50 jaar geleden bracht Arthur Alexander zijn single Sharing The Night Together uit.

Arthur Alexander werd geboren op 10 mei 1940 in Florence, Alabama.

Hij groeide op met de klanken van blues en countrymuziek die uit de radio schalden.

Zijn jeugd kende al vroeg verdriet, want zijn moeder Fanny Scott Springer overleed toen de kleine Arthur, die de bijnaam June droeg, nog maar drie jaar oud was.

Toen June een jaar of vijf, zes werd, besloot zijn vader zijn bluesgitaar definitief aan de muur te hangen en te stoppen met zijn uitzichtloze bestaan als muzikant.

De senior had met zijn muziek nooit geld verdiend en wilde koste wat het kost voorkomen dat zijn zoon hetzelfde lot te wachten stond.

Desondanks sloot de dertienjarige June zich aan bij The Heartstrings, een plaatselijke gospelgroep.

Met deze formatie deed hij zijn eerste podiumervaringen op, voornamelijk in de kerk.

De groep was een pure a-capellazangformatie zonder instrumenten en trad zelfs af en toe op zaterdag op in een lokaal televisieprogramma.

Als jonge man werkte hij onder meer in de bouw, maar zijn passie voor het schrijven en zingen bleef onverminderd groot.

Begin jaren zestig belandde hij bij Fame Studios in Muscle Shoals, een plek die later legendarisch zou worden, maar waarvan Alexander mede aan de wieg stond.

Zijn doorbraak kwam in 1961 en 1962 met ‘You Better Move On’, opgenomen in een omgebouwde tabaksschuur die diende als studio voor Rick Hall.

Het nummer was vernieuwend doordat het de emotionele diepgang van soul combineerde met de melodieuze eenvoud van country.

Deze kenmerkende country-soul werd zijn handelsmerk en zette Muscle Shoals definitief op de muzikale kaart.

Hoewel Arthur Alexander in Europa nauwelijks bekendheid genoot en er in Amerika slechts vier bescheiden hitjes in de Billboard Hot 100 belandden, werd veel van zijn materiaal gretig opgepikt door de allergrootsten.

Hij bezit de unieke eer de enige artiest en songschrijver te zijn van wie het werk werd omarmd door zowel The Beatles, The Rolling Stones als Bob Dylan.

The Beatles namen zijn ‘Anna (Go to Him)’ op voor hun debuutalbum Please Please Me in 1963, en The Rolling Stones kozen ‘You Better Move On’ voor hun eerste lp.

Bob Dylan nam in 1970 zijn nummer ‘Sally Sue Brown’ op. Ook andere artiesten vonden goud in zijn repertoire.

Zo nam Johnny Kidd and the Pirates zijn ‘A Shot of Rhythm and Blues’ op, en nam Elvis Presley zijn opname van ‘Burning Love’ over om er een wereldwijde monsterhit mee te scoren.

Precies vijftig jaar geleden, in 1976, bracht Alexander zelf de single ‘Sharing The Night Together’ uit, een nummer dat werd geschreven door Ava Aldridge en Eddie Struzick en later in 1979 wereldwijd bekend zou worden in de versie van Dr. Hook.

In de jaren zestig en vroege jaren zeventig bracht hij nog prachtige nummers uit, waaronder ‘Everyday I Have to Cry’ en ‘Soldier of Love’, dat eveneens door The Beatles live werd gespeeld tijdens hun BBC-sessies.

Ondanks het enorme artistieke respect kreeg Alexander te maken met oneerlijke contracten en persoonlijke tegenslagen.

Gefrustreerd door de zakelijke kant van de muziekindustrie trok hij zich in de loop van de jaren zeventig geleidelijk terug.

Alexander verdween lange tijd vrijwel geheel uit de spotlights. Hij verhuisde naar Cleveland, Ohio, waar hij jarenlang werkte als buschauffeur voor een sociaal centrum en als conciërge.

Pas in het begin van de jaren negentig werd hij herontdekt door toegewijde muziekliefhebbers en critici.

Dit leidde tot een hartverwarmende comeback met het album Lonely Just Like Me in 1993, zijn eerste nieuwe studiowerk in ruim twintig jaar.

