Archie, de man van staal: de mechanische held uit Lion en Sjors

Archie, de man van staal, is een van de meest iconische personages uit de Britse stripgeschiedenis.

De reeks debuteerde in 1952 in het Britse striptijdschrift Lion onder de oorspronkelijke titel Robot Archie.

Het personage werd bedacht door schrijver Robot Archie en visueel tot leven gewekt door tekenaar Ted Kearon.

Later namen ook andere tekenaars zoals Bert Vandeput het roer over.

In Nederland en Vlaanderen werd de serie razend populair toen de verhalen werden vertaald en gepubliceerd in stripbladen zoals Sjors.

Het personage Archie is een indrukwekkende, mechanische robot die werd gebouwd door de ingenieuze professor C.R. Ritchie.

Aanvankelijk had Archie geen spraakvermogen en werd hij bestuurd via een zender, maar in latere avonturen kreeg hij meer autonomie, een eigen wil en zelfs een dosis humor.

Archie werd gekenmerkt door zijn enorme fysieke kracht, kogelvrije bepantsering en amfibische capaciteiten, waardoor hij zich ook onder water kon voortbewegen.

Ondanks zijn zware stalen constructie kon hij verrassend snel bewegen en beschikte hij over een herkenbare, ietwat logge elegantie.

Samen met zijn vaste metgezellen, Ted Ritchie, de jonge neef van de professor, en diens vriend Ken Dale, reisde Archie de wereld rond.

Hun expedities brachten hen naar exotische oorden, vergeten beschavingen, diepe oceanen en zelfs het heelal.

De verhalen combineerden sciencefiction en klassieke avonturenstrips, waarbij het trio het opnam tegen dinosaurussen, kwaadaardige geleerden, monsters en buitenaardse invasies.

Archie fungeerde steevast als de trouwe redder in nood wanneer Ted en Ken in gevaarlijke situaties belandden.

In latere decennia verdween het stijve, optimistische avonturengenre van de jaren vijftig en zestig naar de achtergrond, maar Archie bleef een cultstatus behouden.

Eind jaren tachtig en begin jaren negentig dook het personage opnieuw op in meer volwassen en satirische stripreeksen, zoals Zenith van Grant Morrison en later in Albion, een miniserie van Wildstorm onder toezicht van Alan Moore.

In deze moderne verhalen werd Archie vaak met een nostalgische en licht ironische benadering geherinterpreteerd, als een verwijzing naar de gouden eeuw van de Britse avonturenstrip.

Tot op de dag van vandaag blijft de man van staal een dierbaar jeugdsentiment voor generaties striplezers.

Het is vandaag precies vijf jaar geleden dat Maria Mendiola van het Spaanse succesduo Baccara overleed.

Samen met Mayté Mateos vormde zij in de hoogtijdagen van de disco een van de meest herkenbare acts van Europa.

De twee ontmoetten elkaar oorspronkelijk als danseressen bij het ballet van de Spaanse televisie.

Gedreven door de droom om de muziekwereld te veroveren, zegden ze hun baan op en begonnen ze als duo op te treden in hotel Tres Islas op Fuerteventura.

Daar werden ze opgemerkt door componist en talentscout Leon Deane, die hen overhaalde om hun kans te wagen in Duitsland.

Binnen een maand tekenden ze een contract bij platenmaatschappij RCA, waar Deane samen met producer en componist Rolf Soja het creatieve werk op zich nam.

Soja had zijn sporen al ruimschoots verdiend en werkte eerder samen met artiesten als Nana Mouskouri, Mireille Mathieu en Claude François.

Het succes liet niet lang op zich wachten. Amper een week na hun aankomst in de studio was de eerste single opgenomen.

Slechts acht weken na het verschijnen van ‘Yes Sir, I Can Boogie’ stond heel Europa op zijn kop.

Van die debuutsingle gingen wereldwijd meer dan zestien miljoen exemplaren over de toonbank.

Ook de opvolger, ‘Sorry, I’m A Lady’, schoot moeiteloos door naar de hoogste regionen van de hitlijsten, waardoor Baccara het muzikale jaar 1977 op indrukwekkende wijze naar zijn hand zette.

In 1978 vertegenwoordigde het duo Luxemburg op het Eurovisiesongfestival met ‘Parlez-vous français?’, waar ze op een zevende plaats eindigden.

Hoewel ‘The Devil Sent You To Lorado’ daarna nog behoorlijk scoorde, begon de verkoop daarna geleidelijk terug te lopen.

