Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek
Samen met haar broer, Richard, die op 15 oktober 1946 ter wereld kwam, vormde ze het wereldberoemde duo The Carpenters.
Nadat Karen zangles had genomen, daarvoor was ze namelijk drumster en het duo koos voor een meer toegankelijk repertoire, tekenden ze een platencontract.
Hun eerste album, “Offering”, leek te floppen, maar toen “Ticket To Ride” alsnog een hit werd, werd het album omgedoopt tot “Ticket To Ride” en verkocht het goed.
Het door Burt Bacharach en Hal David geschreven nummer “Close To You” werd een wereldhit voor The Carpenters.
Ondanks hun brave imago wisten Karen en Richard ook serieuze popliefhebbers te overtuigen met hun vertolking van Leon Russell’s “Superstar”, waarmee ze in 1971 in Vlaanderen en Nederland een hit scoorden.
Vele hits volgden, waaronder “Jambalaya”, “Please Mr. Postman” en “Yesterday Once More”. In 1973 beleefden The Carpenters hun topjaar met het album “Now & Then” en de compilatie “The Singles 1969-1973”, die hoog in de hitlijsten stonden.
Daarna werd de formule met teruglopend succes uitgemolken.
Bovendien eiste het succes zijn tol. Richard was lange tijd verslaafd aan drugs.
Karen overleed op 4 februari 1983 aan de indirecte gevolgen van haar ziekte Anorexia Nervosa.
Karen Carpenter’s strijd tegen anorexia nervosa had toen een grote impact op het publieke debat over eetstoornissen.
Haar openheid over haar ziekte heeft geholpen om het stigma rond psychische problemen te verminderen.
Naar aanleiding hiervan trad onder anderen Lady Di naar buiten met haar eetstoornis.
Gisteren nog vandaag
Gisteren nog vandaag
De terugkeer van de Carpenters (Joepie 5 juli 1981)
De opera zag voor het eerst het levenslicht in de Opéra-Comique te Parijs op 2 februari 1900.
Het leven van Gustave Charpentier (1860-1956) leest als een sprookje.
Geboren als zoon van een arme bakker in Dieuze, een klein stadje in Lotharingen, kon hij enkel dankzij financiële steun van de gemeente zijn muzikale talenten ontwikkelen.
Deze steun was cruciaal, want het stelde hem in staat om te studeren aan het prestigieuze Parijse conservatorium.
Daar kreeg hij les van onder andere Jules Massenet, de productiefste en artistiek zowel als commercieel succesrijkste Franse operacomponist van zijn tijd, de periode tussen 1870/71 en de Eerste Wereldoorlog, die we ook wel kennen als de belle époque van de Derde Franse Republiek.
Het is interessant om te weten dat Charpentier in zijn vroege jaren Massenets assistent was.
Zijn talent bleef niet onopgemerkt, want in 1887 won hij de prestigieuze Prix de Rome met zijn cantate-scène lyrique Didon.
Deze prijs, een beurs voor kunstenaars, stelde hem in staat om vier jaar in Rome te studeren en te werken in de beroemde Villa Medici.
Het hoogtepunt in zijn carrière was ongetwijfeld de première van zijn opera Louise in 1900.
Deze opera, een “roman musical” (muzikale roman) in vier bedrijven en vijf tonelen, was meteen een overweldigend succes, zowel in Frankrijk als in de rest van de wereld.
De opera, die het verhaal vertelt van een jonge Parijse naaister die verliefd wordt op een kunstenaar, viel in de smaak vanwege het realistische en sociale karakter, dat destijds als vernieuwend werd beschouwd.
De aria “Depuis le jour”, gezongen door Louise, is nog steeds een van de meest geliefde sopraanaria’s.
Leopold III, koning der Belgen, was een grote bewonderaar van het werk.
Het succes van Louise kon Charpentier helaas niet herhalen met zijn latere werk.
Zijn vervolgopera, Julien, ou La vie du poète (1913), een lyrisch drama dat wordt beschouwd als het symbolische en filosofische vervolg op Louise, bleef ver achter bij de verwachtingen.
Het werk wordt als moeilijk en minder toegankelijk ervaren.
Na Julien componeerde Charpentier nog maar weinig.
