Vandaag 100 jaar geleden, de Franse dirigent Rhené-Baton te gast voor twee conserten in het Conservatorium in Brussel (19 maart 1924)

René-Emmanuel Baton, ook bekend als Rhené-Baton werd geboren op 5 september 1879 in Courseulles-sur-Mer, Normandië, en stierf op 23 september 1940 in Le Mans.

Rhené-Baton studeerde piano aan het Conservatoire national supérieur de musique in Parijs en muziektheorie bij André Gedalge.

Hij begon zijn carrière als chef de chant bij de Opéra-Comique in 1907.

Hij was vervolgens muzikaal directeur van verschillende orkestrale groepen, waaronder de Society of Saint Cecilia in Bordeaux en Angers Société populaire (1910-1912).

Tijdens de Eerste Wereldoorlog was Rhené-Baton chef-dirigent van de Koninklijke Nederlandse Opera (1916-1918) in Amsterdam en dirigeerde ook de zomerconcerten van het Residentie Orkest in het Scheveningse Kurhaus (1914-1919).

In 1918 gaf Serge Sandberg hem de leiding over de Concerts Pasdeloup in Parijs.

De dirigent bekleedde deze functie tot 1932 en bleef daarna aan het orkest verbonden.

Hij heeft grote verdiensten gehad in de zogenoemde democratisering van de muziek in de concertzalen, omdat hij aan het begin van een concert voor de uitgevoerde werken een inleiding gaf en ervoor zorgde dat er goedkopere plaatsen waren.

Als componist schreef Rhené-Baton stukken voor orkest, kamermuziek en een groot aantal pianowerken.

Veel van zijn composities drukken zijn liefde voor de regio Bretagne uit, waar hij op 19-jarige leeftijd naar terugkeerde.

Hij had ook nauwe relaties met componisten van de Bretonse culturele renaissance, zoals Guy Ropartz, Paul Le Flem, Paul Ladmirault en Louis Aubert.

Vandaag 90 jaar geleden, zware rellen in Parijs door de affaire Stavisky (6 februari 1934)

Acha Stavisky kwam ter wereld in 1886 als zoon van een joodse tandarts in Oekraïne.

Hij verhuisde met zijn familie naar Parijs in 1899, waar hij al snel betrokken raakte bij verschillende oplichterijen, soms samen met zijn grootvader.

Na de Eerste Wereldoorlog werkte hij als gigolo en cocaïnehandelaar.

Hij werd meerdere keren veroordeeld tot gevangenisstraf.

In 1926 bedroog hij een effectenmakelaar in Parijs voor miljoenen francs.

Hij werd aangehouden en na anderhalf jaar in voorarrest werd hij tijdelijk vrijgelaten in afwachting van zijn proces.

Na zijn vrijlating veranderde Stavisky zijn naam van Sacha in Serge Alexander en pakte vanaf dan de zwendel grootscheeps aan.

Hij richtte een trits nieuwe maatschappijen met bekende personen in de directie.

Zij moesten hun naam en sociale status aan het bedrijf geven, maar hadden geen macht en zeker geen expertise.

Investeerders werden zo overgehaald hun geld in zijn bedrijven te stoppen.

Een van zijn bedrijven maakte houten koelkasten die geen elektriciteit nodig zouden hebben en daardoor goed waren voor koloniaal Afrika.

De koelkasten werkten natuurlijk niet.

Stavisky fêteerde politici en rechters en kreeg daardoor ondersteuning

Van deze politici werd gezegd: “ze zijn mannen van woorden in plaats van actie, en van ambitie in plaats van idealen “.

Stavisky gebruikte een piramidespel om zijn investeerders te misleiden.

Hij richtte een nieuw bedrijf op met het geld dat hij van de vorige investeerders had gekregen.

Zo hield hij de schijn op dat hij winstgevend was.

Maar dit kon natuurlijk niet eeuwig doorgaan en eind 1933 stortte zijn imperium.

Stavisky had een plaatselijke bank in Bayonne opgericht met de hulp van de burgemeester.

Hij leende geld bij zijn eigen bank en dit met als onderpand nepjuwelen.

Komt daarbij, om deze leningen terug te betalen, gaf hij obligaties uit die werden gesteund door de minister van arbeid.

Maar toen de obligaties eind 1933 moesten worden afgelost, was er geen geld meer.

De bank werd aangeklaagd en Stavisky sloeg op de vlucht naar Chamonix.

Op 8 januari probeerde de politie hem te arresteren, en terwijl ze de deur van zijn chalet forceerden, schoot Stavisky zich zelf door het hoofd.

