


Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek



De Mirano in Brussel is een legendarische plek die een rijke geschiedenis ademt.
Het begon allemaal in 1934, toen het pand aan de Leuvensesteenweg in Sint-Joost-ten-Node de deuren opende als bioscoop Ciné Mirano.
Na jarenlang dienst te hebben gedaan als filmzaal sloot de bioscoop eind jaren zeventig, waarna het gebouw in 1981 werd omgevormd tot de discotheek Mirano Continental.
De officiële opening van de Mirano Continental vond plaats op donderdag 19 maart 1981.
De club was van meet af aan bedoeld als de Brusselse tegenhanger van de beroemde New Yorkse Studio 54 en het Parijse Le Palace.

Deze eerste avond werd bijgewoond door tal van prominenten, waaronder de Franse presentator Thierry Ardisson als een van de eregasten.
Niemand minder dan de extravagante Grace Jones verzorgde een optreden en arriveerde op spectaculaire wijze in een witte limousine.
Zij bleef een graag geziene gast in de club, want op 4 oktober 1981 bracht ze een tweede bezoek aan de Mirano na haar optreden in de Ancienne Belgique.
De Mirano werd al snel de plek waar de internationale jetset en mode-elite elkaar ontmoetten.
Grote namen uit de modewereld, waaronder de bekende Antwerpse Zes, gebruikten de club als podium voor hun avant-gardistische shows.
In de hoogtijdagen was het een smeltkroes van kunstenaars, modellen en muzikanten, wat de club een aura van exclusiviteit en creativiteit gaf.
Een van de meest unieke technische snufjes is de draaiende dansvloer.

Dit overblijfsel uit het cinematijdperk werd behouden en gemoderniseerd, waardoor het nog steeds een van de centrale attracties van de zaal is.
Ook de majestueuze entree in de vorm van een trechter en het interieur vol goud- en zwartaccenten dragen bij aan de theatrale sfeer die zo typerend is voor deze locatie.
Tegenwoordig bestaat de Mirano nog steeds, al heeft het een bewogen periode achter de rug.
Na een sluiting in 2017 onderging het gebouw een grondige renovatie, waarbij geprobeerd is om de pracht en praal van de jaren dertig weer terug te brengen.
Sinds de heropening in 2019 functioneert de Mirano niet alleen als discotheek op vrijdag- en zaterdagavond met een focus op electro- en urbanmuziek, maar doet het ook dienst als polyvalente evenementenlocatie en cultureel centrum.
Het wordt nu geëxploiteerd door de groep Art Blanc en is nog steeds een van de meest beeldbepalende plekken in het Brusselse nachtleven voor zowel clubavonden als bedrijfsfeesten en artistieke presentaties.

Grace Jones komt












Barbara Bel Geddes, dochter van de invloedrijke industrieel ontwerper Norman Bel Geddes, was al een gevierde naam in de theaterwereld lang voordat ze bij miljoenen kijkers bekend werd als Miss Ellie in Dallas.
Als tiener debuteerde ze op Broadway in de komedie Out of the Frying Pan en vanaf dat moment zat ze vrijwel nooit meer zonder werk.
Ze schitterde in producties van grootheden als Elia Kazan, Graham Greene, Tennessee Williams en John Steinbeck, waarbij ze naar eigen zeggen het vak leerde door zich op te trekken aan haar ervaren tegenspelers.
Het absolute artistieke hoogtepunt op de planken was haar vertolking van Maggie the Cat in de originele Broadway-productie van ‘Cat on a Hot Tin Roof’.
Ook de stap naar Hollywood leek een droomstart te worden.
In 1946 tekende ze een bijzonder filmcontract bij RKO: op haar eigen voorwaarde mocht ze hooguit een film per jaar maken om tijd over te houden voor het theater.
Haar talent leverde haar voor haar rol in ‘I Remember Mama’ uit 1948 meteen een Oscarnominatie op voor Beste actrice in een bijrol.
Toch werd ze datzelfde jaar door de nieuwe en excentrieke RKO-eigenaar Howard Hughes plotseling aan de kant gezet, simpelweg omdat hij haar niet verleidelijk genoeg vond voor het grote doek.
De jaren vijftig brachten een moeilijke periode met zich mee.
Naast gezondheidsproblemen zorgde een onderzoek naar vermeende on-Amerikaanse activiteiten ervoor dat ze tijdelijk op een zwarte lijst belandde en het witte doek moest mijden.
Ze vocht zich echter met succes terug.
Ze speelde onder regie van Elia Kazan in ‘Panic in the Streets’, was te zien naast Danny Kaye in ‘The Five Pennies’ en maakte blijvende indruk als de nuchtere vriendin Midge naast James Stewart in Alfred Hitchcocks meesterwerk ‘Vertigo’.
Hitchcock was zo onder de indruk van haar subtiele mimiek dat hij haar persoonlijk vroeg voor zijn televisieserie Alfred Hitchcock Presents, waarin ze in vier afleveringen meespeelde.
Haar rol in ‘Lamb to the Slaughter’ werd legendarisch: daarin bracht ze haar echtgenoot om het leven met een bevroren lamsbout, om het moordwapen vervolgens te braden en voor te zetten aan de rechercheurs die het bewijsmateriaal zochten.
Toen Bel Geddes in 1978 werd gevraagd voor de rol van Eleanor “Miss Ellie” Southworth Ewing Farlow in de soapserie Dallas, waarschuwden sommige collega’s haar dat een soap een stap terug was.

