
De Mosselvloot van de Westerschelde (De Stad 18 januari 1935)

Foto's, en reportages en voor 95 % niet terug te vinden op Google uit ons ver verleden, over Gent, Vlaanderen, film, muziek, sport, politiek en zoveel meer uit tijdschriften en kranten en jaarboeken. Vanaf de jaren 1900 tot en met gisteren. Meer foto's en artikelen terug te vinden op onze Fb groep Gisteren nog vandaag en de Fb groep Weetjes over popmuziek

Juliaan Severin was geboren in 1888, in Borgerhout en die in 1975 gestorven is te Kruibeke.
Hij volgde opleiding regentaat Germaanse talen te Gent en dit samen met een artistieke opleiding aan de Academie te Antwerpen.
Onderhield nauwe contacten met de Lierse etser Raymond De la Haye, onderging de invloed van Verstraeten en kwam tijdens de Eerste Wereldoorlog te Parijs in contact met C. Monet.
Werd na de wapenstilstand één van de bezielers en secretaris van AKOS, de Antwerpse Kunstkring der Oud-Strijders.
Reeds voor 1914 debuteerde hij als illustrator van de boeken van Raf Verhulst.
Realiseerde als schilder o.m. (heide)landschappen, hoevegezichten, figuren, stillevens met bloemen, vruchten, vissen.
Als etser vond hij o.m. inspiratie in oude Antwerpse stadshoekjes, in begijnhoven te Lier, Diest en Aalst.
Reisde o.m. naar Bretagne, Normandië, het Zuiden van Frankrijk en vond er inspiratie in de havens, de landschappen.
De pers schreef toen het volgende over hem: Kunsthistorisch kan men Severin onderbrengen bij het postimpressionisme, want het was er hem om te doen licht en stemming uit te beelden, zonder sterk vervormende expressie of sociale of symbolische geladenheid.
Zijn beste werken maakte hij tijdens de Eerste Wereldoorlog, toen hij achter het front leider was van een heropvoedingscentrum voor invalide soldaten en na de oorlog als lid van de Antwerpse Kunstenaars-Oudstrijders.
Hij verwierf vooral bekendheid met zijn etsen, waarin hij schilderachtige oude stadswijken, begijnhoven en kerktorens vastlegde en de lof zong van het Waasland, waar hij sinds 1940 verbleef.” Enkele etsmappen: In Zuid-Provence (1919), Bretoense landschappen (1923), Stille hoekjes uit het Oude Antwerpen (1924), Civitas Marialis Antverpiensis (1939), Om de Ossenmarkt (1957), In het Harzgebergte en Vornbach (1966).
Zijn werken zijn onder meer te zien in de Prentenkabinetten te Brussel en Antwerpen, in de Musea te Sint-Niklaas en Antwerpen (Ons Volk 23 december 1934 en Paul Piron, De Belgische beeldende kunstenaars van de 19e tot de 21e eeuw)

Jean Rignac, ook wel bekend als Jean-Baptiste Rignac, was een prominente Franse astroloog die een stempel drukte op de 20e-eeuwse astrologie.
Geboren in Bordeaux op 18 september 1911 (hoewel sommige bronnen 28 september 1911 of zelfs 1912 vermelden), ontwikkelde hij al op jonge leeftijd een fascinatie voor de sterrenhemel.
Na studies filosofie en literatuur aan de prestigieuze Sorbonne Universiteit in Parijs, verdiepte Rignac zich in de wereld van de astrologie.
Hij was grotendeels autodidact, maar liet zich ook inspireren door andere bekende astrologen uit die periode.
In de jaren 30 begon hij zijn carrière als professioneel astroloog en zijn faam groeide gestaag dankzij zijn treffende astrologische consultaties en voorspellingen die verschenen in populaire tijdschriften en kranten, waaronder het bekende “Ici Paris”.
Rignac was niet alleen een praktiserend astroloog, maar ook een productief schrijver.
Hij pende verschillende boeken over astrologie neer, waarvan “L’astrologie retrouvée” (1975) en “Traité pratique d’astrologie horaire” (1948) als zijn belangrijkste werken worden beschouwd.
Het laatste boek was en is een standaardwerk voor uurhoekastrologie.
Hij ontwikkelde zijn eigen unieke astrologische technieken, gebaseerd op traditionele astrologie, maar verrijkt met zijn persoonlijke inzichten.
Daarnaast deelde hij zijn kennis via lezingen en workshops, en was hij een veelgevraagd adviseur voor beroemdheden en politici.
In zijn privéleven was Rignac getrouwd met Germaine Rignac. Samen kregen ze een zoon, Jean-François Rignac, die in de voetsporen van zijn vader zou treden en ook een gerenommeerd astroloog zou worden.
Jean Rignac was een controversieel figuur, want bewonderd door sommigen voor zijn diepgaande kennis, werd hij door anderen als een charlatan bestempeld.
Hij was bevriend met de legendarische zangeres Édith Piaf en voorspelde de verkiezing van François Mitterrand tot president van Frankrijk in 1981.
Rignac was lid van verschillende astrologische verenigingen, waaronder het “Centre International d’Astrologie” (CIA).
Zijn boeken blijven tot op de dag van vandaag populair onder astrologen en worden beschouwd als essentiële werken binnen de Franse astrologische literatuur.
Op 6 november 1993, overleed Jean Rignac in Parijs op 82-jarige leeftijd.

