horecagedeelte en ik woon daar toen ook in het gebouw.

Ook ben ik trots dat ik toen de eer had om de Foyer op te starten en dat met veel succes.

Deze week, 90 jaar geleden, voorstelling maquette van de boekentoren in Gent.

Henry Van de Velde doceerde van 1926 tot 1936 Bouwkunst en Toegepaste Kunsten aan de Gentse Universiteit.

In 1933 (hij was toen zeventig) werd hem gevraagd een nieuwe universitaire bibliotheek te ontwerpen.

In dezelfde opdracht zaten ook de nieuwe gebouwen voor de instituten van Kunstgeschiedenis, Dierkunde en Farmacie.

De bouwplaats was het voormalige De Vreesebeluik of de Cité Ouvrière op de Blandijnberg, het hoogste punt van de stad.

Van de Velde opteerde voor een toren als baken van de wetenschap; een vierde toren die zich kon meten met de drie torens waar Gent om bekendstaat: die van de Sint-Niklaaskerk, de Sint-Baafskathedraal en het Belfort.

Het ontwerp was omstreden en er kwam zelfs een alternatief plan met een langwerpig gebouw van de tekentafel van architect Armand Cerulus, maar Van de Veldes ontwerp haalde het uiteindelijk toch.

In 1935 waren de definitieve plannen klaar.

Het werd een toren van 64 meter hoog, met 20 verdiepingen, 4 kelderverdiepingen en een belvedère als uitkijkplatform.

Als symbool voor de moderniteit koos Van de Velde een constructie uit beton, waarvan de sokkel bekleed is met arduin.

Gisteren nog vandaag

Het grondplan kreeg de vorm van een Grieks kruis, om de verbinding tussen hemel en aarde en de vermenging van tijd en ruimte te symboliseren.

De bouwwerken startten in 1936 en in 1939 waren de ruwbouw en een deel van de afwerking klaar.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd de toren ingenomen door de Duitsers als uitkijkpost.

Toen ze de oorlog dreigden te verliezen, bliezen ze het schutgeweer op dat op het dak stond.

Hierdoor bleef het dak, maar ook de vloer eronder lang beschadigd.

Het aanpalende gebouw voor het Hoger Instituut voor Kunstgeschiedenis en Oudheidkunde werd afgewerkt, maar de afdelingen voor Dierkunde en Farmacie kwamen er niet.

In de jaren 1950 werden op die plaats de nieuwe gebouwen voor de Faculteit voor Letteren en Wijsbegeerte opgetrokken door Eugène Delatte, maar in een andere stijl en met andere materialen dan Van de Velde voorzien had.

Na de Tweede Wereldoorlog werd Van de Velde beschuldigd van collaboratie.

Tot een proces kwam het nooit, maar Van de Velde ging wel in vrijwillige ballingschap; hij trok zich terug in het Zwitserse Oberägeri, waar hij zijn memoires schreef, die in 1962 postuum zouden verschijnen onder de titel Die Geschichte meines Lebens.

Van de Velde overleed in 1957 op 94-jarige leeftijd te Zürich en werd begraven in Tervuren, bij Brussel.

Op 16 september 2005 besliste de Raad van Bestuur van de Universiteit Gent om 30 miljoen euro te investeren in de restauratie van de Boekentoren.

De vijf ontwerpteams, aan wie de Universiteit vroeg om hun ruimtelijke visie uit te werken, bestond uit drie Belgische en twee internationale teams.

De keuze viel op het Gentse architectenbureau Robbrecht en Daem dat zich laat omringen door een multidisciplinair ontwerpteam.

Op 1 maart 2012 vingen de werken aan met het bouwen van een spectaculair ondergronds depot in de binnentuin.

Het zal drie verdiepingen tellen en 45 km materiaal kunnen herbergen dat in de beste klimatologische omstandigheden bewaard zal worden.

Vandaag is het gebouw al van 2022 terug toegankelijk en in gebruik (Diverse bronnen, De Stad, 28 december 1934, Jill Dhondt, RUG, Wikipedia en Duo Nous (Violiste Christy Collet en celliste Liesbet Engelen)

Gisteren nog vandaag

75 jaar geleden, reclame voor de Snoeck’s Grote Almanak van de Gentse drukkerij Snoeck (december 1949)

Adolf Snoeck was de zoon van Jozef Snoeck, die een uitgeverij en drukkerij vestigde in de Veldstraat in Gent.