Zowel de links als rechtse pers geloofde dit niet en negen van de tien Fransen dacht dat Stavisky was vermoord om te voorkomen dat de namen van medeplichtige politici bekend zouden worden.

De bankfraude in Bayonne bracht de frauduleuze praktijken van Stavisky aan het licht.

Hij leek onaantastbaar te zijn door zijn connecties met machtige personen en door omkoping van politie, rechters en politici.

De Action Française, een extreemrechtse en antisemitische groep, eiste dat de verantwoordelijken in de regering en overheid zouden worden ontmaskerd.

De Action Française was een autoritaire beweging die oud-strijders vereerde en al jaren de democratische instellingen aanviel.

De affaire Stavisky gaf hen een nieuwe aanleiding om onrust te stoken.

De politieke crisis in Frankrijk escaleerde in januari 1934.

Vooral omdat de premier, Chautemps, van de liberale Radicale Partij, weigerde een onderzoek in te stellen.

De Action Française, beschuldigde daarom de regering van medeplichtigheid en eiste haar aftreden.

Dit leidde daardoor tot een golf van protesten en geweld in Parijs, die duurden van 9 tot 29 januari.

Verschillende andere rechtse organisaties, zoals de Crois de Feu en de Solidarité Française, sloten zich aan bij de Action Française om de regering omver te werpen.

De situatie werd zo ernstig dat Chautemps op 27 januari ontslag nam.

Daladier, ook van de liberale Radicale Partij, vormde een nieuwe regering op 29 januari 1934.

Daladier probeerde de socialisten te paaien voor zijn kabinet door Chiappe, de politieprefect van Parijs, te laten oppakken.

Chiappe werd namelijk door de socialisten beschuldigd van extreemrechtse sympathieën en mogelijke betrokkenheid bij de Stavisky-affaire.

Dit leidde tot grote verontwaardiging bij rechts.

Op 5 februari organiseerde de Croix de Feu een betoging in Parijs.

De volgende dag, toen het kabinet-Daladier zou worden beëdigd, wilde de Croix de Feu een massale protestactie houden tegen het parlementaire systeem.

De geruchten dat de regering Senegalese soldaten zou inzetten tegen de betogers versterkten de woede bij rechts.

Een grote menigte, waaronder leden van fascistische organisaties, verzamelde zich op 6 februari aan de oever van de rivier, tegenover het parlementsgebouw dat door een brug verbonden was.

Ze gooiden projectielen naar de politieagenten die de brug bewaakten.

De politie slaagde er niet in om de menigte te verspreiden.

De demonstranten vielen de paarden aan met stokken met scheermesjes en gooiden knikkers om ze te laten struikelen.

Rond acht uur ’s avonds probeerden de fascisten de brug over te steken om het parlement te bereiken.

Er ontstond een vuurgevecht tussen de politie en de aanvallers.

De brug bleef echter in handen van de politie en de menigte trok zich tegen middernacht terug.

Er waren 15 doden en ruim 1400 gewonden.

De volgende dag bood de één dag oude regering van Daladier haar ontslag aan.

Er werd nu een rechtse regering gevormd onder Gaston Doumerge, een socialisten hater.

Petain, de maarschalk uit de Eerste Wereldoorlog en collaborateur in de tweede, werd minister van oorlog.

De rechtse groeperingen waren tevreden en de demonstraties namen af.

De affaire Stavisky was niet de oorzaak van de crisis in de Franse politiek, maar wel een symptoom ervan.

Het toonde aan hoe corrupt en zwak de Derde Republiek was, en hoe verdeeld en gepolariseerd de Franse samenleving was.

Het was een voorbode van de donkere tijden die zouden volgen (Ons Volk 7 januari 1934)

65 jaar geleden, de romance van Peter Towsend met een Belgische schoonheid.

Peter Townsend was een Britse piloot (officier van de Royal Air Force) en auteur.

Van 1944 tot 1952 was hij stalmeester van koning George VI, en nadien ook van diens dochter koningin Elizabeth II.

In 1944 kwam hij in dienst aan het Brits koninklijk hof als ere-stalmeester van koning George VI.

In die periode leerde hij ook de prinsessen Elizabeth en Margaret kennen.

Prinses Margaret werd verliefd op hem en wilde met Peter trouwen.

Ze vroeg hiervoor de goedkeuring aan haar zus, die ondertussen haar vader had opgevolgd als koningin en hoofd van de Engelse Kerk.

Omdat Peter Townsend op dat moment (1953) een gescheiden man was, oordeelde de Britse regering dat de prinses niet met hem kon trouwen.

Omdat koningin Elizabeth II haar zus het geluk wou gunnen, werd een toevlucht genomen tot een clausule in de wet waardoor een huwelijk wel mogelijk zou zijn vanaf de 25e verjaardag van de prinses.