Gisteren nog vandaag

Samen met haar zus Kim vormde ze het succesvolle popduo Mel & Kim, dat onder de vleugels van producers Stock, Aitken & Waterman in de late jaren 80 wereldwijd hits scoorde met nummers als “Showing Out,” “Respectable,” “F.L.M.” en “That’s The Way It Is.”
Mels strijd met kanker begon al in december 1985, nog voor het grote succes van het duo.
Een tumor in haar lever werd succesvol verwijderd.
Echter, halverwege 1987 werd een nieuw gezwel ontdekt, ditmaal in haar ruggengraat.
Op Mels verzoek werd haar ziekte tot 24 maart 1988 geheim gehouden.
Tijdens een persconferentie in het Londense Russell Hotel maakten Mel & Kim de diagnose bekend.
Hoewel artsen optimistisch waren over haar herstel, en een terugkeer in juni 1988 voor mogelijk hielden, onderging Mel de daaropvolgende maanden intensieve chemokuren.
Na het overlijden van haar zus bracht Kim Appleby in 1990 het soloalbum “Kim Appleby” uit, met daarop de aan Mel opgedragen single “Don’t Worry”.
De lijdensweg van Mel Appleby van Mel en Kim (Joepie 27 december 1987)

Gisteren nog vandaag

Gisteren nog vandaag
Mel en Kim, waarom Mel verplicht is zich zo te tonen (Joepie 10 april 1988)

Gisteren nog vandaag
Het kasteel is gelegen in een groene omgeving aan een bocht van de Dender, ten noordoosten van het vroegere dorpje Nederboelare, dat nu deel uitmaakt van Geraardsbergen in Oost-Vlaanderen.
De eerste vermelding van een heer van Boelare dateert van eind 11e eeuw, met Etienne van Boelare als eerste bekende naam.

Het kasteel was toen waarschijnlijk een versterkte burcht. De Baronie van Boelare was een van de vijf grote baronieën van het Land van Aalst en omvatte twaalf dorpen.
De familie Van Boelare was de eerste bekende familie die het kasteel bewoonde en de titel van baron droeg. Ze waren een rijke en machtige familie in het Land van Aalst.

Door de eeuwen heen is het kasteel in handen geweest van verschillende adellijke families, waaronder de families De Ghellinck en Vilain XIIII.
Het kasteel is omgracht en wordt omgeven door een uitgestrekt park met een deels gekasseide populierendreef.
Na de brand in 1724 werd het kasteel grondig gerenoveerd.
De witsteen kruisramen werden uitgenomen, boven de ramen werden korfbogen gemetst, de ramen verlaagd en de onderdorpels werden vernieuwd in blauwe hardsteen.
Binnen werden de plafonds vernieuwd en opgeplakt, de schouwen werden vervangen door Lodewijk XV schouwen uit marmer, de wanden en plafond werden bepleisterd in dezelfde Lodewijk XV-stijl.
De arduinen deuringang in Lodewijk XVI-stijl werd ook geplaatst en zo kreeg het kasteel het uitzicht dat we nu kennen.
Op het domein bevindt zich ook een neogotische kapel, gebouwd in de 19e eeuw.