Rond 1980 zorgden interne spanningen voor een breuk.

Maria was allerminst te spreken over haar eigen zangpartijen en de werkwijze van Rolf Soja, wat er zelfs toe leidde dat de platenfirma de single ‘Sleepy-Time-Toy’ uit de handel haalde.

Een poging om het tij te keren met de Britse producers Bruce Baxter en Graham Sacher, bekend van hun werk voor Tony Christie, liep op niets uit.

Zowel het nieuwe album als de single sloeg niet aan, waarna het duo in 1981 besloot definitief uit elkaar te gaan en hun geluk solo te beproeven.

Toen het solosucces voor Mayté Mateos uitbleef, richtte zij in 1983 samen met Jane Comerford de formatie New Baccara op.

Nummers als ‘Fantasy Boy’ en ‘Call Me Up’ boekten echter slechts bescheiden resultaten.

Na een jaar maakte Comerford plaats voor Gina T.

Aangezien de oorspronkelijke hits geliefd bleven bij het publiek, besloot ook Maria Mendiola in 1985 weer met het vertrouwde repertoire op te treden, bijgestaan door Marissa Perez.

Vier decennia na de gloriedagen volgde er in 2020 nog een opmerkelijk hoofdstuk.

Nadat het Schotse nationale voetbalelftal zich na jaren weer wist te kwalificeren voor het EK, vierden de spelers feest in de kleedkamer op de klanken van ‘Yes Sir, I Can Boogie’.

De beelden gingen viraal op sociale media en het nummer bestormde opnieuw de Britse hitlijsten.

Aan het tijdperk kwam een definitief einde toen Maria Mendiola op 11 september 2021 op 69-jarige leeftijd overleed in Madrid.

55 jaar geleden, op bezoek bij het Attractiepark Madurodam in Den Haag.

Madurodam werd bedacht door Bep Boon-van der Starp, die zich liet inspireren door het Britse miniatuurstadje Bekonscot Model Village, dat in 1929 in Beaconsfield werd gesticht.

Als lid van de Raad van Bijstand van de Stichting Nederlands Studenten Sanatorium, een organisatie die Nederlandse studenten met tuberculose in staat stelde een kuur te ondergaan en te studeren, zocht Bep Boon-van der Starp naar een manier om blijvend inkomsten voor de stichting te verwerven.

Door een miniatuurstadje te laten bouwen, hoopte hij dat doel te bereiken.

Zijn naam leeft in het park tot op de dag van vandaag voort in het fictieve dorpje Starpenheuvel.

Het park werd genoemd naar George Maduro, een Curaçaose student die zich tijdens de meidagen van 1940 als cavalerieofficier onderscheidde in de slag om de residentie, en in februari 1945 overleed in concentratiekamp Dachau.

Zijn ouders schonken het beginkapitaal voor het project, dat door de familie Maduro wordt beschouwd als een monument voor hun enige zoon.

Gisteren nog vandaag

Sinds 1993 is in Madurodam een schaalmodel van het uit 1895 daterende geboortehuis van Maduro op Curaçao te zien.

Naast de maquette van het huis is een plaquette bevestigd met de tekst dat Nederland in Maduro zijn oorlogshelden uit de strijd van 1940-1945 eert.

De inkomsten van Madurodam gaan naar goede doelen via de Stichting Madurodam Steunfonds.

Het Steunfonds verleent financiële steun aan algemeen nut beogende instellingen die zich met hun activiteiten richten op jongeren of duurzame projecten ten behoeve van jongeren.

Voorbeelden van lopende projecten zijn onder andere het Jeugdsportfonds, het KNCV Tuberculosefonds en het Cruyff Court Laakkwartier in Den Haag.

Het oorspronkelijke stedenbouwkundige ontwerp is van de Groningse architect Siebe Jan Bouma, destijds directeur van het Zuiderzeemuseum.

In het midden van de jaren tachtig werd een nieuwe wijk ontworpen door de architect Carel Weeber.

Begin jaren negentig werd het grondgebied van Madurodam uitgebreid en kon de nieuwe wijk worden aangelegd, waardoor er meer ruimte kwam voor grote objecten zoals Schiphol en de Rotterdamse haven.

Het vernieuwde Madurodam werd op 15 mei 1996 heropend door toenmalig koningin Beatrix.

In 2003 werd het model van de Luchthaven Schiphol vernieuwd en vergroot, tot dan toe het grootste gebouwde object in de geschiedenis van het park.