Om de RAF-officier nog twee jaar uit de schijnwerpers van de media te houden, werd hij verbannen naar een diplomatieke post als ambassadeattaché in Brussel, van 1953 tot 1956.

Margaret en Peter schrijven elkaar elke dag en bellen elkaar urenlang.

In 1956 ging hij weg bij de RAF.

Op 31 oktober 1955 uitte prinses Margaret haar voornemen om toch af te zien van een huwelijk met Peter.

Margaret verdrinkt zich in gin en sociale uitjes.

Ze verliest de controle, terwijl Peter in zijn gedwongen ballingschap geniet van het leven.

De rede van zijn genot, is natuurlijk Marie-Luce Jamagne die hij leerde kennen in Brussel, toen ze pas 13 jaar was.

Marie-Luce Jamagne dochter van een miljonair en sigarettenfabrikant uit Brasshaat.

In 1959 trouwde hij met Marie-Luce Jamagne, in het gemeentehuis van Watermaal-Bosvoorde.

Het echtpaar krijgt drie kinderen: Marie-Françoise, Pierre en Marie-Isabelle, die een supermodel zal worden voor Ralph Lauren.

Het huwelijk bleef stand houden tot de dood van Peter.

De familie verhuisde vervolgens naar de regio Parijs, “La Bullière”, een eigendom waar ze de nodige rust vinden en vooral privacy.

Peter Townsend begon toen een leven als auteur, voornamelijk van non-fictie boeken.

Tot zijn oeuvre behoren titels als “Earth My Friend” (rond het thema van solo-wereldreizen midden de jaren 50), “Duel of Eagles” (over de slag om Groot-Brittannië), “The Odds Against Us” (Duel in the Dark, over zijn oorlogstijd als gevechtspiloot), “The Last Emperor” (een biografie van koning George VI), “The Girl in the White Ship” (over de Vietnamese bootvluchtelingen eind jaren 70) en “The Postman of Nagasaki” (over de kernbom op Nagasaki).

In 1978 schreef hij zijn autobiografie “Time and Chance”, die een groot succes zou worden.

Hij stierf op 19 juni 1995 op 80-jarige leeftijd op zijn eigendom in Saint-Léger-en-Yvelines en dit aan de gevolgen van darmkanker (Foto’s januari 1959).

100 jaar geleden, viering Marie Curie, de geleerde die twee keer een Nobelprijs kreeg.

Marie en Pierre Curie waren twee vooraanstaande wetenschappers die baanbrekend onderzoek deden naar radioactiviteit.

Ze ontdekten twee nieuwe elementen, radium en polonium, en isoleerden radium uit erts.

Ze toonden aan dat radium een krachtige bron van straling was die vele toepassingen had in de geneeskunde en de industrie.

Voor hun werk ontvingen ze samen met Henri Becquerel de Nobelprijs voor de Natuurkunde in 1903.

Marie Curie was de eerste vrouw die deze eer kreeg.

In 1911 kreeg Marie Curie nog een Nobelprijs, ditmaal voor de Scheikunde, voor haar verdere onderzoek naar radium en polonium.

Ze was de eerste persoon die twee Nobelprijzen won, en de enige die ze won in twee verschillende wetenschappelijke disciplines.

Ze werd wereldwijd erkend als een pionier op het gebied van radioactiviteit en een rolmodel voor vrouwen in de wetenschap.

Marie en Pierre Curie lieten een blijvende erfenis na in de wetenschap en de samenleving.

Hun namen zijn verbonden aan het element curium, dat in 1944 werd gesynthetiseerd, en aan de eenheid curie, die de activiteit van een radioactieve bron aangeeft.

In 1995 werden hun stoffelijke resten overgebracht naar het Panthéon in Parijs, als eerbetoon aan hun bijdragen aan Frankrijk en de mensheid.

Hun persoonlijke documenten, die nog steeds radioactief zijn, worden bewaard in de Bibliothèque nationale in Parijs, waar ze alleen met speciale bescherming kunnen worden geraadpleegd (Ons Land 5 januari 1924).

65 jaar geleden, nieuwjaarskaart van een schilderij van kunstschilder Raphaël Pricert

Raphaël Pricert is een kunstschilder die in Oekraïne geboren is op 19 december 1905 in de familie van een rijke graanhandelaar uit De Krim.

Zijn vader stuurde Raphaël in 1918 naar Odessa, om tekenen en schilderen te studeren bij meester Ilya Bersetski.

In 1919 zocht de familie Pricert, verdreven door de Oktoberrevolutie, hun toevlucht in Roemenië.

Raphaël Pricert vervolgt zijn artistieke opleiding aan de School voor Schone Kunsten in Boekarest.