In 1838 nam Adolf het familiebedrijf over.

Hij was lid van de Liberale Associate in Gent.

Bij het vieren van de liberale verkiezingsoverwinning in 1857 bezweek hij aan een beroerte.

De drukkerij werd verdergezet tot 2006, toen het werd overgenomen door een Antwerpse uitgeverij.

Maar als uitgever bestaat het Gents bedrijf nog steeds.

De Gentse zangeres Nancy Dee mag vandaag 75 kaarsjes uitblazen

Nancy Dee werd geboren als Annemarie Verhegghe (Sint-Amandsberg, 19 december 1949)

Haar moeder Joyce Nicholas (Engeland – Yorkshire) (was tapdanseres, zangeres en actrice en haar vader werkte als mijnwerker in Wallonië. Ze leerde elkaar kennen tijdens de bevrijding.

Gezien haar moeder niet kon wennen aan Vlaanderen verhuisde ze terug met Nancy naar Leads, Yorkshire.

Dankzij haar moeder mocht ze op jonge leeftijd al mee naar concerten van Cliff Richard & The Shadows en Helen Shapiro.

Toen ze 13 jaar was vertrok ze samen met haar moeder naar Vlaanderen.

Een jaar later begon ze te werken, eerst in een drukkerij en daarna aan de loopband in een koekjes fabriek.

Daar zong ze altijd mee met de radio en dankzij vrienden deed ze auditie bij het orkest “The Atlantics” met pianist Robert Payne.

Ze kreeg daar de job en al vlug ging het orkest verder onder de naam Nancy Dee & The Atlantics.

In die periode nam ze ook haar eerste single For Me op, die een klein hitje was in Gent. Na vier jaar stopte de groep door ruzie.

Dat gaf haar de kans om nieuwe horizonnen op te zoeken en ze begon dan ook te werken als studiozangeres en ook als zangeres bij de Big Band van Freddy Couché.

Daarna vormde Nancy met twee Nederlandse zangeressen in 1979-1980 het discotrio Benelux and Nancy Dee dat een hit had met Switch.

De tweede en de derde single Do It en Love On A Summer Night hadden minder succes.

In 1986 was ze te zien in de Vlaamse film Paniekzaaiers, waar ze zichzelf speelde.

Ze zong ook de titelsong I Love You in (Joepie 16 september 1979, Joepie van 2 juli 1984 en Story 30 juli 1985)

Gisteren nog vandaag

Nancy Dee verlaat definitief Japan (Story 30 juli 1985)

Gisteren nog vandaag

De Gentse zangeres Nancy Dee, als Japanse keukenprinses (Joepie 25 september 1983)

De Gentse zangeres Nancy Dee in de Joepie van 9 mei 1982

Gisteren nog vandaag

Het dolle keukenduet van Emly Starr en Nancy Dee (Joepie 7 november 1982)

Gisteren nog vandaag

De Top 10 van de Gentse zangeres Nancy Dee en Johan Verminnen in de rubriek Paspoort van de Joepie van 27 juni 1982

Gisteren nog vandaag

Het heimwee van Nancy Dee (Joepie 27 december 1987)

Gisteren nog vandaag

40 jaar geleden, de Gentse zangeres Nancy Dee verhuist naar Japan (Joepie 1 november 1986)

Gisteren nog vandaag

Benelux en Nancy Dee met de sterke Disco single Switch (Joepie 23 juli 1979)

Gisteren nog vandaag

De Nederlandse voetbalcoach Han Grijzenhout (foto, december 1974)

Kan een afbeelding zijn van 1 persoon en tekst

Grijzenhout had een sterke band met Gent. Hij was twee periodes trainer van KAA Gent en woonde ook in de stad.

Grijzenhout was een bekende Nederlandse voetbalcoach die vooral succesvol was in België.

Hij begon zijn carrière als assistent-trainer van Rinus Michels bij Ajax Amsterdam (1965-1971) en Stefan Kovacs (1971-1972).

Na zijn tijd bij Ajax was hij hoofdtrainer bij verschillende Belgische clubs, waaronder:

  • Cercle Brugge (1972-1977, 1978-1979, 1982-1983, 1988-1991)
  • KSC Lokeren (1977-1978)
  • Club Brugge (1979-1980)
  • KAA Gent (1980-1981, 1984-1986)
  • KV Oostende (1981-1982)
  • Waterschei THOR (1983-1984)
  • KV Kortrijk (1987-1988)
  • KSC Eendracht Aalst (1991-1992)
  • KFC Tielen (1992-1993)
  • KSK Roeselare (1993-1995)

Grijzenhout stond bekend om zijn aanvallende speelstijl en zijn vermogen om jonge spelers te ontwikkelen.