De plaat bewees dat zijn warme, breekbare stem en uitzonderlijke melodiegevoel onaangetast waren gebleven.

Slechts enkele maanden na de release van zijn comebackalbum en vlak voor een geplande promotietournee werd hij onwel tijdens een repetitie in Nashville.

Hij werd opgenomen in het ziekenhuis en overleed kort daarna, op 9 juni 1993, op 53-jarige leeftijd aan de gevolgen van hartfalen.

30 jaar geleden, wat verdienen de sterren van Hollywood

De honoraria liepen dertig jaar geleden al duchtig de spuigaten uit, maar wat staken de grote sterren van Hollywood in die tijd nu eigenlijk in hun zak?

Het bleef toen al een heerlijk tijdverdrijf: even binnengluren in de portefeuille van de groten der aarde.

Destijds, midden jaren negentig, werd er volop gefluisterd over de duizelingwekkende inkomsten over het jaar 1995, en het loonde zeker de moeite om die toenmalige loonbrieven eens van naderbij te bekijken.

Aan de top van die rangschikking stonden toen Steven Spielberg, die 150 miljoen dollar (circa 131,3 miljoen euro) binnenhaalde, en Oprah Winfrey, die afklokte op 171 miljoen dollar, zowat 149,7 miljoen euro.

Michael Jackson haalde in datzelfde jaar vlot 90 miljoen dollar binnen, goed voor ongeveer 78,8 miljoen euro.

Het was destijds al een hele poos haasje-over spelen tussen Oprah Winfrey en Steven Spielberg.

Oprah wist Steven dat jaar dan ook vlotjes van de eerste stek te wippen.

Zij mocht op haar belastingbrief over 1995 een bruto-inkomen van 171 miljoen dollar invullen, zowat 149,7 miljoen euro.

Dat was maar liefst 21 miljoen dollar, of circa 18,4 miljoen euro, meer dan Spielberg, die het jaar voordien nog met de kroon was gaan lopen.

Op de derde plaats stonden The Beatles, die dankzij een reeks heruitgaven en heropgevist oud materiaal zomaar even 130 miljoen dollar, circa 113,8 miljoen euro, wisten op te strijken.

De rest van de toenmalige top tien mocht er evenzeer wezen: Michael Jackson ving 90 miljoen dollar (ongeveer 78,8 miljoen euro), The Rolling Stones haalden 77 miljoen dollar (omgerekend 67,4 miljoen euro) op en The Eagles deden het haast even goed met 75 miljoen dollar, oftewel 65,6 miljoen euro.

Arnold Schwarzenegger en goochelaar David Copperfield klokten beiden af op 74 miljoen dollar, wat neerkwam op 64,8 miljoen euro.

Jim Carrey streek 63 miljoen dollar (ongeveer 55,1 miljoen euro) op, terwijl auteur en scenarioschrijver Michael Crichton, de man achter kaskrakers als Jurassic Park en de hitserie E.R., de tiende plek deelde met komiek Jerry Seinfeld, elk goed voor 59 miljoen dollar of circa 51,6 miljoen euro.

Ook elders vielen er toen aardige bedragen te rapen: de heren van R.E.M. verdienden in een jaar tijd 44 miljoen dollar (zo’n 38,5 miljoen euro) en tekenden bovendien een kersvers platencontract van 80 miljoen dollar, oftewel 70 miljoen euro.

Zelfs met stevige metal viel er toen goud te scheppen, want zowel Kiss met 35 miljoen dollar (circa 30,6 miljoen euro) als Metallica met 28 miljoen dollar (ongeveer 24,5 miljoen euro) beleefden een bijzonder lucratief jaar.

De grootste verrassing zat hem op de zestiende plaats, waar het illusionistenduo Siegfried & Roy met hun vertrouwde witte tijgers toch weer eventjes 48 miljoen dollar, goed voor 42 miljoen euro, bijeen wist te sprokkelen.

Waarnemers trokken toen al aan de alarmbel: de vergoedingen rezen werkelijk de pan uit.