Sommigen beweren dat dit kwam door een gebrek aan inspiratie, anderen dat hij teleurgesteld was in de muzikale wereld.
In de latere jaren van zijn leven wijdde Charpentier zich aan liefdadigheid.
Hij was de oprichter van het Conservatoire populaire Mimi Pinson, een gratis muziekschool voor jonge meisjes uit de arbeidersklasse.
Hij wilde hen de kansen geven die hij zelf had gekregen.
Mimi Pinson was een figuur uit die tijd, de heldin uit de roman Scènes de la bohème van Henri Murger en een personage in opera’s van zowel Giacomo Puccini als Ruggero Leoncavallo.
Zij symboliseerde de vrije en onafhankelijke jonge vrouw uit de Parijse arbeidersklasse.
Gustave Charpentier stierf op 18 februari 1956 op de respectabele leeftijd van zesennegentig jaar.
Hij ligt begraven op de begraafplaats van Père-Lachaise in Parijs, naast andere grootheden uit de Franse cultuur (foto’s uit De Post van 12 maart 1950)
Bernadette Lafont, geboren op 28 oktober 1938 in Nîmes als dochter van apotheker Charles Lafont en Jeanne-Julia Monnier.
Ze studeerde aanvankelijk dans aan de 28 oktober 1938 met de droom om balletdanseres te worden.
Haar acteercarrière begon in 1957 toen ze werd ontdekt door François Truffaut, die toen getrouwd was met haar jeugdvriendin Madeleine Morgenstern, en hij gaf haar een rol in de korte film Les Mistons.
Dit betekende haar doorbraak en lanceerde haar in de wereld van de Franse New Wave cinema, waar ze al snel een muze werd voor filmmakers als Truffaut, Claude Chabrol, en Louis Malle.
Ze speelde in films als Le Beau Serge, Les Bonnes Femmes, en Une Belle Fille Comme Moi.
Haar carrière omspande meer dan 120 film- en televisierollen, waarbij ze samenwerkte met een breed scala aan regisseurs en zich continu bleef ontwikkelen als actrice, ook in het theater.
In 1986 won ze een César Award voor Beste Vrouwelijke Bijrol voor haar rol in L’Effrontée en in 2003 ontving ze een ere-César voor haar indrukwekkende oeuvre. Internationaal werd ze erkend voor onder andere haar rol in de controversiële, maar invloedrijke film La Maman et la Putain.
Lafont stond bekend om haar veelzijdigheid, humor, en uitstraling, en kon zowel komische als dramatische rollen met overtuiging neerzetten.
Ze trouwde eerst met acteur Gérard Blain, met wie ze een zoon kreeg die jong overleed.
Later trouwde ze met de Hongaarse beeldhouwer Diourka Medveczky, met wie ze drie kinderen kreeg: Élisabeth, David, en Pauline, die allen ook in de acteerwereld stapten.
Haar dochter Pauline overleed tragisch in 1988 tijdens een bergwandeling, een gebeurtenis die Bernadette natuurlijk diep raakte.
Ze scheidde later van Medveczky.
Naast haar acteerwerk stond ze bekend als een icoon van de Franse cinema en een symbool van vrouwelijke vrijheid en onafhankelijkheid.
Ze had een sterke persoonlijkheid met een uitgesproken gevoel voor humor, vaak omschreven als “ondeugend” en “vrijgevochten”.
In 1997 publiceerde ze haar autobiografie, “Le Roman de ma Vie,” en ze was een fervent fan van stierenvechten.
Op 14 juli 2009 werd ze geridderd tot Officier in het Franse Legioen van Eer.
Bernadette Lafont overleed op 25 juli 2013 in Nîmes op 74-jarige leeftijd aan een hartstilstand en werd begraven in Saint-André-de-Valborgne, naast haar dochter Pauline.
Samen met haar zus Kim vormde ze het succesvolle popduo Mel & Kim, dat onder de vleugels van producers Stock, Aitken & Waterman in de late jaren 80 wereldwijd hits scoorde met nummers als “Showing Out,” “Respectable,” “F.L.M.” en “That’s The Way It Is.”
Mels strijd met kanker begon al in december 1985, nog voor het grote succes van het duo.
Een tumor in haar lever werd succesvol verwijderd.