In de loop der jaren is de miniatuurstad steeds verder vernieuwd.

Gisteren nog vandaag

Zo is er een nieuwe themazone bijgekomen met moderne en bekende Rotterdamse gebouwen, evenals een authentieke wijk die een breed beeld geeft van het Nederlandse straatbeeld.

In de zomer van 2025 opende daarnaast een attractie die bezoekers meeneemt in de kracht van de wind.

Naast deze geschiedenis kent Madurodam tal van bijzondere weetjes die het park extra uniek maken.

Het hele stadje is gebouwd op een exacte schaal van 1 op 25.

Prinses Beatrix werd bij de opening in 1952 de allereerste burgemeester van Madurodam.

Pas toen zij in 1980 koningin werd, legde ze die functie neer en werd ze beschermvrouwe.

Tegenwoordig kiest een jeugdgemeenteraad elk jaar een nieuwe scholier als burgemeester.

Ook de natuur in het park is bijzonder.

Er staan zo’n 4.000 tot 5.000 echte bomen in het park, waaronder eiken, iepen en beuken.

Door intensief snoeien en speciale bemesting worden het volwaardige miniatuurbomen die nooit groter worden dan een meter, en sommige van deze boompjes staan er zelfs al sinds de opening in 1952.

Om de vrolijke en levendige sfeer van de stad te bewaken, ontbreken een ziekenhuis en een begraafplaats bewust in het park.

Alle miniaturen en bewegende vervoermiddelen worden tot op de millimeter nauwkeurig gemaakt in het eigen atelier van het park, waar vakmensen continu schaven aan de kleinste verhalen van Nederland.

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag

Dianne Marchal: Van hitzangeres en achtergrondstem tot rust en zingeving

Hilde Dianne Marchal werd geboren op 9 september 1952 in Den Haag en groeide uit tot een veelzijdige stem in de Nederlandse popmuziek.

Ze maakte in de jaren zestig haar eerste muzikale stappen en bracht in 1969 onder de naam Turquoise Marchal de single ‘My Man’ uit, geschreven door haar toekomstige man Hans Vermeulen.

In de jaren zeventig en tachtig verwierf ze grote bekendheid als solozangeres en als veelgevraagde achtergrondzangeres.

Ze trouwde in de jaren zeventig met Hans Vermeulen en maakte deel uit van de meidengroep Rainbow Train, het muzikale project van haar echtgenoot.

Binnen deze formatie zong ze samen met onder meer Anita Meyer en Martha Pendleton.

Naast haar werk in de studio bracht ze solo diverse singles uit, waaronder Sandy en Speedtrap in 1977 en It’s My Time Now in 1983.

De relatie tussen Marchal en Vermeulen liep begin jaren tachtig al ernstige schade op.

Hoewel Hans in 1982 nog een muzikale ode en liefdesverklaring aan haar uitbracht met het nummer ‘Hilde’, strandde hun huwelijk in de jaren daarna definitief.

Na een langdurige, moeizame periode vol emotionele en financiële problemen werd de echtscheiding in 1992 officieel afgerond.

Marchal werkte ontzettend veel als achtergrondzangeres en op talloze platen van Nederlandse bodem uit de jaren zeventig en tachtig nam ze de backings voor haar rekening.

Ze vormde daarin vaak een team met collega’s als Anita Meyer en Martha Pendleton, en later met onder anderen Jody Pijper, Julya Lo’ko, Ruth Jacott, Sandra Reemer, Pim Roos en Cees Stolk.

In totaal is ze op meer dan 1000 (sommige bronnen beweren zelfs 2000) nummers te horen, waaronder megahits als ‘Why Tell Me Why’ van Anita Meyer, ‘Sajang é ‘van Massada en ‘Who’s That Lady With My Man’ van Patricia Paay.

Tot begin jaren negentig bleef ze zeer actief als sessiezangeres.

Na een televisieprogramma van Tineke de Nooij, waar ze samen met Hans in Oekraïne was voor het project Kinderen in Tsjernobyl,veranderde haar leven.

Ze raakte zo betrokken bij het project en was zo onder de indruk van het land dat ze een jaar later naar Oekraïne verhuisde en er voor lange tijd bleef.

Pas eind jaren negentig keerde ze terug naar Nederland. In 2020 verscheen er bovendien een filmdocumentaire over haar leven en muzikale loopbaan.