Waar vijf miljoen dollar (een slordige 4,38 miljoen euro) kort daarvoor nog gold als een vorstelijke gage voor een hoofdrol, kwamen de grote kleppers hun bed al niet meer uit voor minder dan twintig miljoen dollar, zowat 17,5 miljoen euro.

Op het kleine scherm bleven de gages op het eerste gezicht wat bescheidener, al mochten de wekelijkse bedragen er absoluut zijn.

Heather Locklear zag voor elke aflevering van Melrose Place 100.000 dollar op haar rekening verschijnen, goed voor 87.500 euro, terwijl Teri Hatcher in Lois & Clark 75.000 dollar per episode incasseerde, oftewel 65.600 euro.

Dat leek al een aardige stuiver, maar Ted Danson streek in het slotseizoen van Cheers zowaar een half miljoen dollar per aflevering op, zo’n 438.000 euro.

Daarmee deed hij zelfs beter dan Kelsey Grammer, die voor een weekje draaien aan Frasier 250.000 dollar (circa 219.000 euro) opstreek.

De absolute uitschieter was Roseanne Barr, die per aflevering van haar sitcom 600.000 dollar (ongeveer 525.000 euro) mocht noteren.

Dat was overigens nog klein bier vergeleken met haar aandeel in de winst van de reeks.

Ook David Hasselhoff wist de kassa op die manier flink te laten rinkelen.

Als acteur kreeg hij net zoals Pamela Anderson een standaardvergoeding van 60.000 dollar per aflevering, pakweg 52.500 euro, maar als uitvoerend producent mocht hij jaarlijks ettelijke tientallen miljoenen dollars in zijn rode zwembroek proppen.

Restte natuurlijk de vraag wanneer men opslag mocht vragen en wanneer men zich beter gedeisd hield.

Een insider uit Hollywood gaf destijds al de gouden raad mee: wie ook maar enigszins vervangbaar was, zweeg maar beter over loonsverhoging, hoe vlot de serie ook liep.

Actrice Suzanne Somers had die les aan den lijve ondervonden.

Toen zij voor de populaire sitcom Three’s Company een verdrievoudiging van haar wedde én tien procent van de winst eiste, werd haar personage prompt uit het script geschreven.

Ze vertrok in de volgende aflevering halsoverkop om voor haar zieke moeder te zorgen, en kwatongen beweerden toen schertsend dat ze daar nog altijd aan het bed zat te waken.

Als we die cijfers uit 1996 nu vergelijken met de situatie van vandaag, valt pas op hoe ontzettend hard het Hollywood-landschap geëxplodeerd is.

Wat destijds als onwaarschijnlijk royale jaarinkomens werd gezien, bleek achteraf slechts het begin te zijn van gigantische miljardenfortuinen en een heel nieuwe economie rond streaming en rechten.

Steven Spielberg en Oprah Winfrey voeren ook vandaag nog de lijstjes aan, al spreken we bij hen niet langer over tientallen miljoenen op jaarbasis, maar over miljardenvermogens.

Waar Spielberg in 1995 nog 150 miljoen dollar opstreek, bezit hij nu een vermogen van meer dan zeven miljard dollar, mede dankzij een percentage op elk verkocht pretparkticket bij Universal Studios dat hij al die jaren bleef innen.

Oprah Winfrey liet haar jaarlijkse gage van 171 miljoen dollar achter zich door een eigen media-imperium uit te bouwen, waardoor haar totale bezit nu op meer dan drie miljard dollar geraamd wordt.

In de muziekwereld is de vergelijking even treffend.

Michael Jackson, die toen 90 miljoen dollar binnenhaalde, overleed in 2009, maar zijn nalatenschap boert vandaag zakelijk gezien nog steviger dan tijdens zijn hoogdagen dankzij streaming, een Broadway-musical en monsterdeals voor zijn rechten.

The Rolling Stones en de overgebleven leden van The Eagles en The Beatles trekken nog altijd moeiteloos langs uitverkochte stadions, waar tegenwoordig met één enkele wereldtournee vlot meer dan honderd miljoen dollar omgezet wordt.