Zelf dacht ze toen daar nuchter over. Ze had op dat moment geen artistieke verplichtingen en greep de kans met beide handen aan om een heel nieuw publiek te bereiken.
Niemand kon voorzien dat de serie zou uitgroeien tot een wereldwijd kijkcijferfenomeen.
Zonder haar had Larry Hagman de iconische rol van J.R. overigens nooit gespeeld; zijn moeder, musicalvedette Mary Martin, was een van haar dierbaarste vriendinnen met wie ze vroeger samen op het podium had gestaan.
Haar fijnzinnige spel als de standvastige spil van de familie leverde haar een felbegeerde Emmy Award op.
Achter de schermen liep het echter niet altijd van een leien dakje.
In het voorjaar van 1984 onderging ze een zware viervoudige bypassoperatie na een hartaanval, waardoor ze de eerste elf afleveringen van het nieuwe seizoen moest overslaan.
Toen ze het seizoen erop botste met de producenten over haar werkdruk en gage, werd haar rol overgenomen door filmster Donna Reed, die een contract voor drie jaar tekende.

Gisteren nog vandaag
De trouwe kijkers accepteerden de vervanging allerminst en bombardeerden de studio met brieven.
Toen de kijkcijfers kelderden en aartsrivaal Dynasty de koppositie overnam, haalden de producenten Bel Geddes in 1985 tegen forse betaling terug.
Donna Reed stapte woedend naar de rechter, kreeg een schikking van een miljoen dollar, maar overleed tragisch genoeg enkele maanden later aan alvleesklierkanker.
In haar persoonlijke leven koos Barbara Bel Geddes bewust voor warmte en eenvoud, ver weg van de glitter en roddels van Beverly Hills.
Ze was twee keer getrouwd: eerst met theatermanager Carl Schreuer, met wie ze dochter Alice kreeg, en daarna met regisseur Windsor Lewis.
Met hem kreeg ze dochter Betsy.
Haar huwelijk met Windsor was zeer hecht; toen hij ernstig ziek werd, zette ze haar acteercarrière jarenlang stil om hem thuis tot aan zijn overlijden in 1972 liefdevol te verzorgen.
Ze was bovendien een begenadigd kunstenares.
Naast haar filmwerk schreef en illustreerde ze twee charmante kinderboeken, ‘I Like to Be Me’ en ‘So Do I’, en ontwierp ze decennialang haar eigen reeks succesvolle wenskaarten.
Na haar definitieve vertrek bij Dallas in 1990 trok ze zich terug in haar rustige houten huis in Northeast Harbor aan de kust van Maine, waar ze schilderde en tuinierde.
Op 8 augustus 2005 overleed ze daar op 82-jarige leeftijd aan de gevolgen van longkanker.