Daarna volgde hij een opleiding aan de Academie van Florence.

Hij verhuisde in 1930 permanent naar Parijs, waar hij zich onderdompelde in het artistieke leven van Montparnasse.

Op 29 juni 1935 trouwde hij met Lisa Samsovici, ook een Russische emigrant zoals hijzelf.

Het koppel woonde toen in het 14e arrondissement van Parijs.

Eén van de kamers van het appartement doet dienst als atelier en de opslagruimte voor zijn schilderijen.

Dankzij zijn vriendschap met de eigenaar Faivret van een groot reclamebureau aan de Quai d’Orsay, in Parijs. Kreeg hij opdrachten om reclameposters te ontwerpen en werden zijn schilderijen gebruikt voor postkaarten.

Maar ook bleef hij actief meewerken aan artistieke leven van Montparnasse.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog vluchtte hij weg uit Parijs en leefde hij en zijn gezin naar de streek van Auvergne.

In de maanden na de bevrijding exposeerde hij zijn schilderijen in Vixouze, Polminhac, Vic sur Cère en Aurillac.

Ondanks de grote armoede van de naoorlogse periode werden er veel werken van hem aangekocht.

Omdat er geen geld is, bieden sommigen hem in ruil daarvoor kaas en andere voedselproducten aan.

Bij zijn terugkeer naar Parijs in 1945 ontdekte hij dat zijn appartement bewoond werd door een oorlogsweduwe.

Al zijn middelgrote en grote schilderijen die hij tijdens de uittocht niet mee kon nemen, zijn verdwenen.

Gelukkig kreeg hij de kans om zijn nieuwe werken tentoon te stellen en met veel succes.

Hij besluit dan ook om zich volledig te wijden als schilder en stop dan ook met werken voor het reclamebureau van de heer Faivret.

Hij reist vaak naar verschillende landen, zoals Frankrijk, Italië, de VS, Zweden, Spanje, Engeland, Israël enz.

Raphaël heeft dan ook veel vrienden over de hele wereld, waaronder Abe Saperstein, de baas van de Harlem Globe Trotters, met wie hij een hechte band had tot aan zijn dood in 1966.

Raphaël is een polyglot die zes talen vloeiend spreekt: Russisch, Roemeens, Italiaans, Duits, Frans en Engels.

Hij raakte gefascineerd door Zweden en zijn cultuur toen hij daar in 1951 tentoonstellingen hield.

Hij leerde snel Zweeds en verraste zijn vrouw Lisa en dochter met zijn taalvaardigheid tijdens een reis door Frankrijk in datzelfde jaar.

Raphaël Pricert stierf op 2 februari 1967 na zijn lange en pijnlijke ziekte.

Kan een afbeelding zijn van tekst

Vandaag is het 125 jaar geleden dat de Gentse dichter en schrijver Georges Rodenbach is overleden.

Rodenbach werd geboren in Doornik op 16 juli 1855, maar verhuisde op jonge leeftijd naar Gent, waar hij opgroeide in een welgestelde familie.

Hij studeerde rechten aan de universiteit van Gent en werd advocaat, maar zijn ware passie lag bij de literatuur.

Hij schreef gedichten, romans, toneelstukken en essays, waarin hij vaak de melancholie en het verval van de moderne stad uitdrukte.

Zijn bekendste boek is Bruges-la-Morte (1892), een roman over de obsessie van een weduwnaar voor zijn overleden vrouw en de stad Brugge.

Rodenbach trouwde in 1887 met Anna-Maria de Schaetzen, met wie hij twee kinderen kreeg.

Hij verhuisde naar Parijs, waar hij actief was in de literaire kringen en bevriend raakte met onder andere Emile Verhaeren en Stéphane Mallarmé.

Hij overleed op 25 december 1898 aan een longontsteking, op 43-jarige leeftijd en werd begraven op het kerkhof van Père-Lachaise, waar zijn grafmonument nog steeds te bewonderen is.

In Gent is er een straat naar hem genoemd, de Georges Rodenbachstraat en een gedenkplaat aan zijn geboortehuis in de Veldstraat.

Vandaag is het 90 jaar geleden dat de Franse wiskundige en politicus Paul Painlevé overleed (29 oktober 1933)

Paul Painlevé geboren op 5 december 1863 in Parijs, stamt af van een familie die zich in verschillende ambachten heeft onderscheiden.

Aan de kant van zijn vader waren zijn voorouders wijnmakers uit Eure-et-Loir, terwijl aan de kant van zijn moeder zijn voorouders steenhouwers waren uit Meaux.

Zijn grootvader van vaderskant verhuisde naar Parijs, waar hij als typograaf werkte.