Hardrockbands als Metallica en Kiss zagen hun miljoenen van 1995 verbleken bij de hedendaagse inkomsten uit wereldwijde merchandising en tournees, waarbij Kiss zijn voltallige catalogus en merknaam recent zelfs voor honderden miljoenen van de hand deed.

Bij de acteurs en komieken wisten Jerry Seinfeld en Arnold Schwarzenegger, die toen respectievelijk 59 en 74 miljoen dollar verdienden, de sprong te maken naar het kransje van de officiële miljardairs.

Seinfeld deed dat door de rechten op zijn serie decennialang te blijven verzilveren, met streamingdeals die de toenmalige miljoenen in de schaduw stelden.

Schwarzenegger deed hetzelfde door zijn toenmalige filmgages slim in vastgoed en bedrijven te pompen, waardoor hij vandaag als investeerder veel meer overhoudt dan hij indertijd op een filmset kon opstrijken.

David Copperfield wist zijn 74 miljoen dollar van weleer om te zetten in een reusachtig resort- en vastgoedbezit en staat nog steeds in Las Vegas voor uitverkochte zalen.

Het contrast met het verleden is het meest merkbaar in de televisiewereld.

De halve miljoen dollar van Ted Danson en de zeshonderdduizend dollar van Roseanne Barr per aflevering deden destijds monden openvallen.

Later werd die lat echter verlegd naar één miljoen dollar per aflevering voor de casts van Friends en The Big Bang Theory, en vandaag tellen streamingdiensten als Netflix, Walt Disney, Prime en Apple TV+ voor prestigieuze miniseries zonder verpinken één tot twee miljoen dollar per enkele aflevering neer voor een hoofdrolspeler.

Het grote verschil met toen is wel dat de gulle, levenslange royalty’s bij klassieke herhalingen op televisie, waar de sterren uit 1996 decennia op konden teren, door het streamingmodel bijna volledig zijn weggevallen.

Het tragische dubbelleven van Billy Preston: muzikaal genie in de schaduw van geheimhouding en verslaving

Achter het buitengewone muzikale talent van Billy Preston ging een complex en getroebleerd privéleven schuil.

Hoewel hij uitgroeide tot een van de meest gevraagde toetsenisten ter wereld en nauw samenwerkte met grootheden als The Beatles en The Rolling Stones, bleef een groot deel van zijn persoonlijke realiteit noodgedwongen verborgen voor het grote publiek.

Preston was homoseksueel, maar kon daar tijdens het overgrote deel van zijn leven niet open over zijn.

Binnen de muziekindustrie en zijn directe omgeving was zijn geaardheid overigens wel bekend. K

Keith Richards schreef later in zijn memoires over de moeilijke positie waarin Preston zich destijds bevond, in een tijdperk waarin openheid over homoseksualiteit nauwelijks getolereerd werd.

Ook Olivia Harrison, weduwe van George Harrison, herinnerde zich hoe Preston op tournee geregeld mannelijke gezellen meenam die hij discreet voorstelde als familieleden, terwijl de bandleden op de hoogte waren van de situatie.

Zijn diepgewortelde christelijke opvoeding binnen de baptistengemeente zorgde voor een zware innerlijke tweestrijd.

Preston worstelde decennialang met schuldgevoelens door de veroordeling van zijn geaardheid binnen de kerk.

Die psychische druk leidde uiteindelijk tot ernstige verslavingen aan alcohol en verdovende middelen, wat vanaf de vroege jaren negentig uitmondde in herhaalde aanvaringen met justitie.

Een dramatisch dieptepunt deed zich voor in september 1991, toen Preston in Los Angeles werd aangehouden na een incident in zijn woning met een zestienjarige jongen.

Volgens het politiedossier had hij de jongen meegenomen onder het voorwendsel van een klusje, waarna er sprake was van ongewenste intimiteiten en drugsgebruik.

Preston testte na zijn arrestatie positief op cocaïne.

In 1992 trof hij een gerechtelijke schikking waarbij hij geen verweer voerde, waarna hij een voorwaardelijke straf kreeg en zich verplicht liet opnemen in een ontwenningskliniek.

Hoewel de zaak veel ophef veroorzaakte, bleef het binnen zijn strafblad bij dit specifieke voorval.