Naast haar muzikale carrière werkte ze ook in de gastronomie. Samen met haar partner Erik Westra runde ze een aantal jaren het kwaliteitsrestaurant en Indische huiskamerrestaurant Plan B aan de Wijnhaven in Delft.

In het voorjaar van 2022 stapte ze in het huwelijksbootje met haar partner Erik Westra. Hoewel de deuren van Plan B inmiddels gesloten zijn, bleef haar echtgenoot actief in het vak.

Hij heeft een lange en indrukwekkende loopbaan in de gastronomie opgebouwd, met ervaring in verschillende Michelinsterrenzaken.

De bijna zeven jaar jongere man van Marchal werkt momenteel als operationeel manager bij Sociëteit De Unie in Loosdrecht en combineert zijn passie voor eten en drinken nog altijd met zijn liefde voor muziek als gitarist en percussionist.

Na een bewogen leven in de muziekwereld en de horeca verklaart Marchal dat ze door haar geloof in God de innerlijke rust en diepe zingeving heeft gevonden waar ze altijd naar op zoek was.

De zangeres, die in september 2026 haar 74e verjaardag viert, woont samen met haar man in Delft en geniet daar van haar pensioen.

65 jaar geleden, reclame voor bier van het merk Kronenbourg en de geschiedenis van dit biermerk.

Alles begint in 1664 wanneer Jérôme IV-Hatt brouwerij Le Canon opent aan de Place du Corbeau in Straatsburg.

Bijna twee eeuwen later, in 1850, verhuist de brouwerij naar de wijk Cronenbourg (Kronenburg in het Duits).

Daar wordt overgeschakeld op ondergisting, een destijds innovatief brouwproces dat een constante lage temperatuur vereist van maximaal 10 °C. en dit gebeurt daarom grotendeels ondergronds.

In 1922 verwerft de familie Hatt het prestigieuze Straatsburgse restaurant Le Grand Tigre.

Ter gelegenheid hiervan lanceert de brouwerij het bier Tigre Bock, dat in 1930 het meest gedronken bier van Frankrijk wordt.

De naam Kronenbourg ziet het levenslicht in 1947. Jérôme Hatt, een nazaat van de oprichter, keert terug naar Straatsburg en hernoemt het vlaggenschipbier Tigre Bock naar de wijk Cronenbourg, waar de brouwerij nog steeds gevestigd is.

De ‘C’ wordt vervangen door een ‘K’ om het merk een Duits tintje te geven, destijds een synoniem voor kwaliteit.

Ter ere van de kroning van Elizabeth II tot koningin van het Verenigd Koninkrijk in 1952, brengt Kronenbourg het bier 1664 uit, dat eveneens een groot succes wordt.

In 1969 kan de oude fabriek de groeiende vraag niet meer aan en verhuist de productie naar een gloednieuwe vestiging in Obernai.

Deze brouwerij is op dat moment de grootste van Europa en tot op de dag van vandaag de grootste van Frankrijk.

Het bedrijf kent in de daaropvolgende decennia verschillende eigenaarswisselingen: in 1970 wordt het onderdeel van het BSN-concern en in 1986 fuseert het met Kanterbräu, wat leidt tot de oprichting van de Brasseries Kronenbourg.

In 2000 wordt het overgenomen door Scottish & Newcastle, dat op zijn beurt in 2008 in handen komt van een consortium van Heineken en Carlsberg.

Uiteindelijk wordt Kronenbourg onderdeel van de Carlsberg groep.

Tegenwoordig zijn de Brasseries Kronenbourg met een marktaandeel van 30,5% de absolute marktleider in Frankrijk.

Eén op de drie in Frankrijk gedronken biertjes komt uit de brouwerij in Obernai.

In 2011 behaalde het bedrijf een omzet van 902 miljoen euro.

De brouwerij in Obernai is met een oppervlakte van 70 hectare, een productie van 7,3 miljoen hectoliter en 1210 werknemers nog steeds de grootste van Frankrijk.

Koen Crucke mag vandaag 72 kaarsjes uitblazen

Met de deskundige hulp van Bart Herman en Jaap Kwakman (van de Nederlandse formatie 3J’s) ontstond ‘Kleine Edith’, een heerlijk walsje waarmee je je instant in het Parijs uit vervlogen tijden waant.

Onnodig te vertellen wellicht dat Koen met dit nummer zijn grote idool en voorbeeld Edith Piaf eer wil brengen.

Deze Grand Dame uit de muziekgeschiedenis kreeg een heel speciaal plekje in Koen’s hart, dat blijkt nog maar eens dit prachtige nummer.