Hij ging met pensioen op negenenvijftigjarige leeftijd en keerde terug naar zijn geboortedorp, waar hij twintig jaar later overleed.

Zijn vader volgde het voorbeeld van zijn grootvader en zijn oom en werd een lithografisch ontwerper in de grafische industrie in Parijs.

In het begin van de jaren zeventig richtte hij een drukinktfabriek op in Malakoff.

Paul Painlevé groeide op in een redelijk welvarende, progressieve en goed opgeleide middenklasse familie.

Hij studeerde aan de École Normale Supérieure, waar hij later ook hoogleraar werd.

Hij was een expert op het gebied van differentiaalvergelijkingen en hemelmechanica, en leverde belangrijke bijdragen aan de theorie van de singulariteiten en de stabiliteit van vloeistofstromen.

In 1900 werd hij verkozen tot lid van de Academie van Wetenschappen.

Hij bestudeerde de beweging van vloeistoffen en hun toepassing op het ontwerp van vliegtuigen.

In 1903 publiceerde hij een formule die aantoonde dat een vleugel een opwaartse kracht kan genereren door de luchtstroom om zich heen te veranderen.

In 1908 maakte hij een historische vlucht en was hij de eerste passagier van de gebroeders Wright, die de eerste gemotoriseerde vlucht hadden uitgevoerd in 1903.

Hij bleef geïnteresseerd in de theorie van de luchtvaart en in 1927 formuleerde hij een wiskundig model voor de beweging van een vlak in een perfecte vloeistof, dat wil zeggen een vloeistof zonder viscositeit of wrijving.

Zijn werk legde de basis voor latere ontwikkelingen in de aerodynamica en de stromingsleer.

Hij was niet alleen een invloedrijke figuur in de Franse wetenschap, maar hij was ook actief in de politiek, zo was hij twee keer premier (in 1917 en 1925) en bekleedde hij verschillende ministerposten.

Hij speelde ook een belangrijke rol in de ontwikkeling van de militaire luchtvaart in Frankrijk.

In 1910 overtuigde hij het parlement om geld vrij te maken voor de aanschaf van vliegtuigen.

Hij was rapporteur en later voorzitter van de commissie voor marinezaken, lid van de Hoge Raad voor Militaire Luchtvaart en van de Technische Commissie voor Spoorwegoperaties.

Hij zette zich in om de nationale verdediging te versterken.

Hij was een voorstander van de internationale samenwerking en de wetenschappelijke vooruitgang, en richtte onder andere het Institut d’Histoire des Sciences et des Techniques op.

Painlevé was getrouwd met Marguerite Petit de Villeneuve

Zij hadden samen een zoon, Jean Painlevé, die een beroemde regisseur en bioloog werd.

Jean Painlevé maakte meer dan tweehonderd films over het leven in de zee, waarin hij wetenschap en kunst combineerde. Hij was ook een pionier op het gebied van de microcinematografie en de onderwaterfotografie.

Paul Painlevé stierf op 29 oktober 1933 in Parijs, op 69-jarige leeftijd.

Gisteren nog vandaag

Vandaag 85 jaar geleden, de geboorte van actrice en zangeres Christa Päffgen, beter bekend onder haar artiestennaam Nico.

Nico wordt geboren op 16 oktober 1938 in Keulen als Christa Päffgen, maar het kan evengoed 15 oktober 1943 in Boedapest zijn.

Nico heeft er altijd geheimzinnig over gedaan. Zeker is dat ze opgroeit zonder vader, die tijdens de oorlog soldaat is in de Wehrmacht en waarschijnlijk is gesneuveld, al zou Nico zelf later het verhaal in de wereld brengen dat hij is vermoord door de nazi’s.

Nico’s moeder, Margaret Päffgen vertrekt na de oorlog met haar dochter naar Berlijn.

Nico werkt op 15-jarige leeftijd tijdelijk op een basis van Amerikaanse luchtmacht, waar ze slachtoffer wordt van een verkrachting door een Amerikaanse sergeant die vervolgens ter dood wordt veroordeeld door de krijgsraad.

De rest van haar leven blijft Nico getraumatiseerd door de verkrachting en voelt zich tegelijkertijd schuldig voor de dood van de sergeant.

Op 16-jarige leeftijd wordt ze in Berlijn ontdekt als fotomodel en mannequin. Via haar werkgever krijgt ze in 1960 een kleine rol in Federico Fellini’s film La Dolce Vita.

Inmiddels is Nico naar Parijs verhuisd, waar ze haar artiestennaam Nico aanneemt.

Dankzij het vele werk voor tijdschriften en bekende firma’s als Coco Chanel wordt ze het eerste supermodel en de lieveling van de jet set.