Latere juridische moeilijkheden draaiden voornamelijk om aanhoudend drugsbezit en overtredingen van voorwaardelijke regelingen.

Intimi en biografen wezen er later op dat Prestons gedrag niet los kon worden gezien van zijn zware verslaving en een onverwerkt verleden; als wonderkind in het gospelcircuit was hij op jonge leeftijd zelf slachtoffer geworden van misbruik, een trauma dat hem zijn hele leven bleef achtervolgen.

Pas aan het einde van zijn leven vond hij enige vorm van bevrijding.

Tijdens sessies in een afkickkliniek sprak Preston voor het eerst openhartig over zijn geaardheid.

Daarbij deed hij ook opmerkelijke onthullingen over zijn verborgen liefdesleven: hij vertelde zijn begeleiders dat hij in de loop der jaren romances had gehad met zeven bekende zwarte zangers.

De strenge normen binnen de gospel- en soulwereld dwongen hen destijds allemaal om die relaties angstvallig geheim te houden.

De namen van de betrokkenen zijn door de therapeuten nooit openbaar gemaakt, maar de getuigenis illustreerde hoe intens het dubbelleven was waarin hij gevangen zat.

Niet veel later sloeg het noodlot fysiek toe.

Preston kampte al langer met zware gezondheidsproblemen door nierfalen, deels als gevolg van eerdere nierziekten en een mislukte niertransplantatie in 2002.

Na een ademstilstand raakte hij in november 2005 in een diepe coma waaruit hij niet meer zou ontwaken.

Billy Preston kwam twintig jaar geleden te overlijden op 6 juni 2006 op 59-jarige leeftijd.

Deze tragische spagaat tussen geloof, onverwerkte trauma’s, verslaving en een uitzonderlijke muzikale gave vormde later de rode draad in de documentaire That’s the Way God Planned It.

Billy Preston gearresteerd (Veronica, week 36 van 1991)

Gisteren nog vandaag

45 jaar geleden, het nieuwe thuis van de familie Starr

Ringo Starr trouwde in 1965 met Maureen Cox. Samen kregen zij drie kinderen: Zak, Jason en Lee.

Nadat het paar in 1975 scheidde, vond Ringo opnieuw de liefde bij Barbara Bach, die hij ontmoette op de set van de film Caveman in 1980

Het stel stapte op 27 april 1981 in het huwelijksbootje.

Inmiddels is Ringo grootvader van zeven kleinkinderen en mocht hij op 16 augustus 2016 zijn eerste achterkleinkind verwelkomen.

Zijn oudste zoon, Zak Starkey, trad in zijn muzikale voetsporen; hij is sinds 1996 de drummer van de Engelse rockband The Who en drumde daarnaast enkele jaren bij Oasis.

Een ander bijzonder hoogtepunt in het leven van Starr vond plaats op 29 december 2017, toen hij door koningin Elizabeth werd geridderd.

Zijn echtgenote Barbara Bach werd geboren in Queens, New York.

Ze stopte al op 16-jarige leeftijd met school om een carrière als model na te jagen, met succes: een jaar later werkte ze al als internationaal topmodel.

Op 18-jarige leeftijd trouwde ze met Augusto Gregorini, met wie ze in Italië twee kinderen kreeg.

Tijdens haar periode in Italië was ze te zien in een aantal kleine filmrollen.

Na haar scheiding in 1975 keerde ze terug naar de Verenigde Staten. Haar grote internationale doorbraak volgde in 1977 met de rol van de Russische agent Triple X, majoor Anya Amasova, in een bekende James Bond-film.

Deze rol bracht haar wereldwijde roem, waarna ze een jaar later te zien was in een volgende grote speelfilm.

Tegenwoordig houdt ze zich vooral bezig met liefdadigheidswerk. Samen met Ringo bezit ze meerdere huizen over de hele wereld, waaronder in Monte Carlo en Beverly Hills.

In april 2026 bracht Ringo zijn nieuwe album Long Long Road uit. Dit is zijn tweede country- en Americana-plaat, geproduceerd door T Bone Burnett, met gastbijdragen van artiesten als Sheryl Crow, St. Vincent en Billy Strings.