Han Grijzenhout overleed op 18 december 2020 in Gent op 87-jarige leeftijd.

Meimaand Mariamaand in Oostakker, Gent, in oude postkaarten.

In de basiliek bij de grot bevindt zich een relikwie van de heilige Bernadette.

Bernadette (kloosternaam Marie-Bernard) Soubirous werd in 1844 geboren in een arm molenaarsgezin.

Naar school ging ze niet; dat kwam er niet van. Bovendien leed ze aan astma.

Op 11 februari van het jaar 1858 – ze was dus veertien jaar oud – was ze samen met haar zusje en een vriendinnetje bezig hout te sprokkelen, toen haar in een grot van de berg Massabielle bij Lourdes (Zuid-Frankrijk) een Vrouwe verscheen.

Ze stond rechtop in een uitholling van de rots, was gekleed in een lang wit gewaad met een blauwe ceintuur om haar middel en een witte sluier op het hoofd; ze had een gouden roos op haar blote voeten, en ze leek op een jonge vrouw van zo’n zestien, zeventien jaar oud.

De andere twee die erbij waren, zagen wel, hoe Bernadette iemand meende te zien en er mee sprak, maar zelf namen ze niets bijzonders waar.

Tussen 11 februari en 16 juli liet de verschijning zich achttien keer zien.

Zij vroeg om te bidden voor de bekering van de zondaars; ze drukte Bernadette op het hart dat men berouw moest hebben en boete doen; en zij wilde graag een kapelletje op de plaats van haar verschijning. “Ik beloof je gelukkig te maken, voegde ze eraan toe, niet in deze wereld, maar in de toekomende wereld.”

Op 25 maart durfde Bernadette de Vrouwe te vragen, hoe ze eigenlijk heette.

Daarop antwoordde de verschijning: Ik ben de Onbevlekte Ontvangenis.

Een van de volgende keren gaf ze te kennen dat Bernadette in de grond moest graven. Er ontsprong een bron. Vanaf dat moment vloeide er water in overvloed tot op de huidige dag.

In 1866 trad zij in bij de Soeurs de la Charité van Nevers, die een huis hadden in Lourdes.

Zij leerden haar lezen en schrijven, droegen zorg voor haar religieuze vorming en gaven haar eenvoudige werkjes te doen, zoals het schrappen van worteltjes in dienst van de keukenzuster.

Op 22-jarige leeftijd deed zij haar gelofte, kreeg als kloosternaam Soeur Marie-Bernard en werd overgeplaatst naar het moederhuis van de Congregatie in Nevers.

Daar leefde ze nog dertien jaar.

Net als zij zelf waren de meeste medezusters van eenvoudige komaf.

Haar oversten, meenden er goed aan te doen om bijzonder streng tegenover haar te zijn.

Waarschijnlijk omdat ze vreesden dat ze anders verwaand zou worden.

Door haar medezusters was ze vaak het middelpunt van pesterijtjes.

Daar kwam bij dat haar lichamelijke gezondheid steeds meer achteruit ging.

Zij probeerde dat alles welgemoed te verdragen.

Na een slepende ziekte overleed zij, 35 jaar oud.

Volgens omstanders waren haar laatste verzuchtingen: “Heilige Maria, moeder van God, bid voor mij, arme zondares, arme zondares…”

Haar lichaam is nog altijd niet vergaan en rust volkomen gaaf in de kapel bij de zusters van St.-Gildard te Nevers.

In 1933 werd ze officieel heilig verklaard.

Het beeld van de Heilige Maria, dat in 1873 aan de grot ingewijd is in Oostakker, is in 1974 gestolen.

De diefstal is nooit opgehelderd.

De talrijke dankplaatjes in en bij de grot en verspreid over de hele lengte van de twee ommegangen, meer dan achtduizend, zijn de uitdrukking van diepe gevoelens.

Op de meeste vinden we het woord: dank.

Aan de grot zijn ruim driehonderd niet overdekte zitplaatsen op banken zonder rugleuning.

Er zijn twee ommegangen: de vijftien mysteries van de rozenkrans en de zeven smarten van Maria. (Diverse bronnen, Katrien Cools en postkaart uit mijn eigen verzameling, 1939)