Ze raakt bevriend met artiesten als Bob Dylan en Brian Jones en krijgt een verhouding met acteur Alain Delon, die de vader van haar zoon Ari (Christian Aaron Boulogne) is, iets wat Delon altijd ontkend heeft.

Vreemd want Delons moeder Edith heeft Boulogne opgevoed en uiteindelijk geadopteerd in 1977 met haar tweede man Paul Boulogne, die de jongen ook zijn familienaam gaf.

In 1964 maakte ze kennis met Andy Warhol, die haar adopteert als zijn protege.

In 1965 verschijnt haar eerste single I’m Not Saying en in 1967 speelt ze in Warhol’s film Chelsea Girls.

Datzelfde jaar wordt ze als ‘chanteuse’ toegevoegd aan de band The Velvet Underground, waar ze eerst de avances van Lou Reed afslaat om vervolgens een verhouding met John Cale te beginnen.

Het eerste album van de band bevat een aantal nummers die door Nico worden gezongen.

Met name door de jaloerse en door Nico afgewezen Lou Reed wordt haar een grotere rol in de band geweigerd.

Een aantal nummers die ze al heeft ingezongen worden door Lou Reed uit wraak opnieuw ingezongen, en verschijnen in die versie uiteindelijk op het album.

Nico is levenslang verslaafd aan heroïne en overlijdt uiteindelijk aan een hersenbloeding op 18 juli 1988 als gevolg van een val van haar fiets tijdens een afkicksessie op het eiland Ibiza. Nico is 49 jaar geworden.

Toen zijn moeder was gestorven, zei haar zoon Ari het volgende over zijn moeder: “Voor mij was ze een heel goede moeder. Ze gaf me alles. Zelfs drugs, ik heb het met haar ten volle ervaren zonder dat het een probleem was. Vanaf mijn zestiende tot het einde deelden we medicijnen, dezelfde spuit. Het was een manier van samenzijn.

Ook na haar dood blijft Nico tot de verbeelding spreken.

James Young schrijft in 1992 de biografie Songs They Never Play On The Radio.

In 1995 verschijnt Nico Icon, een documentaire van de Duitse televisie over haar leven. Onder de titel Nico wordt in 1997 een ballet opgevoerd van choreograaf Ed Wubbe, waarvoor John Cale de muziek schrijft.

In 2014 liet Wubbe zich opnieuw inspireren door Nico en de Velvet Underground voor zijn choreografie “ICON/NICO”.

Haar zoon, Ari Boulogne werd in de nacht van 19 op 20 mei 2023 dood aangetroffen in zijn appartement.

Zijn lichaam werd in een vergevorderde staat van ontbinding ontdekt door zijn partner Yasmina, die met haar zoon Fadhil, 21 jaar oud, was teruggekeerd van een verblijf in de provincies.

Vreemd om haar partner alleen te laten wetende dat hij door een hersenbloeding verlamd was en gebruikmaakte van een rolstoel.

Op 22 mei 2023 werd Yasmina dan ook aangeklaagd wegens niet helpen van een persoon in gevaar, onvrijwillige doodslag en overdracht van verdovende middelen.

Ari Boulogne werd op 18 juli 2023 begraven, bijna twee maanden na zijn dood, vanwege vertragingen bij het onderzoek naar de oorzaken van zijn dood door deskundigen. (diverse bronnen en Wikipedia)

Farah Diba, weduwe van Mohammad Reza Pahlavi, de laatste sjah van Perzië, mag vandaag 85 kaarsjes uitblazen.

Farah Diba werd in 1938 geboren in de stad Tabriz (Iraans Azerbeidzjan).

Als kind ging ze naar de Italiaanse school en daarna naar de Jeanne d’Arc-school in Teheran, waar ze onder andere vloeiend Frans leerde spreken.

Na haar examen vertrok ze naar Parijs voor een studie architectuur.

In Frankrijk leerde ze de sjah kennen toen ze met een groepje studenten uit haar eigen land werd uitverkoren om de sjah te ontmoeten, die voor een werkbezoek in Frankrijk was.

De sjah, net gescheiden van Soraya, was in die tijd op zoek naar een nieuwe vrouw.

Tijdens de zomer van 1959 werd ze uitgenodigd door prinses Shahnaz, de dochter van de sjah uit diens eerste huwelijk.

Ook de sjah kwam die middag ‘toevallig’ langs, en zo ontstond er een zorgvuldig georkestreerde relatie tussen Farah en de sjah.

Gisteren nog vandaag

Terug in Frankrijk voor haar studies kreeg de wereld te horen dat de sjah haar op 14 oktober 1959 ten huwelijk vroeg.