In 2007 werd er een vervangingsnieuwbouw gerealiseerd op het domein voor het rust- en verzorgingstehuis.
Het doet dan ook dienst als rust- en verzorgingstehuis en biedt plaats aan 56 residenten, waaronder 37 in het RVT en 10 in kortverblijf.
Het kasteel is niet open voor publiek, behalve voor gelegenheden zoals Open Monumentendag.
Het park is wel toegankelijk voor wandelaars.




Deze regering, Theunis IV, een coalitie van Katholieken en Liberalen, voerde een impopulair economisch herstelbeleid, dat gekenmerkt werd door deflatiemaatregelen, en werd geconfronteerd met sociale onrust en hevige oppositie van de socialistische BWP-POB.
Ondanks het deflatiebeleid bleef de Belgische economische toestand verslechteren.
De regering viel dan ook op 25 maart 1935.
De opvolgende regering-Van Zeeland I (25 maart 1935 – 13 juni 1936) was een coalitie van de Katholieke Unie (80 zetels), de BWP (72 zetels) en de Liberale Partij (24 zetels).
Op 30 maart 1935, kort na haar aantreden, devalueerde deze regering de Belgische frank met 28%.
De regering bleef in functie tot aan de verkiezingen van 24 mei 1936, waarbij de drie grote partijen veel zetels verloren ten voordele van kleinere extremere partijen en met name Rex.
Toch werd de regering opgevolgd door een regering-Van Zeeland II.


Raymond Macherot, geboren op 11 november 1924 in het Belgische Verviers, was een grootmeester in de stripwereld.
Na zijn opleiding aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in Luik begon hij zijn carrière met het illustreren van reclames en korte verhalen voor tijdschriften als Le Moustique en Spirou.
Maar zijn echte doorbraak kwam in 1953, toen hij voor het legendarische stripblad Kuifje ging werken.
In 1954 schiep Macherot zijn onsterfelijke held: Chlorophyl, een dappere muis die in een prachtige dierenwereld leeft.
Deze reeks was revolutionair. Niet alleen door de realistische tekenstijl, maar ook door de sterke verhalen met een duidelijke boodschap, vaak over ecologische thema’s.
Denk maar aan klassiekers als Chlorophyl tegen de zwarte ratten, een verhaal over een totalitaire rattenmaatschappij.
In 1965 verraste Macherot de stripwereld opnieuw, ditmaal in het weekblad Spirou, met Snoesje (in het Frans Sibylline).
Deze reeks draaide om een avontuurlijke muizenvrouw en haar verloofde Taboem, en was een stuk humoristischer dan Chlorophyl.
Samen streden ze tegen de sluwe rat Anathème.
Naast deze twee iconische reeksen, waagde hij zich ook aan Kolonel Clifton, een Britse geheim agent, en creëerde hij de luie kat Pantoffel en de ondeugende jonge muis Mouche.
Hij was een meester in het tekenen van dieren, waarbij hij menselijke trekjes gaf zonder het karikaturale te benaderen.
Eind jaren 70 keerde hij terug naar Kuifje, en in de jaren 80 en ’90 richtte hij zich steeds meer op het schrijven van romans, voornamelijk thrillers met, jawel, een ecologische ondertoon.
Titels als Le loup a faim en La mort dans les yeux tonen zijn blijvende passie voor de natuur.
Macherot was getrouwd met Arlette Piérard, en samen kregen ze drie kinderen.
Hij stond bekend als een bescheiden en gereserveerd man, die zijn werk en zijn liefde voor de natuur voor zich liet spreken.
Hij trok zich terug op het eiland Corsica, waar hij bleef tekenen en schrijven tot aan zijn dood.
Op 26 september 2008 overleed Raymond Macherot op 83-jarige leeftijd in Vencimont, een natuurlijke dood.
Hij liet een indrukwekkend oeuvre na, bekroond met prestigieuze prijzen zoals de Prix Saint-Michel en de Grand Prix du festival d’Angoulême.
Zijn invloed op de klare lijn was onmiskenbaar, en zijn geboortestad Verviers eerde hem met een prachtige stripmuur.
Zijn impact was zo groot, dat Vencimont, waar hij overleed, werd omgedoopt naar “Vencimont-sur-Chlorophylle” met een straatnaam ter nagedachtenis.