Het album is de opvolger van het succesvolle Look Up uit 2025.

De nu 86-jarige Ringo staat nog altijd vol energie op het podium.

In mei en juni 2026 toerde hij met zijn All Starr Band, waarin onder meer Steve Lukather van Toto en Colin Hay van Men at Work meespelen, langs de Amerikaanse Westkust.

Voor het najaar van 2026 staat er opnieuw een tournee op het programma, waarbij hij in september en oktober zal optreden in het noordoosten van de Verenigde Staten

Vandaag 45 jaar geleden stapt Ringo Starr in het huwelijksbootje met de Amerikaanse actrice Barbara Bach.

In 1965 stapte Ringo Starr in het huwelijksbootje met Maureen Cox, met wie hij drie kinderen kreeg: Zak, Jason en Lee. Hoewel hun huwelijk in 1975 strandde, vond de drummer opnieuw het geluk bij Barbara Bach.

De twee ontmoetten elkaar op de set van de film Caveman en trouwden op 27 april 1981. Inmiddels is de familie flink uitgebreid met zeven kleinkinderen en sinds augustus 2016 zelfs een achterkleinkind.

Muzikaal talent zit overduidelijk in de genen, want zijn oudste zoon Zak Starkey is sinds 1996 de vaste drummer van The Who en speelde voorheen ook bij Oasis.

Een bijzonder hoogtepunt in Ringo’s leven was 29 december 2017, de dag waarop hij door koningin Elizabeth tot ridder werd geslagen.

Zijn echtgenote Barbara Bach heeft zelf ook een indrukwekkend pad afgelegd.

De in Queens geboren Bach verliet op zestienjarige leeftijd voortijdig de schoolbanken om een modellencarrière na te jagen, wat haar een jaar later al de status van internationaal topmodel opleverde.

Nadat ze op achttienjarige leeftijd trouwde met Augusto Gregorini, verhuisde ze naar Italië en kreeg daar twee kinderen.

Tijdens haar verblijf in Europa pikte ze haar eerste filmrollen op, maar na haar scheiding in 1975 keerde ze terug naar de Verenigde Staten.

Haar grote doorbraak volgde in 1977 als de iconische Russische agente Anya Amasova in de James Bond-film The Spy Who Loved Me, een rol die haar wereldberoemd maakte.

Tegenwoordig richt Bach haar energie vooral op liefdadigheidswerk en geniet ze met Starr van hun leven in diverse woningen, verspreid over locaties als Monte Carlo en Beverly Hills.

Meer dan een halve eeuw na het uiteenvallen van The Beatles zorgen de inmiddels 85-jarige Ringo Starr en de 83-jarige Paul McCartney voor een grote verrassing.

Hoewel de twee altijd goede vrienden bleven en incidenteel op elkaars nummers meespeelden, hielden ze hun solocarrières jarenlang strikt gescheiden.

Daar komt nu verandering in met een unieke samenwerking in de vorm van een duet. Het nummer, getiteld ‘Home to u’s, staat op het achttiende studioalbum van McCartney, The boys of Dungeon Lane, dat eind mei verschijnt.

De titel van het door Andrew Watt geproduceerde album verwijst naar een straat in de Liverpoolse wijk Speke, waar de wortels van McCartney liggen.

De weg naar dit duet verliep overigens niet zonder slag of stoot.

Het project kwam moeizaam op gang door een reeks misverstanden.

In eerste instantie had Ringo al drumpartijen opgenomen zonder dat er een concreet lied lag, maar omdat Paul er lange tijd niets mee deed, raakte Ringo geïrriteerd door het gebrek aan vaart.

Pas toen Paul zich realiseerde hoe sterk het drumwerk was, schreef hij er een tekst omheen over hun gezamenlijke jeugd.

De communicatie haperde opnieuw toen Ringo een e-mail over de zangpartijen verkeerd interpreteerde en alleen het refrein inzong, waardoor Paul dacht dat zijn oude bandgenoot het nummer niet zag zitten.

Gelukkig werden deze misverstanden uiteindelijk uit de wereld geholpen, met een bijzondere muzikale reünie als resultaat.