Op 21 december van datzelfde jaar werd het huwelijk voltrokken.

Vanaf dan was de pers in Parijs overal aanwezig om haar doen en laten te volgen.

Zoals ook een opera bezoek in Parijs en dit om de opera Carmen van Georges Bizet te zien.

Farah Diba kreeg vier kinderen met de sjah: twee zoons (Reza en Ali Reza) en twee dochters (Farahnaz en Leila).

Toen de sjah in 1979 vanwege de Iraanse revolutie zich genoodzaakt zag het land te verlaten, gingen Farah Diba en zijn kinderen met hem mee. Farah bleef de afgezette sjah trouw tot zijn dood in Caïro in 1980.

Na de dood van de sjah gaf de Egyptische president Sadat de keizerin en haar kinderen toestemming in een paleis in Caïro te verblijven.

Na de moord op Sadat in oktober 1981 verliet ze Egypte.

De Amerikaanse president Ronald Reagan liet Farah weten dat ze welkom was in Amerika. In eerste instantie vestigde Farah zich in Williamstown (Massachusetts).

Later kocht ze een huis in Greenwich (Connecticut). Na de dood van haar dochter Leila in 2001 kocht ze een kleiner huis in Potomac (Maryland), nabij Washington D.C., om zo dichter bij haar zoon en kleinkinderen te zijn.

De voormalige keizerin verdeelt haar tijd sindsdien tussen Washington, New York, Parijs en Caïro.

In 2003 bracht ze een boek uit over haar herinneringen aan Perzië en haar ballingschap.

Op 10 juni 2001 overleed haar dochter Leila aan een overdosis slaapmiddelen.

Op 4 januari 2011 pleegde een van haar zoons, Ali Reza, zelfmoord.(Diverse bronnen en Wikipedia)

Gisteren nog vandaag

45 jaar geleden, Nazaré Pereira zingt Braziliaans volksliedje de hitlijsten in.

Nazaré Pereira is een Braziliaanse zangeres die bekend is geworden met haar hit Chero da Carolina, een nummer dat oorspronkelijk geschreven is door Amorim Roxo en Luis Gonzaga in 1956.

Het nummer gaat over een vrouw die naar een sambafeest gaat en iedereen betovert met haar geur.

Zowel in Vlaanderen als in Nederland, bereikte de single niet de hitparade.

In Vlaanderen kennen we het nummer ook dankzij de cover van John Terra. Zijn vertaling van dit nummer kwam zowel uit op single als op zijn album John Terra uit 1983.

De productie was in handen van de gekende Nederlandse producer Paul Hougardy. Die ook verantwoordelijk was voor onder meer de hits Oerend Hard van Normaal en Santa Maria van Joe Harris.

In haar privéleven is Nazaré Pereira getrouwd met de Franse muzikant Jean-Philippe Rykiel en woont ze in Parijs.

Ze heeft ook een dochter, Melissa, die ook zingt en gitaar speelt.

Nazaré Pereira is nog steeds actief als zangeres en bracht dit jaar een nieuwe single uit met als titel Xapuri Pará Paris.

De Brusselse zangeres Nathalie (geboren als Nathalie Gabay) over haar samenwerking met Plastic Bertrand en haar hit My Love Won’t Let You Down (Joepie 25 september 1983)

Het nummer was eerst uitgebracht in het Frans en had toen als titel Mon coeur qui craque.

De single was goed voor een achtste plaats in de Brt Top 30. In Nederland was het nummer goed voor een twaalfde plaats in de Top 40.

Het nummer werd geschreven door Peter Godwin.

De productie was in handen van Peter Godwin en Georg Kajanus.

Georg Kajanus kennen we nog als de zanger van de Britse groep Sailor.

Voor deze groep schreef hij ook hun grootste hits zoals de nummers “A Glass of Champagne”, “Girls, Girls, Girls”en “One Drink Too Many”.

Vanaf 1985 tot en met 1989 1989 woonde ze in Parijs, waar ze werkte met zanger en pianist Alain Chamfort.

Gabay koos er nadien voor om de schijnwerpers van de showbusiness en de muziekwereld vaarwel te zeggen.

Ze werd fotografe en artdirector voor een Belgisch modehuis uit Brussel.

Vandaag ook al 20 jaar geleden, Robert Palmer overlijdt in Parijs aan de gevolgen van een hartstilstand.

Robert Palmer wordt als Alan Palmer op 19 januari 1949 in Balley in Yorkshire geboren, zijn jeugd brengt hij door op het eiland Malta.

Terug in Yorkshire leert Palmer gitaar spelen en richt hij zijn eerste bandje op. Hij doet professionele ervaring op in de Alan Brown Set.