Echter, halverwege 1987 werd een nieuw gezwel ontdekt, ditmaal in haar ruggengraat.
Op Mels verzoek werd haar ziekte tot 24 maart 1988 geheim gehouden.
Tijdens een persconferentie in het Londense Russell Hotel maakten Mel & Kim de diagnose bekend.
Hoewel artsen optimistisch waren over haar herstel, en een terugkeer in juni 1988 voor mogelijk hielden, onderging Mel de daaropvolgende maanden intensieve chemokuren.
Na het overlijden van haar zus bracht Kim Appleby in 1990 het soloalbum “Kim Appleby” uit, met daarop de aan Mel opgedragen single “Don’t Worry”.
De lijdensweg van Mel Appleby van Mel en Kim (Joepie 27 december 1987)
Gisteren nog vandaag
Gisteren nog vandaag
Mel en Kim, waarom Mel verplicht is zich zo te tonen (Joepie 10 april 1988)
Jean Harlow, geboren als Harlean Harlow Carpenter op 3 maart 1911 in Kansas City, Missouri.
Haar vader Mont Clair Carpenter, een tandarts en haar moeder Jean Poe Carpenter, scheidden toen ze nog jong was en ze groeide op bij haar moeder, die haar vaak verwaarloosde.
Haar moeder was een ambitieuze vrouw die haar eigen acteerdromen op haar dochter projecteerde.
Ze had een hechte band met haar vader, maar hij stierf toen ze nog een tiener was.
Harlow volgde onderwijs aan verschillende scholen, waaronder de Miss Barstow’s Finishing School for Girls in Kansas City, maar ze blonk niet uit in haar studie.
Harlow begon haar carrière als figurant in stomme films.
Haar doorbraak kwam met de film “Hell’s Angels” (1930) van Howard Hughes, waarin ze opviel door haar platinablonde haar en sensuele uitstraling.
Ze werd al snel een van de grootste sterren van Hollywood en speelde in succesvolle films als “Red Dust” (1932), “Dinner at Eight” (1933) en “Libeled Lady” (1936).
Harlow stond toen bekend als de “Platinum Blonde” en was een van de eerste sekssymbolen van de filmindustrie.
Harlow was drie keer getrouwd:
Charles McGrew (1927-1929): Ze trouwde op jonge leeftijd met een rijke zakenman, maar het huwelijk hield niet lang stand.
Paul Bern (1932): was een MGM-producer, die eindigde op tragisch wijze, want Bern is te komen overlijden, onder mysterieuze omstandigheden, twee maanden na hun huwelijk.
Harold Rosson (1933-1934), haar derde huwelijk met een cameraman, maar was ook van korte duur.
Harlow stierf op tragische wijze op 26-jarige leeftijd aan nierfalen.
Hij is de enige zoon van de legendarische Franse actrice en sekssymbool Brigitte Bardot en acteur Jacques Charrier.
Zijn geboorte, midden in de stormachtige carrière van zijn moeder, was allesbehalve alledaags.
Brigitte Bardot, geboren op 28 september 1934 in Parijs, groeide op in een conservatief, welgesteld gezin.
Haar vader, Louis “Pilou” Bardot, was ingenieur en had samen met zijn vrouw, Anne-Marie “Toty” Mucel, hoge verwachtingen van Brigitte en haar jongere zusje Marie-Jeanne “Mijanou”.
De meisjes kregen een strenge, klassieke opleiding, inclusief balletlessen voor Brigitte vanaf haar zevende.
Op haar dertiende werd ze zelfs toegelaten tot het prestigieuze Conservatoire de Paris.
Maar op haar vijftiende kwam er een abrupt einde aan het vooropgestelde, burgerlijke pad.
Haar opvallende verschijning, want de woeste blonde lokken, het pruillipje, de wespentaille en de volle boezem bleef niet lang onopgemerkt.
Hélène Lazareff, de toenmalige directrice van het magazine Elle en een vriendin van Bardots moeder, zag potentieel in de jonge Brigitte en regelde een fotoshoot.
Zo verscheen ze in 1949 voor het eerst op de cover van Elle, het begin van haar reis naar wereldfaam.
Op haar achttiende, in 1952, maakte ze haar filmdebuut in de komedie Le Trou Normand.