Gisteren nog vandaag


De Vespa Si uit 1981 behoort tot de allereerste generatie van dit model.
Eind 1978 werd de bromfiets geïntroduceerd om geleidelijk de Piaggio Boxer op te volgen.
Tegen 1981 draaide de productie in de befaamde Piaggio-fabriek in het Toscaanse Pontedera op volle toeren, waarbij het model zich onderscheidde door een puur en minimalistisch design dat typerend was voor de vroege jaren tachtig.
Op de thuismarkt en in de officiële fabriekscatalogus stond de brommer simpelweg bekend als de Piaggio Sì.
Omdat de Vespa-scooters destijds echter wereldwijd razend populair waren, besloten importeurs in onder meer Vlaanderen, Nederland en Duitsland om de naam Vespa toe te voegen en het model als Vespa Si in de markt te zetten.
Deze slimme marketingstrategie en hetzelfde betrouwbare motorblok werden door Piaggio eveneens ingezet voor andere iconische tijdgenoten, zoals de Ciao, Bravo, Boxer en de Gilera Citta.

Ik beken meteen maar eerlijk dat ik altijd al een zwak voor haar heb gehad.
Wel vind ik het vreemd dat er bij dit artikel een foto is geplaatst van haar album ‘The Lady Is A Champ’, dat al uit 1977 stamt.
Het nummer schreef Patricia samen met John van Katwijk. Ook de andere single ‘Saturday Nights’ uit het album ‘Playmate’ schreven ze samen.
Deze veelzijdige Nederlandse zanger, componist, arrangeur, producer en artiestenmanager werd op 8 augustus 1951 geboren in Rotterdam en begon zijn muzikale loopbaan als leadzanger van de band Christie Lane.
Toen het grote succes daarmee uitbleef, verlegde hij zijn koers: hij ging aan de slag als artiestenmanager en begon zelf nummers te schrijven.
Naast zijn werk met Patricia Paay werkte Van Katwijk veelvuldig samen met grote namen zoals René Froger en Anita Meyer, en in recentere jaren ook met Glennis Grace.
Op 16 januari 2025 kwam hij te overlijden.

De Vespa Si uit 1981 behoort tot de allereerste generatie van dit model.
Eind 1978 werd de bromfiets geïntroduceerd om geleidelijk de Piaggio Boxer op te volgen.
Tegen 1981 draaide de productie in de befaamde Piaggio-fabriek in het Toscaanse Pontedera op volle toeren, waarbij het model zich onderscheidde door een puur en minimalistisch design dat typerend was voor de vroege jaren tachtig.
Op de thuismarkt en in de officiële fabriekscatalogus stond de brommer simpelweg bekend als de Piaggio Sì.
Omdat de Vespa-scooters destijds echter wereldwijd razend populair waren, besloten importeurs in onder meer Vlaanderen, Nederland en Duitsland om de naam Vespa toe te voegen en het model als Vespa Si in de markt te zetten.
Deze slimme marketingstrategie en hetzelfde betrouwbare motorblok werden door Piaggio eveneens ingezet voor andere iconische tijdgenoten, zoals de Ciao, Bravo, Boxer en de Gilera Citta.

Gisteren nog vandaag








Een jaar eerder, in 1980, startte de grondige renovatie van het Toreken, die uiteindelijk tot 1983 in beslag zou nemen.
Tegelijkertijd lagen de plannen klaar voor de bouw van de ondergrondse parkeergarage.
De werken daarvoor begonnen halverwege 1981, waarna de parking in het voorjaar van 1982 opende.





In het najaar van 1981 liep het stel wel degelijk met het idee rond om naar Californië te reizen en daar in alle rust en stilte in het huwelijksbootje te stappen.
De plannen bevonden zich al in een vergevorderd stadium, maar het artikel liet tegelijkertijd al de nodige twijfel zien.
Zowel Wil als José vonden het pijnlijk dat de ouders van beiden de verre reis naar Amerika niet konden maken en daardoor niet aanwezig zouden zijn op hun grote dag.
Een bruiloft zonder hun naaste familie vonden ze uiteindelijk toch wat al te stil.
Mede om die reden zijn de plannen voor een Amerikaans huwelijk afgeblazen en kozen ze ervoor om gewoon in Nederland te trouwen.
Het paar trad uiteindelijk op 12 december 1981 in het huwelijk in het Noord-Brabantse Best, de geboorte- en woonplaats van José, in het bijzijn van hun dierbaren.
Ze bleven getrouwd tot aan het overlijden van Wil Hoebee in 2012