In 1970 versterkt hij de uit twaalf man bestaande jazzrockband Dada.

Later werd Dada omgedoopt tot Vinegar Joe.

Vinegar Joe bestaat naast Robert Palmer uit Elkie Brooks, Mike Deacon, Pete Gage, Pete Gavin en Steve York. Ondanks een ijzersterk repertoire en een aantal prima platen breekt Vinegar Joe niet door, en begin 1974 stopt Vinegar Joe er dan ook mee.

Vanaf 1974 is Robert Palmer actief als soloartiest en scoort zijn eerste hit met Sneakin’ Sally Through The Alley.

In Vlaanderen en Nederland heeft Robert Palmer in 1978 zijn eerste hit met Best Of Both Worlds.

In de jaren tachtig heeft Palmer diverse hits, waaronder: Johnny And Mary, Looking For Clues, Addicted To Love en Bad Case Of Loving You.

1985 richt Robert Palmer, samen met John en Andy Taylor van Duran Duran, de gelegenheidsband The Power Station op, en heeft daarmee internationale erkenning met de hits Some Like It Hot en de T.Rex cover Get It On.

Robert Palmer woonde de laatste jaren in Zwitserland en is 54 jaar geworden. (diverse bronnen en Wikipedia)

Vandaag 85 jaar geleden, de geboorte van Romy Schneider

Ze was de dochter van Magda Schneider en Wolf Albach-Retty, die beiden ook acteur waren.

Omdat haar moeder Duitse was en Wenen tijdens haar geboorte bij Duitsland hoorde, kreeg Romy de Duitse nationaliteit.

Haar grootmoeder Rosa Albach-Retty was eveneens een bekende Oostenrijkse actrice.

65 jaar geleden, op de set van de Franse film Christine in 1958 werden Romy Schneider en Alain Delon een koppel.

Schneider had haar grote doorbraak drie jaar voordien gekend met de iconische klassieker “Sissi”, de geromantiseerde biopic van prinses Elisabeth van Beieren die zich later keizerin mocht noemen.

Blog Gisteren nog vandaag

60 jaar geleden, wat is er met Romy Schneider aan de hand (Piccolo januari 1961)

Schneider volgde dolverliefd Delon naar Parijs, waar ze in 1959 hun verloving aankondigden.

Niet zomaar een oversteek, maar een professionele zet, want zo kon de actrice aan de slag in de interessantere (en lucratievere) Franse filmindustrie.

In Duitsland waren pers en publiek ontzet.

Pas na haar dood vergaven ze Schneider dat ze “overgelopen” was naar een ander land.

Schneider en Delon zouden vijf jaar samen blijven, tot hij haar van de ene dag op de andere liet zitten.

Gisteren nog vandaag

Romy Schneider en Alain Delon, hun laatste kerst (Story 22 december 1987)

Hij liet wel een briefje achter: “Ben naar Mexico vertrokken met Natalie.” Schneider antwoordde met een mislukte zelfmoordpoging.

De twee zouden zich later verzoenen en gingen weer samenwerken in “La piscine” (1969) en “The assassination of Trotsky” (1972).

Tot een huwelijk is het echter nooit meer gekomen.

Schneider leidde een tragisch leven, zo pleegde haar eerste echtgenoot Harry Meyen zelfmoord en stierf haar 14-jarige zoon David na een klimongeluk over een hek.

Gisteren nog vandaag

Romy Schneider zoon David overlijdt na een klimongeluk

Schneiders tweede huwelijk met Daniel Biasini liep dan op de klippen en ze werd ook behandeld voor een tumor in de nieren.

De actrice omschreef zich in die periode niet als een filmster, maar gewoon als “een ongelukkige vrouw van 42”.

Een goede maand later, na de première van La passante du Sans-Souci (op 14 april 1982 in Frankrijk), werd ze dood teruggevonden op haar appartement in Parijs, aan haar bureau met een lege fles wijn erop.

Gisteren nog vandaag

40 jaar geleden, heeft Romy Schneider de moed verloren (De Post 28 juni 1981)

Er werd aangenomen dat een cocktail van slaappillen en alcohol haar fataal werden.

De officiële doodsoorzaak luidde een hartaanval.

Na haar vroegtijdige dood schreef Delon op haar graf: “Tu n’as jamais été aussi belle, tu vois j’ai appris quelques mots allemands pour toi: Ich liebe dich meine Liebe.”

Hij zorgde er ook voor dat haar zoon bij haar in haar graf werd gelegd.

Voor Delon is Schneider altijd zijn eerste grote liefde geweest.(diverse bronnen, Sandra Cardoen, Ward Verrijcken en Wikipedia)

Gisteren nog vandaag