Tijdens de audities ontmoette ze regisseur Roger Vadim, toen nog een onbekende filmmaker.
Ze trouwden in december van datzelfde jaar, een huwelijk dat de nodige controverse veroorzaakte vanwege Bardots minderjarigheid (de wettelijke meerderjarigheidsgrens in Frankrijk lag toen op 21 jaar).
Haar ouders, fel tegen het huwelijk met de zes jaar oudere Vadim, gaven uiteindelijk schoorvoetend toestemming onder strikte voorwaarden.
Ze speelde in 1953 naast Kirk Douglas in de Amerikaanse productie Act of Love (Un acte d’amour).
Haar mix van onschuldige schoonheid en provocerende jeugdigheid liet niemand onberoerd, maar begon ook steeds meer te shockeren.
De absolute doorbraak kwam in 1956 met Et Dieu… créa la femme (En God schiep de vrouw), geregisseerd door haar toenmalige echtgenoot Roger Vadim.
De film, waarin Bardot de sensuele en ongetemde Juliette Hardy speelde, werd een enorm schandaal, veroordeeld door de Katholieke Kerk en in sommige landen zelfs verboden of gecensureerd.
De scène waarin Bardot schaars gekleed op een tafel danst, is inmiddels iconisch.
De film betekende haar definitieve doorbraak als internationaal sekssymbool en luidde volgens sommigen de seksuele revolutie in de Amerikaanse cinema in.
Een jaar later, in 1957, scheidde Bardot van Vadim.
De roem had een enorme impact op de 23-jarige Bardot, die worstelde met de intense publieke aandacht en de vaak negatieve kritiek.
Conservatief Frankrijk hekelde haar openlijke sensualiteit, terwijl jonge vrouwen haar stijl massaal kopieerden.
Mannen aanbaden haar en regisseurs stonden in de rij om met haar te werken.
De roddelpers zat haar constant op de hielen; elk detail, zoals het dragen van een sjaal, werd uitvergroot en voer voor speculatie, bijvoorbeeld over plastische chirurgie.
Onder de immense druk en het gevoel opgejaagd te zijn, zou Bardot naar verluidt drie zelfmoordpogingen ondernemen, waaronder een op haar 26e verjaardag.
Haar liefdesleven bleef de gemoederen bezighouden.
In 1959 trouwde ze met acteur Jacques Charrier.
Op 11 januari 1960 werd hun zoon, Nicolas-Jacques Charrier, geboren.
Bardot, totaal onvoorbereid op het moederschap en overweldigd door de verantwoordelijkheid, had een zeer moeizame relatie met haar zoon.
Ze gaf later toe dat ze zich totaal niet op haar gemak voelde bij het moederschap.
Haar beroemde uitspraak “Ik zou liever bevallen van een kleine hond” typeert haar worsteling.
Het huwelijk met Charrier hield geen stand en in 1962, slechts een jaar na de geboorte van Nicolas, liep het op de klippen.
Charrier kreeg de voogdij over hun zoon en Nicolas groeide dan ook op bij zijn vader en diens familie, ver weg van de schijnwerpers die zijn moeder omringden.
Hij had naar verluidt weinig contact met zijn moeder tijdens zijn jeugd en ontwikkelde een afstandelijke relatie met haar.
In zijn autobiografie uitte hij later kritiek op zijn moeder en beschreef hij de pijn en het onbegrip die hij voelde door haar afwezigheid.
Nicolas-Jacques Charrier studeerde economie en woont tegenwoordig in Noorwegen met zijn vrouw, het Noorse model Anne-Line Bjerkan, met wie hij twee dochters heeft: Anna-Camilla en Thea-Josephine.
Zij zijn dus de kleindochters van Brigitte Bardot.
Hij werkt naar verluidt in de IT-sector.
In tegenstelling tot zijn moeder, die zich na haar filmcarrière volledig op dierenrechtenactivisme stortte en de Brigitte Bardot Foundation oprichtte, leidt Nicolas een teruggetrokken bestaan, ver weg van de roem en controverses die het leven van zijn moeder kenmerkten.
De relatie tussen moeder en zoon bleef complex en pas op latere leeftijd, toen Nicolas zelf volwassen was, kwam er toenadering.